Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Autre

uitwerking weekopdracht 6: rechtvaardige contracten

Note
-
Vendu
-
Pages
5
Publié le
19-04-2021
Écrit en
2020/2021

uitwerking weekopdracht 6: rechtvaardige contracten










Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Infos sur le Document

Publié le
19 avril 2021
Nombre de pages
5
Écrit en
2020/2021
Type
Autre
Personne
Inconnu

Aperçu du contenu

Geschiedenis van recht en
rechtvaardigheid
Weekopdracht 6




‘Rechtvaardige contracten’




Julie Smeyers 2055362
1e bachelor in de rechten 2020-2021

Taak 12: max 1250 woorden
Taak 13: max 1000 woorden

, Taak 12: moeten contracten rechtvaardig zijn? (Max. 1250 woorden) 1

Wanneer afspraken niet rechtvaardig waren kon je je in de middeleeuwen beroepen op de
‘laesio enormis’ die gaat over de bovenmatige benadeling. Ook heb je de justum pretium,
een cruciaal onderdeel van de ‘laesio enormis’, over het feit dat voor elk goed een
rechtvaardige prijs bestaat. Wanneer van die prijs te veel wordt afgeweken, voor meer dan
de helft van de waarde, kan de overeenkomst ontbonden worden of moet de andere helft
bijbetaald worden. In de West-Europese landen vonden we dit fenomeen ook terug maar
aangezien de eis van de contractvrijheid opkwam aan het einde van de 18 e eeuw verdween
het ook weer snel. Een echte wetsbepaling vinden we slechts in weinig landen dus was het
vooral gebaseerd op rechtspraak die aanvaardde dat je ten gevolge van misbruik van
omstandigheden een contract kon verbreken. In Justinianus’ Codex vinden we reeds een
constitutie op naam van keizer Diocletianus waar de mogelijkheid om een stuk grond terug
te vorderen indien de verkoop voor een te lage prijs plaatsgevonden heeft beschreven
wordt. Aangezien dit niet overeenstemt met andere uitspraken van keizer Diocletianus
volgens welke koper en verkoper elkaar om de tuin mogen leiden is men het er sinds de 16 e
eeuw over eens dat het pas Justinianus was die het principe toegepast heeft. In artikel 16
van het Antwerpse gewoonterecht van 1608 kunnen we lezen dat een koopcontract
ontbonden kon worden indien er sprake was van ‘benadeling voor meer dan de helft van de
rechtvaardig geachte prijs’, als men hiervoor de vereiste brieven van de landsheer kreeg
binnen een bepaalde termijn. Wat Diocletianus wel altijd gedaan heeft zijn maximumprijzen
en -lonen uitvaardigen waarbij de rechtvaardige prijs ook niet overschreden kon worden. Dit
deed hij in tijden van economische crisissen waar het vaak gebeurde dat mensen hun grond
voor een té lage prijs verkochten.

In de teksten van het Corpus Iuris werd er enkel gesproken over een verkoper van een grond
maar dat zijn de Romanisten in de middeleeuwen ruimer gaan interpreteren en zo werd het
toepasselijk op alle overeenkomsten en ook voor kopers die een te hoge prijs hadden
betaald. De uitbreiding die hier gebeurde werd beïnvloed door moraalfilosofen en
kerkgeleerden. Een belangrijke moraaltheoloog was Thomas van Aquino die streefde naar
verdelende gerechtigheid en hij is de voorstander van ook andere contracten die het middel
zijn om die gerechtigheid te verwezenlijken. In de economische en sociale omstandigheden
konden we dit terug zien in de vaste prijzen die binnen de steden golden, deze waren
minder van toepassing voor handel op lange afstand.

De leer had ook enkele nadelen, het was namelijk onduidelijk wanneer men kon zeggen dat
iemand voor ‘meer dan de helft’ benadeeld was. Er zijn hiervoor twee opties, de eerste
waarbij iemand meer dan het dubbele van de gerechtigde prijs betaalde werd voornamelijk
in de 16e en 17e eeuw gebruikt. Bij de middeleeuwen en Romanisten werd de andere manier,
men betaalde meer dan de helft van de gerechte prijs, veel gebruikt. Dit wordt in artikel 19
van het geredigeerde Antwerpse gewoonterecht beschreven. Naarmate de tijd vorderde
wou men de leer van de laesio enormis meer en meer beperken en dat deed men op
verschillende manieren. Men eiste bijvoorbeeld dat men niet op de hoogte was van de
waarde van de zaak bij het sluiten van de overeenkomst en hiervan moest bewijs geleverd
worden door middel van vermoedens. Naast dit criterium van bekendheid of onbekendheid

1
Robert Feenstra en Margreet Ahsmann, Contract. Aspecten van de begrippen contract en contractsvrijheid in
historisch perspectief, Deventer, 1980, 26-30
€6,69
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
juliesmeyers
5,0
(1)

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
juliesmeyers Universiteit Hasselt
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
4
Membre depuis
4 année
Nombre de followers
4
Documents
9
Dernière vente
1 année de cela

5,0

1 revues

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions