Algemene bedrijfskunde
DEEL 1: STRATEGY & PLANNING
Strategie
= een plan van aanpak om doelen te bereiken
= maken van keuzes om de kans op succes te vergroten
= combinatie van creativiteit en strengheid
4 dimensies: strategy process, strategy content, strategy context en organisational purpose
1. Strategy Process
=De manier waarop strategieën tot stand komen (the how, who, when of strategy)
Paradox van opzettelijkheid en noodtoestand (= deliberateness & emergence)
= een situatie waarin twee schijnbaar tegenstrijdige, of zelfs wederzijds uitsluitende factoren
(deliberateness & emergence) tegelijkertijd waar lijken te zijn. De strateeg zal zoeken naar
manieren om de tegenstellingen zo goed mogelijk te verzoenen.
- Deliberateness:
Verwijst naar de kwaliteit van opzettelijk handelen
Als mensen bewust handelen, denken ze na voordat ze iets doen
Ze maken een plan en voeren vervolgens het plan uit
à dit betekent niet dat doelbewuste strategieën volledig blind zijn voor
onverwachte ontwikkelingen en gebeurtenissen
VOORDELEN:
- Direction: plannen geven organisaties een gevoel van richting. Zonder
doelstellingen en plannen zouden organisaties een drift zijn
- Commitment: plannen stellen organisaties in staat zichzelf te mobiliseren,
capaciteit op te bouwen en zich te committeren aan grote investeringen
- Coordination: een organisatiebreedte strategie zorgt ervoor dat
meningsverschillen worden gladgestreken en dat er één consistente handelwijze
wordt gevolgd
- Optimalization: goede plannen maken een optimale toewijzing van schaarse
middelen aan de meest veelbelovende bedrijfsinitiatieven mogelijk
- Programming: strategische planning zorgt ervoor dat organisaties als een
computer kunnen werken, nauwkeurig, betrouwbaar efficiënt en zonder fouten
zijn.
- Emergence:
Is het proces van zichtbaar worden. Een strategie ontstaat wanneer deze
onderweg tot stand komt
Wanneer er geen plannen zijn, of mensen afwijken van hun plannen, maar
hun gedrag nog steeds strategisch is (<> operationele plannen), kan men
zeggen dat de strategie opkomend is
Strategie krijgt geleidelijk vorm tijdens een iteratief proces van ‘denken’ en
‘doen’
Probeer het voordat je je vastlegt
Einden worden zelden aangekondigd of vastgelegd in een formeel
planningsdocument. En als dat wel het geval is, blijven ze breed, algemeen en
niet-kwantificeerbaar.
, Middelen ontwikkelen of evolueren in de loop van de tijd naarmate de
organisatie leert van de ontwikkeling en interacties in de omgeving
VOORDELEN:
- Opportunism: Organisaties moeten de mentale vrijheid/open geest behouden om
onvoorspelbare kansen te grijpen zodra ze zich voordoen.
- Flexibility: Organisaties moeten hun opties open houden, door niet te vroeg te
committeren aan acties en investeringen.
- Learning: De beste manier om te leren en erachter te komen wat werkt, is door
het uit te proberen door middel van experimenten, proefprojecten, geleidelijke
stappen, enz.
- Entrepreneurship: Als je het door verschillende mensen laat proberen, ontstaat
er ondernemerschap/intrapreneurschap.
- Support: Grote strategische veranderingen veroorzaken veel weerstand bij
organisaties. Een strateeg moet de strategie vormgeven op basis van wat haalbaar
is, en niet van wat ideaal is.
2. Strategy Content
Het product van een strategieproces (the what of strategy)
Goede strategieà 5 belangrijke keuzes:
1. Winning aspiration
Waarom bestaan wij?
Wat betekent ‘winnen’ voor ons?
Kernelementen:
Playing to win: specifiek, ambitieus, focust vooral op mensen idpv geld (wat
betekent winnen voor onze klanten?), heeft een competitieve dimensie (tegen
wie winnen we?)
Playing to play: geen ‘winnaars’ element, enkel een specifiek klantensegment
bedienen, (interne) financiële maatstaf, een te bescheiden streefdoel is
gevaarlijker dan een te hooghartig streefdoel
2. Where will you play? (Zie ppt)
Klantensegment
Distributiekanaal
Product of service
Geografische ligging
Fase in productieproces
Bepalen waar je NIET gaat spelen
3. How will you win?
Waarom moet een klant voor jou kiezen?
Sustainable competitive advantage
Value proposition
Ga voor meer dan gemiddeld
Cost leader:
- Systematisch inzicht in kosten/kostendrijvers
- Onophoudelijke verlaging van de kosten
- Opoffering van niet-conforme klanten
- Toewijding aan standaardisatie
,Differentiator:
- Diep en holistisch begrip van klanten
- Intensieve merkopbouw
- Jaloers bewaken van klanten
- Toewijding aan innovatie
--> beide strategieën kunnen een duurzaam competitief voordeel opleveren, maar je
moet een keuze maken en eerlijk zijn over je strategieën
SWOT-analyse:
(zie voorbeelden ppt)
Combinatie van interne en externe analyse:
Intern: Strengths & Weaknesses
--> te controleren: vb. Technologie, management team, organisatie, product
portfolio...
Extern: Opportunities & Threats
--> geen of weinig controle over: vb. Trends, belastingen, wetgeving...
,
DEEL 1: STRATEGY & PLANNING
Strategie
= een plan van aanpak om doelen te bereiken
= maken van keuzes om de kans op succes te vergroten
= combinatie van creativiteit en strengheid
4 dimensies: strategy process, strategy content, strategy context en organisational purpose
1. Strategy Process
=De manier waarop strategieën tot stand komen (the how, who, when of strategy)
Paradox van opzettelijkheid en noodtoestand (= deliberateness & emergence)
= een situatie waarin twee schijnbaar tegenstrijdige, of zelfs wederzijds uitsluitende factoren
(deliberateness & emergence) tegelijkertijd waar lijken te zijn. De strateeg zal zoeken naar
manieren om de tegenstellingen zo goed mogelijk te verzoenen.
- Deliberateness:
Verwijst naar de kwaliteit van opzettelijk handelen
Als mensen bewust handelen, denken ze na voordat ze iets doen
Ze maken een plan en voeren vervolgens het plan uit
à dit betekent niet dat doelbewuste strategieën volledig blind zijn voor
onverwachte ontwikkelingen en gebeurtenissen
VOORDELEN:
- Direction: plannen geven organisaties een gevoel van richting. Zonder
doelstellingen en plannen zouden organisaties een drift zijn
- Commitment: plannen stellen organisaties in staat zichzelf te mobiliseren,
capaciteit op te bouwen en zich te committeren aan grote investeringen
- Coordination: een organisatiebreedte strategie zorgt ervoor dat
meningsverschillen worden gladgestreken en dat er één consistente handelwijze
wordt gevolgd
- Optimalization: goede plannen maken een optimale toewijzing van schaarse
middelen aan de meest veelbelovende bedrijfsinitiatieven mogelijk
- Programming: strategische planning zorgt ervoor dat organisaties als een
computer kunnen werken, nauwkeurig, betrouwbaar efficiënt en zonder fouten
zijn.
- Emergence:
Is het proces van zichtbaar worden. Een strategie ontstaat wanneer deze
onderweg tot stand komt
Wanneer er geen plannen zijn, of mensen afwijken van hun plannen, maar
hun gedrag nog steeds strategisch is (<> operationele plannen), kan men
zeggen dat de strategie opkomend is
Strategie krijgt geleidelijk vorm tijdens een iteratief proces van ‘denken’ en
‘doen’
Probeer het voordat je je vastlegt
Einden worden zelden aangekondigd of vastgelegd in een formeel
planningsdocument. En als dat wel het geval is, blijven ze breed, algemeen en
niet-kwantificeerbaar.
, Middelen ontwikkelen of evolueren in de loop van de tijd naarmate de
organisatie leert van de ontwikkeling en interacties in de omgeving
VOORDELEN:
- Opportunism: Organisaties moeten de mentale vrijheid/open geest behouden om
onvoorspelbare kansen te grijpen zodra ze zich voordoen.
- Flexibility: Organisaties moeten hun opties open houden, door niet te vroeg te
committeren aan acties en investeringen.
- Learning: De beste manier om te leren en erachter te komen wat werkt, is door
het uit te proberen door middel van experimenten, proefprojecten, geleidelijke
stappen, enz.
- Entrepreneurship: Als je het door verschillende mensen laat proberen, ontstaat
er ondernemerschap/intrapreneurschap.
- Support: Grote strategische veranderingen veroorzaken veel weerstand bij
organisaties. Een strateeg moet de strategie vormgeven op basis van wat haalbaar
is, en niet van wat ideaal is.
2. Strategy Content
Het product van een strategieproces (the what of strategy)
Goede strategieà 5 belangrijke keuzes:
1. Winning aspiration
Waarom bestaan wij?
Wat betekent ‘winnen’ voor ons?
Kernelementen:
Playing to win: specifiek, ambitieus, focust vooral op mensen idpv geld (wat
betekent winnen voor onze klanten?), heeft een competitieve dimensie (tegen
wie winnen we?)
Playing to play: geen ‘winnaars’ element, enkel een specifiek klantensegment
bedienen, (interne) financiële maatstaf, een te bescheiden streefdoel is
gevaarlijker dan een te hooghartig streefdoel
2. Where will you play? (Zie ppt)
Klantensegment
Distributiekanaal
Product of service
Geografische ligging
Fase in productieproces
Bepalen waar je NIET gaat spelen
3. How will you win?
Waarom moet een klant voor jou kiezen?
Sustainable competitive advantage
Value proposition
Ga voor meer dan gemiddeld
Cost leader:
- Systematisch inzicht in kosten/kostendrijvers
- Onophoudelijke verlaging van de kosten
- Opoffering van niet-conforme klanten
- Toewijding aan standaardisatie
,Differentiator:
- Diep en holistisch begrip van klanten
- Intensieve merkopbouw
- Jaloers bewaken van klanten
- Toewijding aan innovatie
--> beide strategieën kunnen een duurzaam competitief voordeel opleveren, maar je
moet een keuze maken en eerlijk zijn over je strategieën
SWOT-analyse:
(zie voorbeelden ppt)
Combinatie van interne en externe analyse:
Intern: Strengths & Weaknesses
--> te controleren: vb. Technologie, management team, organisatie, product
portfolio...
Extern: Opportunities & Threats
--> geen of weinig controle over: vb. Trends, belastingen, wetgeving...
,