Hoofdstuk 1: De sociologische verzuchting
Wat is sociologie? Een poging tot definite, die gelukkig mislukt
Definities kunnen worden gebruikt om een verschijnsel vast te leggen, maar ze zijn minder
geschikt om een verschijnsel te begrijpen. (kan wel kennis kernachtig samenvatten, als
men het heeft begrepen)
Zeker het geval bij sociologie.
Sociologie is een levendige wetenschap, die zich geregeld vernieuwt. Deze
wetenschap laat zich dus moeilijk vastleggen.
Wat de sociologie ons leert
De belangrijkste les
Sociologie is een discipline die kijkt naar de wijze waarop mensen samenleven dus de
eindbestemming van de sociologie kan enkel een inzicht in dat samenleven zijn.
Belangrijkste les van sociologie als discipline:
ALLES IS CONTINGENT, MAAR DAAROM NIET ARBITRAIR
= Alles wat we in onze samenleving aantreffen, qua regels, instituten,... had ook anders
kunnen zijn. Dat is het product van onze keuzes en we konden die keuzes ook anders
maken. MAAR het is niet omdat er geen noodzaak is, dat er geen goede reden is waarom
we de dingen doen die we doen.
Contingent: Het is niet noodzakelijk of onmogelijk. Het had dus ook anders kunnen
zijn. Het is voor ons natuurlijk, maar het had allemaal ook anders kunnen evolueren
Bv. het idee van geld: wij gebruiken euro’s of dollars, maar het had evengoed een
ander systeem kunnen zijn.
Niet arbitrair: Er is een goede reden waarom het nu zo is, niet toevallig of
willekeurig. Bv. als ik ineens zou zeggen dat iedereen alleen blauwe sokken mag
dragen zonder dat daar een sociale of culturele reden voor is, is dat arbitrair.
Belangrijk: iets kan afhankelijk zijn van geschiedenis, cultuur of menselijke keuzes
(contingent), maar betekent niet dat het zomaar willekeurig of zinloos is (arbitrair)
Blaise Pascal: ‘Wat geldt als waarheid aan de ene kant van de Pyreneeën, is dwaasheid
aan de andere kant.’
= waarheid is vaak betrekkelijk en afhankelijk van cultuur, context of samenleving.
Contingentie
Howard Becker: ‘Afwijkend gedrag wordt door de samenleving geproduceerd.’
De normen die we hanteren om afwijkend en crimineel gedrag te beoordelen zijn
van sociale oorsprong en verschillen daarom van de ene tot de andere
samenleving.
Bv. verkrachting binnen een huwelijksrelatie bestaat in sommige culturen niet omdat een
man recht heeft op seks, ook tegen haar wil in. In andere culturen primeert instemming
van de vrouw en kan verkrachting binnen een huwelijk dus wel.
Hij maakt duidelijk dat sociologie met betrekking tot het afwijkende gedrag een
dubbele taak heeft:
o Verklaren waarom bepaalde individuen tot afwijkend gedrag komen
o Verklaren waarom bepaalde gedragingen in bepaalde culturen afwijkend zijn
en in andere niet
,Contingent, maar niet arbitrair
Van: Wetten en reglementen opgelegd door God of door de natuur
Bij kennis van contingentie naar: wetten en reglementen gemaakt door mensen zelf
Jean-Jacques Rousseau:
Hoe kan men mensen de wet doen eerbiedigen als ze er zich bewust van worden
dat ze die zelf hebben gemaakt? Wanneer ze beseffen dat ze de wet zelf hebben
gemaakt, gaan ze die niet langer respecteren.
Het is evident dat ze de wetten en reglementen respecteren als ze geloven dat
deze van buitenaf, door God en door de natuur, worden opgelegd.
Mensen zullen wetten pas naleven als religie hen daartoe aanzet en motiveert.
Religies moeten bijdragen tot burgerdeugd: goede, degelijke burgers kweken.
CIVIELE RELIGIES = religies die aandacht voor burgerdeugd centraal stellen
Hij bekritiseerde het christendom omdat ze die taak onvoldoende opnam.
De vraag die Rousseau zich stelde, is nog steeds actueel.
Hoe kan men de mensen ertoe brengen de wet te eerbiedigen als iedereen er zich
van bewust is dat het constructies en conventies zijn?
Rousseau zag enkel religie als oplossing
Karl Marx: ‘Mensen maken hun eigen geschiedenis, maar niet onder de voorwaarden die
ze zelf kiezen’
Nu de vraag: Waarom is het contingente niet arbitrair? zit er een patroon in de variantie?
Waarom volgt de mens een bepaalde regelmaat zelfs als hij zelf de regels maakt?
Antwoord: Verlichting en Tegen-Verlichting
Sociologie wordt gebruikt als poging om de tegenstellingen van de Verlichting en
Tegen-Verlichting te overstijgen
Verlichting
- Tegen religie als handhaver van de orde, voor eigen rede en redeneervermogen.
- Mens moet naar zijn natuur leren leven en heeft de vrijheid om te leven.
- Kennis, van natuur via wetenschap, zal redelijk gedrag bevorderen.
- Rede en wetenschappelijk denken zouden rust, geluk en vooruitgang brengen.
Tegen-Verlichting
- Geen positief beeld van menselijke natuur:
o Redelijk handelen zal leiden tot egoïsme en onrecht
o Wanneer er vrijheid is zullen mensen enkel handelen uit eigenbelang
- Godsdienst en gezag is nodig om de samenleving te redden; zonder geloof:
bijgeloof, blind respect voor traditie, manipuleren met rituelen…
Grondlegger van de sociologie: Auguste Comte
Auguste Comte bedacht de term sociologie.
Pleitte voor een positivistische sociologie: strikt zakelijk, gebaseerd op observatie
en logica. Niet geïnteresseerd in oorsprong, bestemming of bedoeling van de mens,
maar in regelmaat en wetmatigheden in menselijk gedrag die onveranderlijk zijn.
,Hij erkende 3 stadia in de menselijke ontwikkeling:
1) Stadia van het religieuze
o Wereld verklaard via goden
2) Stadia van het metafysische
o Wereld verklaard via abstracte ideeën
3) Stadia van het wetenschappelijke denken
o Wereld verklaard via wetenschap en rede
Hij was een verlichtingsdenker, maar was gevoelig voor argumenten van de T-V
- Hij geloofde niet dat rede automatisch tot een goede samenleving zou leiden.
- Hij stelde in vraag waarom mensen wetten en normen zouden respecteren als zij
inzien dat dit slechts conventies (beperkingen) zijn.
Hij haalde het idee van de T-V dat een maatschappelijke orde niet door individueel redelijk
gedrag of dwang alleen in stand kan worden gehouden, maar dat respect voor de wetten
en de maatschappelijke orde een irrationele grondslag heeft. (Volgens de T-V steunt
dit op bijgeloof, onverklaard respect voor gezag, verleiding door/fascinatie voor rituelen)
Comte vond de visie van de Tegen-Verlichting te slap, omdat het handhaven van
de orde een grootschalig volksbedrog zou betekenen.
Ook de oude religies hadden afgedaan voor Comte; religie moest voor praktische,
maatschappelijke doelstellingen dienen + moet aangepast zijn aan nieuwe inzichten
van het wetenschappelijk denken
Wilde een manier vinden waarop mensen bewust worden van hun rol in het scheppen van
sociale orde, zonder dat alles willekeurig lijkt of enkel door dwang/misleiding kan bestaan.
Oplossing:
- Het menselijk handelen wordt geleid door rede én emoties, en deze moeten samen
juist gekanaliseerd worden om goede, positieve doelen te bereiken.
Daarvoor instelling nodig die rede en emoties samenbrengt en oriënteert.
RELIGIE dus behoefte aan een nieuwe: ‘Religie van de mensheid’-> mens
staat centraal
Debat tussen Habermas en Luhmann
Habermas (1929-…)
Verlichtingsdenker, maar Verlichting is nog een onvolledig proces.
Wetenschappelijke rede kan ons niet zeggen wat we moeten doen (waarden), ze
kan ons wel vertellen hoe we iets moeten aanpakken (procedures).
We moeten open met elkaar communiceren. Iedereen mag zijn mening geven. Men
zal in debat gaan en het eens worden over het beleid. -> wanneer iedereen open is,
hebben we dezelfde mening.
Gevolg: regels en instellingen zijn dan niet langer arbitrair omdat ze zijn gebaseerd
op gedeelde, beargumenteerde keuzes – niet op willekeur of macht.
Luhmann (1927-1998)
Tegen-Verlichtingsdenker
Redelijke mensen kunnen het na een discussie nog steeds oneens zijn -> hij is niet
overtuigd dat iedereen dezelfde mening zal krijgen DUS de samenleving heeft
vaste wetten, tradities,... nodig die keuzemogelijkheden beperken (= vaste
structuren bieden, zorgen dat mensen voorspelbaar handelen,...)
Regels maken samenwerking mogelijk, ook zonder volledige overeenstemming. Bv.
als mensen het niet eens worden over waar een school moet komen, beslist de
gemeenteraad bij meerderheid. Sommigen vinden dat onrechtvaardig, maar
iedereen moet zich eraan houden.
, We moeten met het contingente leren leven, door het arbitraire te aanvaarden via:
o Meerderheidsregel (= een beslissing accepteren omdat de meerderheid
ervoor heeft gestemd)
o Rechtspositivisme (= een wet verdient respect, ongeacht haar inhoud of
doelen, zolang ze maar op een correcte manier tot stand gekomen is)
Beide zijn op zoek naar een wijze waarop we met het besef van contingentie
kunnen omgaan.
Waarom al die zorgen om orde?
Het sociologisch ‘probleem van de orde’ verwijst niet naar het behoud van bestaande
machtsverhoudingen, wetten, regels,… maar naar het behoud van de mogelijkheid om tot
nageleefde regels te komen.
Bv. het doet er niet toe of we links of rechts rijden, maar is wel belangrijk dat we hierover
regels maken en deze naleven.
Hoe komen we tot die nageleefde regels?
Door sociale orde = datgene dat het leven een mate van voorspelbaarheid en
berekenbaarheid geeft, zelfs bij extreme conflicten.
Om de sociale orde te begrijpen moeten we het vanzelfsprekende even problematiseren.
Bv. waarom rijdt de trein naar Rotterdam inderdaad naar Rotterdam?
Vaststelling: zonder beperkingen en het respect voor bepaalde regels, zou het leven
volkomen onvoorspelbaar en onleefbaar worden. Gevolg: een oorlog van allen tegen allen.
De legitimerende derden: Natuur, geschiedenis en samenhang
3 bronnen van niet-contingentie en niet-arbitrariteit:
(= dingen die niet zomaar willekeurig zijn en niet anders had kunnen zijn)
1) Natuur
2) Geschiedenis
3) Samenhang
Natuur
Mensen zijn fysieke organismen met beperkingen (Bv. ouder worden). Die beperkingen
proberen we te verleggen, overwinnen (Bv. levensverwachting verlengt, leren vliegen…)
Sommige gedragingen liggen op de rand van natuur en cultuur Bv. manier waarop emoties
worden uitgedrukt
Onderzoek door Ekman en Friesen die emoties toonden in Nieuw-Guinea (zie H3 AP)
Er wordt naar natuur gegrepen om de menselijke orde te verdedigen. Iets is natuurlijk, dus
het is boven de menselijke willekeur verheven. Iedereen aanvaardt deze orde.
Hayek (1899-1992)
Zegt dat de vrije markt goed is omdat dit “natuurlijk” is voor de mens en aansluit op
onze aangeboren instincten MAAR gebruikt het natuurlijkheidsargument voor een
extreme vrije markt = onwetenschappelijk beroep doen op de natuur
Reactie op onwetenschappelijk beroep op de natuur: sociologen zeiden dat de genetica
niet relevant kon zijn voor het verklaren van het handelen en denken van de mens.
Later beseften onderzoekers dat dit standpunt te beperkt was en dat genetica en
evolutie wél een rol spelen -> evenwichtiger inzicht
We weten dat natuur een bron is van niet-contingente regels, maar we weten niet welke
regels dat zijn we gaan ervan uit dat alles contingent is.
Wat is sociologie? Een poging tot definite, die gelukkig mislukt
Definities kunnen worden gebruikt om een verschijnsel vast te leggen, maar ze zijn minder
geschikt om een verschijnsel te begrijpen. (kan wel kennis kernachtig samenvatten, als
men het heeft begrepen)
Zeker het geval bij sociologie.
Sociologie is een levendige wetenschap, die zich geregeld vernieuwt. Deze
wetenschap laat zich dus moeilijk vastleggen.
Wat de sociologie ons leert
De belangrijkste les
Sociologie is een discipline die kijkt naar de wijze waarop mensen samenleven dus de
eindbestemming van de sociologie kan enkel een inzicht in dat samenleven zijn.
Belangrijkste les van sociologie als discipline:
ALLES IS CONTINGENT, MAAR DAAROM NIET ARBITRAIR
= Alles wat we in onze samenleving aantreffen, qua regels, instituten,... had ook anders
kunnen zijn. Dat is het product van onze keuzes en we konden die keuzes ook anders
maken. MAAR het is niet omdat er geen noodzaak is, dat er geen goede reden is waarom
we de dingen doen die we doen.
Contingent: Het is niet noodzakelijk of onmogelijk. Het had dus ook anders kunnen
zijn. Het is voor ons natuurlijk, maar het had allemaal ook anders kunnen evolueren
Bv. het idee van geld: wij gebruiken euro’s of dollars, maar het had evengoed een
ander systeem kunnen zijn.
Niet arbitrair: Er is een goede reden waarom het nu zo is, niet toevallig of
willekeurig. Bv. als ik ineens zou zeggen dat iedereen alleen blauwe sokken mag
dragen zonder dat daar een sociale of culturele reden voor is, is dat arbitrair.
Belangrijk: iets kan afhankelijk zijn van geschiedenis, cultuur of menselijke keuzes
(contingent), maar betekent niet dat het zomaar willekeurig of zinloos is (arbitrair)
Blaise Pascal: ‘Wat geldt als waarheid aan de ene kant van de Pyreneeën, is dwaasheid
aan de andere kant.’
= waarheid is vaak betrekkelijk en afhankelijk van cultuur, context of samenleving.
Contingentie
Howard Becker: ‘Afwijkend gedrag wordt door de samenleving geproduceerd.’
De normen die we hanteren om afwijkend en crimineel gedrag te beoordelen zijn
van sociale oorsprong en verschillen daarom van de ene tot de andere
samenleving.
Bv. verkrachting binnen een huwelijksrelatie bestaat in sommige culturen niet omdat een
man recht heeft op seks, ook tegen haar wil in. In andere culturen primeert instemming
van de vrouw en kan verkrachting binnen een huwelijk dus wel.
Hij maakt duidelijk dat sociologie met betrekking tot het afwijkende gedrag een
dubbele taak heeft:
o Verklaren waarom bepaalde individuen tot afwijkend gedrag komen
o Verklaren waarom bepaalde gedragingen in bepaalde culturen afwijkend zijn
en in andere niet
,Contingent, maar niet arbitrair
Van: Wetten en reglementen opgelegd door God of door de natuur
Bij kennis van contingentie naar: wetten en reglementen gemaakt door mensen zelf
Jean-Jacques Rousseau:
Hoe kan men mensen de wet doen eerbiedigen als ze er zich bewust van worden
dat ze die zelf hebben gemaakt? Wanneer ze beseffen dat ze de wet zelf hebben
gemaakt, gaan ze die niet langer respecteren.
Het is evident dat ze de wetten en reglementen respecteren als ze geloven dat
deze van buitenaf, door God en door de natuur, worden opgelegd.
Mensen zullen wetten pas naleven als religie hen daartoe aanzet en motiveert.
Religies moeten bijdragen tot burgerdeugd: goede, degelijke burgers kweken.
CIVIELE RELIGIES = religies die aandacht voor burgerdeugd centraal stellen
Hij bekritiseerde het christendom omdat ze die taak onvoldoende opnam.
De vraag die Rousseau zich stelde, is nog steeds actueel.
Hoe kan men de mensen ertoe brengen de wet te eerbiedigen als iedereen er zich
van bewust is dat het constructies en conventies zijn?
Rousseau zag enkel religie als oplossing
Karl Marx: ‘Mensen maken hun eigen geschiedenis, maar niet onder de voorwaarden die
ze zelf kiezen’
Nu de vraag: Waarom is het contingente niet arbitrair? zit er een patroon in de variantie?
Waarom volgt de mens een bepaalde regelmaat zelfs als hij zelf de regels maakt?
Antwoord: Verlichting en Tegen-Verlichting
Sociologie wordt gebruikt als poging om de tegenstellingen van de Verlichting en
Tegen-Verlichting te overstijgen
Verlichting
- Tegen religie als handhaver van de orde, voor eigen rede en redeneervermogen.
- Mens moet naar zijn natuur leren leven en heeft de vrijheid om te leven.
- Kennis, van natuur via wetenschap, zal redelijk gedrag bevorderen.
- Rede en wetenschappelijk denken zouden rust, geluk en vooruitgang brengen.
Tegen-Verlichting
- Geen positief beeld van menselijke natuur:
o Redelijk handelen zal leiden tot egoïsme en onrecht
o Wanneer er vrijheid is zullen mensen enkel handelen uit eigenbelang
- Godsdienst en gezag is nodig om de samenleving te redden; zonder geloof:
bijgeloof, blind respect voor traditie, manipuleren met rituelen…
Grondlegger van de sociologie: Auguste Comte
Auguste Comte bedacht de term sociologie.
Pleitte voor een positivistische sociologie: strikt zakelijk, gebaseerd op observatie
en logica. Niet geïnteresseerd in oorsprong, bestemming of bedoeling van de mens,
maar in regelmaat en wetmatigheden in menselijk gedrag die onveranderlijk zijn.
,Hij erkende 3 stadia in de menselijke ontwikkeling:
1) Stadia van het religieuze
o Wereld verklaard via goden
2) Stadia van het metafysische
o Wereld verklaard via abstracte ideeën
3) Stadia van het wetenschappelijke denken
o Wereld verklaard via wetenschap en rede
Hij was een verlichtingsdenker, maar was gevoelig voor argumenten van de T-V
- Hij geloofde niet dat rede automatisch tot een goede samenleving zou leiden.
- Hij stelde in vraag waarom mensen wetten en normen zouden respecteren als zij
inzien dat dit slechts conventies (beperkingen) zijn.
Hij haalde het idee van de T-V dat een maatschappelijke orde niet door individueel redelijk
gedrag of dwang alleen in stand kan worden gehouden, maar dat respect voor de wetten
en de maatschappelijke orde een irrationele grondslag heeft. (Volgens de T-V steunt
dit op bijgeloof, onverklaard respect voor gezag, verleiding door/fascinatie voor rituelen)
Comte vond de visie van de Tegen-Verlichting te slap, omdat het handhaven van
de orde een grootschalig volksbedrog zou betekenen.
Ook de oude religies hadden afgedaan voor Comte; religie moest voor praktische,
maatschappelijke doelstellingen dienen + moet aangepast zijn aan nieuwe inzichten
van het wetenschappelijk denken
Wilde een manier vinden waarop mensen bewust worden van hun rol in het scheppen van
sociale orde, zonder dat alles willekeurig lijkt of enkel door dwang/misleiding kan bestaan.
Oplossing:
- Het menselijk handelen wordt geleid door rede én emoties, en deze moeten samen
juist gekanaliseerd worden om goede, positieve doelen te bereiken.
Daarvoor instelling nodig die rede en emoties samenbrengt en oriënteert.
RELIGIE dus behoefte aan een nieuwe: ‘Religie van de mensheid’-> mens
staat centraal
Debat tussen Habermas en Luhmann
Habermas (1929-…)
Verlichtingsdenker, maar Verlichting is nog een onvolledig proces.
Wetenschappelijke rede kan ons niet zeggen wat we moeten doen (waarden), ze
kan ons wel vertellen hoe we iets moeten aanpakken (procedures).
We moeten open met elkaar communiceren. Iedereen mag zijn mening geven. Men
zal in debat gaan en het eens worden over het beleid. -> wanneer iedereen open is,
hebben we dezelfde mening.
Gevolg: regels en instellingen zijn dan niet langer arbitrair omdat ze zijn gebaseerd
op gedeelde, beargumenteerde keuzes – niet op willekeur of macht.
Luhmann (1927-1998)
Tegen-Verlichtingsdenker
Redelijke mensen kunnen het na een discussie nog steeds oneens zijn -> hij is niet
overtuigd dat iedereen dezelfde mening zal krijgen DUS de samenleving heeft
vaste wetten, tradities,... nodig die keuzemogelijkheden beperken (= vaste
structuren bieden, zorgen dat mensen voorspelbaar handelen,...)
Regels maken samenwerking mogelijk, ook zonder volledige overeenstemming. Bv.
als mensen het niet eens worden over waar een school moet komen, beslist de
gemeenteraad bij meerderheid. Sommigen vinden dat onrechtvaardig, maar
iedereen moet zich eraan houden.
, We moeten met het contingente leren leven, door het arbitraire te aanvaarden via:
o Meerderheidsregel (= een beslissing accepteren omdat de meerderheid
ervoor heeft gestemd)
o Rechtspositivisme (= een wet verdient respect, ongeacht haar inhoud of
doelen, zolang ze maar op een correcte manier tot stand gekomen is)
Beide zijn op zoek naar een wijze waarop we met het besef van contingentie
kunnen omgaan.
Waarom al die zorgen om orde?
Het sociologisch ‘probleem van de orde’ verwijst niet naar het behoud van bestaande
machtsverhoudingen, wetten, regels,… maar naar het behoud van de mogelijkheid om tot
nageleefde regels te komen.
Bv. het doet er niet toe of we links of rechts rijden, maar is wel belangrijk dat we hierover
regels maken en deze naleven.
Hoe komen we tot die nageleefde regels?
Door sociale orde = datgene dat het leven een mate van voorspelbaarheid en
berekenbaarheid geeft, zelfs bij extreme conflicten.
Om de sociale orde te begrijpen moeten we het vanzelfsprekende even problematiseren.
Bv. waarom rijdt de trein naar Rotterdam inderdaad naar Rotterdam?
Vaststelling: zonder beperkingen en het respect voor bepaalde regels, zou het leven
volkomen onvoorspelbaar en onleefbaar worden. Gevolg: een oorlog van allen tegen allen.
De legitimerende derden: Natuur, geschiedenis en samenhang
3 bronnen van niet-contingentie en niet-arbitrariteit:
(= dingen die niet zomaar willekeurig zijn en niet anders had kunnen zijn)
1) Natuur
2) Geschiedenis
3) Samenhang
Natuur
Mensen zijn fysieke organismen met beperkingen (Bv. ouder worden). Die beperkingen
proberen we te verleggen, overwinnen (Bv. levensverwachting verlengt, leren vliegen…)
Sommige gedragingen liggen op de rand van natuur en cultuur Bv. manier waarop emoties
worden uitgedrukt
Onderzoek door Ekman en Friesen die emoties toonden in Nieuw-Guinea (zie H3 AP)
Er wordt naar natuur gegrepen om de menselijke orde te verdedigen. Iets is natuurlijk, dus
het is boven de menselijke willekeur verheven. Iedereen aanvaardt deze orde.
Hayek (1899-1992)
Zegt dat de vrije markt goed is omdat dit “natuurlijk” is voor de mens en aansluit op
onze aangeboren instincten MAAR gebruikt het natuurlijkheidsargument voor een
extreme vrije markt = onwetenschappelijk beroep doen op de natuur
Reactie op onwetenschappelijk beroep op de natuur: sociologen zeiden dat de genetica
niet relevant kon zijn voor het verklaren van het handelen en denken van de mens.
Later beseften onderzoekers dat dit standpunt te beperkt was en dat genetica en
evolutie wél een rol spelen -> evenwichtiger inzicht
We weten dat natuur een bron is van niet-contingente regels, maar we weten niet welke
regels dat zijn we gaan ervan uit dat alles contingent is.