Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 5 pages
Resume

Volledige samenvatting erfelijkheid bij de mens

Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 5 pages

Samenvatting hoofstuk 7 kern: Erfelijkheid bij de mens

Aperçu du contenu

Natuurwetenschappen: 7. Erfelijkheid bij de mens
Binnen één soort bestaan er talloze variaties. Toch zijn er heel wat gelijkenissen maar ook vele
verschillen.

1. Genotype en fenotype
Vraag: Waardoor worden de uiterlijke kenmerken van een individu bepaald?

Het genotype van het individu: Het erfelijk materiaal dat een individu in zich draagt (maar daarom
niet noodzakelijk tot uiting komt).

Uiterlijke kenmerken van een individu worden niet alleen erfelijk bepaald, maar ook door de
omgeving of milieu speelt een belangrijke rol (bv. een flamingo, roze kleur komt door het voedsel en
hebben erfelijk kenmerk dat ervoor zorgt dat ze roze kunnen worden)

Het fenotype van het individu: Het geheel van uiterlijke kenmerken van een individu, bepaald zowel
erfelijke aanleg (genotype) als door de invloed van het milieu.

2. De wetten van Mendel
2.1 Kruisen, kruiste, gekruist

Genetica: Erfelijkheidsleer, hoe kenmerken overgeërfd worden

Gregor Mendel vond de zogenaamde overervingswetten uit.

Monohybride kruising met dominantie

- Twee planten: één met ronde zaden en de ander rechthoekig
- De planten waren raszuiver, met voorouders van dezelfde zaadvorming
- Zodanig dat ze enkel de juiste factor zouden doorgeven
- Factor = allel
- Kruisbestuiving uitvoeren met de twee planten
- Oudergeneratie of parentale generatie: De planten met respectievelijk ronde en hoekige
zaden
- Een dominant kenmerk: een kenmerk dat een recessief kenmerk overheerst en altijd
fenotypisch toto uiting komt.
- Een recessief kenmerkt: komt alleen fenotypisch tot uiting als er geen dominant kenmerk in
de genen aanwezig is.
- P. 93

Heterozygoot voor een kenmerk: Organismen die voor een bepaald kenmerk niet raszuiver zijn
en twee verschillende allelen bezitten van hetzelfde gen

Homozygoot voor een kenmerk: Organismen die voor een bepaald kenmerk wel raszuiver zijn en
twee dezelfde allelen van het gen bezitten

Monohybride kruising met intermediair kenmerk

- Intermediair: De roze kleur is intermediair, wanneer een plant met rode bloemen kruist met
witte bloemen, komen in de eerste generatie alleen exemplaren met roze bloemen
- Codominantie: de rode- en de witte kleur van de bloemen
- P. 95

, Dihybride kruising

- Een kruising proef tussen twee homozygote
- Met twee kenmerken die van elkaar verschillen bv. vorm en kleur
- P. 96

2.2 Wetten van Mendel

Monohybride kruising

Eerste wet: uniformiteitswet of een eenvormingheidswet

- Als twee raszuivere individuen kruisen
- Één kenmerk van elkaar verschillen
 Eerste generatie F1 onderling identieke nakomelingen

Tweede wet: splitsingswet

- Individuen kruisen uit F1-generatie van raszuivere ouders
- Één kenmerk van elkaar verschillen
 F2-generatie een splitsing van de kenmerken volgens een welbepaalde verhouding, voor
dominant-recessieve overerving is de fenotypische getalsverhouding 3/1: in het geval
van intermediaire overerving is dat 1/2/1

Dihybride kruising

Eerste wet: uniformiteitswet of eenvormigheidswet

- Twee raszuivere individuen kruisen
- Twee kenmerken van elkaar verschillen
 Eerste F1-generatie, onderling identieke nakomelingen

Tweede wet: splitsingswet

- Individuen kruisen uit F1-generatie van raszuivere ouders
- Twee kenmerken van elkaar verschillen
 F2-generatie een splitsing van de kenmerken volgens een welbepaalde verhouding, voor
dominant-recessieve overerving is de fenotypische getalsverhouding 9/3/3/1

3. Erfelijkheid bij de mens
3.1 Erfelijke aandoeningen bij de mens

Omdat kenmerken overerven van ouder op kind is het logisch dat ook aandoeningen kunnen
overerven.

Cystische fibrose of mucoviscidose: taaislijmziekte, meest voorkomende erfelijke ziekte bij kinderen
in de westerse wereld. Voorbeeld van een recessieve aandoening die gelegen is op een niet-
geslachtschromosoom

Ziekte van Huntington: dominante aandoening, als beide homologe chromosomen het afwijkende
gen heeft, drager ervan ook de ziekte heeft

=> Beide ziektes overgeërfd volgens de eerste twee wetten van Mendel

Infos sur le Document

Cours
KSO
Année scolaire
5
Publié le
27 avril 2021
Nombre de pages
5
Écrit en
2020/2021
Type
Resume
€20,99

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
0
Abonnés
0
Éléments
1
Dernière vente
-


Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions