Statistiek: semester 2
Inferentiële
statistiek
Door Emely Gerard
1BA psychologie
2020-2021
, Hoofdstuk 4 Kansrekening: de studie van toeval (randomness)
4.1 verzamelingen en combinatieleer
4.1.1 verzamelingen
Verzameling = is een groepering van n elementen
o A = { a 1 , a 2 , … an }
o B⊂ A
= B is een deelverzameling van A
Unie = A ∪ B = A en/of B
Doorsnede = A ∩ B = A en B
Verschil = A¿B = A minus B
Partitie = deelverzamelingen (A1, A2, … An) vormen een partitie van A
Elke verzameling is een deelverzameling van zichzelf: A ⊂ A
De lege verzameling is een deelverzameling van elke verzameling; ∅ ⊂ A
Lege verzameling = ∅
4.1.2 combinatieleer
Permutaties = een permutatie van een verzameling A is een totaal aantal geordende
verzameling van alle elementen van A
o Alle elementen krijgen een rangnummer
o n! = n * (n-1)* (n-2)* …
Combinaties = het aantal combinaties van r elementen uit een verzameling van n elementen
waarbij de volgorde NIET belangrijk is (niet geordende deelverzamelingen)
n!
o C rn=
r ! ( n−r ) !
Variaties = het aantal geordende deelverzamelingen van r elementen uit een verzameling
van n elementen waarbij de volgorde WEL belangrijk is
r n!
o V n=
( n−r ) !
4.2 toeval (randomness)
Het moet toevallig zijn
Waarschijnlijkheid er is een zekere tendens
Pogingen moeten onderling onafhankelijk zijn van elkaar (ze mogen elkaar niet kunnen
beïnvloeden)
4.3 kansmodellen
omvat een lijst van mogelijke uitkomsten en de waarschijnlijkheid (=kans) van elke
uitkomst
Uitkomstenruimte = S
Gebeurtenis = verzameling van uitkomsten
4.4 wetten van kansrekening
Kans
aantal even waarsc h ijnlijke uitkomsten∈ A ¿ A
o P[A]= =
aantal mogelijke uitkomsten∈S ¿S
Pagina | 1
Inferentiële
statistiek
Door Emely Gerard
1BA psychologie
2020-2021
, Hoofdstuk 4 Kansrekening: de studie van toeval (randomness)
4.1 verzamelingen en combinatieleer
4.1.1 verzamelingen
Verzameling = is een groepering van n elementen
o A = { a 1 , a 2 , … an }
o B⊂ A
= B is een deelverzameling van A
Unie = A ∪ B = A en/of B
Doorsnede = A ∩ B = A en B
Verschil = A¿B = A minus B
Partitie = deelverzamelingen (A1, A2, … An) vormen een partitie van A
Elke verzameling is een deelverzameling van zichzelf: A ⊂ A
De lege verzameling is een deelverzameling van elke verzameling; ∅ ⊂ A
Lege verzameling = ∅
4.1.2 combinatieleer
Permutaties = een permutatie van een verzameling A is een totaal aantal geordende
verzameling van alle elementen van A
o Alle elementen krijgen een rangnummer
o n! = n * (n-1)* (n-2)* …
Combinaties = het aantal combinaties van r elementen uit een verzameling van n elementen
waarbij de volgorde NIET belangrijk is (niet geordende deelverzamelingen)
n!
o C rn=
r ! ( n−r ) !
Variaties = het aantal geordende deelverzamelingen van r elementen uit een verzameling
van n elementen waarbij de volgorde WEL belangrijk is
r n!
o V n=
( n−r ) !
4.2 toeval (randomness)
Het moet toevallig zijn
Waarschijnlijkheid er is een zekere tendens
Pogingen moeten onderling onafhankelijk zijn van elkaar (ze mogen elkaar niet kunnen
beïnvloeden)
4.3 kansmodellen
omvat een lijst van mogelijke uitkomsten en de waarschijnlijkheid (=kans) van elke
uitkomst
Uitkomstenruimte = S
Gebeurtenis = verzameling van uitkomsten
4.4 wetten van kansrekening
Kans
aantal even waarsc h ijnlijke uitkomsten∈ A ¿ A
o P[A]= =
aantal mogelijke uitkomsten∈S ¿S
Pagina | 1