02/10/2025
INTRODUCTIE
Terminologie
Organiseren = regelen / installeren van collectieve activiteiten zodat het collectieve
resultaat superieur is aan het resultaat van individuen die alleen werken
Kenmerken:
• Meerdere personen betrokken
• Collectief resultaat > ∑ individuele resultaten
• Taken verdelen + op elkaar afstemmen
Organisatie = regelmatigheden die het resultaat zijn van organiseren / duurzaam, geregeld
en doelgericht samenwerkingsverband
Kenmerken:
• Meerdere personen betrokken
• Collectief resultaat > ∑ individuele resultaten
• Taken verdelen + op elkaar afstemmen
• Duurzaam
• Geregeld
• Doelgericht
Voordelen van organiseren:
+ Arbeidsdeling & specialisatie
+ Grotere capaciteit om om te gaan met complexe omgevingen
+ Schaalvoordelen
(economies of scale = lagere kosten door meer productie van een product
economies of scope = lagere kosten door meerdere producten samen te produceren)
+ Lagere transactiekosten
+ Uitoefenen van macht & controle
è Superieure resultaten
Risico’s bij slecht organiseren:
- Beperkte motivatie & moreel bv. stakingen voor betere werkomstandigheden
- Late & onjuiste beslissingen bv. falen van politie in zaak Dutroux, Columbia Space Shuttle*
- Conflict & gebrek aan coördinatie bv. contact-tracing tijdens corona
- Slecht reageren op nieuwe kansen / externe veranderingen bv. Kodak die niet meeging
met digitale fotografie
- Stijgende kosten
,Kernaspecten van organiseren:
1 Structuur
à Taken en verantwoordelijkheden verdelen
(specialistisch ó breed; centralisatie ó werknemers inspraak)
2 Integratie
à Verschillende departementen / werknemers op elkaar afstemmen
à Zorgen dat ze elkaar niet tegenwerken / in conflict zijn
3 Controle
à Gedrag in lijn met doelstellingen van organisatie
4 Motivatie
à Werknemers motiveren om zich in te spannen voor hun job + de organisatie
5 Leren
à Blijven leren / innoveren om concurrentieel te blijven / niet dezelfde fouten te maken
6 Managen van de organisatiegrenzen
à Bepalen wat zelf doen en wat uitbesteden
à Bepalen om al dan niet in buitenland actief te zijn
à Bepalen om alleen of met andere organisaties samen te werken
à Bepalen om fysieke of virtuele grenzen te gebruiken
à Bepalen of aandeelhouders nog een andere rol hebben
è Drie kerntaken van het management:
1) Verdelen van taken en verantwoordelijkheden = structuur
2) Zorgen voor eenheid + dat iedereen bijdraagt aan doelstellingen
a. Eenheid over taken / jobs = integratie
b. Eenheid over hiërarchische niveaus = controle
c. Werknemers motiveren
3) Organisatie in staat stellen te leren
*CASE: Columbia Space Shuttle
Tekortkomingen die wijzen op slecht organiseren + onderliggend organisatiekenmerk:
- Structuur: complexe organisatie + hiërarchie waardoor communicatie verloren gaat
- Structuur: strakke tijdsschema’s prioriteit boven veiligheid
- Integratie: beperkte uitwisseling informatie
- Controle: veiligheidscontroles uitbesteed
- Motivatie: stress en onzekerheid omdat mensen ontslagen werden
- Leren: cultuur waarin meningen niet gehoord worden + overdreven zelfvertrouwen
- Externe relaties: kernprocessen zoals veiligheid uitbesteden is risicovol
,08/10/2025
THEMA 1: STRUCTUUR
MECHANISTISCHE ORGANISATIE
Mechanistische organisatiestructuur = taken specialistisch verdelen + duidelijke verdeling
van verantwoordelijkheden
bv. ziekenhuis: verschillende artsen gespecialiseerd in een bepaald domein, topmanagement
maakt de beslissingen
Video Modern Times:
• Werknemers weinig inspraak (ritme bepaald van bovenaf)
• Makkelijk over te nemen taken
• Iedereen afhankelijk van elkaar (bandwerk)
• Grote baas neemt alle beslissingen
• E]iciëntie is prioriteit
• Controle uitgeoefend door ploegbazen
OORSPRONG MECHANISTISCHE ORGANISATIE
è 2 stromingen:
1) Scientific Management - Taylor
2) Klassieke Managementtheorie - Fayol
à Ontstaan onder invloed van industriële revolutie (opkomst machines)
à Inspiratie: aanpak leger van Frederik de Grote (mechanistisch leger)
STROMING 1: SCIENTIFIC MANAGEMENT
• Grondlegger: Frederick Taylor
o Geloofde sterk in kracht van wetenschap
o Zijn ideeën verhoogde e]iciëntie van fabrieken enorm
o MAAR ook kritiek: onmenselijk
• 5 principes:
1. Wetenschappelijke methoden gebruiken om e]iciëntste manier van werken
te bepalen + vast te leggen + te verplichten aan arbeiders
2. Alle verantwoordelijkheid voor het organiseren van het werk ligt bij manager
3. Juiste man op juiste plaats
4. Werknemers trainen om e]iciënt te werken
5. Prestaties controleren / sturen
, • Voorbeeld:
o Bethlehem Steel Company
o Voor: 600 arbeiders, elk 10 ton per dag
o Na: door studie naar optimale werktuigen + bewegingen slechts 150
arbeiders, elk 47,5 ton per dag
• Impact van Taylor: functioneel mechanisme (= organisatie opgebouwd rond functies
& specialisaties)
o Strikte arbeidsdeling: scheiding denken-doen-controle
o Opgelegde werkstructuur: optimale volgorde van taken vastgelegd
o Hoge standaardisatie: hoe werk gedaan moet worden wordt voorgeschreven
o Veel regels à voorspelbaarheid gedrag + kwaliteit / kwantiteit producten
bv. McDonald’s heeft handleiding waarin exact staat hoe klanten begroet moeten
worden, bestelling opgenomen en klaargemaakt moet worden
è Populaire stroming bij dictators & progressieven (geloof in wetenschap)
STROMING 2: KLASSIEKE MANAGEMENTTHEORIE
• Grondlegger: Henri Fayol
o Meer focus op hoe management bedrijf moet leiden
ó focus op werkvloer (Taylor)
• Managementtaken:
1. Plannen & voorspellen: welke noden in de toekomst / hoe evolueren?
2. Organiseren van middelen & mensen: juiste verdeling
3. Leiden
4. Coördineren: zorgen voor integratie
5. Controleren
è Ook vandaag nog steeds gezien als kerntaken van management
• Managementprincipes:
o Eenheid van bevel
à Iedere werknemer heeft exact 1 baas
à Meerdere bazen = risico op miscommunicatie / tegenstrijdigheden
o Span of control
à Beheersbaarheid voor leidinggevers bv. CEO heeft 3 mensen onder zich
o Scalaire keten
à Combinatie van eenheid van bevel en span of control
à CEO bovenaan, managers daaronder, werknemers daaronder
o Eenheid van richting
à Beslissingen vanuit de top worden verder vertaald naar onder
à Duidelijke communicatielijn naar boven toe
INTRODUCTIE
Terminologie
Organiseren = regelen / installeren van collectieve activiteiten zodat het collectieve
resultaat superieur is aan het resultaat van individuen die alleen werken
Kenmerken:
• Meerdere personen betrokken
• Collectief resultaat > ∑ individuele resultaten
• Taken verdelen + op elkaar afstemmen
Organisatie = regelmatigheden die het resultaat zijn van organiseren / duurzaam, geregeld
en doelgericht samenwerkingsverband
Kenmerken:
• Meerdere personen betrokken
• Collectief resultaat > ∑ individuele resultaten
• Taken verdelen + op elkaar afstemmen
• Duurzaam
• Geregeld
• Doelgericht
Voordelen van organiseren:
+ Arbeidsdeling & specialisatie
+ Grotere capaciteit om om te gaan met complexe omgevingen
+ Schaalvoordelen
(economies of scale = lagere kosten door meer productie van een product
economies of scope = lagere kosten door meerdere producten samen te produceren)
+ Lagere transactiekosten
+ Uitoefenen van macht & controle
è Superieure resultaten
Risico’s bij slecht organiseren:
- Beperkte motivatie & moreel bv. stakingen voor betere werkomstandigheden
- Late & onjuiste beslissingen bv. falen van politie in zaak Dutroux, Columbia Space Shuttle*
- Conflict & gebrek aan coördinatie bv. contact-tracing tijdens corona
- Slecht reageren op nieuwe kansen / externe veranderingen bv. Kodak die niet meeging
met digitale fotografie
- Stijgende kosten
,Kernaspecten van organiseren:
1 Structuur
à Taken en verantwoordelijkheden verdelen
(specialistisch ó breed; centralisatie ó werknemers inspraak)
2 Integratie
à Verschillende departementen / werknemers op elkaar afstemmen
à Zorgen dat ze elkaar niet tegenwerken / in conflict zijn
3 Controle
à Gedrag in lijn met doelstellingen van organisatie
4 Motivatie
à Werknemers motiveren om zich in te spannen voor hun job + de organisatie
5 Leren
à Blijven leren / innoveren om concurrentieel te blijven / niet dezelfde fouten te maken
6 Managen van de organisatiegrenzen
à Bepalen wat zelf doen en wat uitbesteden
à Bepalen om al dan niet in buitenland actief te zijn
à Bepalen om alleen of met andere organisaties samen te werken
à Bepalen om fysieke of virtuele grenzen te gebruiken
à Bepalen of aandeelhouders nog een andere rol hebben
è Drie kerntaken van het management:
1) Verdelen van taken en verantwoordelijkheden = structuur
2) Zorgen voor eenheid + dat iedereen bijdraagt aan doelstellingen
a. Eenheid over taken / jobs = integratie
b. Eenheid over hiërarchische niveaus = controle
c. Werknemers motiveren
3) Organisatie in staat stellen te leren
*CASE: Columbia Space Shuttle
Tekortkomingen die wijzen op slecht organiseren + onderliggend organisatiekenmerk:
- Structuur: complexe organisatie + hiërarchie waardoor communicatie verloren gaat
- Structuur: strakke tijdsschema’s prioriteit boven veiligheid
- Integratie: beperkte uitwisseling informatie
- Controle: veiligheidscontroles uitbesteed
- Motivatie: stress en onzekerheid omdat mensen ontslagen werden
- Leren: cultuur waarin meningen niet gehoord worden + overdreven zelfvertrouwen
- Externe relaties: kernprocessen zoals veiligheid uitbesteden is risicovol
,08/10/2025
THEMA 1: STRUCTUUR
MECHANISTISCHE ORGANISATIE
Mechanistische organisatiestructuur = taken specialistisch verdelen + duidelijke verdeling
van verantwoordelijkheden
bv. ziekenhuis: verschillende artsen gespecialiseerd in een bepaald domein, topmanagement
maakt de beslissingen
Video Modern Times:
• Werknemers weinig inspraak (ritme bepaald van bovenaf)
• Makkelijk over te nemen taken
• Iedereen afhankelijk van elkaar (bandwerk)
• Grote baas neemt alle beslissingen
• E]iciëntie is prioriteit
• Controle uitgeoefend door ploegbazen
OORSPRONG MECHANISTISCHE ORGANISATIE
è 2 stromingen:
1) Scientific Management - Taylor
2) Klassieke Managementtheorie - Fayol
à Ontstaan onder invloed van industriële revolutie (opkomst machines)
à Inspiratie: aanpak leger van Frederik de Grote (mechanistisch leger)
STROMING 1: SCIENTIFIC MANAGEMENT
• Grondlegger: Frederick Taylor
o Geloofde sterk in kracht van wetenschap
o Zijn ideeën verhoogde e]iciëntie van fabrieken enorm
o MAAR ook kritiek: onmenselijk
• 5 principes:
1. Wetenschappelijke methoden gebruiken om e]iciëntste manier van werken
te bepalen + vast te leggen + te verplichten aan arbeiders
2. Alle verantwoordelijkheid voor het organiseren van het werk ligt bij manager
3. Juiste man op juiste plaats
4. Werknemers trainen om e]iciënt te werken
5. Prestaties controleren / sturen
, • Voorbeeld:
o Bethlehem Steel Company
o Voor: 600 arbeiders, elk 10 ton per dag
o Na: door studie naar optimale werktuigen + bewegingen slechts 150
arbeiders, elk 47,5 ton per dag
• Impact van Taylor: functioneel mechanisme (= organisatie opgebouwd rond functies
& specialisaties)
o Strikte arbeidsdeling: scheiding denken-doen-controle
o Opgelegde werkstructuur: optimale volgorde van taken vastgelegd
o Hoge standaardisatie: hoe werk gedaan moet worden wordt voorgeschreven
o Veel regels à voorspelbaarheid gedrag + kwaliteit / kwantiteit producten
bv. McDonald’s heeft handleiding waarin exact staat hoe klanten begroet moeten
worden, bestelling opgenomen en klaargemaakt moet worden
è Populaire stroming bij dictators & progressieven (geloof in wetenschap)
STROMING 2: KLASSIEKE MANAGEMENTTHEORIE
• Grondlegger: Henri Fayol
o Meer focus op hoe management bedrijf moet leiden
ó focus op werkvloer (Taylor)
• Managementtaken:
1. Plannen & voorspellen: welke noden in de toekomst / hoe evolueren?
2. Organiseren van middelen & mensen: juiste verdeling
3. Leiden
4. Coördineren: zorgen voor integratie
5. Controleren
è Ook vandaag nog steeds gezien als kerntaken van management
• Managementprincipes:
o Eenheid van bevel
à Iedere werknemer heeft exact 1 baas
à Meerdere bazen = risico op miscommunicatie / tegenstrijdigheden
o Span of control
à Beheersbaarheid voor leidinggevers bv. CEO heeft 3 mensen onder zich
o Scalaire keten
à Combinatie van eenheid van bevel en span of control
à CEO bovenaan, managers daaronder, werknemers daaronder
o Eenheid van richting
à Beslissingen vanuit de top worden verder vertaald naar onder
à Duidelijke communicatielijn naar boven toe