LES 1: KADER EN
CONCEPT VAN
EMOTIONELE
WELKE VIER STAPPEN STELT DOSEN VOOR ALS
ONTWIKKELING BEHANDELING VAN ‘GEDRAGSPROBLEMEN’?
1. Emotionele ondersteuning bieden: creëren van een
ONTWIKKELINGSDYNAMISCH KADER veilige en voorspelbare omgeving
2. Aanpassen van de omgeving: structuur en duidelijke
Anton Došen ontwikkelde een ontwikkelingsdynamisch
communicatie afstemmen op het niveau van de cliënt
model waarin emotionele ontwikkeling centraal staat
3. Ontwikkelingsgerichte begeleiding: de cliënt helpen
voor diagnostiek en behandeling bij mensen met een
bij het versterken van zijn emotionele vaardigheden
verstandelijke beperking
4. Medicatie als laatste optie: alleen wanneer de andere
interventies onvoldoende werken en er sprake is van
WAAROM EMOTIONELE ernstige emotionele ontregeling, kan medicatie
ONTWIKKELING? worden ingezet als ondersteuning → dit nooit de
WELKE INZICHTEN OVER DIAGNOSTIEK BRACHTEN enige oplossing zijn, maar moet geïntegreerd worden
ANTON DOSEN TOT HET ONTWIKKELEN VAN HET in een bredere aanpak
MODEL?
Traditionele diagnostiek: te statisch en niet holistisch ONTWIKKELINGSDYNAMISCHE
Richtte zich vaak alleen op gedrag en cognitie, BENADERING
emotionele ontwikkeling bleef onderbelicht
BEGIN VAN ONTWIKKELINGSDYNAMISCHE
BENADERING
WAT HOUDT ‘RELATIETHERAPIE’ WAARMEE ‘GROEI’
Jaren 70: emotionele ontwikkeling bij mensen met een
KAN WORDEN GEMAAKT OP EMOTIONEEL VLAK,
beperking kreeg steeds meer aandacht
VOLGENS DE VISIE VAN ANTON DOSEN, IN?
Anton Došen (kinderpsychiater) merkte dat bestaande
Relatie tussen begeleider en cliënt is cruciaal voor
defecttheorie te beperkt was
emotionele ontwikkeling
Defecttheorie keek vooral naar hersenbeschadigingen
Begeleider moet een veilige en voorspelbare relatie
als oorzaak van psychische of gedragsproblemen maar
bieden
aandacht voor opvoeding, temperament en de
Cliënt moet zich begrepen en ondersteund voelen
omgeving van het kind ontbrak hierbij
Hierdoor kan de cliënt nieuwe emotionele ervaringen
Došen stelde een ontwikkelingsdynamische benadering
opdoen en verder ontwikkelen binnen zijn emotionele
voor, waarin zowel biologische, psychische als sociale
niveau
factoren worden meegewogen
WAARUIT MOET ‘INTEGRATIEVE DIAGNOSTIEK’
EMOTIE ↔ RATIO
BESTAAN VOLGENS ANTON DOSEN?
Emotie beïnvloedt ratio: sterke emoties kunnen
Integratieve diagnostiek combineert verschillende
rationeel denken blokkeren (“als een kip zonder kop
componenten:
rondlopen”)
o Cognitieve diagnostiek (IQ en denkvermogen)
Ratio beïnvloedt emotie: nadenken helpt gevoelens
o Emotionele diagnostiek (niveau van emotionele
reguleren en sociaal wenselijk handelen
ontwikkeling) Beide zijn verbonden; het ontwikkelingsdynamisch
o Sociale en omgevingsfactoren (invloed uit perspectief laat zien hoe dit bij mensen met
omgeving) beperkingen werkt
o Biologische en medische
factoren (neurologische of genetische aspecten) VIER DIMENSIES
Dit hollistische beeld helpt bij het begrijpen van gedrag BIOLOGISCHE DIMENSIE: lichaam en hersenen
en het opstellen van passende behandeling (gezondheid, neurologische ontwikkeling, hormonen)
FUNCTIEDIMENSIE: sensorisch, motorisch en
WAT BEPAALT DE STABILITEIT VAN DE psychisch functioneren
PERSOONLIJKHEID VAN EEN PERSOON? SOCIALE DIMENSIE: omgevingsomstandigheden
Wordt bepaald door de interactie tussen cognitieve en Voorbeeld: stressvolle gezinssituatie → minder
emotionele ontwikkeling emotionele stabiliteit
Achterblijvende emotionele ontwikkeling tov cognitie ONTWIKKELINGSDIMENSIE: onwikkelingsbeloop
kan leiden tot instabiliteit en gedragsproblemen (hoe emoties en gedrag zich over tijd ontwikkelen) →
Omgevingsfactoren, zoals steun en ervaren veiligheid, Došen ontwierp SEO (1985)
spelen een belangrijke rol
1
,ONTWIKKELINGSDYNAMISCH Belasssngrijker is draagkracht en het onderscheid
Niet ‘vast’ in 1 fase, geen hokjes-denken! tussen kunnen en aankunnen
Ontwikkeling verloopt in opeenvolgende fasen, waarbij Dit heeft grote implicaties voor omgeving,
eerdere basisbehoeften de grondslag vormen voor verwachtingen en benadering
latere fasen
Je kan schommelen tussen fasen afhankelijk van TERUGVAL EN REGRESSIE
omstandigheden: bij stress is een terugval naar eerdere Došen koppelt geblokkeerde emotionele ontwikkeling
fasen mogelijk, terwijl optimale omstandigheden het aan specifieke stoornissen
bereiken van hogere fasen mogelijk maken Harmonisch functioneren kan tijdelijk verstoord
Hoe behoeften in elke fase vervuld worden, bepaalt de worden door verlies, stress of andere gebeurtenissen
verdere ontwikkeling Terugval betekent dat de veiligheidsbasis of het ‘ik’ te
Varieert naarmate men evolueert fragiel was, waardoor iemand naar een lager
Varieert afhankelijk van levensgebeurtenissen ontwikkelingsniveau kan gaan
Elke fase vertrekt vanuit specifieke onderliggende
emotionele behoeften EMOTIES, GEVOELENS EN
In iedere fase: een groeiproces en andere
begeleidingsnoden
BEHOEFTEN – VERMEULEN &
EECLOO (2011)
DISHARMONISCH GEDRAG EN MOTIVATIE
PROFIEL Gedrag wordt aangestuurd door gevoelens, emoties en
Risico op overvraagd affecten
worden Deze emoties vertrekken vanuit behoeften
Risico zichzelf te Ratio speelt hierin aanvankelijk weinig rol
overschatten Behoeften kunnen tijdelijk uitgesteld worden, komt
Risico om vooral op later (erger) terug naar boven
kunnen en weten
ondersteund te worden EMOTIES VS. GEVOELENS
Emoties: waarneembaar voor anderen, biologisch en
EEN LAGE EMOTIEREGULATIE lichamelijk proces
Hoe lager iemand emotioneel functioneert: Gevoelens: bewust geworden emoties; je kan erover
Hoe meer wij zullen moeten begeleiden (en vertellen en reflecteren
verantwoordelijkheid nemen voor gedrag)
Hoe moeilijker iemand zichzelf in de hand kan houden RELATIE BEHOEFTEN – EMOTIES – GEVOELENS
(dus hoe lager de lat) Behoeften kunnen leiden tot emoties, gevoelens en
Hoe kwetsbaarder iemand is affecten
Hier komen wij in het spel: wij kunnen iemand (meer) Emoties en gevoelens fungeren als procesbewaker: ze
adequaat laten functioneren als we voldoende inspelen waarschuwen ons en maken ons bewust van behoeften
op zijn emotionele behoeften Er is een wederzijdse relatie tussen emoties en
gevoelens: dit circulaire spel vormt de kern van
CONTINUÜM het emotioneel systeem of de emotionele ontwikkeling
Bij mensen met een verstandelijke beperking is de
ONTWIKKELING ALS CONTINUÜM
Ontwikkeling verloopt geleidelijk, niet in strikte fases
emotionele ontwikkeling vaak lager dan de cognitieve
Overgangen tussen fasen vloeiend en variabel,
ontwikkeling
afhankelijk van situatie, tijd en domein (bv.
communicatie vs. affectdifferentiatie) BETEKENIS VOOR GEDRAG
Emoties geven energie en motivatie om te handelen
Vermijd hokjesdenken of blindstaren op leeftijd en fase
Aan elk gedrag gaan behoefte en emotie vooraf
DYNAMISCH KADER EN BEGELEIDING
Ontwikkelingsdynamisch kader betekent: behoefte aan
ROL VAN BEGELEIDERS
Helpen mensen met een beperking bij het ontdekken
flexibele begeleiding
Begeleidingsstijl kan variëren per persoon, moment,
van emoties
situatie, behandeling of stoornis
Dezelfde hulpvraag kan bij verschillende
mensen anders worden ingevuld
HARMONISCHE VS. DISHARMONISCHE
ONTWIKKELING
Elke fase bevat een tegenstelling: psychische
gezondheid (harmonie) vs. disharmonie
Ondersteunen bij het verwoorden van emoties
Niveau van algemene ontwikkeling (hoog/laag)
zegt niets over geestelijke gezondheid
2
, GEDRAG EN REACTIES
ADAPTIEF GEDRAG (= NORMAAL GEDRAG)
Adequaat voor ontwikkelingsniveau, ook in ongunstige
situaties
Intensiteit, duur of frequentie verstoren de interactie
niet
Kwaliteit van leven blijft behouden
Gedrag wordt vaak verklaard door bevrediging van
basale emotionele behoeften
MALADAPTIEF (= ABNORMAAL
GEDRAG/PROBLEEMGEDRAG)
Situatiegebonden, onaangepast, intensief, frequent
Correspondeert vaak niet met cognitief niveau van de
persoon
Overdreven reacties karakteristiek voor het emotionele
ontwikkelingsniveau in ongunstige situaties
Interactie met omgeving is verstoord
Kwaliteit van leven wordt benadeeld
PSYCHIATRISCHE STOORNIS (= VERSTOORD
GEDRAG)
Situatieonafhankelijk en langdurig aanwezig
Veranderingen in gedrag en activiteiten; vreemd of
onaangepast gedrag
Verstoord denken, stemming en fysiologische functies
Interactie met de omgeving is ernstig verstoord
Blijvend gebrek aan aangepaste benadering kan leiden
tot psychische uitputting en kwetsbaarheid
TOEPASSING IN BEGELEIDING
Hetzelfde gedrag kan verschillend
geïnterpreteerd worden
Bij beoordeling en behandeling is het belangrijk te
kijken naar ontwikkelingsperspectief, basale behoeften
en omgeving
FASEN VAN HET
ONTWIKKELINGSDYNAMISCH KADER
Fase 1: Adaptatiefase
Fase 2: Hechtingsfase
Fase 3: Individuatiefase
Fase 4: Identificatiefase
Fase 5: Realiteitsbewustwording
Fase 6: Sociale autonomie
Fase 7: Sociale verantwoordelijkheid
Behoeften bouwen op elkaar: eerst basale
veiligheid (adaptatiefase), dan vertrouwen
(hechting), autonomie (individuatie),
initiatief (identificatie), competentie
(realiteitsbewustwording), sociale
zelfstandigheid en uiteindelijk volwassen
relaties en verantwoordelijkheid
3
CONCEPT VAN
EMOTIONELE
WELKE VIER STAPPEN STELT DOSEN VOOR ALS
ONTWIKKELING BEHANDELING VAN ‘GEDRAGSPROBLEMEN’?
1. Emotionele ondersteuning bieden: creëren van een
ONTWIKKELINGSDYNAMISCH KADER veilige en voorspelbare omgeving
2. Aanpassen van de omgeving: structuur en duidelijke
Anton Došen ontwikkelde een ontwikkelingsdynamisch
communicatie afstemmen op het niveau van de cliënt
model waarin emotionele ontwikkeling centraal staat
3. Ontwikkelingsgerichte begeleiding: de cliënt helpen
voor diagnostiek en behandeling bij mensen met een
bij het versterken van zijn emotionele vaardigheden
verstandelijke beperking
4. Medicatie als laatste optie: alleen wanneer de andere
interventies onvoldoende werken en er sprake is van
WAAROM EMOTIONELE ernstige emotionele ontregeling, kan medicatie
ONTWIKKELING? worden ingezet als ondersteuning → dit nooit de
WELKE INZICHTEN OVER DIAGNOSTIEK BRACHTEN enige oplossing zijn, maar moet geïntegreerd worden
ANTON DOSEN TOT HET ONTWIKKELEN VAN HET in een bredere aanpak
MODEL?
Traditionele diagnostiek: te statisch en niet holistisch ONTWIKKELINGSDYNAMISCHE
Richtte zich vaak alleen op gedrag en cognitie, BENADERING
emotionele ontwikkeling bleef onderbelicht
BEGIN VAN ONTWIKKELINGSDYNAMISCHE
BENADERING
WAT HOUDT ‘RELATIETHERAPIE’ WAARMEE ‘GROEI’
Jaren 70: emotionele ontwikkeling bij mensen met een
KAN WORDEN GEMAAKT OP EMOTIONEEL VLAK,
beperking kreeg steeds meer aandacht
VOLGENS DE VISIE VAN ANTON DOSEN, IN?
Anton Došen (kinderpsychiater) merkte dat bestaande
Relatie tussen begeleider en cliënt is cruciaal voor
defecttheorie te beperkt was
emotionele ontwikkeling
Defecttheorie keek vooral naar hersenbeschadigingen
Begeleider moet een veilige en voorspelbare relatie
als oorzaak van psychische of gedragsproblemen maar
bieden
aandacht voor opvoeding, temperament en de
Cliënt moet zich begrepen en ondersteund voelen
omgeving van het kind ontbrak hierbij
Hierdoor kan de cliënt nieuwe emotionele ervaringen
Došen stelde een ontwikkelingsdynamische benadering
opdoen en verder ontwikkelen binnen zijn emotionele
voor, waarin zowel biologische, psychische als sociale
niveau
factoren worden meegewogen
WAARUIT MOET ‘INTEGRATIEVE DIAGNOSTIEK’
EMOTIE ↔ RATIO
BESTAAN VOLGENS ANTON DOSEN?
Emotie beïnvloedt ratio: sterke emoties kunnen
Integratieve diagnostiek combineert verschillende
rationeel denken blokkeren (“als een kip zonder kop
componenten:
rondlopen”)
o Cognitieve diagnostiek (IQ en denkvermogen)
Ratio beïnvloedt emotie: nadenken helpt gevoelens
o Emotionele diagnostiek (niveau van emotionele
reguleren en sociaal wenselijk handelen
ontwikkeling) Beide zijn verbonden; het ontwikkelingsdynamisch
o Sociale en omgevingsfactoren (invloed uit perspectief laat zien hoe dit bij mensen met
omgeving) beperkingen werkt
o Biologische en medische
factoren (neurologische of genetische aspecten) VIER DIMENSIES
Dit hollistische beeld helpt bij het begrijpen van gedrag BIOLOGISCHE DIMENSIE: lichaam en hersenen
en het opstellen van passende behandeling (gezondheid, neurologische ontwikkeling, hormonen)
FUNCTIEDIMENSIE: sensorisch, motorisch en
WAT BEPAALT DE STABILITEIT VAN DE psychisch functioneren
PERSOONLIJKHEID VAN EEN PERSOON? SOCIALE DIMENSIE: omgevingsomstandigheden
Wordt bepaald door de interactie tussen cognitieve en Voorbeeld: stressvolle gezinssituatie → minder
emotionele ontwikkeling emotionele stabiliteit
Achterblijvende emotionele ontwikkeling tov cognitie ONTWIKKELINGSDIMENSIE: onwikkelingsbeloop
kan leiden tot instabiliteit en gedragsproblemen (hoe emoties en gedrag zich over tijd ontwikkelen) →
Omgevingsfactoren, zoals steun en ervaren veiligheid, Došen ontwierp SEO (1985)
spelen een belangrijke rol
1
,ONTWIKKELINGSDYNAMISCH Belasssngrijker is draagkracht en het onderscheid
Niet ‘vast’ in 1 fase, geen hokjes-denken! tussen kunnen en aankunnen
Ontwikkeling verloopt in opeenvolgende fasen, waarbij Dit heeft grote implicaties voor omgeving,
eerdere basisbehoeften de grondslag vormen voor verwachtingen en benadering
latere fasen
Je kan schommelen tussen fasen afhankelijk van TERUGVAL EN REGRESSIE
omstandigheden: bij stress is een terugval naar eerdere Došen koppelt geblokkeerde emotionele ontwikkeling
fasen mogelijk, terwijl optimale omstandigheden het aan specifieke stoornissen
bereiken van hogere fasen mogelijk maken Harmonisch functioneren kan tijdelijk verstoord
Hoe behoeften in elke fase vervuld worden, bepaalt de worden door verlies, stress of andere gebeurtenissen
verdere ontwikkeling Terugval betekent dat de veiligheidsbasis of het ‘ik’ te
Varieert naarmate men evolueert fragiel was, waardoor iemand naar een lager
Varieert afhankelijk van levensgebeurtenissen ontwikkelingsniveau kan gaan
Elke fase vertrekt vanuit specifieke onderliggende
emotionele behoeften EMOTIES, GEVOELENS EN
In iedere fase: een groeiproces en andere
begeleidingsnoden
BEHOEFTEN – VERMEULEN &
EECLOO (2011)
DISHARMONISCH GEDRAG EN MOTIVATIE
PROFIEL Gedrag wordt aangestuurd door gevoelens, emoties en
Risico op overvraagd affecten
worden Deze emoties vertrekken vanuit behoeften
Risico zichzelf te Ratio speelt hierin aanvankelijk weinig rol
overschatten Behoeften kunnen tijdelijk uitgesteld worden, komt
Risico om vooral op later (erger) terug naar boven
kunnen en weten
ondersteund te worden EMOTIES VS. GEVOELENS
Emoties: waarneembaar voor anderen, biologisch en
EEN LAGE EMOTIEREGULATIE lichamelijk proces
Hoe lager iemand emotioneel functioneert: Gevoelens: bewust geworden emoties; je kan erover
Hoe meer wij zullen moeten begeleiden (en vertellen en reflecteren
verantwoordelijkheid nemen voor gedrag)
Hoe moeilijker iemand zichzelf in de hand kan houden RELATIE BEHOEFTEN – EMOTIES – GEVOELENS
(dus hoe lager de lat) Behoeften kunnen leiden tot emoties, gevoelens en
Hoe kwetsbaarder iemand is affecten
Hier komen wij in het spel: wij kunnen iemand (meer) Emoties en gevoelens fungeren als procesbewaker: ze
adequaat laten functioneren als we voldoende inspelen waarschuwen ons en maken ons bewust van behoeften
op zijn emotionele behoeften Er is een wederzijdse relatie tussen emoties en
gevoelens: dit circulaire spel vormt de kern van
CONTINUÜM het emotioneel systeem of de emotionele ontwikkeling
Bij mensen met een verstandelijke beperking is de
ONTWIKKELING ALS CONTINUÜM
Ontwikkeling verloopt geleidelijk, niet in strikte fases
emotionele ontwikkeling vaak lager dan de cognitieve
Overgangen tussen fasen vloeiend en variabel,
ontwikkeling
afhankelijk van situatie, tijd en domein (bv.
communicatie vs. affectdifferentiatie) BETEKENIS VOOR GEDRAG
Emoties geven energie en motivatie om te handelen
Vermijd hokjesdenken of blindstaren op leeftijd en fase
Aan elk gedrag gaan behoefte en emotie vooraf
DYNAMISCH KADER EN BEGELEIDING
Ontwikkelingsdynamisch kader betekent: behoefte aan
ROL VAN BEGELEIDERS
Helpen mensen met een beperking bij het ontdekken
flexibele begeleiding
Begeleidingsstijl kan variëren per persoon, moment,
van emoties
situatie, behandeling of stoornis
Dezelfde hulpvraag kan bij verschillende
mensen anders worden ingevuld
HARMONISCHE VS. DISHARMONISCHE
ONTWIKKELING
Elke fase bevat een tegenstelling: psychische
gezondheid (harmonie) vs. disharmonie
Ondersteunen bij het verwoorden van emoties
Niveau van algemene ontwikkeling (hoog/laag)
zegt niets over geestelijke gezondheid
2
, GEDRAG EN REACTIES
ADAPTIEF GEDRAG (= NORMAAL GEDRAG)
Adequaat voor ontwikkelingsniveau, ook in ongunstige
situaties
Intensiteit, duur of frequentie verstoren de interactie
niet
Kwaliteit van leven blijft behouden
Gedrag wordt vaak verklaard door bevrediging van
basale emotionele behoeften
MALADAPTIEF (= ABNORMAAL
GEDRAG/PROBLEEMGEDRAG)
Situatiegebonden, onaangepast, intensief, frequent
Correspondeert vaak niet met cognitief niveau van de
persoon
Overdreven reacties karakteristiek voor het emotionele
ontwikkelingsniveau in ongunstige situaties
Interactie met omgeving is verstoord
Kwaliteit van leven wordt benadeeld
PSYCHIATRISCHE STOORNIS (= VERSTOORD
GEDRAG)
Situatieonafhankelijk en langdurig aanwezig
Veranderingen in gedrag en activiteiten; vreemd of
onaangepast gedrag
Verstoord denken, stemming en fysiologische functies
Interactie met de omgeving is ernstig verstoord
Blijvend gebrek aan aangepaste benadering kan leiden
tot psychische uitputting en kwetsbaarheid
TOEPASSING IN BEGELEIDING
Hetzelfde gedrag kan verschillend
geïnterpreteerd worden
Bij beoordeling en behandeling is het belangrijk te
kijken naar ontwikkelingsperspectief, basale behoeften
en omgeving
FASEN VAN HET
ONTWIKKELINGSDYNAMISCH KADER
Fase 1: Adaptatiefase
Fase 2: Hechtingsfase
Fase 3: Individuatiefase
Fase 4: Identificatiefase
Fase 5: Realiteitsbewustwording
Fase 6: Sociale autonomie
Fase 7: Sociale verantwoordelijkheid
Behoeften bouwen op elkaar: eerst basale
veiligheid (adaptatiefase), dan vertrouwen
(hechting), autonomie (individuatie),
initiatief (identificatie), competentie
(realiteitsbewustwording), sociale
zelfstandigheid en uiteindelijk volwassen
relaties en verantwoordelijkheid
3