SAMENVATTING PSYCHODIAGNOSTIEK 3
LES 1: HOORCOLLEGE: INTRODUCTIE EN PRAKTISCHE INFORMATIE, HANDVATTEN VOOR
KWALITEITSVOLLE PD
PRAKTISCHE INFORMATIE
Doel OPO
- Integraal en zelfstandig doorlopen van klinisch psychodiagnostisch traject
o Info verzamelen
o Hypothesen formuleren: onderkennend & verklarend
o Samenstellen van onderzoeksbatterij
o Analyseren, interpreteren en integreren van info
o Eerste stap in indicatiestelling & advies
PSD 3 KLP vs. andere OPO’s
1e OF PSD 1 Practicum 1
2e OF PSD 2 Practicum volwassenen en ouderen / Practicum kinderen en jongeren Exploratiestage
Klinische Psychologie, …
3e OF PSD 3 KLP Practicum KLP Eindstage
Werkvormen
- Hoorcolleges: (inter)actief
o Grote groep
o Theorie & voorbeelden
o Lesopname
- Werkcolleges: (inter)actiever, (inter)actiefst
o 2 groepen
o Geen groepswissels
o Focus op toepassing & kritische reflectie
o Voorbereiding en oefeningen (cf. Canvas)
o Geen lesopname
- Weblectures:
o = Geheugen van de student, ter opfrissing (eigen verantwoordelijkheid)
o Noodzakelijke voorkennis voor werkcolleges
o Overzicht weblectures
▪ Aanmelding
• Doelstellingen, handelen, denken en afronding (8 min.)
▪ Intakefase
• Deel 1: Doelstellingen en handelen (18 min.)
• Deel 2: Exploreren en toetsen (10 min.)
• Deel 3: Voorlopig integratief beeld opstellen en afronding intakefase (25 min.)
▪ Aanvullend onderzoek
• Deel 1: Onderzoekstraject bepalen (18 min.)
• Deel 2: Methoden voor toetsing van onderkennende hypothesen (ppt met note pages)
• Deel 3: Waar kan ik instrumenten vinden? (ppt)
1
,Afspraken
- Toon respect voor elkaar
- Volg les in je eigen groep
- Maak de voorbereiding
- Stel gerust vragen!
- Geen streaming
Materiaal
- Casussen
o Larysa: werkcolleges
o Robin & Alex: extra oefencasussen
- Slides
o Hoorcolleges, werkcolleges en weblectures
o Slides vooraf op Canvas + volledige versie achteraf (pdf)
- Eigen notities
- Psychodiagnostisch procesmodel = GEKEND = LEERSTOF
- Extra materiaal (casussen, oefeningen, cursusmateriaal, artikels, …) op Canvas
o Casus Robin & Alex: extra oefenmateriaal (cf. Practicum KLP)
- Eerdere cursussen: KLP, PSD 1 en 2, Practica k&j/v&o, …
- Discussieforum
Evaluatie: examen
- Gesloten boek
- Nadruk op inzicht & toepassing
o Belang van de werkcolleges!
- Theorie dient nog steeds gekend te zijn en vormt steeds de basis voor inzichts- en toepassingsvragen
Studietips
- Fris de theorie zo nodig op.
o (psychodiagnostisch procesmodel)
- Maak notities tijdens de lessen.
- Neem actief deel tijdens de werkcolleges.
- Vertrek vanuit de slides om leerstof in te studeren en toe te passen.
- Maak gebruik van de extra casussen.
- Overloop de leerdoelen.
2
,NIEUWE LEERSTOF A.D.H.V. STELLINGEN
- “Psychodiagnostiek gaat vooraf aan de begeleiding.” -> fout, is doorlopend, cyclisch proces (ook tijdens + erna)
- “Je kan een PSD onderzoek doen zonder één instrument af te nemen.” -> juist, kan in principe zonder tests
- “Ik heb tijdens mijn exploratiestage niet aan PSD gedaan.” -> fout, vaak doe je dit impliciet
- “PSD gaat om het vaststellen van diagnoses en labels” -> fout, kan een onderdeel van PSD zijn maar niet het doel
KWALITEITSVOLLE DIAGNOSTIEK
- 9 uitgangspunten Psychodiagnostisch Procesmodel
o 1. PD handelt en denkt als een scientist-practitioner
o 2. PD stelt de cliënt steeds centraal
o 3. PD handelt en denkt interventiegericht
o 4. PD handelt en denkt systematisch
o 5. PD hanteert een transactioneel referentiekader
o 6. PD werkt constructief samen met de cliënt en andere betrokkenen
o 7. PD handelt en denkt fair en cultuurbewust
o 8. PD benut en versterkt de positieve aspecten van cliënt en omgeving
o 9. Het handelen van de PD is steeds in lijn met de deontologische code, wettelijke richtlijnen, ethische
normen en waarden
- MULTI informant, MULTI methodisch, MULTI disciplinair
EMPIRISCHE CYCLUS
In psychodiagnostiek vertaalt dit zich in het cyclisch vormen en toetsen van hypothesen over klachten en functioneren
-> waarom is het procesmodel cyclisch?
- Nieuwe info kan leiden tot bijstelling van hypothesen, aanvullende vragen of herformulering van het probleem
PSYCHODIAGNOSTIEK VÓÓR, TIJDENS EN NA BEGELEIDING
- Voor begeleiding: intake, indicatiestelling
- Tijdens begeleiding: evaluatie, bijsturing via ROM
o ROM = Routine Outcome Monitoring = systematisch en herhaald meten van de vooruitgang van een cliënt
tijdens begeleiding of behandeling = opvolging van het effect van de begeleiding
o Waarvoor wordt ROM gebruikt?
▪ 1. De voortgang van de cliënt op te volgen
• Gaat het beter, slechter of blijft alles gelijk?
• Worden doelen bereikt?
▪ 2. De begeleiding tijdig bij te sturen
• Als er geen vooruitgang is → aanpak aanpassen
• Voorkomt “blind” doorgaan met een ineffectieve interventie
▪ 3. De cliënt actief te betrekken
3
, • Cliënt reflecteert op eigen functioneren
• Vergroot motivatie en therapietrouw
▪ 4. De kwaliteit van hulpverlening te bewaken
• Objectieve onderbouwing van effectiviteit
• Verantwoording naar organisatie of subsidiëring
o Hoe wordt ROM gebruikt?
▪ Wanneer?
• Bij start van de begeleiding (nulmeting)
• Regelmatig tijdens de begeleiding (bv. elke sessie of om de paar sessies)
• Bij afronding (eindmeting)
▪ Hoe? Meestal met:
• Korte, gestandaardiseerde vragenlijsten
• Zelfrapportage (soms aangevuld met heterorapportage)
▪ Voorbeelden van ROM-instrumenten
• OQ-45 (Outcome Questionnaire)
• CORE-OM
• ORS / SRS (Outcome Rating Scale / Session Rating Scale)
• Schaalvragen (bv. 0–10)
- Na begeleiding: evaluatie, follow-up
CATEGORIAAL VS DIMENSIONELE DIAGNOSTIEK
- Categoriaal: wel/geen diagnose (vb. DSM)
- Dimensioneel: bekijkt klachten op continuüm van ernst en frequentie
PSD: voorkeur voor dimensioneel
TRANSDIAGNOSTISCHE FACTOREN
= psychologische processen of kenmerken die bij meerdere verschillende psychische stoornissen voorkomen, ongeacht
de specifieke diagnose.
Ze overschrijden diagnosen (trans-diagnostisch) en dragen bij aan:
- het ontstaan
- het in stand houden
- of de ernst van psychische problemen.
Voorbeelden:
- Emotionele processen
o Emotieregulatieproblemen
o Emotionele vermijding
o Negatieve affectiviteit
- Cognitieve processen
o Rumineren (blijven piekeren)
o Catastrofaal denken
o Negatieve kernopvattingen
- Gedragsmatige processen
o Vermijding
o Veiligheidsgedrag
o Gebrek aan probleemoplossende vaardigheden
- Interpersoonlijke factoren
o Verstoorde hechting
o Sociale terugtrekking
- Deze factoren zie je bij angst, depressie, eetstoornissen, trauma, burn-out, …
4
LES 1: HOORCOLLEGE: INTRODUCTIE EN PRAKTISCHE INFORMATIE, HANDVATTEN VOOR
KWALITEITSVOLLE PD
PRAKTISCHE INFORMATIE
Doel OPO
- Integraal en zelfstandig doorlopen van klinisch psychodiagnostisch traject
o Info verzamelen
o Hypothesen formuleren: onderkennend & verklarend
o Samenstellen van onderzoeksbatterij
o Analyseren, interpreteren en integreren van info
o Eerste stap in indicatiestelling & advies
PSD 3 KLP vs. andere OPO’s
1e OF PSD 1 Practicum 1
2e OF PSD 2 Practicum volwassenen en ouderen / Practicum kinderen en jongeren Exploratiestage
Klinische Psychologie, …
3e OF PSD 3 KLP Practicum KLP Eindstage
Werkvormen
- Hoorcolleges: (inter)actief
o Grote groep
o Theorie & voorbeelden
o Lesopname
- Werkcolleges: (inter)actiever, (inter)actiefst
o 2 groepen
o Geen groepswissels
o Focus op toepassing & kritische reflectie
o Voorbereiding en oefeningen (cf. Canvas)
o Geen lesopname
- Weblectures:
o = Geheugen van de student, ter opfrissing (eigen verantwoordelijkheid)
o Noodzakelijke voorkennis voor werkcolleges
o Overzicht weblectures
▪ Aanmelding
• Doelstellingen, handelen, denken en afronding (8 min.)
▪ Intakefase
• Deel 1: Doelstellingen en handelen (18 min.)
• Deel 2: Exploreren en toetsen (10 min.)
• Deel 3: Voorlopig integratief beeld opstellen en afronding intakefase (25 min.)
▪ Aanvullend onderzoek
• Deel 1: Onderzoekstraject bepalen (18 min.)
• Deel 2: Methoden voor toetsing van onderkennende hypothesen (ppt met note pages)
• Deel 3: Waar kan ik instrumenten vinden? (ppt)
1
,Afspraken
- Toon respect voor elkaar
- Volg les in je eigen groep
- Maak de voorbereiding
- Stel gerust vragen!
- Geen streaming
Materiaal
- Casussen
o Larysa: werkcolleges
o Robin & Alex: extra oefencasussen
- Slides
o Hoorcolleges, werkcolleges en weblectures
o Slides vooraf op Canvas + volledige versie achteraf (pdf)
- Eigen notities
- Psychodiagnostisch procesmodel = GEKEND = LEERSTOF
- Extra materiaal (casussen, oefeningen, cursusmateriaal, artikels, …) op Canvas
o Casus Robin & Alex: extra oefenmateriaal (cf. Practicum KLP)
- Eerdere cursussen: KLP, PSD 1 en 2, Practica k&j/v&o, …
- Discussieforum
Evaluatie: examen
- Gesloten boek
- Nadruk op inzicht & toepassing
o Belang van de werkcolleges!
- Theorie dient nog steeds gekend te zijn en vormt steeds de basis voor inzichts- en toepassingsvragen
Studietips
- Fris de theorie zo nodig op.
o (psychodiagnostisch procesmodel)
- Maak notities tijdens de lessen.
- Neem actief deel tijdens de werkcolleges.
- Vertrek vanuit de slides om leerstof in te studeren en toe te passen.
- Maak gebruik van de extra casussen.
- Overloop de leerdoelen.
2
,NIEUWE LEERSTOF A.D.H.V. STELLINGEN
- “Psychodiagnostiek gaat vooraf aan de begeleiding.” -> fout, is doorlopend, cyclisch proces (ook tijdens + erna)
- “Je kan een PSD onderzoek doen zonder één instrument af te nemen.” -> juist, kan in principe zonder tests
- “Ik heb tijdens mijn exploratiestage niet aan PSD gedaan.” -> fout, vaak doe je dit impliciet
- “PSD gaat om het vaststellen van diagnoses en labels” -> fout, kan een onderdeel van PSD zijn maar niet het doel
KWALITEITSVOLLE DIAGNOSTIEK
- 9 uitgangspunten Psychodiagnostisch Procesmodel
o 1. PD handelt en denkt als een scientist-practitioner
o 2. PD stelt de cliënt steeds centraal
o 3. PD handelt en denkt interventiegericht
o 4. PD handelt en denkt systematisch
o 5. PD hanteert een transactioneel referentiekader
o 6. PD werkt constructief samen met de cliënt en andere betrokkenen
o 7. PD handelt en denkt fair en cultuurbewust
o 8. PD benut en versterkt de positieve aspecten van cliënt en omgeving
o 9. Het handelen van de PD is steeds in lijn met de deontologische code, wettelijke richtlijnen, ethische
normen en waarden
- MULTI informant, MULTI methodisch, MULTI disciplinair
EMPIRISCHE CYCLUS
In psychodiagnostiek vertaalt dit zich in het cyclisch vormen en toetsen van hypothesen over klachten en functioneren
-> waarom is het procesmodel cyclisch?
- Nieuwe info kan leiden tot bijstelling van hypothesen, aanvullende vragen of herformulering van het probleem
PSYCHODIAGNOSTIEK VÓÓR, TIJDENS EN NA BEGELEIDING
- Voor begeleiding: intake, indicatiestelling
- Tijdens begeleiding: evaluatie, bijsturing via ROM
o ROM = Routine Outcome Monitoring = systematisch en herhaald meten van de vooruitgang van een cliënt
tijdens begeleiding of behandeling = opvolging van het effect van de begeleiding
o Waarvoor wordt ROM gebruikt?
▪ 1. De voortgang van de cliënt op te volgen
• Gaat het beter, slechter of blijft alles gelijk?
• Worden doelen bereikt?
▪ 2. De begeleiding tijdig bij te sturen
• Als er geen vooruitgang is → aanpak aanpassen
• Voorkomt “blind” doorgaan met een ineffectieve interventie
▪ 3. De cliënt actief te betrekken
3
, • Cliënt reflecteert op eigen functioneren
• Vergroot motivatie en therapietrouw
▪ 4. De kwaliteit van hulpverlening te bewaken
• Objectieve onderbouwing van effectiviteit
• Verantwoording naar organisatie of subsidiëring
o Hoe wordt ROM gebruikt?
▪ Wanneer?
• Bij start van de begeleiding (nulmeting)
• Regelmatig tijdens de begeleiding (bv. elke sessie of om de paar sessies)
• Bij afronding (eindmeting)
▪ Hoe? Meestal met:
• Korte, gestandaardiseerde vragenlijsten
• Zelfrapportage (soms aangevuld met heterorapportage)
▪ Voorbeelden van ROM-instrumenten
• OQ-45 (Outcome Questionnaire)
• CORE-OM
• ORS / SRS (Outcome Rating Scale / Session Rating Scale)
• Schaalvragen (bv. 0–10)
- Na begeleiding: evaluatie, follow-up
CATEGORIAAL VS DIMENSIONELE DIAGNOSTIEK
- Categoriaal: wel/geen diagnose (vb. DSM)
- Dimensioneel: bekijkt klachten op continuüm van ernst en frequentie
PSD: voorkeur voor dimensioneel
TRANSDIAGNOSTISCHE FACTOREN
= psychologische processen of kenmerken die bij meerdere verschillende psychische stoornissen voorkomen, ongeacht
de specifieke diagnose.
Ze overschrijden diagnosen (trans-diagnostisch) en dragen bij aan:
- het ontstaan
- het in stand houden
- of de ernst van psychische problemen.
Voorbeelden:
- Emotionele processen
o Emotieregulatieproblemen
o Emotionele vermijding
o Negatieve affectiviteit
- Cognitieve processen
o Rumineren (blijven piekeren)
o Catastrofaal denken
o Negatieve kernopvattingen
- Gedragsmatige processen
o Vermijding
o Veiligheidsgedrag
o Gebrek aan probleemoplossende vaardigheden
- Interpersoonlijke factoren
o Verstoorde hechting
o Sociale terugtrekking
- Deze factoren zie je bij angst, depressie, eetstoornissen, trauma, burn-out, …
4