Hoofdstuk 1: Orthopedagogiek, what’s in a name?
Orthopedagogiek vs andere wetenschappen
Orthopedagogiek: tak vd pedagogiek die zich richt op opvoeding en
begeleiding van kinderen en jongeren met specifieke zorgbehoeften
- Wanneer er zich id opvoeding (ernstige) problemen voordoen
- Gericht op het specifieke opvoeden
- Dit is de wetenschappelijke benadering
Pedagogiek: wetenschap die bestudeert hoe volwassenen, jongeren &
kinderen grootbrengen met een bepaald doel (opvoedingsleer of
opvoedingswetenschap)
- Problemen id dagdagelijks opvoeding
Orthopedie: discipline binnen geneeskunde die zich bezighoudt met
behandelen van aandoeningen aan botten en gewrichten
Agogiek: wetenschap met betrekking tot het begeleiden van mensen
Orthoagogiek: begeleiden van volwassenen bij veranderingsprocessen in
moeilijke levenssituaties
Orthopedagogie: praktijk vh begeleiden en ondersteunen van kinderen en
jongeren in bijzondere of problematische opvoedingssituaties
- Gericht op het handelen, begeleidingspraktijk
Algemene vs bijzondere orthopedagogiek
Algemene orthopedagogiek: gericht op onderwerpen en problemen die
voorkomen bij alle soorten beperkingen en handicaps (vb. inclusie,
empowerment)
- Niet gericht op 1 specifieke doelgroep
- Er worden algemene theorieën geformuleerd
Bijzondere orthopedagogiek: gericht op specifieke problematieken,
beperkingen en handicaps (vb. autisme, psychiatrische aandoening)
- Voor elke specifieke beperking worden antwoorden geformuleerd
- Theorieën zijn context- en doelgroepspecifiek
,
,Orthopedagogiek als wetenschap (kenmerken)
- Er wordt methodisch gehandeld: doordacht, planmatig en volgens
een vaste aanpak
- Praktijkkennis wordt omgezet in praktijktheorie (voor
wetenschappelijke onderbouw)
Evidence-based: handelen ve opvoeder/begeleider dient wetenschappelijk
onderbouwd te zijn
Praktijkkennis: kennis die je opdoet door ervaring, niet door studie
- Je ontwikkelt elke dag bepaalde ideeën (je eigen theorie)
- Vaak routinematig toegepast, subjectief
- Er kan praktijktheorie ontstaan
Praktijktheorie: bewust gemaakte en uitgelegde praktijkkennis die je
kritisch kunt bespreken en verbeteren
Wetenschappelijke theorie: manier om de werkelijkheid te begrijpen (is
niet de werkelijkheid zelf)
- Gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek
Steeds kritisch blijven bekijken: wetenschap is steeds in ontwikkeling
1. Orthopedagogiek als praktijkwetenschap
Voortgekomen uit praktische behoeften
Praktijk diende als bron vd wetenschappelijke ontwikkeling
2. Orthopedagogiek als dialooggestuurde wetenschap
Relatie tss hulpverlener en cliënt wordt gekenmerkt door
dialoog en samenspel
Rust op gelijkwaardigheid binnen de dialoog
Waardeert het insidersperspectief en ervaringsdeskundigheid
vd cliënt
3. Orthopedagogiek als eclectische en integratieve wetenschap
Eclectisch: gebruikt stukjes kennis en methoden uit
verschillende wetenschappen
Integratief: verschillende inzichten worden samengebracht in 1
geheel, binnen een eigen pedagogisch kader
Orthopedagogiek verzint niet alles zelf, maar combineert bestaande
theorieën en methoden die best bij cliënt past
4. Orthopedagogiek als handelingswetenschap
, Geen grote, vaste theorie, vooral een praktisch discipline (wat
je doet en hoe je helpt)
Werkt met hermeneutische (gericht op begrijpen ipv verklaren)
methoden
Holistische benadering: focus op het geheel geen losse stukjes
Pluralistische benadering: gebruik maken van meerdere
invalshoeken en verschillende soorten kennis
5. Orthopedagogiek als reflectieve wetenschap
Geen vast stappenplan, maar maatwerk (elke situatie is
anders)
Je bedenkt steeds opnieuw wat het beste past bij de specifieke
persoon
Orthopedagogiek vraagt constante reflectie (over
hulpverlening, resultaten en eigen handelen)
Studieobject vd orthopedagogiek verandert
Studieobject: specifieke onderwerp waar de wetenschap zich op richt
(theorie en praktijk)
Klassieke definities:
- Focus ligt bij kinderen die afwijkend of opvallend zijn (studieobject)
- Deficit-denken: wat ontbreekt of fout loopt, staat centraal
- Medisch model (doel): beschrijving symptomen – diagnose –
(medische) behandeling of verzorging
Vb. De leer van hen wiens lichamelijke ontwikkeling permanent geremd
wordt door individuele en sociale factoren
Moderne definities:
- Focus op personen en omgeving (studieobject = ecologisch
perspectief)
- Niet enkel over kinderen met een beperking/handicap
- Doel: meer naar behoeften vh kind kijken en methodische
hulpverlening (ook preventie)
Vb. De wetenschap over en ten bate van de hulpverlening aan
betrokkenen in een stagnerende opvoeding
Doel en studieobject zijn veranderd van klassiek naar modern