Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Notes de cours

samenvatting rechten realiseren - deel huisvesting

Note
-
Vendu
1
Pages
31
Publié le
22-05-2026
Écrit en
2025/2026

Collegedictaat van 31 pagina's voor het vak aan de KdG (samenvatting)

Aperçu du contenu

les 1 - inleiding - recht op wonen, wooncrisis


/ wonen in vlaanderen

huisvesting = het mogelijk maken van wonen → zorgen dat mensen een plek hebben om te
leven
= vastgoed dat als marktgoed wordt aangeboden als product om in te wonen
nochtans..
UVRM - artikel 25:
iedereen heeft recht op een levensstandaard die hoog genoeg is voor de gezondheid en het
welzijn van zichzelf en zijn gezin, waarbij inbegrepen voeding, kleding, huisvesting en
geneeskundige verzorging en de noodzakelijke sociale diensten, alsook het recht op voorziening in
geval van werkloosheid, ziekte, invaliditeit, overlijden van de echtgenoot, ouderdom of ander gemis
aan bestaansmiddelen, ontstaan ten gevolge van omstandigheden onafhankelijk van zijn wil
→ mensenrechten zijn niet altijd onmiddellijk afdwingbaar → de UVRM is niet bindend, maar geldt
als een aanbeveling voor de lidstaten van de VN

artikel 11 van het internationaal verdrag inzake economische, sociale & culturele rechten
= de staten die partij zijn bij dit verdrag erkennen het recht van eenieder op een behoorlijke
levensstandaard voor zichzelf en zijn gezin, daarbij inbegrepen toereikende voeding, kleding en
huisvesting en op steeds betere levensomstandigheden
de staten die partij zijn bij dit verdrag nemen passende maatregelen om de verwezenlijking van dit
recht te verzekeren, daarbij het essentieel belang erkennende van vrijwillige internationale
samenwerking

artikel 30 + 31 van het europees sociaal handvest
artikel 30 = recht op bescherming tegen armoede en sociale uitsluiting
artikel 31 = recht op huisvesting → teneinde de doeltreffende uitoefening van het recht op
huisvesting te waarborgen, verbinden de partijen zich maatregelen te nemen die erop gericht zijn:
1.​ toegang tot adequate huisvesting te bevorderen
2.​ dak - en thuisloosheid te voorkomen en te verminderen teneinde het geleidelijk uit te
bannen
3.​ de kosten voor huisvesting binnen het bereik te brengen van een ieder die niet over
voldoende middelen beschikt


/ grondrechten - sociale grondrechten
= bevoegdheidsneutraal
sinds 1994 bevat de belgische grondwet een bepaling van de sociale grondrechten van de belg
(artikel 23 en 24), sociale grondrechten onderscheiden zich van klassieke grondrechten doordat ze
NIET direct afdwingbaar zijn → de sociale grondrechten erkennen dat iedereen recht heeft op een
menswaardig leven en vereisen dat de overheid actief optreedt = deze grondrechten zijn
richtinggevend voor het beleid




1

,waar deze grondrechten halen en vinden?
●​ mensenrechten = middel, geen doel → ze zijn er om gelijkheid, vrijheid en rechtvaardigheid
te verbeteren
●​ rechten worden pas echt door 2 dingen samen:
1.​ sociale verandering (bv. meer bewustzijn, protest, druk van burgers)
2.​ regels en wetten (beleid, overheid die maatregelen neemt)
dus: rechten hangen af van keuzes → politici beslissen hoe sterk ze die rechten maken

juridische >< ethische kant
●​ juridisch → vastgelegd in wetten (grondwet, regels)
●​ ethisch → een streefdoel (hoe de samenleving zou moeten zijn)

wie verleent die rechten?
●​ overheden (staat) geven en beschermen die rechten via wetten
●​ daarom moet je ze ook bij de overheid afdwingen

afdwingbaarheid
●​ sociale grondrechten (zoals wonen) zijn niet direct afdwingbaar
●​ ze hangen af van beleid en politieke keuzes

standstill-principe (art. 23)
●​ de overheid mag het beschermingsniveau niet zomaar verlagen
●​ alleen als er een goede reden (algemeen belang) is


/ vlaanderen en wonen
●​ wonen wordt gezien als eigen verantwoordelijkheid
→ wie meer inkomen heeft, heeft meer kansen (marktwerking)
●​ historisch lag de focus op een eigen woning kopen
→ vooral buiten de stad (anti-stedelijk)
●​ sociale huisvesting
→ is beperkt en als “laatste optie” gezien
→ slechts ± 6% van de woningen
●​ private huurmarkt
→ vangt de rest op
→ vooral mensen die geen andere keuze hebben

beleid en regels
●​ wonen is een gewestmaterie
→ sinds 1980 beslist Vlaanderen zelf over wonen
●​ de Vlaamse Wooncode
→ basisregels voor wonen (soort “grondwet”)
●​ nu = Vlaamse Codex Wonen
→ bundelt alle regels over wonen in Vlaanderen




2

,/ artikel 3 van de vlaamse codex wonen
= maakt het recht op wonen concreet → zegt: iedereen heeft recht op menswaardig wonen
→ dat betekent een woning die:
●​ geschikt is
●​ goede kwaliteit heeft
●​ in een goede omgeving ligt
●​ betaalbaar is
●​ zeker is (je kan er blijven wonen)

4 doelen van het woonbeleid
1.​ betaalbaarheid → zijn er voldoende betaalbare woningen?
2.​ beschikbaarheid → zijn er voldoende woningen?
3.​ woonkwaliteit → zijn voldoende kwalitatieve woningen?
4.​ woonzekerheid → heb je zekerheid om te blijven wonen?


betaalbaarheid → zijn er voldoende betaalbare
woningen?
de woningmarkt, 2 deelmarkten
1.​ eigenaars - bewoners
2.​ huurders
-​ private huur = hogere huur, bepaald door markt, verhuurder is particulier, flexibel in
verhuizing
-​ scoiale huur = lagere huur, inkomensafhankelijk, verhuurder is
corporatie/gemeente, vaak wachtlijst


/ betaalbaarheid - eigenaars?
= woningprijzen zijn in de periode tussen 2000 - 2010 met 67% gestegen
→ ouders en familie hebben steeds vaker een betaalbaarheidskloof dichten door financieel
steuntje in de rug

in vlaanderen kijkt men vaak naar het aandeel eigenaars verdeeld over inkomenskwintielen
●​ kwintiel 1 (laagste inkomens): weinig eigenaars, meeste huren
●​ kwintiel 2-3: eigenaarsgraad stijgt, meer gezinnen kopen
●​ kwintiel 4-5 (hoogste inkomens): bijna iedereen is eigenaar


/ eigenwoningbezit
→ in 2023 = hoogste inkomens (kwintiel 5): 85% eigenaar, aandeel daalt naarmate het inkomen
lager is

aandeel eigenaars naar gezinssituatie
●​ koppels met kinderen: 83%
●​ koppels zonder kinderen: 80%
●​ alleenstaanden: 57%
●​ éénoudergezinnen: 60%




3

, aandeel eigenaars naar nationaliteit
●​ belg: 74%
●​ niet-belg: 32%

aandeel eigenaars naar beroepssituatie
●​ werkend: 73%
●​ (brug)pensioen: 75%
●​ werkloos: 25%
●​ arbeidsongeschikt: 42%

= eigenaars zijn vaker hoog-inkomens, koppels, belgisch en werkend of met pensioen;
alleenstaanden, niet-belgen en werklozen bezitten minder vaak een eigen woning


/ betaalbaarheid: hoe meten?
→ relatie woonuitgave - huishoudinkomen
●​ gaat over de relatie tussen woonuitgaven en huishoudinkomen
●​ definitie (Stone, 2006): de uitdaging om woningkosten en andere uitgaven in evenwicht te
houden met het inkomen
●​ let op: het zegt niets over de woning zelf (grootte, kwaliteit, locatie)

indicatoren om betaalbaarheid te meten
1.​ woonquote → aandeel van het inkomen dat naar wonen gaat​
= verhouding tussen de uitgave huishouden aan wonen en totale besteedbare inkomen
2.​ resterend inkomen → inkomen dat overblijft na woonuitgaven


/ betaalbaarheid - private huurders?
ongeveer 20% van alle huishoudens → ± 550.000 huishoudens → huurprijzen worden vrij bepaald

huurprijzen in 2024
●​ gemiddelde huur: 922€ per maand
●​ rijwoning: 1.014€
●​ appartement: 893€
●​ vergelijkbaar met netto beroepsinkomen vl: 2.870€/maand

betaalbaarheid private huurders
●​ 30% norm: >50% betaalt meer dan 30% van inkomen aan huur (2013: 51,7%)
●​ 40% norm: bijna 50% betaalt >40% van inkomen aan huur (2013: 47,1%)
●​ armoederisico: ± 1/3 leeft na huur onder armoedegrens (2013: 166.904 gezinnen)




4

École, étude et sujet

Infos sur le Document

Publié le
22 mai 2026
Nombre de pages
31
Écrit en
2025/2026
Type
Notes de cours
Professeur(s)
Tom
Contient
Toutes les classes
€19,16
Accéder à l'intégralité du document:

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
alexandradepauw1 Karel de Grote-Hogeschool
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
18
Membre depuis
8 mois
Nombre de followers
0
Documents
15
Dernière vente
1 mois de cela

4,3

3 revues

5
1
4
2
3
0
2
0
1
0

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions