1.1: Definitie en gebruik
Fasen in het onderzoeksproces
Een onderzoek verloopt altijd in stappen:
1. Vraagstelling en benadering → Wat wil je weten? En hoe ga je ernaar
kijken?
2. Onderzoeksopzet (research design) → Je maakt een plan van hoe je het
onderzoek gaat doen.
3. Dataverzameling → Je verzamelt gegevens (bv. interviews, enquêtes).
4. Data-analyse en interpretatie → Je bekijkt en begrijpt wat de data
betekenen.
5. Beoordeling van kwaliteit → Je checkt of je onderzoek betrouwbaar en goed
is.
Wat is een onderzoeksopzet?
Een onderzoeksopzet is simpel gezegd:
Een plan of “blauwdruk” van je onderzoek
Het beschrijft:
Hoe je data verzamelt (bv. interview, observatie, enquête)
Wie of wat je onderzoekt (je steekproef)
Hoe je de data analyseert
Dit moet je altijd uitleggen in de methodesectie van een paper.
Waarom is een onderzoeksopzet belangrijk?
Omdat wetenschap draait om:
Transparantie → anderen moeten begrijpen wat je doet
Repliceerbaarheid → anderen moeten je onderzoek kunnen herhalen
Met een goede opzet kun je:
Nieuw onderzoek uitvoeren
Bestaand onderzoek beoordelen
Onderzoek opnieuw doen (repliceren)
Belangrijk:
Slechte onderzoeksopzet = slecht onderzoek
1
, Wanneer gebruik je een kwalitatieve onderzoeksopzet?
Je kiest voor kwalitatief onderzoek wanneer:
Je vragen stelt zoals: Waarom gebeurt iets? Hoe ervaren mensen iets?
Je diepgaande informatie nodig hebt (geen cijfers, maar
meningen/verhalen)
Je werkt vanuit ideeën zoals:
Sociaal-constructionisme → werkelijkheid wordt gevormd door mensen
Relativisme → er zijn meerdere waarheden
Of je in een inductieve fase zit → je vertrekt vanuit data om theorie op te bouwen
Kort samengevat
Onderzoeksopzet = plan van aanpak van je onderzoek
Het bepaalt:
Welke data je verzamelt
Hoe je dat doet
Hoe je ze analyseert
Het is de belangrijkste stap. Zonder goede opzet → geen goed onderzoek
2
, 1.2: Methode van dataverzameling
Belangrijk idee
De methode van dataverzameling hangt altijd af van je onderzoeksvraag
Dus eerst vraag je jezelf af: “Wat wil ik precies weten?”
Daarna kies je de juiste methode.
Er zijn 3 soorten onderzoeksvragen
1. Persoonlijke beleving
Wat iemand voelt, denkt of ervaart
Voorbeelden:
Hoe vaak heb je stress? → frequentie
Hoe erg is je stress? → intensiteit
Waarom voel je je zo? → betekenis
Welke methode gebruik je?
Zelfrapportage = vragenlijsten + interviews
Gesloten vragen (cijfers) → “Hoe vaak?”, “Hoeveel?”
Open vragen (uitleg) → “Waarom?”, “Hoe ervaar je dit?”
Dus:
Cijfers → gesloten vragen
Diepgang → open vragen
2. Gedeelde constructies
Wat mensen samen denken of creëren
Hier kijk je naar:
Hoe mensen meningen vormen in groepen
Wat de algemene ideeën in een samenleving zijn
Voorbeelden:
Hoe ontstaat een groepsmening?
Wat vindt de samenleving van klimaatverandering?
Hoe bouwen mensen samen een identiteit op?
Welke methode gebruik je?
Groepsmethoden
3