1 DE ESSENTIE VAN STRATEGISCH
MANAGEMENT
1.1 Wat is management?
Management = proces dat betrekking heeft op het sturen en
beheersen van een groep of organisatie om doelen te bereiken.
Vier stappen van het managementproces:
1. Waar gaan we heen? → richting en doel bepalen.
2. Hoe gaan we dit doen? → strategieën en plannen
ontwikkelen + rekening houden met beschikbare middemen
en externe omgeving
3. Uitbouwen van competenties, structuren… → juiste
mensen, organisatie structuren en werkprocessen
implimenteren.
4. Bijsturen → prestaties evalueren en zo nodig aanpassen.
Continu proces van plannen, organiseren, leiden en controleren.
Succesvol management = juiste beslissingen, motivatie,
communicatie en aanpassingsvermogen.
1.2 Wat is strategisch management?
Start van de managementcyclus.
Doel: langetermijndoelen bereiken via strategie.
Proces:
1. Richting en doel bepalen: missie, visie, waarden en
doelstellingen.
2. Strategie formuleren: analyse van interne
(sterktes/zwaktes) en externe (kansen/bedreigingen)
omgeving → strategische keuzes maken.
3. Implementeren: strategie vertalen naar acties, middelen
toewijzen, structuren creëren.
4. Evalueren en controleren: voortgang meten en strategie
bijstellen.
Cyclisch proces: voortdurend aanpassen aan veranderende
omstandigheden.
, Primaire doel: continuïteit v/d
organisatie + streven naar
overleving
1.3 De continuïteitskring
Cyclisch model gericht op het handhaven van continuïteit.
Vijf processen:
1. Creatie van klantwaarde.
2. Waardetoe-eigening (waarde omzetten in winst).
3. Waardedistributie (herstructureren en ontwikkelen van
middelen/stakeholders).
4. Opbouwen van competenties (intern/extern).
5. Competentiebenutting (leidt tot producten/diensten → nieuwe
klantwaarde).
Belang van het model:
1. Winst = doel én middel.
2. Prestaties beoordelen op meer dan winst (bv.
klanttevredenheid).
3. Twee arena’s:
Strijd om klant (waardecreatie).
Strijd om middelen (waardedistributie).
1.3.1 Randvoorwaarden* voor de continuïteitskring
Omgevingscontext: organisatie moet “aligned” zijn met haar
omgeving.
Klantgerichtheid: nauwe samenwerking met klanten en
stakeholders.
Winst/marge: winst is noodzakelijk als smeermiddel, niet altijd als
startvoorwaarde.
, Maatschappelijke uitdagingen: focus op stakeholderwaarde i.p.v.
enkel klantwaarde.
Diverse strategieën: naast bedoelde strategie ook rekening
houden met opkomende, opportunistische en opgelegde strategieën.
1.4 Managementcyclus (Kaplan & Norton)
*RVW= Eisen waaraan voldoen moet worden om een specifiek proces te kunnen laten
plaatsvinden
--> methode voor het beheren
*Aligneren en verbeteren van bedrijfsprestaties
= uitlijnen/rangschikken
Closed-Loop Management System met vijf fasen:
1. Strategie ontwikkelen: visie, missie, strategische doelen -->
richting naar waar je naar toe wilt
2. Strategie plannen: KPI’s, operationele doelen, initiatieven --
> routekaart
3. Strategie uitvoeren: middelen toewijzen, acties uitvoeren &
doelen behalen --> aan de slag!
4. Strategie monitoren: voortgang meten via KPI’s.
5. Strategie bijsturen: aanpassingen doen op basis van
resultaten.
Cyclus van continue verbetering.
, KPI = key performance indicators
- Variabelen om prestaties van
ondernemingen te analyseren
- Deze zijn sturend
MANAGEMENT
1.1 Wat is management?
Management = proces dat betrekking heeft op het sturen en
beheersen van een groep of organisatie om doelen te bereiken.
Vier stappen van het managementproces:
1. Waar gaan we heen? → richting en doel bepalen.
2. Hoe gaan we dit doen? → strategieën en plannen
ontwikkelen + rekening houden met beschikbare middemen
en externe omgeving
3. Uitbouwen van competenties, structuren… → juiste
mensen, organisatie structuren en werkprocessen
implimenteren.
4. Bijsturen → prestaties evalueren en zo nodig aanpassen.
Continu proces van plannen, organiseren, leiden en controleren.
Succesvol management = juiste beslissingen, motivatie,
communicatie en aanpassingsvermogen.
1.2 Wat is strategisch management?
Start van de managementcyclus.
Doel: langetermijndoelen bereiken via strategie.
Proces:
1. Richting en doel bepalen: missie, visie, waarden en
doelstellingen.
2. Strategie formuleren: analyse van interne
(sterktes/zwaktes) en externe (kansen/bedreigingen)
omgeving → strategische keuzes maken.
3. Implementeren: strategie vertalen naar acties, middelen
toewijzen, structuren creëren.
4. Evalueren en controleren: voortgang meten en strategie
bijstellen.
Cyclisch proces: voortdurend aanpassen aan veranderende
omstandigheden.
, Primaire doel: continuïteit v/d
organisatie + streven naar
overleving
1.3 De continuïteitskring
Cyclisch model gericht op het handhaven van continuïteit.
Vijf processen:
1. Creatie van klantwaarde.
2. Waardetoe-eigening (waarde omzetten in winst).
3. Waardedistributie (herstructureren en ontwikkelen van
middelen/stakeholders).
4. Opbouwen van competenties (intern/extern).
5. Competentiebenutting (leidt tot producten/diensten → nieuwe
klantwaarde).
Belang van het model:
1. Winst = doel én middel.
2. Prestaties beoordelen op meer dan winst (bv.
klanttevredenheid).
3. Twee arena’s:
Strijd om klant (waardecreatie).
Strijd om middelen (waardedistributie).
1.3.1 Randvoorwaarden* voor de continuïteitskring
Omgevingscontext: organisatie moet “aligned” zijn met haar
omgeving.
Klantgerichtheid: nauwe samenwerking met klanten en
stakeholders.
Winst/marge: winst is noodzakelijk als smeermiddel, niet altijd als
startvoorwaarde.
, Maatschappelijke uitdagingen: focus op stakeholderwaarde i.p.v.
enkel klantwaarde.
Diverse strategieën: naast bedoelde strategie ook rekening
houden met opkomende, opportunistische en opgelegde strategieën.
1.4 Managementcyclus (Kaplan & Norton)
*RVW= Eisen waaraan voldoen moet worden om een specifiek proces te kunnen laten
plaatsvinden
--> methode voor het beheren
*Aligneren en verbeteren van bedrijfsprestaties
= uitlijnen/rangschikken
Closed-Loop Management System met vijf fasen:
1. Strategie ontwikkelen: visie, missie, strategische doelen -->
richting naar waar je naar toe wilt
2. Strategie plannen: KPI’s, operationele doelen, initiatieven --
> routekaart
3. Strategie uitvoeren: middelen toewijzen, acties uitvoeren &
doelen behalen --> aan de slag!
4. Strategie monitoren: voortgang meten via KPI’s.
5. Strategie bijsturen: aanpassingen doen op basis van
resultaten.
Cyclus van continue verbetering.
, KPI = key performance indicators
- Variabelen om prestaties van
ondernemingen te analyseren
- Deze zijn sturend