HOOFDSTUK 1: SOCIALE GEOGRAFIE
Geografie
Geografie is de wetenschap die het aardoppervlak, de verschijnselen daarop en
ruimtelijke samenhang daartussen bestudeert.
=> gericht op beschrijving en verklaring.
Opvattingen
Traditionele of idiografische geografie
Traditionele geografie is gebaseerd op een objectieve beschrijving van werkelijkheid door
structureren van gegevens en inductief tot verklaringen komen (causale verbanden).
=> inductief: conclusies trekken uit observaties.
=> verklaring van ruimtelijke verschijnselen via fysisch-geografische of geologische
elementen.
=> bodem, reliëf, klimaat, etc.
=> idios = eigen, graphein = beschrijven.
=> studie van gedrag dat individu uniek maakt.
Moderne of nomothetische geografie
Moderne geografie probeert verklaring te geven waarom iets op bepaalde plaats
voorkomt.
=> verklaring niet alleen vanuit geografie gegeven.
=> andere wetenschappen (bv. geschiedenis) & interdisciplinaire dimensie.
=> sterk kwantitatief en probeert wetmatigheden te ontdekken.
=> nomos = wet.
=> studie van groepen om algemene conclusies te trekken.
1
, Ruimtelijk aspect
Niet alles vindt plaats op 1 punt, ruimtelijke
fenomenen gebeuren in samenspel met elkaar op
dezelfde of andere locatie.
Bv. groei van Antwerpen wordt gelinkt aan evoluties in
andere Vlaamse steden, West-Europa en rest van de
wereld waarmee relaties bestonden/bestaan
=> ruimtelijke fenomenen hebben veel effect op waar de bevolking woont.
Verspreiding en samenhang
Verspreiding
De dichtheid van verschillende verschijnselen tegenover elkaar is een belangrijk ruimtelijk
kenmerk van een veranderlijke factor/variabele.
Bv. meer bergen => moeilijker bouwen => invloed op bevolkingsdichtheid
Samenhang
De relatie tussen variabelen is belangrijk.
=> werkgelegenheid heeft invloed op bevolkingsdichtheid, etc.
Verschijnselen op & aan aardoppervlakte
Verschijnselen doen zich voor in een zone genaamd de
‘biosfeer’ die in relatie staat tot atmosfeer, hydrosfeer en
geosfeer.
=> biosfeer is direct betrokken met de mens.
=> focus sociale geografie: benuttingsmogelijkheden van
biosfeer door mens.
Ontwikkeling geografie
Vóór 19de eeuw
Vóór de 19de eeuw gebruikte men globale beschrijvingen van verschijnselen.
=> minder wetenschappelijke periode.
2
, 19de en vroege 20ste eeuw
In de 19de en vroege 20ste eeuw overheerst traditionele geografie.
=> gedetailleerde beschrijvingen fysische & menselijke kenmerken van regio.
=> vertrekpunt: ecologische visie & mens als bewoner op aarde.
=> twijfel over welke richting geografie moest aannemen.
=> invloed natuur op samenleving, wisselwerking tussen mens en natuur, invloed
van mens op natuur, etc.
Traditionele geografische theorieën
Geodeterminisme
Geodeterminisme is de theorie dat menselijke samenleving bepaald wordt door de
fysisch geografische omgeving.
=> door Friedrich Ratzel (Duits).
=> VS is tot WOII aanhanger.
=> niet volledig juist: klimaatcrisis komt door mens.
Possibilisme
Possibilisme is de theorie dat mens en natuur impact hebben op elkaar.
=> door Paul Vidal de La Blache (Frans).
=> reactie op geodeterminisme.
=> mens deels gescheiden van natuur.
=> niet gedwongen door natuur.
=> natuur biedt mogelijkheden.
=> manier van leven eerder bepaald door cultuur.
Cultural Geography
Cultural Geography is de theorie dat mens impact heeft op het landschap.
=> door Carl Sauer (Amerikaan).
=> vanaf 1920’s.
=> hoe natuurlandschap omgevormd tot cultuurlandschap doorheen eeuwen.
3
, => landschap bekeken als opeenstapeling lagen.
=> wissen/omvormen door nieuwe lagen.
=> nieuwe lagen: gebouwen, etc.
Naoorlogse visie tot ca. 1990
In deze periode splitst men fysische en menselijke geografie/aardrijkskunde.
=> geografen specialiseren in 1 tak.
=> beschrijving omvat vooral fysische of menselijke kenmerken.
=> fysisch kenmerk: reliëf, bodem, klimaat, etc.
=> menselijk kenmerk: bevolking, landbouw, industrie, etc.
Methodes
Na WOII komt er een Anglo-Amerikaanse opmars van nieuwe/verfijndere werkmethodes
binnen geografie.
=> aandacht voor: ruimtelijke spreidingspatronen, stromen, ontwikkeling patronen,
stromen en systemen.
=> stromen: geld, goederen, mensen & tussen woon-, werk- en recreatiegebieden.
Kenmerken
o Meer wiskunde
o Van Duitsland & Frankrijk naar VS & VK
=> experts.
o Internationalisering
o Deductie
=> logisch proces van algemene aannames naar specifieke conclusie.
=> 1 ding kan niet, dus andere ding is juist.
4