Probleem 1:
Vignet A:
(A1) Organizational Structure
Lecture:
THE THREE LEVELS OF ORGANISATIONAL PSYCHOLOGY:
1. Individual level / micro level
a. What happens in the mind, cognitions, emotions and behaviour of a person
2. Group level / meso level
3. Organisational level / macro level
a. Studies the whole organisation as a unity
b. During the course we start with the more abstract / macro level
, Jex, S. M., & Britt, T.W. (2014). Chapter 13.
THREE THEORIES OF ORGANISATIONAL STRUCTURING:
1. Classic theories: classic principles of structuring (Fayol):
a. Alle Classic Principles bij elkaar vallen onder Administrative Managment.
De principles moeten gelijk zijn voor iedere manager en worden daarom ook
wel managment functies worden genoemd (Tabel 13.1)
b. De meeste van de principles (1 t/m 11) lijken op de principes van een Ideal
Bureacracy, waarbij de autoriteit binnen de parameters van de baan (en niet
van de supervisor) ligt. Dit betekent dat supervisors aan hetzelfde onderdeel
van de taak werken als werknemers (principle 1: division of work). Verder
zijn de beloningen in deze structuur voornamelijk gebaseerd op bijdrage wat
zorgt voor een fairness of pay (principle 11). De structuur maakt gebruik van
veel regels en procedures met een narrow span of control waarbij er maar
weinig werknemers zijn die direct naar de manager mogen rapporteren.
c. Administrative Managment had 3 belangrijke toevoegingen op de Ideal
Bureacracy: Stability of Tenure of Personnel, Initiative en Esprit de Corps.
d. Een andere benaming voor Administrative Management is Theory X
Management, waarbij ervanuit gegaan wordt dat mensen een genetische
dislike zouden hebben voor werk. Werknemers zouden daarom continu
gedwongen en gemonitord moeten worden.
e. De Classic Theories zouden het menselijk aspect / element negeren (kritiek)
wat zorgde voor de opkomst van Humanistic Theories.
Vignet A:
(A1) Organizational Structure
Lecture:
THE THREE LEVELS OF ORGANISATIONAL PSYCHOLOGY:
1. Individual level / micro level
a. What happens in the mind, cognitions, emotions and behaviour of a person
2. Group level / meso level
3. Organisational level / macro level
a. Studies the whole organisation as a unity
b. During the course we start with the more abstract / macro level
, Jex, S. M., & Britt, T.W. (2014). Chapter 13.
THREE THEORIES OF ORGANISATIONAL STRUCTURING:
1. Classic theories: classic principles of structuring (Fayol):
a. Alle Classic Principles bij elkaar vallen onder Administrative Managment.
De principles moeten gelijk zijn voor iedere manager en worden daarom ook
wel managment functies worden genoemd (Tabel 13.1)
b. De meeste van de principles (1 t/m 11) lijken op de principes van een Ideal
Bureacracy, waarbij de autoriteit binnen de parameters van de baan (en niet
van de supervisor) ligt. Dit betekent dat supervisors aan hetzelfde onderdeel
van de taak werken als werknemers (principle 1: division of work). Verder
zijn de beloningen in deze structuur voornamelijk gebaseerd op bijdrage wat
zorgt voor een fairness of pay (principle 11). De structuur maakt gebruik van
veel regels en procedures met een narrow span of control waarbij er maar
weinig werknemers zijn die direct naar de manager mogen rapporteren.
c. Administrative Managment had 3 belangrijke toevoegingen op de Ideal
Bureacracy: Stability of Tenure of Personnel, Initiative en Esprit de Corps.
d. Een andere benaming voor Administrative Management is Theory X
Management, waarbij ervanuit gegaan wordt dat mensen een genetische
dislike zouden hebben voor werk. Werknemers zouden daarom continu
gedwongen en gemonitord moeten worden.
e. De Classic Theories zouden het menselijk aspect / element negeren (kritiek)
wat zorgde voor de opkomst van Humanistic Theories.