Arbeids-en organisatiepsychologie
HST 1: persoonlijkheid en waarden
Deel 1: persoonlijkheid
1. wat is persoonlijkheid?
Persoonlijkheid als psychologisch construct
Optelsom vd manieren waarop individu reageert op en interageert
met anderen
Betrekkelijk constante manieren van reageren of handelen in
verschillende situaties
o Waarneembare trekken
o Komt tot uiting in gedrag
o In verschillende situaties (stabiliteit)
Persoonlijkheid wordt beschreven via persoonlijkheidstrekken =
kenmerkende trekken die zich in verschillende situaties in iemands gedrag tonen
2. modellen/testen
2.1. big 5
O
h
n
e
p
m
E id
sta ë
c
C
u
rx
lo
bV
jk
v
Vriendelijkheid = altruïsme
Iedereen bevat deze eigenschappen in
bepaalde maten en krijgt een score op elke factor
Big 5 wordt wetenschappelijk ondersteund
1
,Emotionele stabiliteit vs neurocitisme
Emotionele stabiliteit Neurocitisme
Zelfvertrouwen Angstig, snel onzeker, te
Weerbaar tegen stress waakzaam
Niet erg snel uit hun lood te Sneller negatief
slaan Tegenovergestelde van
Tegenovergestelde van emotioneel stabiel
neurotisch
Extravert vs introvert
Extravert Introvert
Graag mensen om zich heen Gereserveerd
Assertief, opkomen voor Minder spraakzaam
zichzelf Liever alleen
Sociaal Meer verlegen
Werken graag samen, nood
aan contact
Vriendelijkheid/ atruïsme
Hoge score Lage score
Gericht op ander Eerder kil
Niet egoïstisch Afstandelijk
Vertrouwen mensen Competitief (goede verkopers
Werken goed samen zijn soms wat minder vriendelijk
Komen soms te kritisch over
Openheid (intellectuele nieuwsgierigheid)
Hoge score Lage score
Interesse in nieuwe dingen en Conventioneel, traditioneel
ervaringen Hechten belang aan het
Creatief bekende
Nieuwsgierig (open-minded) Minder open-minded
Minder conventioneel (vinden Vinden regels goed en
regels vervelend, vinden dat gemakkelijk
iedereen zijn eigen ding moet
kunnen doen)
2
,Consciëntieusheid
= altijd handig om te hebben als je ergens bent, gemiddeld genomen
belangrijkste van de 5
Hoge score TE hoge score
Verantwoordelijk Te star zijn, te veel aandacht
Volhardend, planmatig voor procedures
Georganiseerd, niet snel Nooit tevreden zijn, jezelf
afgeleid veel risico opleggen met risico tot
Procedures volgen (weten burn- out
wat ze moeten doen)
2.1.1. BIG 5 werkgedrag
2.2. MBTI
/
3
, 3. overige persoonlijkheidseigenschappen
3.1. zelfbeeld
= hoe je denkt over jezelf, op een schaal van negatief/ laag tot positief/
hoog
Hoog/positief zelfbeeld hangt samen met positieve werkuitkomsten,
succesvol presteren
Zelfzeker
Hoge doelen stellen
Geloof in controle over hun omgeving
Valkuil: té hoog zelfbeeld kan negatief zijn
3.2. locus of control
= plaats van de controle
Locus of control = mate waarin mensen geloven dat ze hun lot/ leven zelf
onder controle hebben, zelf verantwoordelijk zijn voor falen en succes
Interne LOC: geloof dat je zelf verantwoordelijk bent voor succes en
falen, door je eigen gedrag en kenmerken
Externe LOC: geloof dat succes en falen te wijten zijn aan factoren
buiten jezelf: geluk, toeval, anderen,…
4. duistere drietal/ dark triad
3 sociaal onwenselijke persoonlijkheidskenmerken die
Bij iedereen meer/minder aanwezig zijn
Tot uiting komen als we onder druk staan
Ongepaste reactie teweeg brengen
4.1. psychopathologie
≠ geestesziekte
= weinig schuldgevoel bij schade aan anderen berokkenen, hiervan genieten
Bedrog
Sluwheid
Weinig empathie
Normen niet volgen
Impulsief
Bewust anderen kleineren
Relevantie voor gedrag in organisaties
4
HST 1: persoonlijkheid en waarden
Deel 1: persoonlijkheid
1. wat is persoonlijkheid?
Persoonlijkheid als psychologisch construct
Optelsom vd manieren waarop individu reageert op en interageert
met anderen
Betrekkelijk constante manieren van reageren of handelen in
verschillende situaties
o Waarneembare trekken
o Komt tot uiting in gedrag
o In verschillende situaties (stabiliteit)
Persoonlijkheid wordt beschreven via persoonlijkheidstrekken =
kenmerkende trekken die zich in verschillende situaties in iemands gedrag tonen
2. modellen/testen
2.1. big 5
O
h
n
e
p
m
E id
sta ë
c
C
u
rx
lo
bV
jk
v
Vriendelijkheid = altruïsme
Iedereen bevat deze eigenschappen in
bepaalde maten en krijgt een score op elke factor
Big 5 wordt wetenschappelijk ondersteund
1
,Emotionele stabiliteit vs neurocitisme
Emotionele stabiliteit Neurocitisme
Zelfvertrouwen Angstig, snel onzeker, te
Weerbaar tegen stress waakzaam
Niet erg snel uit hun lood te Sneller negatief
slaan Tegenovergestelde van
Tegenovergestelde van emotioneel stabiel
neurotisch
Extravert vs introvert
Extravert Introvert
Graag mensen om zich heen Gereserveerd
Assertief, opkomen voor Minder spraakzaam
zichzelf Liever alleen
Sociaal Meer verlegen
Werken graag samen, nood
aan contact
Vriendelijkheid/ atruïsme
Hoge score Lage score
Gericht op ander Eerder kil
Niet egoïstisch Afstandelijk
Vertrouwen mensen Competitief (goede verkopers
Werken goed samen zijn soms wat minder vriendelijk
Komen soms te kritisch over
Openheid (intellectuele nieuwsgierigheid)
Hoge score Lage score
Interesse in nieuwe dingen en Conventioneel, traditioneel
ervaringen Hechten belang aan het
Creatief bekende
Nieuwsgierig (open-minded) Minder open-minded
Minder conventioneel (vinden Vinden regels goed en
regels vervelend, vinden dat gemakkelijk
iedereen zijn eigen ding moet
kunnen doen)
2
,Consciëntieusheid
= altijd handig om te hebben als je ergens bent, gemiddeld genomen
belangrijkste van de 5
Hoge score TE hoge score
Verantwoordelijk Te star zijn, te veel aandacht
Volhardend, planmatig voor procedures
Georganiseerd, niet snel Nooit tevreden zijn, jezelf
afgeleid veel risico opleggen met risico tot
Procedures volgen (weten burn- out
wat ze moeten doen)
2.1.1. BIG 5 werkgedrag
2.2. MBTI
/
3
, 3. overige persoonlijkheidseigenschappen
3.1. zelfbeeld
= hoe je denkt over jezelf, op een schaal van negatief/ laag tot positief/
hoog
Hoog/positief zelfbeeld hangt samen met positieve werkuitkomsten,
succesvol presteren
Zelfzeker
Hoge doelen stellen
Geloof in controle over hun omgeving
Valkuil: té hoog zelfbeeld kan negatief zijn
3.2. locus of control
= plaats van de controle
Locus of control = mate waarin mensen geloven dat ze hun lot/ leven zelf
onder controle hebben, zelf verantwoordelijk zijn voor falen en succes
Interne LOC: geloof dat je zelf verantwoordelijk bent voor succes en
falen, door je eigen gedrag en kenmerken
Externe LOC: geloof dat succes en falen te wijten zijn aan factoren
buiten jezelf: geluk, toeval, anderen,…
4. duistere drietal/ dark triad
3 sociaal onwenselijke persoonlijkheidskenmerken die
Bij iedereen meer/minder aanwezig zijn
Tot uiting komen als we onder druk staan
Ongepaste reactie teweeg brengen
4.1. psychopathologie
≠ geestesziekte
= weinig schuldgevoel bij schade aan anderen berokkenen, hiervan genieten
Bedrog
Sluwheid
Weinig empathie
Normen niet volgen
Impulsief
Bewust anderen kleineren
Relevantie voor gedrag in organisaties
4