Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Wiskunde B | Arteveldehogeschool | 2024/2025

Note
-
Vendu
3
Pages
52
Publié le
28-05-2026
Écrit en
2024/2025

Samenvatting van Wiskunde B voor de Educatieve Bachelor Lager Onderwijs aan Arteveldehogeschool. Deze samenvatting is een combinatie van de lessen, powerpoints, cursus en het handboek wiskunde = wijs. Uit het handboek zijn de delen samengevat die gekend dienen te zijn voor het examen wiskunde B.

Montrer plus Lire moins

Aperçu du contenu

Wiskunde
Samenvatting
Didactische krachtlijnen
Uit de les:
- Oefeningen kangoeroewedstrijd  koala en walabi
- Onechte breuk = teller gelijk of groter is dan de noemer
- Vermenigvuldigde x vermenigvuldigtal = product
- 2 getallen in een vermenigvuldiging = factoren
- 2 getallen in een aftrekking = termen

Didactische principes (algemene Wiskundige wegwijzers (wiskundige
principes) principes)

Motivatieprincipe Betekenisvolle situaties

Aanschouwelijkheidsprincipe Concreet – schematisch – abstract

Geleidelijkheidsprincipe Handelingsniveaus van Galperin

Realiteitsprincipe Inzichtelijke aanpak

Activiteitsprincipe Wiskundige verwoording

Herhalingsprincipe Automatiseren – memoriseren

Diff erentiatieprincipe Inductief werken




1. Betekenisvolle situaties
Door wiskunde, verschijnselen uit leefwereld beter begrijpen
 Wiskundig denkproces :
1. Je komt in een situatie terecht die je wiskundig kunt/ moet doorgronden
2. Analyseren = de essentiële elementen + relaties uit de situatie voorstellen
3. Wiskundig model opbouwen/ kiezen = elementen + relaties op een
passende wijze erin
4. Wiskundige technieken toepassen op het model vb. cijferen, meten…
 Leidt tot resultaten vb. som, maat, fi guur…
5. Resultaten interpreteren op verschillende manieren
Wanneer heb je inzicht in de bewerking?
1. Problemen uit dagelijks leven kunnen omzetten in een rekenkundige formule
2. Berekening omzetten in levensecht voorbeeld => bewerking krijgt meer
betekenis
Vb. 3x6 = 3x 6 appelen




Verwiskundigen = kinderen het verband leren zien tussen wiskunde en de realiteit
waarop wiskunde van toepassing is => er gaat altijd info verloren
Vb. hoeveel bananen heeft deze tros?
 Dat een banaan krom en geel is maakt niet uit => gaat verloren
Vb. hoeveel bussen van 30 pers. bestellen met 115 leerlingen?

,  115 : 30 = 3,83
 3,83 bussen => relatie met realiteit kwijt => 0,83 bus?

Indien mogelijk uit te voeren in de klas (met concreet materiaal, 3- of 2-dimensioneel)
Voordelen van leefwereld van kinderen te betrekken:
- Motivatie
- Probleem leren analyseren door levensechte situaties te betrekken
Belangrijk! => dagelijks leven kom je veel wiskunde tegen zonder dat je het
merkt
- Praktisch en maatschappelijk nut van wiskunde ontdekken
Wanneer betekenisvolle situaties gebruiken?
- Inzicht bieden
- Inoefenen
- Evaluatie

2. Concreet – schematisch – abstract
C-S-A = concreet, schematisch, abstract
 Geleidelijke opbouw
 Combinaties mogelijk
 Bij remediëren = terug gaan van abstract naar concreet
 Dit proces moeten de leerlingen persoonlijk doormaken, voor leerkracht dus
moeilijk om te helpen ook al heb je vele concrete materialen en schema’s
Concrete fase = concrete voorbeelden + tastbare materialen
 Vaak bij aanleren van nieuwe inhoud
 Zoveel mogelijk zintuigen inzetten
 1 zo herkenbaar mogelijke voorwerpen
 2 voorwerpen met enkel nadruk op wat je wil aanleren
 !!! wanneer je een dobbelsteen hebt met 6 bollen = geen concreet materiaal
maar schematisch
 Je kijkt niet naar de dobbelsteen maar naar de bollen

Verschillende keuzes van materiaal:
1. Het materiaal bestaat uit natura
o Verschillende materialen meebrengen, anders denken de kinderen dat het
enkel geldt voor dat voorwerp
o Vb. knopen, lego…
2. Het materiaal staat in de plaats van een andere werkelijkheid
o Meer gestructureerde voorstellingen
o Vb. 1 koe = 1 kubus
 Hoeveelheidsaspect benadrukken
 = situatie verwiskundigen
3. Het materiaal is gestructureerd rekenmateriaal
o Materiaal speciaal ontworpen voor specifi eke leerinhouden
o Vb. MAB-materiaal = Multiple aritmitic based material
o Vb. Montessori materiaal => eerst dit gebruiken dan pas MAB-materiaal
omdat je echt nog aparte bollen ziet
o Vb. Telraam, breukschijven…

Schematische fase = schema’s, tabellen, tekenen
 Link met het concrete = tekeningen met concreet materiaal op
 Verschillende keuze van afbeeldingen altijd abstracter en abstracter:
o Afbeeldingen van de werkelijkheid

, o Afbeeldingen die in plaats staan van de werkelijkheid vb. 10 bolletjes = 10
auto’s
o Afbeeldingen van gestructureerd rekenmateriaal vb. van MAB-materiaal
o Gewoon het getal

Honderdveld = vierkant waarbij de getallen van 1-100 in een raster staan
- Benadrukt de verticale en horizontale rangorde
- Ontstaat door een hokjesgetallenlijn door te knippen na elk tiental
- = nuttig want zo zien ze dat je getallen op verschillende manieren kan
ordenen
- Nadelen:
o Lineaire structuur van de maaltafels = er niet in te zien, enkel voor de
tafels van 2, 5, 10
o Hoe groter het getal, hoe lager op het veld => = tegennatuurlijk
o Van 10 naar 11 is een grote stap
Van 1 naar 11 is even veel als van 1 naar 2 maar dat is niet zo
o 0 heeft geen plaats
o Kinderen gaan hiermee vaak tellend rekenen
Een veelgemaakte fout = 100 – 3 = 98 => 100 mee tellen
- Voordeel:
o De vaste opvolging (rangorde) van de getallen bij de eenheden en
tientallen is op dezelfde manier
Abstracte fase = zonder hulpmiddelen
 Symbolen, tekens, getallen
 1 Tiental = 1 groepje van 10
o Leerjaar 1 = zakjes van 10 blokjes
o Leerjaar 2 = zakjes combineren tot 100
 Vb. 100 + 90 = .
 Gebruik je niet pas als de vorige 2 zijn verworven!
Je gebruikt deze 3 bij hetzelfde aanleermoment (kan in verschillende volgorde)
DUS 1 oef. leg je uit in de 3 manieren (woord, symbool, aantal/hoeveelheid)
 Pas wanneer het inzicht verworven is vallen de andere 2 weg
 = triple code model
 Uitgevonden door Stanislas Dehaene = neurowetenschapper = richten zich
op de hersenen en de impact ervan op gedrag en cognitieve functies
 Streefdoel = vlot kunnen rekenen met getallen/ symbolen zonder schema’s of
concreet materiaal
 Voordat je gewoon een oef. geeft op abstract niveau => elke stap aanleren +
inoefenen:
1. Correct interpreteren van een opgave
2. Omzetten naar rekenhandeling
3. Uitrekenen
4. Resultaat terugkoppelen aan opgave

, = triple code model

3 principes in het triple code model:
1. Wiskundige verwoording (= woord)
2. Concreet- schematisch (= hoeveelheid) – abstract ( = symbool)
 Concreet materiaal is niet altijd hoeveelheid
3. Materieel handelen (= hoeveelheid)
4. Perceptueel handelen (= hoeveelheid)
5. Verbaal handelen (= woord)
6. Mentaal handelen (= symbool)
Getalkaarten horen bij geen 1 van de 3 => maria montessori heeft het uitgevonden
 = combinatie van schematisch en abstract WANT kaarten hebben de kleuren van
het MAB-materiaal van bij schematisch
De kaarten helpen bij het uitspreken van eerst de eenheid en dan het tiental
Eerst 90 => 90 zit al in hun hoofd => dan 8 => 98 i.p.v. 89 schrijven
Aandachtspunten
1. Als leerkracht kijken of alle 3 de niveaus gekend zijn
Hoe? = vragen om oef. uit te leggen => lukt dit niet => vragen om de stappen te
tekenen
= diff erentiëren + remediëren
2. Opletten met de abacus!
 Inzicht nodig in het positiesysteem
 Als je 1 kraal ziet als 1 eenheid en nog niet vb. als 1 tiental =
niet gebruiken
3. Kinderen kunnen altijd bij een abstracte oefening een tekening…
maken
 = geen minderwaardig niveau
 Wanneer ze dit uit zichzelf doen = top => zelfredzaamheid tonen


3. Handelingsniveaus van Galperin (voorbeelden per niveau in boek)
Bij het inzichtelijk verwerven moeten kinderen zelf handelen!
 Om ervoor te zorgen dat ze niet in de materiële voorstelling blijven hangen =>
niveaus
 Bij elk niveau alles verwoorden!

1. Materieel handelen
- Kinderen gaan manipuleren
- Met concreet/ schematisch materiaal verwoorden wat je doet
 Op schematisch niveau = handelen op gematerialiseerd niveau
- Je kan ook vb. blokjes gebruiken als auto’s
- Afbeeldingen enkel gebruiken als de leerling vb. tekent => niet enkel naar
kijken
 Nu veel minder gedaan want in corona deden ze het niet dus kunnen het
nu ook zonder MA AR wel nog nodig om dit te doen
2. Perceptueel handelen
- Handelen via waarneming + verwoorden wat je ziet/ wat je doet als leerkracht
bij demonstratie
- Enkel kijken naar de voorstellingen = kijkhandelingen
- Met bordschema kijkhandeling ondersteunen
- Leerkracht kan wel nog demonstreren

Infos sur le Document

Livre entier ?
Non
Quels chapitres sont résumés ?
Hoofdstuk 2.1 t.e.m. 2.4
Publié le
28 mai 2026
Nombre de pages
52
Écrit en
2024/2025
Type
RESUME
€8,66
Accéder à l'intégralité du document:

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
mirthe6

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
mirthe6 Arteveldehogeschool
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
8
Membre depuis
1 année
Nombre de followers
0
Documents
20
Dernière vente
1 mois de cela

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions