Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 46 pages
Resume

Samenvatting beweging semester 2| Kleuteronderwijs | VIVES | 2025/26

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 46 pages

Dit studiemateriaal bevat een samenvatting van beweging semester 2, een oefenexamen en onderaan een antwoordsleutel. Succes!

Aperçu du contenu

JUF AMBER

,bewegingsvaardigheden met groot en klein materiaal
Wat zijn bewegingsvaardigheden?

Fundamentele bewegingsvaardigheden (motorische basisvaardigheden) zijn de
basisbewegingen die kleuters nodig hebben om zich motorisch te ontwikkelen.

Ze zitten in ZILL onder:

 Motorische en zintuiglijke ontwikkeling

 Grootmotorisch bewegen

De 8 fundamentele bewegingsvaardigheden

1. Stappen – lopen – balanceren

2. Springen en landen

3. Klimmen – klauteren – kruipen – sluipen

4. Glijden of schuiven

5. Roteren (rollen en duikelen)

6. Hangen – slingeren – schommelen

7. Trekken en duwen

8. Heffen en dragen

 Extra bij klein materiaal:
 Bal- en dingvaardigheden = vaardigheden met objectcontrole

 Doel: een voorwerp in beweging brengen of houden



Onderverdelingen en soorten (HEEL belangrijk op examen)

SPRINGEN

 Definitie:
Afstoot → zweeffase → landing [23_Bewegin...ardigheden | PDF]
Soorten springen:

1. Steunspringen (met handen steun)

o Hurksprong → voeten tussen handen

o Wendsprong → voeten voorbij handen

o Hazensprong



JUF AMBER

,Voorbeeld: over een bank springen met handensteun

2. Vrije sprongen
o Verspringen (ver)

o Hoogspringen (hoog)

o Diepspringen (naar beneden)

Voorbeeld:

 van een bank springen (diep)

 over een touw springen (hoog)



3. Loopspringen
 huppelen, hinkelen, galopperen

Voorbeeld:

 hinkelspel

 springen in hoepels



4. Touwtjespringen
 voorbereiding nodig (zeer moeilijk voor kleuters)

Voorbeeld:

 eerst over stil touw springen

 daarna slingerend touw

BAL- EN DINGVAARDIGHEDEN

3 grote groepen:

1. Jongleren → voorwerp in beweging houden

 tikken

 dribbelen

 slaan

Voorbeelden:

 ballon in de lucht houden

 bal dribbelen

 doekje opgooien en vangen


JUF AMBER

, 2. Wegspelen → voorwerp van je weg

 gooien

 rollen

 schoppen

Voorbeelden:

 bal in doel gooien

 kegels omrollen

 bal wegschoppen

3. Aannemen → naar lichaam toe

 vangen

 stoppen (amortiseren)

Voorbeelden:

 bal opvangen

 rollende bal stoppen

BELANGRIJK:

 Altijd eerst gooien → dan vangen (ontwikkelingslogica)



Uitbouwfactoren (MEEST BELANGRIJK OP EXAMEN)

Dit is hoe je differentieert en moeilijker/makkelijker maakt

Er zijn 3 uitbouwfactoren:



1. Arrangement (opstelling / materiaal)

= hoe ziet je omgeving eruit

Voorbeelden:

 lage bank → hoge bank

 brede balk → smalle balk

 dichtbij → ver weg

2. Uitvoeringswijze (hoe uitvoeren)



JUF AMBER

Infos sur le Document

Publié le
17 mai 2026
Nombre de pages
46
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€4,36

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
5
Abonnés
1
Éléments
7
Dernière vente
1 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions