Begrippen financieel management
Agencyproblematiek Een probleem tussen opdrachtgever en -nemer waarbij er sprake is
van tegengestelde belangen en asymmetrische informatie.
Agencykost Kosten voor het meten van de activiteiten van een werknemer die
deze in opdracht van een leidinggevende uitvoert.
Autofinanciering Via het reserveren van winsten, waarmee wij op het vlak komen
van de dividendpolitiek van een onderneming.
Extern eigen vermogen Financiële middelen die worden aangetrokken buiten de
onderneming. (kapitaalinbreng bij oprichting en
kapitaalsverhoging)
Extern vreemd vermogen Hieronder vallen bijvoorbeeld de bankkredieten, het
leverancierskrediet, een leasing-schuld, …
Netto contante waarde Wordt gebruikt als er wordt gekeken of een project of investering
dei ze zouden kunnen doen winstgevend is.
Algemene boekhouding Biedt een globaal beeld van de financiële toestand van een
onderneming, per periode of jaar.
Beleidsboekhouding Werpt een blik op de toekomst aan de hand van historische
gegevens. Levert een bedrijf informatie die moet helpen om betere
beslissingen te nemen. Is gericht op de interne rapportering.
Analytische boekhouding Een verfijning van het boeken van kosten en/of opbrengsten. Het
voegt informatie toe aan de boekingen in termen van
kostenplaatsen en kostensoorten.
Kost Een opgeofferd middel om een welbepaald doel te bereiken.
kostenobject Een item waarvoor specifieke meting van kosten gewenst is.
Proportioneel variabele kost Kosten die recht evenredig met de bedrijfskunde schommelen. Vb.
grondstoffen voor massaproductie
Degressief variabele kost Nemen verhoudingsgewijs minder sterk toe dan het volume. Vb.
grondstofprijs daalt bij groter volume
Progressief variabele kost Stijgen verhoudingsgewijs sterker dan het volume. Vb. loonkost
inclusief de toeslag voor overuren
Break-even Het punt waarbij de totale opbrengsten gelijk zijn aan de totale
kosten.
Contributiemarge De marge die overblijft voor het dekken van de vaste kosten en
mogelijks voor het behalen van winst.
Operationele Gebruikt de vaste kosten voor het vergroten van de effecten van
hefboomwerking omzetveranderingen op het bedrijfsresultaat.
Voorcalculatie Kostprijsberekening naar aanleiding van offertes of met oog op
beslissingen omtrent het zelf produceren dan wel uitbesteden.
Nacalculatie Kostprijsberekening hernemen na effectieve productie en/of
verkoop.
Costdriver Elke factor waarvan de wijziging een invloed heeft op de totale kost
van het kostenobject.
Integrale kostprijs Bevat alle kosten van een organisatie, doorbelast in verschillende
kostprijzen. De integrale kostprijs baseert zich op de directe en
indirecte kosten, waarbij de indirecte kosten versleuteld worden
via omslagsleutels.
Jaarrekening Jaarlijks te publiceren overzicht van de financiële situatie van een
, bedrijf of organisatie.
Balans Momentopname; geeft de vermogenstoestand weer van een
onderneming op het einde van het boekjaar.
Resultatenrekening Geeft een overzicht van de kosten en opbrengsten van een
onderneming gedurende een bepaalde periode.
Geconsolideerde Balans en resultatenrekening van een moeder- en
jaarrekening dochtervennootschap samengevoegd tot één geheel.
Consolidatiebepaling Toepassing op vennootschappen met rechtsvorm van een
handelsvennootschap naar Belgisch recht en op openbare
instellingen naar Belgisch recht die statutaire opdracten vervullen
van commerciële, financiële of industriële aard.
Consortium Een onderneming onder centrale leiding zonder moeder-dochter
relatie.
Geassocieerde vennootschap Vennootschap die behoort tot de consolidatiekring, bezit een
deelneming dat zij een invloed van betekenis uitoefent op de
oriëntatie van het beleid.
Integrale consolidatie Alle posten A, P, K en O van moeder- en dochterondernemingen,
komen integraal in de geconsolideerde jaarrekening, ongeacht het
deelnemingspercentage van de moeder in de dochter.
Evenredige consolidatie Alle posten A, P, K en O van een dochteronderneming komen in de
geconsolideerde jaarrekening a rato van het
deelnemingspercentage dat de moeder in de dochter bezit.
Equity method Herwaardeert de deelnemingen die de geconsolideerde
onderneming aanhoudt.
Vermogensmutatiemethode Vaak omschreven als een one-line consolidation, daar slechts één
bedrag, op één lijn gerapporteerd wordt in de geconsolideerde
balans van de consoliderende vennootschap.
Solvabiliteit Toont de mate waarin een onderneming beschikt over voldoende
eigen vermogen tegenover het totale vermogen.
Liquiditeit Toont de mate waarin een onderneming in staat is om te voldoen
aan haar financiële verplichtingen op korte termijn.
Rendabiliteit Toont de winstgevendheid van een onderneming.
EBIT De winst vóór aftrek van intresten en belastingen en stemt overeen
met de bedrijfswinst.
EBITDA De winst vóór aftrek van belastingen, intresten, afschrijvingen en
waardevermindering.
budget Een budget vormt de kwantitatieve uitdrukking van een plan dat
het management voor een bepaalde periode vooropstelt en
ondersteunt bijgevolg de implementatie en opvolging van dat plan.
Continue budgetten Budgetten die altijd beschikbaar blijven voor een volledige termijn.
masterbudget Vormt een basisplan omtrent wat de onderneming wenst te
bereiken in de budgetteringsperiode en omvat zowel operationele
als financiële plannen.
Operationele plannen hebben betrekking op beslissingen hoe de
onderneming beste de beperkte middelen gebruikt die beschikbaar
zijn.
De financiële plannen tonen hoeveel en welke financiële middelen
daarvoor nodig zijn.
Activity based budgettering Focust op de gebudgetteerde kosten van de vereiste activiteiten
Agencyproblematiek Een probleem tussen opdrachtgever en -nemer waarbij er sprake is
van tegengestelde belangen en asymmetrische informatie.
Agencykost Kosten voor het meten van de activiteiten van een werknemer die
deze in opdracht van een leidinggevende uitvoert.
Autofinanciering Via het reserveren van winsten, waarmee wij op het vlak komen
van de dividendpolitiek van een onderneming.
Extern eigen vermogen Financiële middelen die worden aangetrokken buiten de
onderneming. (kapitaalinbreng bij oprichting en
kapitaalsverhoging)
Extern vreemd vermogen Hieronder vallen bijvoorbeeld de bankkredieten, het
leverancierskrediet, een leasing-schuld, …
Netto contante waarde Wordt gebruikt als er wordt gekeken of een project of investering
dei ze zouden kunnen doen winstgevend is.
Algemene boekhouding Biedt een globaal beeld van de financiële toestand van een
onderneming, per periode of jaar.
Beleidsboekhouding Werpt een blik op de toekomst aan de hand van historische
gegevens. Levert een bedrijf informatie die moet helpen om betere
beslissingen te nemen. Is gericht op de interne rapportering.
Analytische boekhouding Een verfijning van het boeken van kosten en/of opbrengsten. Het
voegt informatie toe aan de boekingen in termen van
kostenplaatsen en kostensoorten.
Kost Een opgeofferd middel om een welbepaald doel te bereiken.
kostenobject Een item waarvoor specifieke meting van kosten gewenst is.
Proportioneel variabele kost Kosten die recht evenredig met de bedrijfskunde schommelen. Vb.
grondstoffen voor massaproductie
Degressief variabele kost Nemen verhoudingsgewijs minder sterk toe dan het volume. Vb.
grondstofprijs daalt bij groter volume
Progressief variabele kost Stijgen verhoudingsgewijs sterker dan het volume. Vb. loonkost
inclusief de toeslag voor overuren
Break-even Het punt waarbij de totale opbrengsten gelijk zijn aan de totale
kosten.
Contributiemarge De marge die overblijft voor het dekken van de vaste kosten en
mogelijks voor het behalen van winst.
Operationele Gebruikt de vaste kosten voor het vergroten van de effecten van
hefboomwerking omzetveranderingen op het bedrijfsresultaat.
Voorcalculatie Kostprijsberekening naar aanleiding van offertes of met oog op
beslissingen omtrent het zelf produceren dan wel uitbesteden.
Nacalculatie Kostprijsberekening hernemen na effectieve productie en/of
verkoop.
Costdriver Elke factor waarvan de wijziging een invloed heeft op de totale kost
van het kostenobject.
Integrale kostprijs Bevat alle kosten van een organisatie, doorbelast in verschillende
kostprijzen. De integrale kostprijs baseert zich op de directe en
indirecte kosten, waarbij de indirecte kosten versleuteld worden
via omslagsleutels.
Jaarrekening Jaarlijks te publiceren overzicht van de financiële situatie van een
, bedrijf of organisatie.
Balans Momentopname; geeft de vermogenstoestand weer van een
onderneming op het einde van het boekjaar.
Resultatenrekening Geeft een overzicht van de kosten en opbrengsten van een
onderneming gedurende een bepaalde periode.
Geconsolideerde Balans en resultatenrekening van een moeder- en
jaarrekening dochtervennootschap samengevoegd tot één geheel.
Consolidatiebepaling Toepassing op vennootschappen met rechtsvorm van een
handelsvennootschap naar Belgisch recht en op openbare
instellingen naar Belgisch recht die statutaire opdracten vervullen
van commerciële, financiële of industriële aard.
Consortium Een onderneming onder centrale leiding zonder moeder-dochter
relatie.
Geassocieerde vennootschap Vennootschap die behoort tot de consolidatiekring, bezit een
deelneming dat zij een invloed van betekenis uitoefent op de
oriëntatie van het beleid.
Integrale consolidatie Alle posten A, P, K en O van moeder- en dochterondernemingen,
komen integraal in de geconsolideerde jaarrekening, ongeacht het
deelnemingspercentage van de moeder in de dochter.
Evenredige consolidatie Alle posten A, P, K en O van een dochteronderneming komen in de
geconsolideerde jaarrekening a rato van het
deelnemingspercentage dat de moeder in de dochter bezit.
Equity method Herwaardeert de deelnemingen die de geconsolideerde
onderneming aanhoudt.
Vermogensmutatiemethode Vaak omschreven als een one-line consolidation, daar slechts één
bedrag, op één lijn gerapporteerd wordt in de geconsolideerde
balans van de consoliderende vennootschap.
Solvabiliteit Toont de mate waarin een onderneming beschikt over voldoende
eigen vermogen tegenover het totale vermogen.
Liquiditeit Toont de mate waarin een onderneming in staat is om te voldoen
aan haar financiële verplichtingen op korte termijn.
Rendabiliteit Toont de winstgevendheid van een onderneming.
EBIT De winst vóór aftrek van intresten en belastingen en stemt overeen
met de bedrijfswinst.
EBITDA De winst vóór aftrek van belastingen, intresten, afschrijvingen en
waardevermindering.
budget Een budget vormt de kwantitatieve uitdrukking van een plan dat
het management voor een bepaalde periode vooropstelt en
ondersteunt bijgevolg de implementatie en opvolging van dat plan.
Continue budgetten Budgetten die altijd beschikbaar blijven voor een volledige termijn.
masterbudget Vormt een basisplan omtrent wat de onderneming wenst te
bereiken in de budgetteringsperiode en omvat zowel operationele
als financiële plannen.
Operationele plannen hebben betrekking op beslissingen hoe de
onderneming beste de beperkte middelen gebruikt die beschikbaar
zijn.
De financiële plannen tonen hoeveel en welke financiële middelen
daarvoor nodig zijn.
Activity based budgettering Focust op de gebudgetteerde kosten van de vereiste activiteiten