Politicologie
Hoofdstuk 5: Politieke participatie & sociale bewegingen
Wat is politieke participatie?
Alle mogelijke manieren waarop burgers hun voorkeuren & eisen signaleren aan
politieke besluitvormers, en druk uitoefenen omdat zij tegemoetkomen aan hun
eisen en voorkeuren.
2 componenten aan politieke participatie;
- Informatie geven
Voorbeeld: Vorige verkiezingen “signaal van de kiezer”
- Politieke druk uitoefenen
Voorbeeld van politieke participatie:
- Opkomstplicht
- Referendum
- Staking
- Openbrief
- Petities
Verschillende actiemiddelen:
- Conventionele actiemiddelen
Georganiseerd door de overheid/politieke elite
Voorbeeld: Stemmen, lid worden van een partij, …
- Niet-conventionele actiemiddelen
Georganiseerd door participanten zelf (= stoorvermogen)
Voorbeeld: Betogingen, stakingen, petities, sit-ins, …
- Nieuwe actiemiddelen
Voorbeeld: Sociale media, consumptie/boycot
= Is niet zo effectief
, Welke patronen bestaan in politieke participatie?
Patroon 1: De meeste mensen zijn niet politiek actief
Patroon 2: Er zijn ongelijkheden over politieke participatie
- Ongelijkheden naargelang onderwijs, inkomen, geslacht, leeftijd, etnisch-
culturele origine, ...
- Waarom participeren mensen (niet)?
- Ze kunnen (niet): kennis, vaardigheden, tijd, geld
- Ze willen (niet): interesse, gevoel van machteloosheid
- Ze worden (niet) gevraagd: netwerken, organisaties
Diploma democratie? Mensen met een diploma nemen enkel deel aan de
politiek
Situatieschets: Zouden mensen nog gaan stemmen als er geen opkomstplicht
was?
Patroon 3: Er is een achteruitgang in conventionele participatie
- (Traditionele) partijen verliezen leden
- Partijleden zijn minder actief
- Opkomst bij verkiezingen daalt
Patroon 4: Er is een verschuiving richting niet-conventionele vormen van
participatie
- Vooral bij jongeren
Hoofdstuk 5: Politieke participatie & sociale bewegingen
Wat is politieke participatie?
Alle mogelijke manieren waarop burgers hun voorkeuren & eisen signaleren aan
politieke besluitvormers, en druk uitoefenen omdat zij tegemoetkomen aan hun
eisen en voorkeuren.
2 componenten aan politieke participatie;
- Informatie geven
Voorbeeld: Vorige verkiezingen “signaal van de kiezer”
- Politieke druk uitoefenen
Voorbeeld van politieke participatie:
- Opkomstplicht
- Referendum
- Staking
- Openbrief
- Petities
Verschillende actiemiddelen:
- Conventionele actiemiddelen
Georganiseerd door de overheid/politieke elite
Voorbeeld: Stemmen, lid worden van een partij, …
- Niet-conventionele actiemiddelen
Georganiseerd door participanten zelf (= stoorvermogen)
Voorbeeld: Betogingen, stakingen, petities, sit-ins, …
- Nieuwe actiemiddelen
Voorbeeld: Sociale media, consumptie/boycot
= Is niet zo effectief
, Welke patronen bestaan in politieke participatie?
Patroon 1: De meeste mensen zijn niet politiek actief
Patroon 2: Er zijn ongelijkheden over politieke participatie
- Ongelijkheden naargelang onderwijs, inkomen, geslacht, leeftijd, etnisch-
culturele origine, ...
- Waarom participeren mensen (niet)?
- Ze kunnen (niet): kennis, vaardigheden, tijd, geld
- Ze willen (niet): interesse, gevoel van machteloosheid
- Ze worden (niet) gevraagd: netwerken, organisaties
Diploma democratie? Mensen met een diploma nemen enkel deel aan de
politiek
Situatieschets: Zouden mensen nog gaan stemmen als er geen opkomstplicht
was?
Patroon 3: Er is een achteruitgang in conventionele participatie
- (Traditionele) partijen verliezen leden
- Partijleden zijn minder actief
- Opkomst bij verkiezingen daalt
Patroon 4: Er is een verschuiving richting niet-conventionele vormen van
participatie
- Vooral bij jongeren