--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
College 1
Rechtshandeling en overeenkomst
H1 nr. 1-17
H2 nr. 22-45 en 49-76
Definities
Verbintenis: Een vermogensrechtelijke rechtsbetrekking tussen twee of meer partijen,
waarbij de ene partij een prestatie is verschuldigd en de andere partij recht
heeft op die prestatie. Samenhang tussen een verplichting en een recht.
Overeenkomst: Meerzijdige rechtshandeling (art. 6:213 BW)
Aanbod (art. 6:217 BW) Aanvaarding (art. 6:217 BW)
Eenzijdige rechtshandeling eenzijdige rechtshandeling
wil + verklaring wil + verklaring
Rechtshandeling: handeling waarmee rechtsgevolg wordt beoogd. Komt tot stand door een
wilsverklaring (art. 3:33 BW).
Bronnen van verbintenissen
Verbintenissen kunnen slechts ontstaan indien dit uit de wet voortvloeit (art. 6:1 BW).
Onrechtmatige daden en rechtmatige daden
Wet Overeenkomst
Stelsel van de wet (jurisprudentie)
Rechtmatige daden
- Onverschuldigde betaling
- Onrechtvaardigde verrijking
- Zaakwaarneming
Beginselen verbintenissenrecht
Deze beginselen vloeien voort uit jurisprudentie.
1. Nakomen van afspraken
2. Gerechtvaardigd vertrouwen
3. Maatschappelijke zorgvuldigheid
Wilsvertrouwensleer (art. 3:35 BW)
Gerechtvaardigd vertrouwen als
o Opgewekte schijn
vb. je verwacht dat het door gaat, want er staan al veel afspraken op papier, het was al bijna
rond.
o Subjectief vertrouwen van wederpartij
Je vertrouwde erop dat het door zou gaan.
o Objectief (gerechtvaardigd) vertrouwen
Gemiddeld redelijk oordelend mens moet er ook op hebben vertrouwd.
,Geen beroep mogelijk als
- Niet te goeder trouw (art. 3:11 BW)
onderzoeksplicht
- In strijd met de redelijkheid en billijkheid
Erckens - Bunde Wordt ook wel het misverstandsarrest genoemd. Erckens is verkoper, de
gemeente Bunde is koper. Het gaat om de koop van een bedrijfspand. In dat contract is een term
opgenomen: belastingschade. Die term bracht een misverstand. Of er een overeenkomst is en wat hij
dan inhoudt, hangt af van wat partijen over en weer hebben verklaard en uit elkaars verklaringen
redelijkerwijs heb mogen afleiden. Daarbij kunnen de volgende factoren een rol spelen:
o Of er is bijgestaan door een deskundige voor de vraag of een overeenkomst tot stand is
gekomen
o Is er een betekenis die meer voor de hand ligt?
Westhoff – Spronsen Westhoff is een internationaal vrachtwagenchauffeur. Hij vertrekt en stelt
dat hij nooit meer terugkomt, hij laat twee dagen niks meer van zich horen. Spronsen (werkgever)
had Westhoff een brief geschreven dat hij heeft aangenomen dat Westhoff ontslag heeft genomen.
De rechter stelt dat de eisen van gerechtvaardigd vertrouwen brengen een onderzoekplicht van de
werkgever met zich mee.
Hajziani - van Woerden Hajziani is afkomstig uit Marokko. De werkgever van Woerden geeft een
verklaring aan Hajziani die hij moet ondertekenen. Uiteindelijk bleek deze verklaring een ontslagbrief
te zijn. De werkgever heeft een onderzoekplicht of de werknemer goed heeft begrepen wat de
verklaring inhoudt.
Discrepantie tussen wil en verklaring
Wil is niet gelijk aan verklaring met nietigheid van de rechtshandeling als gevolg.
- Inhoud van de verklaring berust op een verspreking
- Inhoud wordt onjuist overgebracht
- Inhoud van de verklaring wordt door partijen verschillend opgevat (misverstand)
Erckens-Bunde
- Verklaring richt zich op een verkeerd persoon (afdwaling)
Geestelijke stoornis (art. 3:34 BW)
Wil is niet gelijk aan verklaring met vernietigbaarheid van de rechtshandeling als gevolg.
- De stoornis belette een redelijke waardering van de belangen, of
- De verklaring is onder invloed van de stoornis gedaan
Natuurlijke verbintenis
Dringende verplichting van moraal en fatsoen.
Niet rechtens afdwingbaar!
Goudse Bouwmeesterarrest (staat niet in jp) ambtenaar (stadsarchitect) krijgt veel
steekpenningen voor zijn werk. De gemeente dreigde met ontslag. De ambtenaar stortte het geld in
de kas van de gemeente om dreigend ontslag te voorkomen. Het ontslag werd toch voortgezet, de
ambtenaar eiste zijn geld terug. De rechter besloot dat dat geld terug in de kas doen een natuurlijke
verbintenis was.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
, College 2 boek
Rechtshandeling en overeenkomst
H2 nr. 77-80a
H3 nr. 81-118 m.u.v. 87-89a
Precontractuele fase: fase voorafgaand aan de overeenkomst.
Aanbod
Bepaalbaarheid van een aanbod (art. 6:227 BW)
Het moet duidelijk zijn wat je aanbiedt. Essentiële elementen waarbij ook de rol van de acceptant
een rol speelt, zo niet dan gaat het om een onvolledig aanbod (uitnodiging tot het doen van een
aanbod).
Hofland/Hennis een uitnodiging tot het doen van een aanbod, als het gaat om een individueel
bepaalde zaak met een bepaalde prijs kan van belang zijn wie de koper is.
vb. een advertentie is een uitnodiging tot het doen van een aanbod.
Vervallen van aanbod
1. Door verwerping (art. 6:221 lid 2 BW)
2. Door herroeping (art. 6:219 BW)
Aanvaarding van aanbod
o Aanbod is nog van kracht
o Rechtshandeling dus ontvangsttheorie (art. 3:37 lid 3 BW)
o Vormvrij (art 3:37 lid 1 BW)
o Gericht op de aanbieder
o Inhoudelijk overeenstemmen
- Afwijkende aanvaarding geldt als een nieuw aanbod (art. 6:225 BW).
- Als afwijking ondergeschikte punten betreft, dan een rechtsgeldige aanvaarding, tenzij
direct bezwaar van de aanbieder.
vb. als je een telefoon koopt maar graag oordopjes erbij wilt (klein ten opzichte van
telefoon). Dit is geen nieuw aanbod maar een afwijking van de ondergeschikte punten.
Vertegenwoordiging en volmacht
De bevoegdheid die een volmachtgever verleent aan een ander om in zijn naam rechtshandelingen
te verrichten (art. 3:60 lid 1 BW).
Onmiddellijke vertegenwoordiging
A T B
Principaal In naam van A Derde
(volmachtgever) (gevolmachtigde
tussenpersoon)
Middellijke vertegenwoordiging
A T B
In eigen naam
(art. 3:70 BW)
o Gevolmachtigde handelt in naam van zijn principaal (volmachtgever).
o Wanneer handelt gevolmachtigde in naam van principaal of voor zichzelf?