Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Examen

Alle examenvragen uitgebreid uitgewerkt

Note
-
Vendu
1
Pages
33
Grade
9-10
Publié le
22-01-2026
Écrit en
2025/2026

Dit is een document met alle examenvragen die ik van goederenrecht heb kunnen terugvinden. De vragen zijn uitgebreid uitgewerkt en geeft hierdoor ook meteen een samenvatting van de belangrijkste zaken.












Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Infos sur le Document

Publié le
22 janvier 2026
Nombre de pages
33
Écrit en
2025/2026
Type
Examen
Contient
Questions et réponses

Sujets

Aperçu du contenu

Examenvragen goederenrecht : oplossingen

Antwoord met WAAR of ONWAAR en motiveer.
Een vader heeft een duur renpaard in eigendom en wil deze schenken aan zijn
kinderen onder voorbehoud van vruchtgebruik. De vraag was of het mogelijk is om
een vruchtgebruik te vestigen op een renpaard? Vruchtgebruik op dier is mogelijk?

WAAR, het vestigen van een vruchtgebruik op een renpaard is wettelijk mogelijk.

• Toepassing van het goederenrecht op dieren: Hoewel dieren volgens artikel 3.38 BW
worden onderscheiden van voorwerpen en personen, bepaalt artikel 3.39 BW
uitdrukkelijk dat de bepalingen met betrekking tot lichamelijke voorwerpen op dieren
van toepassing zijn. Hierbij moet wel rekening worden gehouden met hun
gevoelsvermogen, biologische noden en specifieke wetgeving ter bescherming van
dieren.

• Definitie van goederen: Een paard is vatbaar voor toe-eigening en valt daarmee
onder de ruime definitie van goederen zoals omschreven in artikel 3.41 BW.

• Voorwerp van vruchtgebruik: Vruchtgebruik kan worden gevestigd op om het even
welk goed dat in de handel is, inclusief lichamelijke roerende goederen (art. 3.138
BW). Een renpaard is een lichamelijk roerend goed.

• Vruchten van dieren: De bronnen bevestigen het bestaan van vruchtgebruik op dieren
indirect door te stellen dat nieuw geboren dieren en voortbrengselen van dieren als
vruchten worden beschouwd, wat essentieel is voor het genotsrecht van de
vruchtgebruiker.

• Praktijkvoorbeeld: vruchtgebruiker van een paard
ð spanningsveld tussen de vruchtgebruiker (die het dier wil gebruiken/laten
opbrengen) en de blote eigenaar (die wil dat het dier in goede staat blijft)

Kortom, omdat een dier juridisch wordt gelijkgesteld met een lichamelijk voorwerp
voor wat betreft het zakelijk recht, kan er een vruchtgebruik op worden gevestigd

Eigenares van een schilderij laat haar schilderij herstellen maar overlijdt en kon deze aldus
niet ophalen. De hersteller is zeker eigenaar geworden en mag deze verkopen.

ONWAAR.

Hoewel de hersteller onder bepaalde voorwaarden het schilderij mag verkopen, wordt hij niet
automatisch eigenaar van het goed.

,• Status van de hersteller: De hersteller is een detentor (houder) en geen bezitter. Hij heeft het
schilderij onder zich voor herstel, maar erkent de eigendom van een ander en heeft dus niet de
bedoeling (animus) om zelf eigenaar te zijn.

• Procedure voor verkoop (Art. 3.60 BW): Een hersteller aan wie zaken zijn toevertrouwd,
mag deze niet zomaar verkopen. Hij moet de eigenaar (of in dit geval de erfgenamen) eerst
via een aangetekende zending verzoeken om het schilderij op te halen. Pas één jaar na deze
aangetekende zending verkrijgt de hersteller de bevoegdheid om het goed te doen verkopen.

• Bestemming van de opbrengst: De hersteller mag niet de volledige opbrengst van de
verkoop houden. Hij mag enkel zijn eigen schuldvordering (de kosten van het herstel) van de
opbrengst aftrekken. Het eventuele saldo moet hij uitkeren aan de eigenaar (of de
erfgenamen). Als de woonplaats van de eigenaar onbekend is, moet het saldo op een aparte
rekening worden geplaatst en vervalt het na vijf jaar aan de Schatkist.

• Geen eigendomsovergang: De wet verleent de hersteller dus een beschikkingsbevoegdheid
om zijn kosten te recupereren, maar maakt hem geen eigenaar van het object zelf. Het
eigendomsrecht van de overleden eigenares gaat bij haar overlijden van rechtswege over op
haar erfgenamen, niet op de hersteller.

Kortom, de stelling is onjuist omdat de hersteller geen eigenaar wordt en enkel mag verkopen
na het volgen van een strikte wettelijke procedure en een wachttijd van één jaar.


De titularis van een eigendomsvoorbehoud heeft een recht van voorrang om te worden
betaald in geval van samenloop situatie zich voordoet bij zijn schuldenaar, wanneer zijn
schuldvordering niet is volstaan.

ONWAAR

Hoewel de titularis van een eigendomsvoorbehoud beschermd is in een situatie van
samenloop, is de juridische kwalificatie van deze bescherming anders dan een "recht van
voorrang".

• Eigendom blijft buiten de samenloop: Volgens artikel 3.5 BW blijven het eigendomsrecht,
de mede-eigendom en de zakelijke gebruiksrechten buiten de samenloop die ontstaat door de
insolvabiliteit van een derde. De titularis van een eigendomsvoorbehoud is nog steeds de
eigenaar van het goed en kan dit goed dus terugvorderen (revindiceren) omdat het juridisch
niet tot het vermogen van de schuldenaar behoort.

• Recht van voorrang is voor zakelijke zekerheden: Het zijn de zakelijke zekerheden (zoals
een pand of hypotheek) die de titularis een recht van voorrang geven op de verkoopopbrengst
van hun onderpand. In dat geval wordt het goed wel verkocht binnen de samenloop, maar
krijgt de schuldeiser als eerste de centen.

• Tegenwerpelijkheid: Een eigendomsvoorbehoud is tegenwoordig wel tegenwerpelijk in alle
gevallen van samenloop, zoals geregeld in de Pandwet en nu geïntegreerd in het Burgerlijk
Wetboek.

,Conclusie: Het antwoord is onwaar omdat de eigenaar (via eigendomsvoorbehoud) buiten de
samenloop blijft en dus niet louter een "recht van voorrang" heeft om uit de verkoopopbrengst
betaald te worden, wat het kenmerk is van zakelijke zekerheden


Een hypotheek werd gevestigd in 1993. Er wordt een verkoopovereenkomst gesloten in 2024,
moet de notaris toestemming vragen aan de bank?

Een hypothecaire inschrijving blijft in de registers van het kantoor Rechtszekerheid gedurende
dertig jaar van kracht.

Indien de schuldeiser de tegenwerpelijkheid van dit recht voor een langere periode wil
behouden, moet de hernieuwing van de inschrijving worden aangevraagd vóórdat deze
oorspronkelijke termijn van dertig jaar is verstreken.

Met betrekking tot de casus waarin de hypotheek werd gevestigd in 1993 en de verkoop
plaatsvindt in 2024:
• Berekening van de termijn: Tussen 1993 en 2024 zijn 31 jaar verstreken, wat de wettelijke
termijn van dertig jaar overschrijdt.
• Gevolgen voor de notaris: Indien de bank de hypotheek niet tijdig heeft hernieuwd (vóór
2023), is de inschrijving vervallen en is de hypotheek niet langer tegenwerpelijk aan
derden, zoals de koper in de verkoopovereenkomst. In dat specifieke geval hoeft de notaris de
bank niet om toestemming te vragen omdat de zakelijke zekerheid ten aanzien van de
koper is uitgedoofd.

• Uitzondering: Indien de bank de inschrijving wél tijdig heeft hernieuwd, blijft de hypotheek
tegenwerpelijk en moet de notaris de bank wel degelijk betrekken om een handlichting
(toestemming tot schrapping) te verkrijgen voor een verkoop vrij van lasten.

In de algemene veronderstelling dat er geen hernieuwing heeft plaatsgevonden na 31 jaar, is
het antwoord op de vraag of de notaris toestemming moet vragen dus: neen, tenzij de
inschrijving werd hernieuwd


Een vruchtgebruiker die een huurovereenkomst had afgesloten maar de vruchtgebruiker
overleed. Wat moet men doen met die huurovereenkomst, loopt die nog door?

Wanneer een vruchtgebruiker overlijdt, heeft dit directe gevolgen voor de
huurovereenkomsten die hij of zij had afgesloten.

Beëindiging van het vruchtgebruik: het vruchtgebruik is een tijdelijk recht dat in principe
eindigt bij het overlijden van de vruchtgebruiker. Op dat moment wassen de rechten van de
vruchtgebruiker (gebruik en genot) weer aan bij de blote eigendom, waardoor de blote
eigenaar de volledige eigenaar wordt. (aanwas VG bij BE) (VG+BE= VE)

Lot van de huurovereenkomst: voor vruchtgebruiken die zijn ontstaan na 1 september 2021,
gelden de regels van het nieuwe goederenrecht:

, • Huur tegen betaling (ten bezwarende titel): Een gewone huurovereenkomst waarvoor huur
wordt betaald, loopt na het overlijden nog door voor de resterende duurtijd, maar maximaal
tot drie jaar na het einde van het vruchtgebruik.

• Huur om niet (gratis): Gebruiksrechten die de vruchtgebruiker gratis aan derden had
verleend, eindigen onmiddellijk bij het einde van het vruchtgebruik (dus bij het overlijden).

• Rol van de eigenaar: om te vermijden dat de huur na drie jaar stopt, is het raadzaam om de
blote eigenaar bij het afsluiten van de huurovereenkomst te betrekken. Als de eigenaar de
huur mee heeft ondertekend of erkend, is deze voor de volledige duur tegenwerpelijk.

Oud recht (Vóór 1 september 2021)
ð Indien het vruchtgebruik al bestond vóór 1 september 2021, is er een belangrijke
breuk met het verleden. Onder de oude wetgeving bleven huurovereenkomsten nog
doorlopen voor de lopende periode van negen jaar waarin men zich bevond op het
moment van overlijden.
Conclusie: de huurovereenkomst loopt dus niet onbeperkt door. Onder het huidige recht
moet de blote eigenaar de huur nog maximaal drie jaar dulden na het overlijden van de
vruchtgebruiker, tenzij hij zelf partij was bij de overeenkomst


Als een recht van uitweg gevestigd wordt vervalt deze na 30 jaar onbruik ook al is er een
ingeslotenheid?

NEE, een recht van uitweg is een wettelijke erfdienstbaarheid die gekoppeld is aan de
noodzaak (de ingeslotenheid) van het perceel, en niet aan het loutere gebruik ervan.

• Geen verjaring door onbruik bij blijvende ingeslotenheid: De wettelijke erfdienstbaarheid
van uitweg houdt pas op wanneer deze niet meer noodzakelijk is.
ð ongeacht de duurtijd dat de uitweg al dan niet is gebruikt
ð "wat ook de duurtijd van deze uitweg is geweest"

• Onderscheid met recht van overgang: Er moet een duidelijk onderscheid worden gemaakt
tussen het recht van uitweg (wettelijk) en het recht van overgang (gevestigd door menselijk
handelen). Terwijl een conventioneel recht van overgang wél kan tenietgaan door een onbruik
van 30 jaar (bevrijdende verjaring), blijft een recht van uitweg bestaan zolang de insluiting
voortduurt.

• Beëindiging door rechter: De enige manier waarop een recht van uitweg vervalt, is
wanneer de insluiting een einde neemt. Daarnaast kan een uitweg die werd verleend voor
een toekomstige bestemming vervallen als die bestemming niet binnen de 10 jaar wordt
uitgevoerd, maar dit staat los van de algemene 30-jarige onbruik bij blijvende ingeslotenheid.

Samenvattend: Zolang een perceel ingesloten blijft en de uitweg noodzakelijk is voor het
normale gebruik ervan, vervalt het recht van uitweg niet, zelfs niet na 30 jaar onbruik.
€10,86
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
CVstudent Vrije Universiteit Brussel
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
30
Membre depuis
3 année
Nombre de followers
21
Documents
11
Dernière vente
6 heures de cela

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions