- Biotinyleren van een antigen, opzuiveren, proteïne bepaling
- Opstellen van een standaardcurve
Men gaat de concentratie bepalen van 2 onbekende stalen dmv EIA (= enzym immuno assay)
Soort EIA = hier: competitief indirect heterogeen systeem:
- Competitief: ongelabelde Ag moet in competitie gaan met het gelabeld Ag* voor de
bindingsplaats op het Ab
o Ongelabelde analyt in het testmonster wordt gemeten door zijn vermogen om te
concurreren met gelabeld Ag voor een beperkt aantal Ab bindingsplaatsen
- Niet-competitief: Het reactiemengsel omvat typisch een overmaat gemerkt antilichaam
- Indirect: wel een secundair antilichaam
- Direct: geen secundair antilichaam
- Heterogeen: ook componenten aanwezig die niet binden aan het antilichaam
- Homogeen: enkel antigenen aanwezig die kunnen binden op het antilichaam
Uitleg:
Je krijgt een plaat met een antilichaam op, dat specifiek is voor het antigen dat je wilt bepalen.
In staal A en B zitten verschillende componenten (ook sommige die niet binden aan je antilichaam
want heterogeen systeem). Het antigen zal dan binden aan het antilichaam maar dit kan je niet zien.
Je zal nu biotine toevoegen dat kan binden op het antigen, en dan een ABC complex toevoegen
(avidine-biotine complex). Dit complex zal op de biotine binden. Op het ABC complex zit een enzym:
horse radish peroxidase.
Dan ga je een substraat (kleurloos) toevoegen. Waneer dit bindt met het enzym wordt er een
gekleurd product gevormd. Dus wanneer het antigen aanwezig is, zal er een kleuring te zien zijn.
Deze kleur is echter niet stabiel, dus we voegen er nog een stof aan bij waardoor het stabiel geel
wordt.
We willen echter onze eigen onbekenden niet aanpassen, en ze zijn bovendien ook heterogeen.
Daarom zullen we met een aparte stock werken, met gekende concentratie, van hetzelfde antigen.
Deze zullen we dan wel biotinyleren.
We laten dan onze onbekende A en B in competitie treden met het antigen met gekende
concentratie dat wel gebonden is aan biotine.