Samenvatting GPR -
Randall Lesaffer
1
, De Rechtstaat
H1: De overhaaste triomftocht van het westerse constitutionele model
1. Het einde van de koude oorlog en het Charter voor een nieuw Europa
1) De Conferentievoor Veiligheid en Samenwerking in Europa tussen Helsinki en Parijs
Conferentie voor veiligheid en samenwerking in Europa (1990) = tweede bijeenkomst op staatsniveau na top
Helsinki
Slotakte van Helsinki 1975 Charter voor een nieuw Europa 1990
Grondslag Vreedzaam samenleven Eenwording van Europa
Bush: ‘Europe Whole and
Alle volken hebben het recht om, in free’
volledige vrijheid, wanneer en zoals
zij wensen, hun binnenlandse en
buitenlandse politieke status te
bepalen, zonder inmenging van
buiten en om hun politieke,
economische, sociale en culturele
ontwikkeling naar eigen
goeddunken voor te zetten
Context Na grote veranderingen zoals de
Midden koude oorlog eenmaking van Duitsland wouden ze
geen verdere conflicten meer
1975 CVSE in helsinki
Eerste bijeenkomst CVSE: voorwaarden vastgelegd voor vreedzaam samenleven tussen communistische blok
en westers blok.
Slotakte: zelfbeschikking (agreement to disagree)
o Westen: eigen regering kiezen, vrije Verkiezingen, meerdere partijen
Westerse democratie is enige legitieme regeringsvorm onder internationaal recht
o Communisme: eigen regeringsvorm kiezen, zet deur open voor diversiteit aan systemen
MAAR: historisch determinisme
Eenmaal communist blijft men dat (=historische grondslag Brzejnev doc)
o Liberalisering in Oost-Europese satellietstaten
Voorwaarden voor vrede in Europa
1. Overname van het westerse model van meerpartijen democratie
2. Mensenrechten
3. Rechtstaat
4. Vrijemarkteconomie
2
, 1) Fukuyama en het einde van de geschiedenis
“The end of history” = eindpunt van de ideologische evolutie van de mensheid
Het einde van een grote ideologische strijd tussen het liberalisme en communisme of fascisme waarbij
het westerse liberale model het aantrekkelijkste is en zich verder gaan verspreiden
Het einde van de geschiedenis
o Hegel: geschiedenis is een collectief leerproces van de mens met een logisch eindpunt
o Geen enkel concurrerende ideologie maar wel ‘religieuze tegenstellingen en het
nationalisme’ die voor conflicten zorgt
2) Gorbatsjovs hervormingen in de Sovjet-Unie
Gorbatsjov: president SU van 1985-1991
Grote hervormer en populair in het westen (wilde einde maken aan wapenwedloop)
Context: lange economische stilstand en achterstand op technologisch vlak
Wilde meer geld vrijmaken voor politieke en economische veranderingen
Drievoudige visie over de toekomst van de SU
1. Landbouw en industrie een nieuwe stimulans geven
2. Meer ruimte voor debat en vrijheid
3. Betere relatie met het westen
Ronald Reagen: president VS (1981-1989)
= ontstaan van grote spanningen en een wapenwedloop waarvan Gorbatsjov schrik had dat deze ging escaleren
wou een nucleaire confrontatie vermeiden
Binnenlandsbeleid: twee grote hervormingen van Michaël Gorbatsjov
1. Perestroika = economische herstructurering
o Maatregelen die bedrijven meer vrijheid gaven
o Van een centrale planeconomie naar een vrijemarkteconomie
2. Glasnost = politieke liberalisering
o Weg van de bureaucratie
o Meer debat binnen en buiten de partij en nadien ook persvrijheid, vrijheid van hereniging
en democratische hervormingen
o Maart 1989: halfvrije verkiezingen voor Congres van Volksafgevaardigden eenzamere
positie Gorbatsjov omdat hij zich bevond tussen conservatieven en liberale hervormers
3) Gorbatsjov en het einde van de Koude Oorlog
“Nieuw politiek denken in internationale aangelegenheden” = betere relaties met het westen
Globale uitdagingen = nucleaire proliferatie, migratie, armoede, …
Verbeteren bilaterale relatie tussen de VS en de SU dialoog met Reagen
Stappen voor een wereld zonder atoomwapens (Gorbatsjovs buitenlands beleid)
Eerste fase (1985-1988):
Focus op ontwapening in bilaterale relatie met VS:
1. INF Verdrag (1987) = ontwapeningsverdrag dat alle middellangeafstandsraketten uit EU verwijderde
Opgezegd door Trump, verdrag tussen USSR en de VS
3
, 2. START I verdrag (1991) = vermindering van langeafstandsraketten
3. Onderhandeling terugtrekking Rode leger uit Afghanistan
Gevolg: einde wapenwedloop en hoop op einde van de koude oorlog
Tweede fase vanaf 1988
Eenzijdige conventionele ontwapening in Europa
Liberalisering in Oost-Europese satellietstaten (Brezjnev doctrine)
5) Het Gemeenschappelijke Europese Huis en de ineenstorting van het communisme in Oost- en
Centraal-Europa
Charmeoffensief Gorbatsjov (in Europa)
1. Vergaande eenzijdige conventionele ontwapening in Europa
o Militaire uitgaven verminderen
o Eenzijdige reductie van het Sovjetleger
o CFE-Verdrag = einde aan het Sovjetovergewicht en onderhandelingen tussen de NAVO en
het Warschaupact
2. Oost-Europese satellietstaten mochten meer hun eigen weg opgaan
o Einde Brezjnevdoctrine = communistische landen moesten hun zusterregimes helpen bij
conflicten Sinatradoctrine
o Historisch determinisme = ging ervan uit dat het volk niets anders dan het communisme wou
Twee tegengestelde visies op de toekomst van Europa:
3. Gemeenschappelijk Europese Huis met drie poten (visie Gorbatsjov)
o SU maakt integraal deel uit van de Europa
o “Huis met veel kamers” = recht op zelfbeschikking van alle landen en volken
grote diversiteit aan politieke systemen
Vreedzame co-existentie en samenwerking tussen soevereine staten met diverse socio-
economische systemen
o Creatie van een collectieve veiligheidsorganisatie
• Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (CVSE)=> Organisatie voor
Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE)
• = afschaffing NAVO of Warschaupact maar vervangen door een
gemeenschappelijke organisatie
Visie Bush ‘Europe Whole and Free’ = heel Europa moet hetzelfde westerse constitutionele model volgen
Recht op externe zelfbeschikking
= recht van elk volk om een staat te vormen, deel uit te maken met andere volkeren van een
staat (vb.: Catalonië, Vlaanderen)
= onafhankelijkheid, maar ook eenmaking
Recht op interne zelfbeschikking
Westerse visie = meerpartijendemocratie waarbij volk bestuurders kiest en weer kan afzetten
• Samenstelling regering (meerderheid)
Sovjet visie = volk kan eigen sociaaleconomisch, politiek en cultureel stelsel kiezen, maar
binnen logische voortgang van de geschiedenis (“eenmaal communist, altijd communist”)
• Keuze regeringsvorm
4
, 6) Het vraagstuk van de Duitse eenmaking
De verdeling van Duitsland (1945-1949)
Tijdslijn:
1) 1945: conferenties van Jalta en Potsdam = VS, GB, Sovjet-Unie regelen tijdelijke bezetting DE
o FR, GB, VS krijgen elk deel van het westen en de Sovjet- Unie krijgt oosten
o Berlijn wordt ook in 4 bezettingszones verdeeld
o De onmogelijkheid om een compromis over DE te vinden leidde tot koude oorlog
2) 1947: bizonia
3) 1949: splitsing Duitsland
= FR, GB, VS vormen Bondsrepubliek Duitsland (BRD) en Sovjet-Unie vormt Duitse Democratische
republiek (DDR)
4) 1952 Duitslandverdrag tussen BRD en drie westerse bezettingsmogendheden
= herstel de soevereiniteit in Duitsland met enkele uitzonderingen (BRD behield recht om finale
beslissingen te nemen over toekomst Duitsland, grenzen land en het statuut Berlijn)
5) 1954: W-DE herbewapent zich en wordt lid NAVO
6) 1955: O-DE richt Warschaupact op
Europa tijdens de koude oorlog:
Instellingen
Bondsrepubliek Duitse Democratische republiek
- 1949 Raad van Europa - 1949 Comecon
- 1949 NAVO - 1955 Warschaupact
- 1951 EGKS
- 1957 EEG
W-EU verenigen + verdedigen tegen communistische Economische samenwerking in Oostblok
overname
Twee visies op Europa en Duitse eenmaking
Visie Gorbatsjov Visie Bush en Kohl
Denken vanuit ‘Duitse vraagstuk’ Zaak van zelfbeschikking
- Rechten van de vier overwinnaars van de Intern: democratische keuze van het Duitse
Tweede Wereldoorlog volk
- Vredesverdrag? Extern: keuze voor welke staat (en allianties)
Duitse eenmaking als sleutel tot bevrijding van
Eerst transformatie van Europa, dan pas Duitse Centraal-Europa van Sovjet-onderdrukking
eenmaking
5
Randall Lesaffer
1
, De Rechtstaat
H1: De overhaaste triomftocht van het westerse constitutionele model
1. Het einde van de koude oorlog en het Charter voor een nieuw Europa
1) De Conferentievoor Veiligheid en Samenwerking in Europa tussen Helsinki en Parijs
Conferentie voor veiligheid en samenwerking in Europa (1990) = tweede bijeenkomst op staatsniveau na top
Helsinki
Slotakte van Helsinki 1975 Charter voor een nieuw Europa 1990
Grondslag Vreedzaam samenleven Eenwording van Europa
Bush: ‘Europe Whole and
Alle volken hebben het recht om, in free’
volledige vrijheid, wanneer en zoals
zij wensen, hun binnenlandse en
buitenlandse politieke status te
bepalen, zonder inmenging van
buiten en om hun politieke,
economische, sociale en culturele
ontwikkeling naar eigen
goeddunken voor te zetten
Context Na grote veranderingen zoals de
Midden koude oorlog eenmaking van Duitsland wouden ze
geen verdere conflicten meer
1975 CVSE in helsinki
Eerste bijeenkomst CVSE: voorwaarden vastgelegd voor vreedzaam samenleven tussen communistische blok
en westers blok.
Slotakte: zelfbeschikking (agreement to disagree)
o Westen: eigen regering kiezen, vrije Verkiezingen, meerdere partijen
Westerse democratie is enige legitieme regeringsvorm onder internationaal recht
o Communisme: eigen regeringsvorm kiezen, zet deur open voor diversiteit aan systemen
MAAR: historisch determinisme
Eenmaal communist blijft men dat (=historische grondslag Brzejnev doc)
o Liberalisering in Oost-Europese satellietstaten
Voorwaarden voor vrede in Europa
1. Overname van het westerse model van meerpartijen democratie
2. Mensenrechten
3. Rechtstaat
4. Vrijemarkteconomie
2
, 1) Fukuyama en het einde van de geschiedenis
“The end of history” = eindpunt van de ideologische evolutie van de mensheid
Het einde van een grote ideologische strijd tussen het liberalisme en communisme of fascisme waarbij
het westerse liberale model het aantrekkelijkste is en zich verder gaan verspreiden
Het einde van de geschiedenis
o Hegel: geschiedenis is een collectief leerproces van de mens met een logisch eindpunt
o Geen enkel concurrerende ideologie maar wel ‘religieuze tegenstellingen en het
nationalisme’ die voor conflicten zorgt
2) Gorbatsjovs hervormingen in de Sovjet-Unie
Gorbatsjov: president SU van 1985-1991
Grote hervormer en populair in het westen (wilde einde maken aan wapenwedloop)
Context: lange economische stilstand en achterstand op technologisch vlak
Wilde meer geld vrijmaken voor politieke en economische veranderingen
Drievoudige visie over de toekomst van de SU
1. Landbouw en industrie een nieuwe stimulans geven
2. Meer ruimte voor debat en vrijheid
3. Betere relatie met het westen
Ronald Reagen: president VS (1981-1989)
= ontstaan van grote spanningen en een wapenwedloop waarvan Gorbatsjov schrik had dat deze ging escaleren
wou een nucleaire confrontatie vermeiden
Binnenlandsbeleid: twee grote hervormingen van Michaël Gorbatsjov
1. Perestroika = economische herstructurering
o Maatregelen die bedrijven meer vrijheid gaven
o Van een centrale planeconomie naar een vrijemarkteconomie
2. Glasnost = politieke liberalisering
o Weg van de bureaucratie
o Meer debat binnen en buiten de partij en nadien ook persvrijheid, vrijheid van hereniging
en democratische hervormingen
o Maart 1989: halfvrije verkiezingen voor Congres van Volksafgevaardigden eenzamere
positie Gorbatsjov omdat hij zich bevond tussen conservatieven en liberale hervormers
3) Gorbatsjov en het einde van de Koude Oorlog
“Nieuw politiek denken in internationale aangelegenheden” = betere relaties met het westen
Globale uitdagingen = nucleaire proliferatie, migratie, armoede, …
Verbeteren bilaterale relatie tussen de VS en de SU dialoog met Reagen
Stappen voor een wereld zonder atoomwapens (Gorbatsjovs buitenlands beleid)
Eerste fase (1985-1988):
Focus op ontwapening in bilaterale relatie met VS:
1. INF Verdrag (1987) = ontwapeningsverdrag dat alle middellangeafstandsraketten uit EU verwijderde
Opgezegd door Trump, verdrag tussen USSR en de VS
3
, 2. START I verdrag (1991) = vermindering van langeafstandsraketten
3. Onderhandeling terugtrekking Rode leger uit Afghanistan
Gevolg: einde wapenwedloop en hoop op einde van de koude oorlog
Tweede fase vanaf 1988
Eenzijdige conventionele ontwapening in Europa
Liberalisering in Oost-Europese satellietstaten (Brezjnev doctrine)
5) Het Gemeenschappelijke Europese Huis en de ineenstorting van het communisme in Oost- en
Centraal-Europa
Charmeoffensief Gorbatsjov (in Europa)
1. Vergaande eenzijdige conventionele ontwapening in Europa
o Militaire uitgaven verminderen
o Eenzijdige reductie van het Sovjetleger
o CFE-Verdrag = einde aan het Sovjetovergewicht en onderhandelingen tussen de NAVO en
het Warschaupact
2. Oost-Europese satellietstaten mochten meer hun eigen weg opgaan
o Einde Brezjnevdoctrine = communistische landen moesten hun zusterregimes helpen bij
conflicten Sinatradoctrine
o Historisch determinisme = ging ervan uit dat het volk niets anders dan het communisme wou
Twee tegengestelde visies op de toekomst van Europa:
3. Gemeenschappelijk Europese Huis met drie poten (visie Gorbatsjov)
o SU maakt integraal deel uit van de Europa
o “Huis met veel kamers” = recht op zelfbeschikking van alle landen en volken
grote diversiteit aan politieke systemen
Vreedzame co-existentie en samenwerking tussen soevereine staten met diverse socio-
economische systemen
o Creatie van een collectieve veiligheidsorganisatie
• Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (CVSE)=> Organisatie voor
Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE)
• = afschaffing NAVO of Warschaupact maar vervangen door een
gemeenschappelijke organisatie
Visie Bush ‘Europe Whole and Free’ = heel Europa moet hetzelfde westerse constitutionele model volgen
Recht op externe zelfbeschikking
= recht van elk volk om een staat te vormen, deel uit te maken met andere volkeren van een
staat (vb.: Catalonië, Vlaanderen)
= onafhankelijkheid, maar ook eenmaking
Recht op interne zelfbeschikking
Westerse visie = meerpartijendemocratie waarbij volk bestuurders kiest en weer kan afzetten
• Samenstelling regering (meerderheid)
Sovjet visie = volk kan eigen sociaaleconomisch, politiek en cultureel stelsel kiezen, maar
binnen logische voortgang van de geschiedenis (“eenmaal communist, altijd communist”)
• Keuze regeringsvorm
4
, 6) Het vraagstuk van de Duitse eenmaking
De verdeling van Duitsland (1945-1949)
Tijdslijn:
1) 1945: conferenties van Jalta en Potsdam = VS, GB, Sovjet-Unie regelen tijdelijke bezetting DE
o FR, GB, VS krijgen elk deel van het westen en de Sovjet- Unie krijgt oosten
o Berlijn wordt ook in 4 bezettingszones verdeeld
o De onmogelijkheid om een compromis over DE te vinden leidde tot koude oorlog
2) 1947: bizonia
3) 1949: splitsing Duitsland
= FR, GB, VS vormen Bondsrepubliek Duitsland (BRD) en Sovjet-Unie vormt Duitse Democratische
republiek (DDR)
4) 1952 Duitslandverdrag tussen BRD en drie westerse bezettingsmogendheden
= herstel de soevereiniteit in Duitsland met enkele uitzonderingen (BRD behield recht om finale
beslissingen te nemen over toekomst Duitsland, grenzen land en het statuut Berlijn)
5) 1954: W-DE herbewapent zich en wordt lid NAVO
6) 1955: O-DE richt Warschaupact op
Europa tijdens de koude oorlog:
Instellingen
Bondsrepubliek Duitse Democratische republiek
- 1949 Raad van Europa - 1949 Comecon
- 1949 NAVO - 1955 Warschaupact
- 1951 EGKS
- 1957 EEG
W-EU verenigen + verdedigen tegen communistische Economische samenwerking in Oostblok
overname
Twee visies op Europa en Duitse eenmaking
Visie Gorbatsjov Visie Bush en Kohl
Denken vanuit ‘Duitse vraagstuk’ Zaak van zelfbeschikking
- Rechten van de vier overwinnaars van de Intern: democratische keuze van het Duitse
Tweede Wereldoorlog volk
- Vredesverdrag? Extern: keuze voor welke staat (en allianties)
Duitse eenmaking als sleutel tot bevrijding van
Eerst transformatie van Europa, dan pas Duitse Centraal-Europa van Sovjet-onderdrukking
eenmaking
5