Hoofdstuk 3 Lange termijn centraal veneuze
katheters
Inleiding
p. 100
- Oncologie – hematologie – mucoviscidose - …
Langdurige behandeling
Goede intraveneuze toegangsweg vereist
1. Totaal implanteerbaar intraveneus systeem of
poortkatheter
1.1. Wat?
Een volledig onderhuids ingeplant systeem om een betrouwbare toegang
tot de bloedbaan te verkrijgen
2 delen het geheel wordt onderhuids ingeplant
- Toegangspoort
Septum (bij poortkatheter zelfsluitend siliconenmembraan
1
, Poortkamer = reservoir
- Katheter
Radio-opaak
Silicone/polyurethaan
Open of gesloten uiteinde
gesloten (links), open (ernaast)
Verschillende vormen en maten
Huidig geplaatste poortkatheters zijn meestal geschikt voor toedieningen
onder grote druk vb. contraststof voor CT
1.2. Soorten
Intraveneuze poortkatheter
- Onder sleutelbeen
- In onderarm (P.A.S./PICC-port)
P.A.S. Port systeem : kleiner dan klassieke infraclaviculair, in de ader
vd onderarm ingebracht
- In liesregio
Andere
- Peritoneaal
- Intraspinaal
- Arterieel
1.3. Indicaties
Herhaaldelijke, niet-continue intraveneuze therapie voor een langere tijd
- Afnemen van…
Bloed
Hemoculturen
- Intermittent toedienen van…
Chemotherapie
Bloed / Bloedproducten
Totale Parenterale Nutritie (TPN)
2
, Antibiotica
Overige IV-medicatie
Contraststoffen
1.4. Contra-indicaties
Continue toediening van TPN of IV. Medicatie
- Dode ruimte = verhoogd risico op infecties
Voorzichtig bij extreme cachexie (extreem magere zorgontvangers?)
Veneuze trombose ter hoogte van de implantatieplaats
Geplande radiotherapie/chirurgie ter hoogte van de insteekplaats
Gestoorde stolling
- Risico op bloeding bij of kort na plaatsing
- Risico op hematoom bij later aanprikken
Stollingsparameters (bloedplaatjes, PTT/INR) bepalen voor plaatsing
1.5. Voor- en nadelen
Voordelen
- Comfortabel
- Kan niet uitgetrokken worden
- Esthetisch
- Eenvoudig in te brengen
- Minder kans op tromboflebitis, extravasatie en infectie ten opzichte van
perifere infusies
- Frequentie punctie/ bloedafnames zijn mogelijk
- Kan heel langdurig ter plaatse blijven ondanks intensief gebruik
- Onmiddellijk na plaatsing bruikbaar
- Minimum aan onderhoud
Nadelen
- Aanprikken blijft noodzakelijk
gebruik eventueel Emla® (= verdovend middel)
- Meestal maar 1 lumen
simultaan toedienen van incompatibele producten is niet mogelijk
- Chirurgische ingreep bij plaatsen én verwijderen
1.6. Plaatsing
Kathetertip in overgang VCS-RA (vena cava superior en het rechter atrium)
Aseptische werkwijze
- Lokale verdoving
- Algemene verdoving bij kinderen => voorbereiding!
RX-thorax ter controle nadien
Venadenudatietechniek of echografiegeleid
1.6.1. Venadenudatie-, venasectie- of cutdown-techniek
(Meer oppervlakkige) vene wordt blootgelegd, afgebonden en ingesneden
Katheter wordt rechtstreeks in de vene gebracht
2 insnijdingen
- Blootstellen vene
- Als opening voor het plaatsen vd toegangspoort
3
katheters
Inleiding
p. 100
- Oncologie – hematologie – mucoviscidose - …
Langdurige behandeling
Goede intraveneuze toegangsweg vereist
1. Totaal implanteerbaar intraveneus systeem of
poortkatheter
1.1. Wat?
Een volledig onderhuids ingeplant systeem om een betrouwbare toegang
tot de bloedbaan te verkrijgen
2 delen het geheel wordt onderhuids ingeplant
- Toegangspoort
Septum (bij poortkatheter zelfsluitend siliconenmembraan
1
, Poortkamer = reservoir
- Katheter
Radio-opaak
Silicone/polyurethaan
Open of gesloten uiteinde
gesloten (links), open (ernaast)
Verschillende vormen en maten
Huidig geplaatste poortkatheters zijn meestal geschikt voor toedieningen
onder grote druk vb. contraststof voor CT
1.2. Soorten
Intraveneuze poortkatheter
- Onder sleutelbeen
- In onderarm (P.A.S./PICC-port)
P.A.S. Port systeem : kleiner dan klassieke infraclaviculair, in de ader
vd onderarm ingebracht
- In liesregio
Andere
- Peritoneaal
- Intraspinaal
- Arterieel
1.3. Indicaties
Herhaaldelijke, niet-continue intraveneuze therapie voor een langere tijd
- Afnemen van…
Bloed
Hemoculturen
- Intermittent toedienen van…
Chemotherapie
Bloed / Bloedproducten
Totale Parenterale Nutritie (TPN)
2
, Antibiotica
Overige IV-medicatie
Contraststoffen
1.4. Contra-indicaties
Continue toediening van TPN of IV. Medicatie
- Dode ruimte = verhoogd risico op infecties
Voorzichtig bij extreme cachexie (extreem magere zorgontvangers?)
Veneuze trombose ter hoogte van de implantatieplaats
Geplande radiotherapie/chirurgie ter hoogte van de insteekplaats
Gestoorde stolling
- Risico op bloeding bij of kort na plaatsing
- Risico op hematoom bij later aanprikken
Stollingsparameters (bloedplaatjes, PTT/INR) bepalen voor plaatsing
1.5. Voor- en nadelen
Voordelen
- Comfortabel
- Kan niet uitgetrokken worden
- Esthetisch
- Eenvoudig in te brengen
- Minder kans op tromboflebitis, extravasatie en infectie ten opzichte van
perifere infusies
- Frequentie punctie/ bloedafnames zijn mogelijk
- Kan heel langdurig ter plaatse blijven ondanks intensief gebruik
- Onmiddellijk na plaatsing bruikbaar
- Minimum aan onderhoud
Nadelen
- Aanprikken blijft noodzakelijk
gebruik eventueel Emla® (= verdovend middel)
- Meestal maar 1 lumen
simultaan toedienen van incompatibele producten is niet mogelijk
- Chirurgische ingreep bij plaatsen én verwijderen
1.6. Plaatsing
Kathetertip in overgang VCS-RA (vena cava superior en het rechter atrium)
Aseptische werkwijze
- Lokale verdoving
- Algemene verdoving bij kinderen => voorbereiding!
RX-thorax ter controle nadien
Venadenudatietechniek of echografiegeleid
1.6.1. Venadenudatie-, venasectie- of cutdown-techniek
(Meer oppervlakkige) vene wordt blootgelegd, afgebonden en ingesneden
Katheter wordt rechtstreeks in de vene gebracht
2 insnijdingen
- Blootstellen vene
- Als opening voor het plaatsen vd toegangspoort
3