Hoofdstuk 5: Chemische
bodemeigenschappen
Inhoud
1.1 pH van de bodem................................................................................2
1.2 CEC van de bodem..............................................................................5
1.3 EC.......................................................................................................8
1
, Bodemtechnologie Chemische bodemeigenschappen
1.1 pH van de bodem
Betekenis:
Maat voor de protonenconcentratie in de
bodem
Varieert van 0 tot 14 (protonenconcentratie van 10^0 tot 10^-14 M)
pH meten
Meten via pH-elektrode
Door bodem in oplossing te brengen
o In water (reële pH)
o In KCL (potentiële pH)
pH-H2O
Meet reële pH
Protonenconcentratie in zuiver water
Sterk fluctuerend
o Stijgt doobekalking
o Daalt door bemesting/nitrificatie
pH-KCL
Meet potentiële pH
Protonenconcentratie in KCL-oplossing
o Meet ook protonengebonden aan KHC
Carboxylgroepen (COOH)
Fenol (fenyl-OH)
Si-OH, Al-OH
Vrijwel constant gedurende het jaar
0,3-1,5 lager dan pH-H20
Af te lezen op bodemanalyses
pH-bufferend vermogen
Bufferend vermogen hoogst bij klei en veengronden
Titratiecurve bekomen door toevoegen van bv.
Ca(OH) 2
2