Invulopdracht module 3
Groepsnaam/code Sociologie 6
Student 1. Wolke Verlinden
Groepsverantwoordelijk
e
Student 2. Seppe Lelieur
Student 3. Amélie Gierts
Student 4. Chielsey Christiaen
Student 5. Lukas Declercq
Student 6. Margaux Vannieuwenhuyse
Student 7. Charlise Braeckman
Student 8. Yor Van Colen
Student 9. Wout
Student 10. Emilia
1. De eerste secundaire groep waar ik tot behoor is de faculteit
politieke en sociale wetenschappen aangezien het een grote groep
is, groepsrelaties zijn formeel en face-to-face interacties met
iedereen zijn niet altijd mogelijk en we hebben hetzelfde
gemeenschappelijk doel namelijk ons diploma behalen. Mijn tweede
voorbeeld van een secundaire groep is de studiegroep 6 sociologie.
2. Ik heb een wederzijdse afhankelijkheid met mijn gezin doordat de
huishoudstaken opgesplitst kunnen worden. Dit betekent dat we als
gezinslezen op elkaar kunnen rekenen om samen het huishouden
draaiende te houden. Iedereen draagt zijn steentje bij. Zo kan de
ene persoon bijvoorbeeld koken terwijl de ander de afwas doet.
3. Ik beschik over macht tegenover de kinderen wanneer ik monitor op
een Kazoukamp ben. De kinderen moeten luisteren naar mij,
antwoorden op mijn vragen, meewerken met de spelletjes die we
hebben voorbereid, respect vertonen, zich verontschuldigen als ik ze
een straf/waarschuwing geef.
Groepsnaam/code Sociologie 6
Student 1. Wolke Verlinden
Groepsverantwoordelijk
e
Student 2. Seppe Lelieur
Student 3. Amélie Gierts
Student 4. Chielsey Christiaen
Student 5. Lukas Declercq
Student 6. Margaux Vannieuwenhuyse
Student 7. Charlise Braeckman
Student 8. Yor Van Colen
Student 9. Wout
Student 10. Emilia
1. De eerste secundaire groep waar ik tot behoor is de faculteit
politieke en sociale wetenschappen aangezien het een grote groep
is, groepsrelaties zijn formeel en face-to-face interacties met
iedereen zijn niet altijd mogelijk en we hebben hetzelfde
gemeenschappelijk doel namelijk ons diploma behalen. Mijn tweede
voorbeeld van een secundaire groep is de studiegroep 6 sociologie.
2. Ik heb een wederzijdse afhankelijkheid met mijn gezin doordat de
huishoudstaken opgesplitst kunnen worden. Dit betekent dat we als
gezinslezen op elkaar kunnen rekenen om samen het huishouden
draaiende te houden. Iedereen draagt zijn steentje bij. Zo kan de
ene persoon bijvoorbeeld koken terwijl de ander de afwas doet.
3. Ik beschik over macht tegenover de kinderen wanneer ik monitor op
een Kazoukamp ben. De kinderen moeten luisteren naar mij,
antwoorden op mijn vragen, meewerken met de spelletjes die we
hebben voorbereid, respect vertonen, zich verontschuldigen als ik ze
een straf/waarschuwing geef.