ORGANISATIE
1. INLEIDING
1.1. OPZET
ECTS-fiche : leerdoelen :
Belangrijkste internationale en regionale organisaties kennen + historische wording +
actueel functioneren
Per organisatie belangrijkste kenmerken: functie, lidmaatschap, besluitvorming,
instrumenten,… beschrijven en vergelijken
Deze inzichten toepassen op reële cases: actuele gebeurtenissen in verband brengen en
analyseren, op een genuanceerde manier nadenken over de mogelijkheden en
beperkingen van internationale en regionale organisaties
1.2 . BASISCONCEPTEN
BIG 7 SOEVEREINITEIT
INTERNATIONALE Dit jaar : bijzondere aandacht voor dekolonisatie
ORGANISATIE
LIBERALE INTERNATIONALE
ORDE
REGIME COMPLEX
GLOBAL GOVERNANCE
GLOBALISERING
POLITISERING
1.2.1 SOEVEREINITEIT
Soevereiniteit = Het hoogste gezag, gekoppeld aan een staat (= actor) met een
staatshoofd (Staatsoevereiniteit). De regering is exclusief bevoegd om het gezag over dat
bepaald grondgebied uit te oefenen
Soevereiniteit :
regering heeft staatsrechten: Bevoegd over het maken, aanpassen en
schrappen van wetten.
Regering heeft plichten: verantwoordelijkheid beschermen burgers tegen genocide,
Oorlogsmisdaden en misdaden tegen de mensheid (primaire verantwoordelijkheid
staat, secundaire verantwoordelijkheid internationale gemeenschap)
De vrede van westfalen (1648) resulteert in het statensysteem. Dit is een keuze
van het Westen. Eerst was er een focus op rechten, sinds deze eeuw verschuift de focus
naar plichten.
Voorbeeld : Britse rijk : Rijksappel (Sovereign’s Orb) als symbool voor de soevereiniteit van
The Queen en King Charles III Appel werd kleiner want Britse rijk wordt kleiner door
dekolonisatie. Brits grondgebied is complex. Lang geleden veel groter grondgebied,
hoogtepunt na WO1 (‘Brittania rules the waves’)
Waarom imperialisme: Cristianity, Civilization, Commerce
2 restanten van het Britse Rijk:
1. Britse Overzeese gebieden (met Britse soevereiniteit) zie les 13
1
, 2. The Commonwealth of Nations = internationale organisatie met 56 staten (zonder
Britse Soevereiniteit)
Actualiteit: Trump wil Canada als 51st State en betwist zo de soevereiniteit van dit gebied
(ook Rusland-Oekraïne)
Actualiteit: Commonwealth, Britse soevereiniteit wordt in vraag gesteld in kader
dekolonisatie, landen willen eigen soevereiniteit, moeilijk in context Brexit
1.2.2 INTERGOEVERNEMENTELE ORGANISATIE (IGO)
Definitie:
Intergouvernementele organisatie (IGO) = Organizations that include at least 3 states
as members, that have activities in several states, and that are created through a formal
intergovernmental agreement such as a treaty, charter or statute.
DUS: voldoet aan 3 criteria: 1. Minimum 3 staten als leden
2. Toepassingsgebied in meerdere staten
3. Oprichtingsdocument
Staten zijn de kernactoren!
Er bestaan meer dan 260 IGO’s, Bvb : UN, WHO (globaal), IMF, EU, ASEAN (regionaal) (pas
op! Niet alle organisaties zijn IGO’s: G7 bvb niet, want niet formeel vastgelegd op papier)
Velen zijn jong, klein en Europees
Groot deel: zombies: organisaties met een werking, maar weinig vooruitgang
Klein deel zijn zo goed als dood: ze bestaan, maar zonder zichtbare activiteit
De selectie van organisaties die we bespreken worden onderverdeeld:
Deel 1: Universele organisaties (alle landen vd wereld)
Brug: Groepen
Deel 2: regionale organisaties
Belangrijk! Verwachtingsmanagement! We hebben vaak grote verwachtingen van
IGO’s, maar zoals een kip geen melk geeft en een koe geen eieren legt, moeten we rekening
houden met het mandaat, de bevoegdheden en beperkingen van elke IGO. Kijk naar ‘the
nature’ van de organisatie.
Kunstwerken verwijzen naar transformatie door middel van IGO’s wat een droom en
verwachting creëert.
De VN
Vaak teleurstelling over werking, maar denk aan mandaat en beperkingen.
Een kritische houding is goed, maar met 2 vragen als uitgangspunt:
Welke VN? De VN is een lappendeken van organen/actoren (complex)
Hoe hebben we de VN vorm gegeven? (delegatie; cf. VN als wereld van Staten)
Belang van Nuance/differentiatie: “Dé VN bestaat niet” (veel VNen)
Pluspunten Minpunten
Shaping agenda's Dealing with state's internal
Generating and spreading idea's struggles
Providing data Enforcing international rules and
Setting promoting and monitoring decisions
goals Coordinating a wide variety of
Undertaking adaptations and actors
reforms Reacting quickly to crisis
developping new forms of Managing long-term Projects on
governance behalf of broad goals
2
, *Niet allemaal van buiten kennen
Wat is een staat?
Binnen het internationaal recht duidelijk en afgebakend volgens vaste criteria
Definitie: the state = a person of international law should posses the following
qualifications: a permanent population, a defined territory, government and the
capacity to enter into relations with the other states. (Montevideo Convention 1933)
DUS:
1. Permanente bevolking
2. Afgebakend territorium
3. Regering
4. Vermogen om betrekkingen aan te gaan met andere staten
Binnen de internationale politiek is het complexer, grijze zone (denk aan Palestina)
Het denken in termen van Staten en staatsoevereiniteit is een Westerse keuze, een
Westfaalse constructie. Maar belangrijk Westerse bril in vraag te stellen. Deze visie wordt
niet noodzakelijk ondersteund in andere delen van de wereld, ook niet binnen de Westerse
geschiedenis.
Andere organisatievormen: Kalifaat – Sultanaat – Emiraat
De Islamitische Staat is een kalifaat, maar noemt zichzelf ook een staat voor de prestige en
erkenning als onderdeel van de internationale gemeenschap. Ze willen eigenlijk af van dat
Westerse idee van staat, maar doen het ook als reactie op de bepaling van grenzen door
Westerse mogendheden. DUS: tegenreactie, contestatie.
Actualiteit: Tegenwoordig steeds meer actoren die contesteren en de hele liberale orde, het
hele systeem willen wegvegen/omgooien. De liberale orde staat onder druk.
1.2.3 LIBERALE INTERNATIONALE ORDE (LIO)
De liberale internationale orde = Een Westerse wereldorde, uitgetekend na WW1, het
wereldhandboek geschreven met soevereiniteit als inkt
gebaseerd op regels (Rule-based)
onder het leiderschap van de VS
gericht op vrede en welvaart
Gebaseerd op liberale ideeën (politiek en economisch)
Gebaseerd op samenwerking (multilaterale organisaties)
Niet zwart-wit, maar in evolutie: 3 evoluerende versies van ‘liberal internationalism’. Veel
nuance.
Vandaag steeds meer contestatie van de Internationale liberale orde en het
wereldhandboek.
Staat onder druk, zowel van binnenuit (nieuw bvb. Trump) als van buitenaf (bvb. BRICS
landen). Steeds complexer.
Nieuwe mantra: Multipolariteit: er zijn veel spelers die machtig zijn (China, Rusland, India,
Saoudi arabië, Zuid-Afrika,…). De zoektocht naar multipolariteit leidt tot hervorming en
nieuwe organisaties (zeker in de regio Azië). De VN heeft financiële problemen
verplaatsing werklast naar Afrika (wordt versch geframed)
Atualiteit:
3
, o ontmoeting Putin, Xi en Kim Jong-Un als rechtstreekse uitdaging voor de
liberale wereldorde.
o Macron die waarschuwt voor de bedreiging van de LIO.
o Trump stapt uit verschillende internationale organisaties en stopt
financiering. Sommige andere landen volgen dat voorbeeld.
o VN wordt 80, maar het is een verjaardag in mineur: financiële problemen
1.2.4 GLOBAL GOVERNANCE
Definitie:
Global Governance = a multi-level collection of governance related activities, rules,
mechanisms, formal and informal, public and private, existing in the world today
De complexiteit van internationale relaties kan gevat worden met 2 concepten:
(1) Global goverance (oud concept): idee: IOs als onderdeel van complex web
van actoren
(2) Regimecomplex (nieuw concept): idee: IOs als onderdeel van zéér complex
web van actoren
Internationale organisaties zijn maar een stukje van internationale politiek. De complexiteit
van internationale politiek probeert met in het handboek op 2 manieren duidelijk te maken:
door te spreken over varieteiten en actoren.
Er bestaan veel verschillende variëteiten: Internationale structuren en mechanismen
(waaronder internationale organisaties), internationale regels en wetten, internationale
normen, ad hoc groepen, arrangementen en conferenties, internationale regimes en
regimecomplexen,….
Er bestaan ook veel actoren: staten (icl. Subnationaal en regionaal), IGO’s (incl.
administraties), NGO’s, Experten en epistemic communities, Netwerken en
partnerschappen, Multinationale bedrijven, private actoren (bv big tech-companies),…
Vanaf 1990: Systemische verandering (globalisering, technologie, einde KO,…) leidt tot
reflectie in ‘academia’ en beleid over bestuur en beleid
Conclusie: “Er is geen global government, maar global governance”, dus: geen
wereldregering , wel een meerlagige en dus complexe vorm van bestuur
1.2.5 GLOBALISERING
Globalisering is niet global governance !
Globalisering = De wereld als dorp, meer en diepere contacten tussen verschillende delen
van de wereld.
Het proces van toenemende interconnectiviteit waardoor gebeurtenissen
in één deel van
d de wereld invloed hebben op volken en samenlevingen ver weg
In de geschiedeins reeds golven van meer en diepere internationale contacten en weer
minder (deglobalisering). Het is niet enkel Trump die het globaliseringsdenken onder druk
zet, maar heeft met zijn protectionisme wel een belangrijke impuls gegeven. Ook corona, de
financiële crisis en de energiecrisis hebben bijgedragen aan het idee van deglobalisering.
Slowbalisering: nieuwe vergelijkbare term van het vertragen van globalisering
1.2.6 REGIME COMPLEX
Hot topic !
Regime complexen = Beleid is niet (langer) voorrecht van enkele IO, maar krijgt vorm in
een web van actoren met overlappend lidmaatschap en taken. Dit web bestaat niet enkel uit
4