© Kato Van de Velde
Economie:
H2: producenten:
2.1 de bepaling van de optimale productiegrootte:
optimale productiegrootte = bij welke productieomvang de winst maximaal is
TW = TO – TK
TO = hoeveelheid producten x prijs (Q x P)
TK = ingezette productiefactoren x vergoeding (prijs)
omzet = totale opbrengst (geld) (afzet x prijs)
afzet = hoeveelheid verkochte producten (volume)
productiefunctie = geeft verband weer tussen omvang van de productie & hoeveelheid
ingezette productiefactoren
korte termijn: productiecapaciteit blijft constant
lange termijn: alle kosten en productiefactoren worden variabel
output producten
productiviteit =
input productiefactoren
productiecapaciteit = hoeveel je max. kan produceren met machines & personeel dat je hebt
2.2 de wet van de toenemende & afnemende
meeropbrengst:
gemiddelde productiviteit (GP) = gemiddelde opbrengst van 1 eenheid van productiefactor
totale productie
formule: GP =
aantal arbeiders
totale productie (TP) = opbrengst van ingezette productiefactoren gedurende bepaalde tijd
som van alle eindproducten- & diensten
marginale productie (MP) = meeropbrengst wanneer hoeveelheid van variabele
productiefactor met 1 eenheid toeneemt
∆ totale productie
formule: MP =
∆ arbeiders
evolutie TP: als er 0 arbeiders werken, is er geen opbrengst
evolutie MP & GP:
zolang MP > GP, stijgt GP
zolang MP < GP, daalt GP
wet van toe- & afnemende schaalopbrengsten = als men aan constant gehouden
productiefactor toevoegt, TP is eerst meer
dan evenredig & dan minder dan evenredig
toeneemt met variabele productiefactor
1
, © Kato Van de Velde
2.3 het kostenverloop:
productiekosten = voor elke werknemer, elke machine & elke kg grondstof moet men
bepaalde prijs betalen
2.3.1 de totale constante kosten:
totale constante kosten (TCK) = blijven per tijdsperiode onveranderlijk binnen gegeven
productiecapaciteit & veranderen niet met omvang van
productie
som van alle vaste kosten
constante kosten = kosten die je hebt ongeacht productie
variabele kosten = evolueren mee met aantal stuks dat je produceert
lijn van TCK verloopt horizontaal omdat deze kosten niet veranderen als men meer of minder
produceert
2.3.2 de totale variabele kosten:
totale variabele kosten (TVK) = wel afhankelijk van productie
formule: VK per product x aantal eenheden (Q)
degressief= toename van productie leidt tot minder evenredige kosten
zolang TP meer dan evenredig toeneemt, verlopen TVK degressief stijgend
wanneer TP evenredig toeneemt, stijgen TVK evenredig
van zodra TP minder dan evenredig toeneemt, verlopen TVK progressief stijgend
2.3.3 de totale kosten:
totale kosten (TK) = som van totale constante kosten & totale variabele kosten
2
Economie:
H2: producenten:
2.1 de bepaling van de optimale productiegrootte:
optimale productiegrootte = bij welke productieomvang de winst maximaal is
TW = TO – TK
TO = hoeveelheid producten x prijs (Q x P)
TK = ingezette productiefactoren x vergoeding (prijs)
omzet = totale opbrengst (geld) (afzet x prijs)
afzet = hoeveelheid verkochte producten (volume)
productiefunctie = geeft verband weer tussen omvang van de productie & hoeveelheid
ingezette productiefactoren
korte termijn: productiecapaciteit blijft constant
lange termijn: alle kosten en productiefactoren worden variabel
output producten
productiviteit =
input productiefactoren
productiecapaciteit = hoeveel je max. kan produceren met machines & personeel dat je hebt
2.2 de wet van de toenemende & afnemende
meeropbrengst:
gemiddelde productiviteit (GP) = gemiddelde opbrengst van 1 eenheid van productiefactor
totale productie
formule: GP =
aantal arbeiders
totale productie (TP) = opbrengst van ingezette productiefactoren gedurende bepaalde tijd
som van alle eindproducten- & diensten
marginale productie (MP) = meeropbrengst wanneer hoeveelheid van variabele
productiefactor met 1 eenheid toeneemt
∆ totale productie
formule: MP =
∆ arbeiders
evolutie TP: als er 0 arbeiders werken, is er geen opbrengst
evolutie MP & GP:
zolang MP > GP, stijgt GP
zolang MP < GP, daalt GP
wet van toe- & afnemende schaalopbrengsten = als men aan constant gehouden
productiefactor toevoegt, TP is eerst meer
dan evenredig & dan minder dan evenredig
toeneemt met variabele productiefactor
1
, © Kato Van de Velde
2.3 het kostenverloop:
productiekosten = voor elke werknemer, elke machine & elke kg grondstof moet men
bepaalde prijs betalen
2.3.1 de totale constante kosten:
totale constante kosten (TCK) = blijven per tijdsperiode onveranderlijk binnen gegeven
productiecapaciteit & veranderen niet met omvang van
productie
som van alle vaste kosten
constante kosten = kosten die je hebt ongeacht productie
variabele kosten = evolueren mee met aantal stuks dat je produceert
lijn van TCK verloopt horizontaal omdat deze kosten niet veranderen als men meer of minder
produceert
2.3.2 de totale variabele kosten:
totale variabele kosten (TVK) = wel afhankelijk van productie
formule: VK per product x aantal eenheden (Q)
degressief= toename van productie leidt tot minder evenredige kosten
zolang TP meer dan evenredig toeneemt, verlopen TVK degressief stijgend
wanneer TP evenredig toeneemt, stijgen TVK evenredig
van zodra TP minder dan evenredig toeneemt, verlopen TVK progressief stijgend
2.3.3 de totale kosten:
totale kosten (TK) = som van totale constante kosten & totale variabele kosten
2