Collectief Arbeidsrecht
DEEL 1: HISTORISCH OVERZICHT
MAAK ZEKER DE OEFENINGEN IN HET BOEK
Sociale wetgeving
Arbeidsrecht
o Is een Juridische bescherming tijdens en inverband met werk
o Verhouding tussen WG en WN =
Individueel en collectief
o Bevat o.a. de wetgeving i.v.m. met arbeidsovereenkomsten,
arbeidsreglement, de zondagsrust, nachtarbeid, overlegstructuren,
o Sociale wetgeving is van groot belang in het leven van elke WN:
Rechten en plichten t.o.v. werkgever liggen vast in de wetgeving op de
arbeidsovereenkomsten.
De wetgeving verzekert hem een minimum aan vrije tijd o.a. door de wet op
zondagsrust, betaalde feestdagen, arbeidsduur en jaarlijkse vakantie
Sociale zekerheidsrecht (bij Katrien gehad)
Collectief arbeidsrecht
Regelt de collectieve arbeidsverhouding tussen WG en WN op verschillende
niveau’s
Via sociaal overleg bepalen van:
o Arbeidsomstandigheden
o Verdeling van lonen en winsten
o Verhoudingen tussen WG en WN
Historisch overzicht
Ambachten en gilden
o Controle toegang tot beroep
o Tradities, lokale gebruiken
o Sterke reglementering
Gevolgen van de franse revolutie
o Wet le chapelier en de Allarde wet
Afschaffing gilden en ambachten: vrije toegang tot beroep
Maar ook: verbod van vereniging
Ze mogen niet samen komen, maar mogen wel
doen wat ze willen.
Economisch liberalisme Adam Smit:
Geen overheidsinmenging
Cijnskiesrecht:
Hoe meer je betaalt, hoe meer stemmen je mag
uitbrengen
19e eeuw: opkomst van arbeidswetgeving
, Verbod verenigingen
Liberalisme-wantrouwen ten opzichte van overheidsbemoeienis in de
economie
Cijnskiesrecht (hoe meer je betaalt, hoe meer stemmen je mag uitbrengen)
Vanaf de industrialisering
o Armoede wordt een samenlevingsprobleem
o WG en WN regelen volledig vrij de arbeidsverhoudingen
o Ontstaan specifieke risico’s (AO, beroepsziekten, werkloosheid)
Zware onlusten
Noodzaak wettelijke bescherming voor WN’s
De ‘sociale kwestie’
Wantoestanden
o Zeer lange werktijden/zeer lage lonen
o Geen ingrijpen van politieke wereld
o Vrouwen- en kinderarbeid
o Geen enkele vorm van sociale zekerheid
o Hevige onlusten
Politiek komt niet tussen door de Cijnskiesrecht
o De grote werkgevers zijn diegene die in de politiek zitten
Einde 19e eeuw: Er komt reactie
Erkende vakbonden door afschaffing van verbod op verenigingen
Eerste kleinschalige initiatieven van sociale zekerheid
Eerste wetgevnde initiatieven ter bescherming van WN
Stroomversnelling na hervorming kiesstelsel
consolidatie en uitbreiding van de wetgeving
Introductie 8u-werkdagen (8u rust-8u werk en 8u slaap) en 48u werkweek
Eerste arbeidsovereenkomstenwet met aandacht voor ontslagbescherming
20e eeuw tot nu
Uitbouw arbeidsrechtelijke bescherming
Uitbouw huidige sociale zekerheidsstelsel
Voortdurend in ontwikkeling
Sociaal pact
Sleutelmoment in Belgische sociale geschiedenis
Gedurende WO2
Beginselen
o Wederzijdse erkenning WG en WN’s organisaties
o Gemeenschappelijk doel: dankzij economische voorspoed,
levensomstandigheden an de bevolking verbeteren
Goede gang van zaken in de ondernemingen
Billijke verdeling van inkomen
Collectieve onderhandelingen
Institutionaliseren Sociale zekerheid
Stelselmatig verdere uitbouw van de SZ
Verder: Uitdagingen, het sociaal overleg onder druk
, 2 SLEUTEL MOMENTEN IN BELGISCHE GESCHIEDENIS:
SOCIAAL PACT EN SOCIALE KWESTIE
DEEL 2: COLLECTIEVE ARBEIDSVERHOUDINGEN
Actoren in het sociaal overleg
Overheid:
o Federale minister van werk als politieke speler
o Uitvoerende speler: FODWASO
Sociale partners
o Organisaties van WG’s
o Organisaties van WN’s
o Organisaties van middenstanders
o Organisaties van landbouwers
Doel van Sociaal overleg
Consensus vinden in de belangen van alle spelers. Zorgen dat alle spelers
een gemeenschappelijk akkoord bereiken.
Overheid:
o Sociale vrede
o Evenwichtige arbeidsverhoudingen
o Algemeen welzijn
Werkgever
o Economische belangen
Werknemer
o Arbeids- en loonvoorwaarden
o Werkzekerheid
Sociaal overleg systeem
Deze afbeelding komt vaak terug doorheen dit vak. Je zal moeten in staat
zijn om ze op het examen aan te vullen als er vakjes leeg gelaten zijn.
, Sociale partners
Verschillende sociale partners:
NAR: nationale arbeidsraad
o Overlegorgaan in BE waarin vertegenwoordigers van WG en WN
collectieve arbeidsovereenkomsten afsluiten op nationaal niveau
o Geven advies aan regering en parlement over sociale en
arbeidsrechtelijke thema’s
o CAO’s afsluiten die gelden voor meerdere sectoren of het hele land
o Sociale dialoog bevorderen tussen WG en WN
o Speelt een heel belangrijke rol in sociaal overleg en de regelgeving
rond werk en loon
o Interprofessioneel
Sectoren:
o groepen van bedrijven met gelijkaardige activiteiten. In elke sector
worden specifieke cao’s afgesloten in een Paritair comité waar WG en
WN organisaties onderhandelen
o paritair comité
Bedrijven: individuele ondernemingen binnen een sector. Ze passen de
nationale en sectorale afspraken toe en kunnen eigen cao’s afsluiten met hun
werknemers.
Sociaal overleg werkt dus op 3 niveaus
o NAR, sectoraal en bedrijfsniveau
Sociaal overleg volgens het belgisch sociaal overlegmodel
De sociale partners in continu overleg op 3 niveaus:
o Nationaal (interprofessioneel)
o Sectoraal (professioneel)
o Ondernemingen bedrijven
DEEL 1: HISTORISCH OVERZICHT
MAAK ZEKER DE OEFENINGEN IN HET BOEK
Sociale wetgeving
Arbeidsrecht
o Is een Juridische bescherming tijdens en inverband met werk
o Verhouding tussen WG en WN =
Individueel en collectief
o Bevat o.a. de wetgeving i.v.m. met arbeidsovereenkomsten,
arbeidsreglement, de zondagsrust, nachtarbeid, overlegstructuren,
o Sociale wetgeving is van groot belang in het leven van elke WN:
Rechten en plichten t.o.v. werkgever liggen vast in de wetgeving op de
arbeidsovereenkomsten.
De wetgeving verzekert hem een minimum aan vrije tijd o.a. door de wet op
zondagsrust, betaalde feestdagen, arbeidsduur en jaarlijkse vakantie
Sociale zekerheidsrecht (bij Katrien gehad)
Collectief arbeidsrecht
Regelt de collectieve arbeidsverhouding tussen WG en WN op verschillende
niveau’s
Via sociaal overleg bepalen van:
o Arbeidsomstandigheden
o Verdeling van lonen en winsten
o Verhoudingen tussen WG en WN
Historisch overzicht
Ambachten en gilden
o Controle toegang tot beroep
o Tradities, lokale gebruiken
o Sterke reglementering
Gevolgen van de franse revolutie
o Wet le chapelier en de Allarde wet
Afschaffing gilden en ambachten: vrije toegang tot beroep
Maar ook: verbod van vereniging
Ze mogen niet samen komen, maar mogen wel
doen wat ze willen.
Economisch liberalisme Adam Smit:
Geen overheidsinmenging
Cijnskiesrecht:
Hoe meer je betaalt, hoe meer stemmen je mag
uitbrengen
19e eeuw: opkomst van arbeidswetgeving
, Verbod verenigingen
Liberalisme-wantrouwen ten opzichte van overheidsbemoeienis in de
economie
Cijnskiesrecht (hoe meer je betaalt, hoe meer stemmen je mag uitbrengen)
Vanaf de industrialisering
o Armoede wordt een samenlevingsprobleem
o WG en WN regelen volledig vrij de arbeidsverhoudingen
o Ontstaan specifieke risico’s (AO, beroepsziekten, werkloosheid)
Zware onlusten
Noodzaak wettelijke bescherming voor WN’s
De ‘sociale kwestie’
Wantoestanden
o Zeer lange werktijden/zeer lage lonen
o Geen ingrijpen van politieke wereld
o Vrouwen- en kinderarbeid
o Geen enkele vorm van sociale zekerheid
o Hevige onlusten
Politiek komt niet tussen door de Cijnskiesrecht
o De grote werkgevers zijn diegene die in de politiek zitten
Einde 19e eeuw: Er komt reactie
Erkende vakbonden door afschaffing van verbod op verenigingen
Eerste kleinschalige initiatieven van sociale zekerheid
Eerste wetgevnde initiatieven ter bescherming van WN
Stroomversnelling na hervorming kiesstelsel
consolidatie en uitbreiding van de wetgeving
Introductie 8u-werkdagen (8u rust-8u werk en 8u slaap) en 48u werkweek
Eerste arbeidsovereenkomstenwet met aandacht voor ontslagbescherming
20e eeuw tot nu
Uitbouw arbeidsrechtelijke bescherming
Uitbouw huidige sociale zekerheidsstelsel
Voortdurend in ontwikkeling
Sociaal pact
Sleutelmoment in Belgische sociale geschiedenis
Gedurende WO2
Beginselen
o Wederzijdse erkenning WG en WN’s organisaties
o Gemeenschappelijk doel: dankzij economische voorspoed,
levensomstandigheden an de bevolking verbeteren
Goede gang van zaken in de ondernemingen
Billijke verdeling van inkomen
Collectieve onderhandelingen
Institutionaliseren Sociale zekerheid
Stelselmatig verdere uitbouw van de SZ
Verder: Uitdagingen, het sociaal overleg onder druk
, 2 SLEUTEL MOMENTEN IN BELGISCHE GESCHIEDENIS:
SOCIAAL PACT EN SOCIALE KWESTIE
DEEL 2: COLLECTIEVE ARBEIDSVERHOUDINGEN
Actoren in het sociaal overleg
Overheid:
o Federale minister van werk als politieke speler
o Uitvoerende speler: FODWASO
Sociale partners
o Organisaties van WG’s
o Organisaties van WN’s
o Organisaties van middenstanders
o Organisaties van landbouwers
Doel van Sociaal overleg
Consensus vinden in de belangen van alle spelers. Zorgen dat alle spelers
een gemeenschappelijk akkoord bereiken.
Overheid:
o Sociale vrede
o Evenwichtige arbeidsverhoudingen
o Algemeen welzijn
Werkgever
o Economische belangen
Werknemer
o Arbeids- en loonvoorwaarden
o Werkzekerheid
Sociaal overleg systeem
Deze afbeelding komt vaak terug doorheen dit vak. Je zal moeten in staat
zijn om ze op het examen aan te vullen als er vakjes leeg gelaten zijn.
, Sociale partners
Verschillende sociale partners:
NAR: nationale arbeidsraad
o Overlegorgaan in BE waarin vertegenwoordigers van WG en WN
collectieve arbeidsovereenkomsten afsluiten op nationaal niveau
o Geven advies aan regering en parlement over sociale en
arbeidsrechtelijke thema’s
o CAO’s afsluiten die gelden voor meerdere sectoren of het hele land
o Sociale dialoog bevorderen tussen WG en WN
o Speelt een heel belangrijke rol in sociaal overleg en de regelgeving
rond werk en loon
o Interprofessioneel
Sectoren:
o groepen van bedrijven met gelijkaardige activiteiten. In elke sector
worden specifieke cao’s afgesloten in een Paritair comité waar WG en
WN organisaties onderhandelen
o paritair comité
Bedrijven: individuele ondernemingen binnen een sector. Ze passen de
nationale en sectorale afspraken toe en kunnen eigen cao’s afsluiten met hun
werknemers.
Sociaal overleg werkt dus op 3 niveaus
o NAR, sectoraal en bedrijfsniveau
Sociaal overleg volgens het belgisch sociaal overlegmodel
De sociale partners in continu overleg op 3 niveaus:
o Nationaal (interprofessioneel)
o Sectoraal (professioneel)
o Ondernemingen bedrijven