2.1. Principe v.d. ondernemingsentiteit
Wie moet de boekhouding doen / voeren ?
iedere natuurlijke Persoon
iedere rechtspersoon
iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid
voorbeelden :
a) De zelfstandige die niet werkt als vennootschap.
vb: loodgieter, bakker, advocaat, notaris, arts.
b) Vennootschap met rechtspersoonlijkheid, vereniging met VN. (VZW)
vb: VN onder firma, naamloze VN, besloten VN.
c) Vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid (de maatschap) of zonder
rechtspersoonlijkheid. (feitelijke vereniging)
feitelijke vereniging : samenwerking tussen 2 of meer mensen met
gemeenschappelijke doel zonder rechtspersoon. (vzw, VN)
rechtspersoonlijkheid : Als je dat niet hebt dan ben je direct als
eigenaar aansprakelijk.
2.2. Principe van uitdrukking in geldwaarde
Doel van boekhouden is het registreren van economische gebeurtenissen.
Dit kan als je de gebeurtenis kan meten.
meting gebeurt via nominale geldwaarde. Deze meting kan aantonen hoe
een gebeurtenis het vermogen beïnvloedt. (financiering, K.O.). geldwaarde
altijd in Euro.
3 Soorten bezittingen van een onderneming :
1. menselijk en organisatorisch potentieel zoals, management,
personeel, aankoop, verkoop, administratie.
2. Duurzame gebruiksgoederen, zoals gronden, gebouwen, machine,
meubilair, transport, kennis.
3. verbruiksgoederen zoals, GS, HS, vorderingen, kas, bank
Wat je niet in geld kunt uitdrukken (Personeel, directie) ga je dus ook niet
opnemen in de balans van de onderneming.
→ uitzonderingen : transfervergoeding.
Probleem bij gebruik/verbruiksgoederen is dat ze een aanschaffingswaarde
hebben, dus je kan het niet in geld uitdrukken.
, 2.3. Principe van de bestendigheid
Doelstelling van boekhouding is het verschaffen van info over de financiële
toestand en de resultaten v.d. onderneming.
→ Meest gebruikte methode : het vergelijken van opeenvolgende
jaarrekeningen.
Mutaties geven aan hoe de toestand evolueert. → financiële wijzigingen.
3 delen van dit Principe :
1. De vorm van de jaarrekening moet bij elke VN hetzelfde zijn. (lay-
out)
2. De inhoud moet bestendig zijn, dus hetzelfde.
→ om het jaar rekening hetzelfde te houden gebruiken ze de
nummers van de MAR. (vb: hun gebouw → 26) bestendig
3. De methode van waardering : je gaat lange periode hetzelfde geldt
betalen, (betaling verandert niet).
vb: afschrijven lineair van 3x → 4 of 5 x = bestendig.
→ bij verandering moet je het duidelijk vermelden in de toelichting.
(De verandering, wijzen, oude methode.)
2.4. Principe van de continuïteit (going concern)
Aan de verrichtingen worden een waarde toegekend. Voor de waardering
wordt ondersteld dat de onderneming continuïteert, dus het going
concern-principe. → Dus dat je komende jaren blijft bestaan. =>
Dynamisch entiteit en je bezittingen in toekomst zal gebruiken voor
opbrengsten te realiseren.
Continuïteitsaspecten : (Diverse implicaties)
VA gewaardeerd aan AW - Geboekte afschrijvingen
Vorderingen aan nominale waarde
Ko kunnen gebruikt worden over bruikbaarheidsduur
Discontinue : volgend jaar stopt door te veel Schulden.
3.1. Principe van verantwoordingsstukken
→ verantwoordingsstukken : materiële documenten waaruit de aard en de
omvang van een ondernemingsgebeurtenis blijkt en waaruit men de
boekhouding voert.
Belangrijke betekenis :
→ Je kan gebeurtenissen bewijzen, maar geregistreerde verrichtingen
verdwijnen niet.
a) verantwoordingsstukken van de te registreren verrichtingen.