DE EERSTE GENERATIE STEDEN
VAN EEN NOMADENBESTAAN NAAR EEN SEDENTAIR BESTAAN
Tot de aanvang van het Neolithicum was de mens een zwerver die leefde in kleine groepen waarin de
gemiddelde levensduur 30 jaar was.
De eerste sporen van permanente nederzettingen dateren van 140.000 jaar terug. De megalietencultuur van
Stonehenge en Carnac weerspiegelen de overgang van een nomadenbestaan naar een sedentaire levenswijze.
VAN GEZINSVERBAND NAAR DORPSSTRUCTUUR
De overgang van het leven in gezins- of clanverband naar een complexer collectief systeem begint 30.000 jaar
geleden wat resulteert in de sociale en ruimtelijke binding in dorpsverband. De eerste dorpsnederzettingen
ontstaan 10.000 jaar geleden.
Deze woonkernen vertoonden reeds een geleding en rond de dorpen waren omwallingen als bescherming
aangelegd. Deze sedentaire levensvorm ging gepaard met het in cultuur brengen van gewassen en het fokken
van dieren.
VAN EEN DORP NAAR EEN STAD
Doordat de stad vooral niet-agrarische productievormen ging concentreren binnen haar territorium kreeg ze
een meer heterogeen uiterlijk dan een dorp.
De steden ontstonden als versterkte nederzettingen waar de handel in landbouwoverschotten van de
vruchtbare gebieden geconcentreerd werd.
Essentieel voor de stadsvorming was de uitvinding van het schrift, 6.000 jaar geleden. Daardoor ontstaan ook
belangrijke technologische vernieuwingen zoals:
- Het catalogeren en in kaart brengen van sterren als belangrijk oriëntatiemiddel.
- De irrigatie van landbouwgronden.
- Het smelten van ijzerhoudende metalen.
- De ontwikkeling van het transport.
Het schrift was belangrijk als communicatiemiddel; het verbeterde transport liet bevoorrading van steden toe
met de overschotten van het platteland.
In de steden is vanaf het ontstaan een sociale organisatie aanwezig, een hiërarchische structuur, als middel van
toezicht en sanctie.
BESLUIT
Essentieel voor het ontstaan van een stad was de ontwikkeling van het schrift en het transport. Zonder
transport en het schrift kan men niet aan handel doen en zonder handel heeft men geen stad.
Van de alleroudste steden in Mesopotamië en Egypte is maar heel weinig bewaard gebleven.
DE GRIEKSE STAD
Bij het ontstaan van de Griekse steden moeten we rekening houden met drie belangrijke invloeden:
- Invloed van de oudste Europese stad Knossos.
- Invloed van de Griekse koloniale steden.
- Invloed van Hippodamus van Milete als grondlegger van de stedenbouw.
, DE OUDSTE EUROPESE STAD KNOSSOS
De oudste Europese stad is Knossos (2.000 v.Chr.)
Rond een rechthoekig plein is het paleis gebouwd waarvan de muren elkaar loodrechts snijden. Rond het paleis
zijn er woningen opgetrokken uit baksteen met een gemiddelde vloeroppervlakte van 100 vierkante meter en
met 2 à 3 bouwlagen ondersteund door zuilen. In de stad is er een waterleiding en riolering voorzien, de wegen
zijn verhard.
De stedelijke plattegronden wijzen op een grootschalige organisatie voor het verdelen van voedselvoorraden
en de distributie van grondstoffen en afgewerkte producten. Toch is er geen rationeel stedenbouwkundig
opzet. De stedelijke groei verliep spontaan.
Ondanks het ontbreken van een stedenbouwkundig opzet, voldeden deze eerste steden aan 3 voorwaarden:
- De stad vormde één geheel, er waren geen afgesloten delen.
- De stad vormde een artificieel geheel, centraal in een natuurlijke omgeving.
- De stad is opgebouwd uit 3 delen:
o Het centrum werd voorzien voor het paleis en de tempels die symbool stonden voor het
bestuurlijke en religieuze aspect van de toen al vrij complexe samenleving.
o Daar rond bevond zich de openbare zone met talloze openbare voorzieningen.
o Aan de rand tenslotte bevond zich de woonzone.
DE GRIEKSE KOLONIALE STEDEN
Vanaf de 8e eeuw v.Chr. breidt Griekenland zich uit en worden steden opgericht aan de kusten van de
Middellandse Zee. Voorbeelden van Griekse koloniale steden zijn Napels en Marseille.
De steden hadden geen duidelijk patroon en toonden aanvankelijk weinig sociale organisatie.
HIPPODAMUS VAN MILETE
Hippodamus van Milete wordt vaak de grondlegger van de stedenbouw genoemd. Milete, zijn geboorteplaats,
is de eerste stad die volgens ‘een plan’ is gebouwd na de verwoesting door de Perzen.
Merk echter op dat het patroon van de Griekse steden, zoals dat je kan terugvinden op het grondplan van
Milete, sterk verschilt van de latere Romeinse raster- of dambordpatronen want:
- Er is geen verband tussen het verloop van de stadsmuren en de stadsplattegrond.
- De omwalling volgt grotendeels het verloop van de hoogtelijnen.
- Er zijn grote open ruimten voor agora en openbare gebouwen.
- Het uitgangspunt voor de geleding was de omvang van het woonblok en niet het wegenpatroon.
In de Griekse stad waren de gebouwen, niet de straten, de dominanten bij uitstek.
BESLUIT
De oudste Europese stad is ontstaan op de kruising van vele handelsroutes.
De woningen groepeerden zich in blokken en deze blokken vormden het de eerste stappen naar een
rasterpatroon.
Men treft nagenoeg geen groenzones aan tussen de stedelijke bebouwing maar wel openbare
ruimten.
De koloniale drang van de Grieken had ook een belangrijke invloed op de uitbouw van de Griekse
steden.
Milete is de eerste stad die volgens ‘een pan’ gebouwd is.
De stad tekende zich duidelijk af van de omgeving door de aanwezige stadsmuren.