Verdere adviezen over de psychoanalytische techniek: herinneren,
herhalen en doorwerken
Overdrachtsneurose = een in de relatie met de analyticus ontstaande kunstmatige neurose,
waarin zich de manifestatie van de overdracht organiseren.
De psychoanalytische techniek is sinds haar begintijd diepgaan verandert:
Breuers catharsis: er was een directe oriëntatie op het element van de
symptoomvorming en de consequent volgehouden inspanning om de psychische
processen van die situatie te laten reproduceren teneinde ze door bewuste
werkzaamheid af te voeren. Herinneren en afreageren mbv hypnotische toestand.
Herinneren verliep hier heel eenvoudig.
Na het opgeven van de hypnose: taak om uit de vrije invallen van de anlalysand te
raden wat hij zich niet wist te herinneren. Door de duidingsarbeid en het meedelen
van de resultaten moest er weerstand worden ontweken. Het afreageren verdween
naar de achtergrond en leek vervangen door de inspanning die de analysand moest
verrichten bij de hem opgedrongen taak om de kritiek tegen zijn eigen invallen te
overwinnen.
De arts ziet af van de oriëntatie op een bepaald element of probleem. Het volstaat op
het psychisch oppervlak te bestuderen en de aan dit oppervlak verschijnende
weerstanden te onderkennen en aan de patiënt bewust te maken.
Er komt zo een nieuwe arbeidsdeling tot stand: de arts legt de aan de patiënt onbekende
weerstanden bloot, wanneer deze zijn overwonnen, vertelt de patiënt vaak zonder enige
moeite de vergeten situaties en samenhangen. Het doel van deze technieken is ongewijzigd
gebleven! Descriptief: het opvullen van de hiaten in de herinnering. Dynamisch: het
overwinnen van de verdringingsweerstanden.
Enkele opmerkingen die iedere analyticus in zijn praktijk bevestigd heeft gevonden:
Het vergeten van indrukken is meestal hierop terug te voeren dat ze ‘geblokkeerd’
zijn.
Het vergeten ondergaat een verdere inperking zodra wij de zo algemeen
voorkomende dekherinneringen beoordelen.
De andere groep van psychische processen (fantasieën, relationele processen,
gevoelsimpulsen en denksamenhangen) moet in haar relatie tot vergeten en herinneren
apart worden beschouwd. Het komt hier vaak voor dat iets ‘herinnerd’ wordt dat nooit kon
worden ‘vergeten’, omdat het op geen enkel tijdstip werd opgemerkt, nooit bewust was en
voor het psychische verloop irrelevant leek.
Vooral bij diverse vormen van dwangneurose blijft het vergeten meestal beperkt tot het
opheffen van samenhangen, miskennen van de chronologie en isoleren van herinneringen.
Bij een speciaal type uiterst belangrijke belevenissen (zeer vroeg in de kinderjaren) die
indertijd zonder enig begrip zijn ervaren, maar achteraf wel worden begrepen en geduid, is
een herinnering meestal niet op te wekken. Men leert ze kennen via dromen en is
genoodzaakt erin te geloven.
herhalen en doorwerken
Overdrachtsneurose = een in de relatie met de analyticus ontstaande kunstmatige neurose,
waarin zich de manifestatie van de overdracht organiseren.
De psychoanalytische techniek is sinds haar begintijd diepgaan verandert:
Breuers catharsis: er was een directe oriëntatie op het element van de
symptoomvorming en de consequent volgehouden inspanning om de psychische
processen van die situatie te laten reproduceren teneinde ze door bewuste
werkzaamheid af te voeren. Herinneren en afreageren mbv hypnotische toestand.
Herinneren verliep hier heel eenvoudig.
Na het opgeven van de hypnose: taak om uit de vrije invallen van de anlalysand te
raden wat hij zich niet wist te herinneren. Door de duidingsarbeid en het meedelen
van de resultaten moest er weerstand worden ontweken. Het afreageren verdween
naar de achtergrond en leek vervangen door de inspanning die de analysand moest
verrichten bij de hem opgedrongen taak om de kritiek tegen zijn eigen invallen te
overwinnen.
De arts ziet af van de oriëntatie op een bepaald element of probleem. Het volstaat op
het psychisch oppervlak te bestuderen en de aan dit oppervlak verschijnende
weerstanden te onderkennen en aan de patiënt bewust te maken.
Er komt zo een nieuwe arbeidsdeling tot stand: de arts legt de aan de patiënt onbekende
weerstanden bloot, wanneer deze zijn overwonnen, vertelt de patiënt vaak zonder enige
moeite de vergeten situaties en samenhangen. Het doel van deze technieken is ongewijzigd
gebleven! Descriptief: het opvullen van de hiaten in de herinnering. Dynamisch: het
overwinnen van de verdringingsweerstanden.
Enkele opmerkingen die iedere analyticus in zijn praktijk bevestigd heeft gevonden:
Het vergeten van indrukken is meestal hierop terug te voeren dat ze ‘geblokkeerd’
zijn.
Het vergeten ondergaat een verdere inperking zodra wij de zo algemeen
voorkomende dekherinneringen beoordelen.
De andere groep van psychische processen (fantasieën, relationele processen,
gevoelsimpulsen en denksamenhangen) moet in haar relatie tot vergeten en herinneren
apart worden beschouwd. Het komt hier vaak voor dat iets ‘herinnerd’ wordt dat nooit kon
worden ‘vergeten’, omdat het op geen enkel tijdstip werd opgemerkt, nooit bewust was en
voor het psychische verloop irrelevant leek.
Vooral bij diverse vormen van dwangneurose blijft het vergeten meestal beperkt tot het
opheffen van samenhangen, miskennen van de chronologie en isoleren van herinneringen.
Bij een speciaal type uiterst belangrijke belevenissen (zeer vroeg in de kinderjaren) die
indertijd zonder enig begrip zijn ervaren, maar achteraf wel worden begrepen en geduid, is
een herinnering meestal niet op te wekken. Men leert ze kennen via dromen en is
genoodzaakt erin te geloven.