Verkennen van het werkveld samenvatting hoofdstuk personen met een
handicap
Vlaams Agentschap voor personen met een Handicap (VAPH)
VAPH is een Intern Verzelfstandigd Agentschap (IVA), en behoort tot het beleidsdomein WVG. De
voogdijminister is Caroline Gennez.
Het VAPH werkt onder andere aan volgende doelstellingen: streeft hierbij naar een zo groot
mogelijke autonomie en levenskwaliteit van PmH:
Behandelt aanvragen van PmH voor tegemoetkomingen voor hulpmiddelen en aanpassingen
aan de woning of wagen en aanvragen voor het persoonsvolgend budget voor meerderjarigen
Toezicht op de besteding van de persoonlijke budgetten;
Erkent en vergunt diensten en voorzieningen die personen met een handicap begeleiden of
opvangen.
Definitie handicap
Definitie handicap stoelt op de Internationale Classificatie van het Menselijk Functioneren (ICF).
3 begrippen worden hierbij gehanteerd:
1. Stoornis
2. Beperkingen
3. Maatschappelijk participatieprobleem.
Het VAPH hanteert een definitie van handicap waarin deze 3 begrippen vervat zitten.
Een stoornis is niet hetzelfde als een ziekte of een aandoening. Stoornis = afwijkingen in of
verlies van functies of anatomische eigenschappen (vb. nieren (nefropathie)).
Het VAPH werkt niet met een lijst van erkende stoornissen.
- Een diagnose is een noodzakelijke maar onvoldoende voorwaarde om te kunnen
spreken van een persoon met een handicap
- Alles hangt af van de impact van de stoornis op de maatschappelijke participatie.
Beperkingen:
het gaat om moeilijkheden die iemand heeft met het uitvoeren van activiteiten als gevolg van
een stoornis. Een stoornis leidt (in principe) tot beperkingen.
Éen van de vuistregels om de ernst van de beperkingen in te schatten, is het beoordelen van de
nood aan hulpmiddelen (bv. om te lezen) of ondersteuning door personen.
Maatschappelijke participatie:
De sociale dimensie van de begrippen stoornissen en beperkingen. De problemen die iemand
heeft met het deelnemen aan het maatschappelijk leven, vb. werk, mobiliteit, onderwijs…
om te voldoen aan de definitie van handicap, is een stoornis hebben een noodzakelijke, maar
onvoldoende voorwaarde.
hetzelfde geldt voor beperkingen en maatschappelijk participatieprobleem.
Volgens de definitie moeten de participatieproblemen, alsook de beperkingen langdurig en
belangrijk zijn:
Langdurig: chronisch of definitief
Belangrijk: nood aan bijzondere ondersteuning, bijzondere omkadering en dergelijke
Definitie handicap VAPH:
Één van de voorwaarden NRTH of hulpmiddelen erkend zijn als persoon met een handicap.
Definitie VAPH:
elk langdurig en belangrijk participatieprobleem van een persoon dat te wijten is aan het
samenspel tussen functiestoornissen van mentale, psychische, lichamelijke of zintuiglijke aard,
beperkingen bij het uitvoeren van activiteiten en persoonlijke en externe factoren.
,Op basis van deze definitie wordt iedere aanvraag apart bekeken. Indien iemand zijn situatie
beantwoordt aan de definitie erkend als Pmh + ondersteuning.
Verstandelijke beperking (handicap):
Voor de bepaling van een verstandelijke handicap of beperking baseert het VAPH zich op
de richtlijnen uit de DSM-5, de AAIDD (American Association on Intellectual and
Developmental Disabilities) en het Classificerend Diagnostisch Protocol.
voor de diagnose verstandelijke handicap moet voldaan worden aan drie criteria:
- het intelligentiecriterium: de persoon heeft een duidelijke beperking in het
intellectueel functioneren. Dat kan aangetoond worden met behulp van een
gestandaardiseerde intelligentietest waarop de persoon een intelligentiequotiënt (IQ)
van 70-75 of lager behaalt → wel rekening houden variaties binnen verschillende
metingen
- het criterium adaptief gedrag: de persoon ondervindt gelijktijdig aanwezige tekorten
in of beperkingen van het huidig aanpassingsgedrag. Bijgevolg slaagt de betrokkene
er niet in te voldoen aan de standaardnormen die bij zijn of haar leeftijd verwacht
kunnen worden binnen zijn of haar culturele achtergrond
- het ontwikkelingscriterium: de intellectuele en adaptieve beperkingen moeten voor
de leeftijd van 22 jaar begonnen zijn. Er moet dus sprake zijn van een
ontwikkelingsstoornis.
Motorische stoornis:
Een onderscheid gemaakt tussen twee verschillende soorten van motorische handicap op basis
van de aard van de stoornis die aan de grondslag ligt van de beperkingen.
- Centrale oorsprong
- Anatomische afwijking
Centrale oorsprong:
- Hersenverlamming/cerebral palsy/cerebrale parese/infantiele encefalopathie
- Spina bifida;
- Verworven ernstige motorische stoornissen.
Anatomische afwijking:
- Kinderverlamming of poliomyelitis
- Afwijkingen van het skelet of de ledematen
Gedrags- en emotionele stoornissen (GES):
GES verzamelnaam voor verschillende stoornissen met externaliserende en internaliserende
gedragskenmerken, die doorgaans op kinderleeftijd of tijdens de adolescentie beginnen.
Voorbeelden zijn:
- Aandachtsstoornissen (AD(H)D)
- Oppositioneel-opstandige gedragsstoornis
- Separatieangststoornis
- Sociale angststoornis op kinderleeftijd
- Selectief mutisme
- Reactieve of ontremde hechtingsstoornis
- Depressieve stoornis bij kinderen.
Niet aangeboren hersenletsel (NAH):
(NAH) → een verzamelnaam voor alle letsels aan de hersenen die ontstaan zijn ten vroegste 6
maanden na de geboorte. Gaat om stoornissen op diverse domeinen:
Motorische functies
Waarneming van zintuiglijke prikkels (auditieve en visuele perceptie)
stem en spraak
, cognitieve functies: oriëntatie, geheugen, denken en intellectuele functies zoals
oordeelsvermogen, abstractievermogen, uitvoerende functies, intelligentie, taal en rekenen
gedrag en emoties
of allerlei combinaties van bovenstaande.
Visuele stoornis:
Zeer veel vormen en gradaties in visuele problemen en aandoeningen naargelang het type
oogafwijking en de mate waarin deze zich voordoet. Diverse subgroepen:
Aandoeningen met een verminderde visus of gezichtsscherpte. Het betreft bijvoorbeeld
aandoeningen van de oogzenuw, hoge myopie of bijziendheid. Er zijn verschillende gradaties
mogelijk. Bij de ergste graad is er geen lichtperceptie meer.
Aandoeningen met gezichtsvelddefecten:
- Centrale gezichtsvelddefecten: de ziekte van Stargardt, maculadegeneratie met
centraal scotoom;
- agnosie: het verlies van het vermogen om personen, voorwerpen, … te herkennen.
Verkennen van het werkveld samenvatting hoofdstuk: Personen met een handicap deel
2
VN verdrag 2006
Het verdrag vertrekt van een burgerschapsmodel:
PmH volwaardige burgers
Gelijke kansen
Inclusief, volwaardig en zonder discriminatie deel uitmaken van de maatschappij
Perspectief 2020
België nam het VN-verdrag in 2009 aan. In 2010 (voormalig) Vlaams minister van Welzijn Jo
Vandeurzen → nota Perspectief 2020 PmH laten uitgroeien tot volwaardige burgers = inclusie.
2 belangrijke doelstellingen tegen 2020 waren:
Zorggarantie voor personen met de zwaarste ondersteuningsnood → personen met een zware
handicap staan te lang op wachtlijsten (residentiële opvang);
Geïnformeerde gebruikers die vraag gestuurde zorg en assistentie ontvangen.
Het concentrische model:
Vanuit Perspectief 2020 verandering nodig in de zorg PVF 2 strategische doelstellingen
zorggarantie en vraag gestuurde zorg.
Als basismodel voor de organisatie van de zorg (in functie van PVF) → model van vijf
concentrische cirkels (gebaseerd op een Amerikaans cirkelmodel).
De idee achter de cirkels vanuit zorg aan personen met een handicap is een gedeelte zorg (geen
statische aangelegenheid) → met als principe “zo gewoon waar mogelijk, uitzonderlijk waar moet.”
, Persoonsvolgende financiering (PVF):
Decreet PVF (25/04/2014). Zorg aan PmH vraaggestuurd gemaakt → één van de pijlers van
perspectief 2020. Iedereen heeft het recht om zijn ondersteuning naar eigen keuze te
organiseren.
Grootste ambitie is de zorggarantie voor personen met de grootste ondersteuningsnood
te garanderen, om dit realiseren:
Uitbreiding RTH
Zorgbudget voor PmH
PmH & omgeving → in staat om zorg en ondersteuning laagdrempelig te organiseren, zonder
dat ze onmiddellijk en noodzakelijk beroep moeten doen op intensieve zorg en ondersteuning.
Rechtstreeks toegankelike hulp (RTH):
RTH is zonder goedkeuring van het VAPH:
Slechts af en nood aan opvang
Een beperkte vorm van ondersteuning is voldoende
Geen aanvraag bij het VAPH of de ITP → rechtstreeks contact met een zorgaanbieder
3 vormen: begeleiding, dagopvang en verblijf.
Alle RTH modules kunnen gecombineerd worden en kunnen naast elkaar tot het maximum van 8
punten (voor uitzondering, puntenberekening en bijdrage)
Begeleiding:
Individuele gesprekken met een begeleider, bv organisatie van huishouden, werksituatie,
opvoeding van de kinderen, budget…
Bij kinderen: gericht op de ontwikkeling van het kind (bv. aanvaarden van de handicap, hoe ermee
omgaan? + de pedagogische en psychosociale ondersteuning van de ouders).
Een gesprek => 1 à 2 uur (keuze tussen ambulante en mobiele begeleiding). Begeleiding is ook
mogelijk via groepsbegeleiding (bv. met het netwerk).
Voorbeeld: Veronique is 26 jaar:
Ze werkt in het maatwerkbedrijf te Oudsbergen, ze heeft een licht verstandelijke beperking, ze
maakt geen gebruik van een PVB, na relatiebreuk woont ze zelfstandig in een appartement in Genk.
Ze redt zich goed, maar heeft weinig mensen (netwerk) waar ze bij terecht kan. Ze doet beroep op
een mobiele begeleiding om na de relatiebreuk haar leven terug op sporen te krijgen (waarna ze
verder kan).
Dagopvang:
RTH is de aanbieder en zorgt voor zinvolle dagbesteding in groep, bv. samen koken, een uitstap
maken etc.
Bv: Guido, jongeman (26) met licht verstandelijke beperking, woont samen met zijn ouders in
Bilzen. Zijn ouders ondersteunen hem in zijn dagelijks leven. Tijdens een geplande
ziekenhuisopname van één van zijn ouders gaat hij 5 volle weekdagen naar dag ondersteuning
(dagcentrum) en wordt hij in het weekend en ‘s avonds door zijn zus opgevangen.
RTH – aanbieder → avond, nacht en ochtend ondersteuning (zowel in de week als in het
weekend).
Bv: Jeffrey overnacht tijdens de jaarlijkse vakantie van zijn ouders 10 dagen in de nachtopvang
(woonondersteuning). Overdag gaat hij bij zijn zus en schoonbroer helpen op de boerderij.
Verblijf ervan: Bij verblijf biedt een RTH-aanbieder ondersteuning in groep en dit tijdens de avond,
de nacht
en de ochtend (dit kan zowel tijdens de week als in het weekend
Zorgbudget voor personen met een handicap:
Voor personen met een erkende handicap en een vastgestelde ondersteuningsnood (jonger dan
65 jaar zijn):
- 300 euro per maand om hulp mee aan te kopen;
handicap
Vlaams Agentschap voor personen met een Handicap (VAPH)
VAPH is een Intern Verzelfstandigd Agentschap (IVA), en behoort tot het beleidsdomein WVG. De
voogdijminister is Caroline Gennez.
Het VAPH werkt onder andere aan volgende doelstellingen: streeft hierbij naar een zo groot
mogelijke autonomie en levenskwaliteit van PmH:
Behandelt aanvragen van PmH voor tegemoetkomingen voor hulpmiddelen en aanpassingen
aan de woning of wagen en aanvragen voor het persoonsvolgend budget voor meerderjarigen
Toezicht op de besteding van de persoonlijke budgetten;
Erkent en vergunt diensten en voorzieningen die personen met een handicap begeleiden of
opvangen.
Definitie handicap
Definitie handicap stoelt op de Internationale Classificatie van het Menselijk Functioneren (ICF).
3 begrippen worden hierbij gehanteerd:
1. Stoornis
2. Beperkingen
3. Maatschappelijk participatieprobleem.
Het VAPH hanteert een definitie van handicap waarin deze 3 begrippen vervat zitten.
Een stoornis is niet hetzelfde als een ziekte of een aandoening. Stoornis = afwijkingen in of
verlies van functies of anatomische eigenschappen (vb. nieren (nefropathie)).
Het VAPH werkt niet met een lijst van erkende stoornissen.
- Een diagnose is een noodzakelijke maar onvoldoende voorwaarde om te kunnen
spreken van een persoon met een handicap
- Alles hangt af van de impact van de stoornis op de maatschappelijke participatie.
Beperkingen:
het gaat om moeilijkheden die iemand heeft met het uitvoeren van activiteiten als gevolg van
een stoornis. Een stoornis leidt (in principe) tot beperkingen.
Éen van de vuistregels om de ernst van de beperkingen in te schatten, is het beoordelen van de
nood aan hulpmiddelen (bv. om te lezen) of ondersteuning door personen.
Maatschappelijke participatie:
De sociale dimensie van de begrippen stoornissen en beperkingen. De problemen die iemand
heeft met het deelnemen aan het maatschappelijk leven, vb. werk, mobiliteit, onderwijs…
om te voldoen aan de definitie van handicap, is een stoornis hebben een noodzakelijke, maar
onvoldoende voorwaarde.
hetzelfde geldt voor beperkingen en maatschappelijk participatieprobleem.
Volgens de definitie moeten de participatieproblemen, alsook de beperkingen langdurig en
belangrijk zijn:
Langdurig: chronisch of definitief
Belangrijk: nood aan bijzondere ondersteuning, bijzondere omkadering en dergelijke
Definitie handicap VAPH:
Één van de voorwaarden NRTH of hulpmiddelen erkend zijn als persoon met een handicap.
Definitie VAPH:
elk langdurig en belangrijk participatieprobleem van een persoon dat te wijten is aan het
samenspel tussen functiestoornissen van mentale, psychische, lichamelijke of zintuiglijke aard,
beperkingen bij het uitvoeren van activiteiten en persoonlijke en externe factoren.
,Op basis van deze definitie wordt iedere aanvraag apart bekeken. Indien iemand zijn situatie
beantwoordt aan de definitie erkend als Pmh + ondersteuning.
Verstandelijke beperking (handicap):
Voor de bepaling van een verstandelijke handicap of beperking baseert het VAPH zich op
de richtlijnen uit de DSM-5, de AAIDD (American Association on Intellectual and
Developmental Disabilities) en het Classificerend Diagnostisch Protocol.
voor de diagnose verstandelijke handicap moet voldaan worden aan drie criteria:
- het intelligentiecriterium: de persoon heeft een duidelijke beperking in het
intellectueel functioneren. Dat kan aangetoond worden met behulp van een
gestandaardiseerde intelligentietest waarop de persoon een intelligentiequotiënt (IQ)
van 70-75 of lager behaalt → wel rekening houden variaties binnen verschillende
metingen
- het criterium adaptief gedrag: de persoon ondervindt gelijktijdig aanwezige tekorten
in of beperkingen van het huidig aanpassingsgedrag. Bijgevolg slaagt de betrokkene
er niet in te voldoen aan de standaardnormen die bij zijn of haar leeftijd verwacht
kunnen worden binnen zijn of haar culturele achtergrond
- het ontwikkelingscriterium: de intellectuele en adaptieve beperkingen moeten voor
de leeftijd van 22 jaar begonnen zijn. Er moet dus sprake zijn van een
ontwikkelingsstoornis.
Motorische stoornis:
Een onderscheid gemaakt tussen twee verschillende soorten van motorische handicap op basis
van de aard van de stoornis die aan de grondslag ligt van de beperkingen.
- Centrale oorsprong
- Anatomische afwijking
Centrale oorsprong:
- Hersenverlamming/cerebral palsy/cerebrale parese/infantiele encefalopathie
- Spina bifida;
- Verworven ernstige motorische stoornissen.
Anatomische afwijking:
- Kinderverlamming of poliomyelitis
- Afwijkingen van het skelet of de ledematen
Gedrags- en emotionele stoornissen (GES):
GES verzamelnaam voor verschillende stoornissen met externaliserende en internaliserende
gedragskenmerken, die doorgaans op kinderleeftijd of tijdens de adolescentie beginnen.
Voorbeelden zijn:
- Aandachtsstoornissen (AD(H)D)
- Oppositioneel-opstandige gedragsstoornis
- Separatieangststoornis
- Sociale angststoornis op kinderleeftijd
- Selectief mutisme
- Reactieve of ontremde hechtingsstoornis
- Depressieve stoornis bij kinderen.
Niet aangeboren hersenletsel (NAH):
(NAH) → een verzamelnaam voor alle letsels aan de hersenen die ontstaan zijn ten vroegste 6
maanden na de geboorte. Gaat om stoornissen op diverse domeinen:
Motorische functies
Waarneming van zintuiglijke prikkels (auditieve en visuele perceptie)
stem en spraak
, cognitieve functies: oriëntatie, geheugen, denken en intellectuele functies zoals
oordeelsvermogen, abstractievermogen, uitvoerende functies, intelligentie, taal en rekenen
gedrag en emoties
of allerlei combinaties van bovenstaande.
Visuele stoornis:
Zeer veel vormen en gradaties in visuele problemen en aandoeningen naargelang het type
oogafwijking en de mate waarin deze zich voordoet. Diverse subgroepen:
Aandoeningen met een verminderde visus of gezichtsscherpte. Het betreft bijvoorbeeld
aandoeningen van de oogzenuw, hoge myopie of bijziendheid. Er zijn verschillende gradaties
mogelijk. Bij de ergste graad is er geen lichtperceptie meer.
Aandoeningen met gezichtsvelddefecten:
- Centrale gezichtsvelddefecten: de ziekte van Stargardt, maculadegeneratie met
centraal scotoom;
- agnosie: het verlies van het vermogen om personen, voorwerpen, … te herkennen.
Verkennen van het werkveld samenvatting hoofdstuk: Personen met een handicap deel
2
VN verdrag 2006
Het verdrag vertrekt van een burgerschapsmodel:
PmH volwaardige burgers
Gelijke kansen
Inclusief, volwaardig en zonder discriminatie deel uitmaken van de maatschappij
Perspectief 2020
België nam het VN-verdrag in 2009 aan. In 2010 (voormalig) Vlaams minister van Welzijn Jo
Vandeurzen → nota Perspectief 2020 PmH laten uitgroeien tot volwaardige burgers = inclusie.
2 belangrijke doelstellingen tegen 2020 waren:
Zorggarantie voor personen met de zwaarste ondersteuningsnood → personen met een zware
handicap staan te lang op wachtlijsten (residentiële opvang);
Geïnformeerde gebruikers die vraag gestuurde zorg en assistentie ontvangen.
Het concentrische model:
Vanuit Perspectief 2020 verandering nodig in de zorg PVF 2 strategische doelstellingen
zorggarantie en vraag gestuurde zorg.
Als basismodel voor de organisatie van de zorg (in functie van PVF) → model van vijf
concentrische cirkels (gebaseerd op een Amerikaans cirkelmodel).
De idee achter de cirkels vanuit zorg aan personen met een handicap is een gedeelte zorg (geen
statische aangelegenheid) → met als principe “zo gewoon waar mogelijk, uitzonderlijk waar moet.”
, Persoonsvolgende financiering (PVF):
Decreet PVF (25/04/2014). Zorg aan PmH vraaggestuurd gemaakt → één van de pijlers van
perspectief 2020. Iedereen heeft het recht om zijn ondersteuning naar eigen keuze te
organiseren.
Grootste ambitie is de zorggarantie voor personen met de grootste ondersteuningsnood
te garanderen, om dit realiseren:
Uitbreiding RTH
Zorgbudget voor PmH
PmH & omgeving → in staat om zorg en ondersteuning laagdrempelig te organiseren, zonder
dat ze onmiddellijk en noodzakelijk beroep moeten doen op intensieve zorg en ondersteuning.
Rechtstreeks toegankelike hulp (RTH):
RTH is zonder goedkeuring van het VAPH:
Slechts af en nood aan opvang
Een beperkte vorm van ondersteuning is voldoende
Geen aanvraag bij het VAPH of de ITP → rechtstreeks contact met een zorgaanbieder
3 vormen: begeleiding, dagopvang en verblijf.
Alle RTH modules kunnen gecombineerd worden en kunnen naast elkaar tot het maximum van 8
punten (voor uitzondering, puntenberekening en bijdrage)
Begeleiding:
Individuele gesprekken met een begeleider, bv organisatie van huishouden, werksituatie,
opvoeding van de kinderen, budget…
Bij kinderen: gericht op de ontwikkeling van het kind (bv. aanvaarden van de handicap, hoe ermee
omgaan? + de pedagogische en psychosociale ondersteuning van de ouders).
Een gesprek => 1 à 2 uur (keuze tussen ambulante en mobiele begeleiding). Begeleiding is ook
mogelijk via groepsbegeleiding (bv. met het netwerk).
Voorbeeld: Veronique is 26 jaar:
Ze werkt in het maatwerkbedrijf te Oudsbergen, ze heeft een licht verstandelijke beperking, ze
maakt geen gebruik van een PVB, na relatiebreuk woont ze zelfstandig in een appartement in Genk.
Ze redt zich goed, maar heeft weinig mensen (netwerk) waar ze bij terecht kan. Ze doet beroep op
een mobiele begeleiding om na de relatiebreuk haar leven terug op sporen te krijgen (waarna ze
verder kan).
Dagopvang:
RTH is de aanbieder en zorgt voor zinvolle dagbesteding in groep, bv. samen koken, een uitstap
maken etc.
Bv: Guido, jongeman (26) met licht verstandelijke beperking, woont samen met zijn ouders in
Bilzen. Zijn ouders ondersteunen hem in zijn dagelijks leven. Tijdens een geplande
ziekenhuisopname van één van zijn ouders gaat hij 5 volle weekdagen naar dag ondersteuning
(dagcentrum) en wordt hij in het weekend en ‘s avonds door zijn zus opgevangen.
RTH – aanbieder → avond, nacht en ochtend ondersteuning (zowel in de week als in het
weekend).
Bv: Jeffrey overnacht tijdens de jaarlijkse vakantie van zijn ouders 10 dagen in de nachtopvang
(woonondersteuning). Overdag gaat hij bij zijn zus en schoonbroer helpen op de boerderij.
Verblijf ervan: Bij verblijf biedt een RTH-aanbieder ondersteuning in groep en dit tijdens de avond,
de nacht
en de ochtend (dit kan zowel tijdens de week als in het weekend
Zorgbudget voor personen met een handicap:
Voor personen met een erkende handicap en een vastgestelde ondersteuningsnood (jonger dan
65 jaar zijn):
- 300 euro per maand om hulp mee aan te kopen;