1: Definitie, eigenheid, positie in psychologie en gebruik
1.1: Definitie discoursanalyse
Wat is een discours? Zie
leerdoelen!
Een discours = een typische manier waarop mensen over een onderwerp
praten.
Het gaat om taalgebruik rond een bepaald thema in een sociale situatie.
Voorbeeld:
Over huwelijk bestaan verschillende discoursen:
Romantisch discours → huwelijk = liefde, soulmate
Realistisch discours → huwelijk = afspraken, verantwoordelijkheid
Discours = constructie van werkelijkheid
Een discours bepaalt hoe we iets zien en begrijpen.
Taal beschrijft dus niet alleen de werkelijkheid, maar maakt die mee.
Belangrijk: 2 richtingsverkeer
Mensen creëren discoursen door te praten
Discoursen beïnvloeden hoe mensen praten en handelen
Dus: interactie → maakt discours en discours → beïnvloedt interactie
Wat onderzoekt discoursanalyse?
Discoursanalyse stelt vooral de HOE-vraag:
Hoe wordt iets gezegd?
Hoe gebruiken mensen taal?
Hoe maken mensen betekenis?
Taal gebruiken mensen om:
1. Betekenis te geven → werkelijkheid construeren
2. In een sociale context → taal hangt af van situatie
3. Iets te bereiken → taal heeft een effect
Bijvoorbeeld: overtuigen, troosten, beschuldigen, verdedigen
1
, Twee belangrijke taalfilosofen
1. Ludwig Wittgenstein
Idee: “taalspelen”
Mensen gebruiken taal volgens sociale regels.
Belangrijk idee: er bestaat geen “private taal”.
Wat je voelt, zit niet verborgen achter woorden, het zit in hoe je spreekt.
Voorbeeld:
“Ik ben verdrietig”
→ Niet: woorden beschrijven verdriet
→ Maar: die uitspraak is een uiting van verdriet
Voelen, denken…ligt niet achter de taal, de uitspraak zelf IS verdriet en zit dus
vervat in het publiek taalgebruik zelf.
2. John L. Austin
Idee: “taalhandeling”
Taal doet iets.
Mensen gebruiken woorden als actie.
Voorbeelden: troosten, beledigen, overtuigen, beloven
Dus: taal = gedrag
Kenmerken van taal in discoursanalyse
1. Sociaal-constructionistisch → taal bouwt werkelijkheid mee op
2. Taal = sociale interactie → taal gebeurt tussen mensen
3. Micro-macro link → taal in kleine gesprekken hangt samen met
maatschappij en macht
Bijvoorbeeld:
Hoe iemand spreekt kan tonen: wie macht heeft, welke rollen bestaan en welke
normen belangrijk zijn.
1.2: Eigenheid discoursanalyse
2
, Groot verschil:
Inhoudsanalyse → kijkt naar wat er gezegd wordt
Discoursanalyse → kijkt naar hoe iets gezegd wordt en welke betekenis dat
maakt.
Voorbeeld
Uitspraak: “Ik ben verdrietig.”
Inhoudsanalyse
Neemt uitspraak als directe informatie
Conclusie: persoon is verdrietig
Discoursanalyse
Onderzoekt hoe iemand verdriet uitdrukt
Waarom wordt dit gezegd?
In welke context?
Wat doet deze uitspraak in het gesprek?
Verschil in visie
Inhoudsanalyse = Realisme
Werkelijkheid bestaat objectief
Onderzoeker ontdekt feiten in data
Idee: “De waarheid zit al in de data.”
Discoursanalyse = Sociaal constructionisme
Werkelijkheid wordt gemaakt via taal
Betekenis ontstaat in interactie
Idee: “Betekenis wordt geconstrueerd.”
Rol van de onderzoeker
Inhoudsanalyse
3