Bronnen & beginselen van het recht
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
Ba 1: Bronnen & beginselen van het recht
1. Objectief recht
I. Het objectief recht
1. Het objectief & subjectief recht
1.1 Recht & rechten
- Het recht = regels die je naleeft in samenleving, verwijst naar geheel van regels/ deel ervan
><
- Mijn recht = eigen recht (subjectief recht)
- Rechtssysteem (un système juderique)/ Het recht: onderworpen aan de relativiteit in
ruimte & tijd
Bv: Belgische recht, gemeente recht …
Recht evolueert, statisch gegeven
Nieuwe wetten, verandering bestaande wetten & verandering wijze waarop
rechters recht spreken
Nationaal gegeven
Staten uitoefeningen aan soeverein staatgezag
Globaal (Verenigde Naties), regionaal niveau (Europese Unie) of tussen 2 of
meer Staten (bilaterale of multilaterale relaties)
Objectief recht (le droit objectif)
- Subjectief recht (le droit subjectif) = mijn recht: aanspraak
Aanspraak die een persoon kan laten gelden namens objectief recht
Moet overeenkomen met objectief recht juridische bekrachting
Bv.: goed koopt, koper heeft sub.r. op levering van dat goed door verkoper,
vastgeled in rechtsregels van BW
Vaak verplichting t.o. andere
Bekrachting vind je in:
1. Wetteksten: abstract, rechter moet in de praktijk toepassen
2. Rechtspraak
3. Rechtsdogmatiek (wetenschap)
Opgesplitst in takken: privaatrecht, ondernemingsrecht …
4. In totaal 7, de rest nog zien
- Objectief recht (le droit objectif)
Geheel van rechtsregels in samenleving
Geheel van regels die onder meer subjectieve rechten vastleggen
Diverse rechtsbronnen (wet, rechtspraak, …)
Bestudeerd in rechtsdogmatiek
1.2 Het objectieve recht
- Objectief recht = Recht aanwezig is in samenleving
= Geheel aan rechtsregels dat op bepaald moment op bepaalde
plaats van toepassing is
Positief recht (le droit positif)
- Recht:
Normatieve ordening in & van samenleving
o Regels/ normen opleggen die men moet naleven
Regels & voorschriften
o Voor onszelf, parlement…
1
,Bronnen & beginselen van het recht
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
Uitgevaardigd door of krachtens het maatschappelijke gezag
o Democratisch verkozen parlement maken rechten
Afdwingbaar door of krachtens het maatschappelijke gezag
o Straffen als je iets fout doet/ wet niet volgt
Abstract niveau
- Toegespits op rechtsregels
= regels & voorschrijten die door bevoegde overheid worden uitgevaardigd,
togepast & afgedwongen
- Studie obj.r.: regelegeoriënteerde of doctrinaire benadering
- Law in books – rechten opzoeken (studie van obj.r.)
Geen inzicht op concrete naleving & gebruik
- Law in action: inzicht in concrete naleving & gebruik
- Rechtsdogmatiek >< meta-juridische studie van het recht
Rechtsdogmatiek: wetenschap
Moment opname statisch, maar veranderlijk
Meta-juridische studie van recht: gedrag, hoe leeft recht, maatschappelijk
fenomeen
Bekijkt recht voorbij juridica/ juridische zaken als wetteksten of rechterlijke
uitspraken
- Statisch gegeven: bestaande, geldende recht op ogenblik
- Materieel recht (inhoud) & formeel recht (procedures)
Inhoud: regels die zeggen hoe het moet
Rechten & lichten, voorwaarden voor rechtsgeldig stellen van bepaalde
handelingen, verboden om bepaalde handelingen te stellen, gevolgen van
handelingen/ gebeurtenissen
Procedures: vrom van het recht
Privaatrechtelijke procesrecht, strafprocesrecht, bestuurlijke procesrecht
1.3 De subjectieve rechten
1. Het begrip
- Aanspraak die toegekend is aan individu
Moet juridisch bekracht zijn/ toegekend door objectief recht
Tegenover subjectief recht staat een plicht, tegenpartij heeft dan een recht
- Toegekend door objectieve recht
rechtsregel van obj.r. bepaald welke subj.r. een persoon bezit
3.50 BW: het eigendomsrecht (zie codex)
Jij mag kiezen wat JIJ doet met je eigendom
U recht, plicht van de andere: eigendom niet beschadigen
Grondwet (la Constitution, die Verfassung)/ mensenrecht: grondwet of
fundamenteel recht = subjectief recht toegekend door objectief recht
- Juridisch beschermde belangen rechten
Geen duidelijke verplichting/ recht
Bv.: belang van kind om in veilige & liefdevolle omgeving op te groeien
Jeugdrechter kan op treden als het niet het geval is
2. Verscheidenheid aan subjectieve rechten
2
,Bronnen & beginselen van het recht
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
- Verscheidenheid = mate van heerschappij die een rechtssubject aan subjectief recht
ontleent
- Diversiteit in heerschappij
Zeggenschap ten aanzien van groep / gedraging van perso(o)n(en) eenzijdige
bevoegdheid tot ingrijpen in andermans recht
Subjectieve rechten die aan persson bevoegdheid verlenen om eenzijdige
handelingen te grijpen
- Legal Conceptions van Wesley HOHFELD1 (1879-1918)
Ander type van relaties tussen personen
1. Aanspraak (claim): verhouding recht plicht
2. Vrijheid (privilege): vrijheid zonder verplichtingen
3. Macht of bevoegdheid (power): aanspraak & vrijheden in het leven roepen,
wijzigen of beëindigen
Duitse rechtstheorie: Gestaltungsrecht, recht
om iets te vormen
Bv. Testament opbouwen: bevoegdheid van het recht van iemand
wijzigen, begunstife geeft bnieuwe eigendomsrechten
4. Immuniteit (immunity): bescherming tegen de macht van anderen om
een aanspraak of vrijheid te wijzigen
3. De rechtsregels & het subjectieve recht
- Hoe ziet een rechtsregel eruit?
A. Hypothetische vorm
- Norm koppelt bepaalde handelingen/ feiten aan bepaalde rechtsgevolgen voor
de mensen tot wie de norm gericht is
- Gedragsnorm
Art 6.5 BW: schade: recht op schadevergoeding als iamnd schade heeft
toegebracht
Uit causaal verband, volgt als rechtsgevolg, juridische aansprakelijkheid
voor dader
- Toepassing van regel objectiefrecht tot leven
Toepassing & interpretatie vragen
Nagaan of feiten beantwoorden aan hypothese in norm
Rechter moet in concreto kijken naar toepassing
B. Rechtssubject (un sujet de droit)
- = degene voor wie rechtsnor gevolgen teweeg brengt of aan wie obj.r.
mogelijke rechten toekent & verplichtingen oplegt
- Drager / titularis van rechten & plichten
- Passief rechtssubject: plichten
- Actief rechtssubject: rechten
- 2 categorieën
1. Fysieke of natuurlijke personen (une personne physique)
ALLE LEVENDE MENSEN
Verschil tussen mensen met recht & zonder recht
o Slijvernij, burgelijke dood (art. 18 GW)
Gelijke dragers van rechten & verplichtingen
1
Examen vraag: wie is Wesley Hohfeld + situeren?
Wat zijn legal conceptions?
3
, Bronnen & beginselen van het recht
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
o Rechtsbekwaamheid: voor iedereen, geschiktheid om houder van
subjectieve rechten te zijn
o Handelingsbekaamheid: bekwaamheid om rechtshandelingen te
stellen
Bv.: minderjarige die een huis wil komen is niet
handelingsbekwaam, een voogd doet dit in zijn naam
Antropocentrische benadering:
o Dieren & planten: enkel rechtsobjecten, voorwerp van subjectieve
rechten
o Maatregelen ter bescjerming van leefmilieu
Zie art 7bis GW & art 3,39 BW
o Dierenrecht slaat niet op subjectieve rechten
o Plichten – schade niet aan gehouden tot schade vergoeding,
baasje aansprakelijk (art. 6.17 BW)
2. Rechtspersonen (une personne morale)
Groepering van natuurlijke personen of voor een bepaald doel
afgescheiden vermogen ten aanzien van het recht behandeld als een
zelfstandiege eenheid
o Bv.: contract met telent is = rechtspersoon niet tastbaar
Rechtspersoon: enkel door wetgever aangeduid
o Zoniet: feitelijke vereniging
Je hebt geen rechtspersoon, iedereen van de groep
aanspreekbaar
Treden op via organen (natuurlijke personen) die hen
vertegenwoordigen
Zowel publiekrechtelijk als privaatrechtelijk
1. Publiekrechtelijke personen (une personne morale de droit public)
- Overheid opgericht: publiekelijke dienstverlening
Deel van overheidsmacht
- Staat, gemeenschappen, gewesten, provincies, gemeenten,
agglomeraties van gemeenten, intercommunale verenigingen,
functioeel gedecentraliseerde diensten, verzelfstandigde
agentschappen, beroepsverenigen
- Ontleden rechtspersoonlijkheid aan war, decreet of ordonnatie
2. Privaatrechtelijke personen (une personne morale de droit privé)
- Opgericht op privaat initiatief – treden op voor private belangen
- Rechtsvorm beheerd in Wetboek ban Vennootschappen &
Verenigingen (WVV, le Code des sociétés et des associations)
- Vennootschappen (une société)
Opgericht door personen (vennoten) die inbreng doen, heeft
vermogen, stelt uitoefening van welbepaalde activiteiten to
voorwerp & heeft doel aan vennoten een vermogensvoordeel
uit te keren
VERMOGEN
1. Venootschap onder firma (VOF)
2. Commanditaire vennootschap (CommV)
3. Besloten vennootschap (BV)
4. Coöperatieve venootschap (CV)
5. Naamloze venootschap (NV)
- Vereniging zonder winstoogmerk (vzw, une association sans but
lucratif)
4
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
Ba 1: Bronnen & beginselen van het recht
1. Objectief recht
I. Het objectief recht
1. Het objectief & subjectief recht
1.1 Recht & rechten
- Het recht = regels die je naleeft in samenleving, verwijst naar geheel van regels/ deel ervan
><
- Mijn recht = eigen recht (subjectief recht)
- Rechtssysteem (un système juderique)/ Het recht: onderworpen aan de relativiteit in
ruimte & tijd
Bv: Belgische recht, gemeente recht …
Recht evolueert, statisch gegeven
Nieuwe wetten, verandering bestaande wetten & verandering wijze waarop
rechters recht spreken
Nationaal gegeven
Staten uitoefeningen aan soeverein staatgezag
Globaal (Verenigde Naties), regionaal niveau (Europese Unie) of tussen 2 of
meer Staten (bilaterale of multilaterale relaties)
Objectief recht (le droit objectif)
- Subjectief recht (le droit subjectif) = mijn recht: aanspraak
Aanspraak die een persoon kan laten gelden namens objectief recht
Moet overeenkomen met objectief recht juridische bekrachting
Bv.: goed koopt, koper heeft sub.r. op levering van dat goed door verkoper,
vastgeled in rechtsregels van BW
Vaak verplichting t.o. andere
Bekrachting vind je in:
1. Wetteksten: abstract, rechter moet in de praktijk toepassen
2. Rechtspraak
3. Rechtsdogmatiek (wetenschap)
Opgesplitst in takken: privaatrecht, ondernemingsrecht …
4. In totaal 7, de rest nog zien
- Objectief recht (le droit objectif)
Geheel van rechtsregels in samenleving
Geheel van regels die onder meer subjectieve rechten vastleggen
Diverse rechtsbronnen (wet, rechtspraak, …)
Bestudeerd in rechtsdogmatiek
1.2 Het objectieve recht
- Objectief recht = Recht aanwezig is in samenleving
= Geheel aan rechtsregels dat op bepaald moment op bepaalde
plaats van toepassing is
Positief recht (le droit positif)
- Recht:
Normatieve ordening in & van samenleving
o Regels/ normen opleggen die men moet naleven
Regels & voorschriften
o Voor onszelf, parlement…
1
,Bronnen & beginselen van het recht
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
Uitgevaardigd door of krachtens het maatschappelijke gezag
o Democratisch verkozen parlement maken rechten
Afdwingbaar door of krachtens het maatschappelijke gezag
o Straffen als je iets fout doet/ wet niet volgt
Abstract niveau
- Toegespits op rechtsregels
= regels & voorschrijten die door bevoegde overheid worden uitgevaardigd,
togepast & afgedwongen
- Studie obj.r.: regelegeoriënteerde of doctrinaire benadering
- Law in books – rechten opzoeken (studie van obj.r.)
Geen inzicht op concrete naleving & gebruik
- Law in action: inzicht in concrete naleving & gebruik
- Rechtsdogmatiek >< meta-juridische studie van het recht
Rechtsdogmatiek: wetenschap
Moment opname statisch, maar veranderlijk
Meta-juridische studie van recht: gedrag, hoe leeft recht, maatschappelijk
fenomeen
Bekijkt recht voorbij juridica/ juridische zaken als wetteksten of rechterlijke
uitspraken
- Statisch gegeven: bestaande, geldende recht op ogenblik
- Materieel recht (inhoud) & formeel recht (procedures)
Inhoud: regels die zeggen hoe het moet
Rechten & lichten, voorwaarden voor rechtsgeldig stellen van bepaalde
handelingen, verboden om bepaalde handelingen te stellen, gevolgen van
handelingen/ gebeurtenissen
Procedures: vrom van het recht
Privaatrechtelijke procesrecht, strafprocesrecht, bestuurlijke procesrecht
1.3 De subjectieve rechten
1. Het begrip
- Aanspraak die toegekend is aan individu
Moet juridisch bekracht zijn/ toegekend door objectief recht
Tegenover subjectief recht staat een plicht, tegenpartij heeft dan een recht
- Toegekend door objectieve recht
rechtsregel van obj.r. bepaald welke subj.r. een persoon bezit
3.50 BW: het eigendomsrecht (zie codex)
Jij mag kiezen wat JIJ doet met je eigendom
U recht, plicht van de andere: eigendom niet beschadigen
Grondwet (la Constitution, die Verfassung)/ mensenrecht: grondwet of
fundamenteel recht = subjectief recht toegekend door objectief recht
- Juridisch beschermde belangen rechten
Geen duidelijke verplichting/ recht
Bv.: belang van kind om in veilige & liefdevolle omgeving op te groeien
Jeugdrechter kan op treden als het niet het geval is
2. Verscheidenheid aan subjectieve rechten
2
,Bronnen & beginselen van het recht
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
- Verscheidenheid = mate van heerschappij die een rechtssubject aan subjectief recht
ontleent
- Diversiteit in heerschappij
Zeggenschap ten aanzien van groep / gedraging van perso(o)n(en) eenzijdige
bevoegdheid tot ingrijpen in andermans recht
Subjectieve rechten die aan persson bevoegdheid verlenen om eenzijdige
handelingen te grijpen
- Legal Conceptions van Wesley HOHFELD1 (1879-1918)
Ander type van relaties tussen personen
1. Aanspraak (claim): verhouding recht plicht
2. Vrijheid (privilege): vrijheid zonder verplichtingen
3. Macht of bevoegdheid (power): aanspraak & vrijheden in het leven roepen,
wijzigen of beëindigen
Duitse rechtstheorie: Gestaltungsrecht, recht
om iets te vormen
Bv. Testament opbouwen: bevoegdheid van het recht van iemand
wijzigen, begunstife geeft bnieuwe eigendomsrechten
4. Immuniteit (immunity): bescherming tegen de macht van anderen om
een aanspraak of vrijheid te wijzigen
3. De rechtsregels & het subjectieve recht
- Hoe ziet een rechtsregel eruit?
A. Hypothetische vorm
- Norm koppelt bepaalde handelingen/ feiten aan bepaalde rechtsgevolgen voor
de mensen tot wie de norm gericht is
- Gedragsnorm
Art 6.5 BW: schade: recht op schadevergoeding als iamnd schade heeft
toegebracht
Uit causaal verband, volgt als rechtsgevolg, juridische aansprakelijkheid
voor dader
- Toepassing van regel objectiefrecht tot leven
Toepassing & interpretatie vragen
Nagaan of feiten beantwoorden aan hypothese in norm
Rechter moet in concreto kijken naar toepassing
B. Rechtssubject (un sujet de droit)
- = degene voor wie rechtsnor gevolgen teweeg brengt of aan wie obj.r.
mogelijke rechten toekent & verplichtingen oplegt
- Drager / titularis van rechten & plichten
- Passief rechtssubject: plichten
- Actief rechtssubject: rechten
- 2 categorieën
1. Fysieke of natuurlijke personen (une personne physique)
ALLE LEVENDE MENSEN
Verschil tussen mensen met recht & zonder recht
o Slijvernij, burgelijke dood (art. 18 GW)
Gelijke dragers van rechten & verplichtingen
1
Examen vraag: wie is Wesley Hohfeld + situeren?
Wat zijn legal conceptions?
3
, Bronnen & beginselen van het recht
UA Ba 1 2025-2026 Marie-Jo De Baecker
o Rechtsbekwaamheid: voor iedereen, geschiktheid om houder van
subjectieve rechten te zijn
o Handelingsbekaamheid: bekwaamheid om rechtshandelingen te
stellen
Bv.: minderjarige die een huis wil komen is niet
handelingsbekwaam, een voogd doet dit in zijn naam
Antropocentrische benadering:
o Dieren & planten: enkel rechtsobjecten, voorwerp van subjectieve
rechten
o Maatregelen ter bescjerming van leefmilieu
Zie art 7bis GW & art 3,39 BW
o Dierenrecht slaat niet op subjectieve rechten
o Plichten – schade niet aan gehouden tot schade vergoeding,
baasje aansprakelijk (art. 6.17 BW)
2. Rechtspersonen (une personne morale)
Groepering van natuurlijke personen of voor een bepaald doel
afgescheiden vermogen ten aanzien van het recht behandeld als een
zelfstandiege eenheid
o Bv.: contract met telent is = rechtspersoon niet tastbaar
Rechtspersoon: enkel door wetgever aangeduid
o Zoniet: feitelijke vereniging
Je hebt geen rechtspersoon, iedereen van de groep
aanspreekbaar
Treden op via organen (natuurlijke personen) die hen
vertegenwoordigen
Zowel publiekrechtelijk als privaatrechtelijk
1. Publiekrechtelijke personen (une personne morale de droit public)
- Overheid opgericht: publiekelijke dienstverlening
Deel van overheidsmacht
- Staat, gemeenschappen, gewesten, provincies, gemeenten,
agglomeraties van gemeenten, intercommunale verenigingen,
functioeel gedecentraliseerde diensten, verzelfstandigde
agentschappen, beroepsverenigen
- Ontleden rechtspersoonlijkheid aan war, decreet of ordonnatie
2. Privaatrechtelijke personen (une personne morale de droit privé)
- Opgericht op privaat initiatief – treden op voor private belangen
- Rechtsvorm beheerd in Wetboek ban Vennootschappen &
Verenigingen (WVV, le Code des sociétés et des associations)
- Vennootschappen (une société)
Opgericht door personen (vennoten) die inbreng doen, heeft
vermogen, stelt uitoefening van welbepaalde activiteiten to
voorwerp & heeft doel aan vennoten een vermogensvoordeel
uit te keren
VERMOGEN
1. Venootschap onder firma (VOF)
2. Commanditaire vennootschap (CommV)
3. Besloten vennootschap (BV)
4. Coöperatieve venootschap (CV)
5. Naamloze venootschap (NV)
- Vereniging zonder winstoogmerk (vzw, une association sans but
lucratif)
4