Bo Van Esser
TECHNOLOGIE &VEILIGHEID PR
H1 Keten van projectiebeeldvorming
1.1 Principe van projectiebeeldvorming
Basisprincipe projectieradiologie:
= gebaseerd op röntgenstraling en absorptieverschillen tussen weefsel
Verschillen in weefselabsorptie bepalen de grijswaarden op het beeld
Een röntgenbuis zendt stralen uit; een digitale detector (DR) vangt ze op
Moderne systemen gebruike DR-detectoren (Digital Radiography)
Röntgenbuis = stralingsbron, detector = receptor
Signaal:
Röntgenstraling
Differentiatie van weefsels
o Absorptieverschillen
Detector:
Flat panel systemen
o Directe detectoren
o Indirecte detectoren
Belangrijke begrippen:
Attenuatie = verzwakking van de röntgenbundel door absorptie
(Afhankelijk van elektronendichtheid vh weefsel)
Spatiale resolutie:
o Aflijning: scherp, onscherp/ beter, minder goed
Signaal = meetbare intensiteit op de detector, bepaalt grijswaarde op het beeld
o Weinig absorptie veel signaal hypodens (donkergrijs/zwart)
o Veel absorptie weinig signaal hyperdens (lichtgrijs/wit)
o Ruis: meer, minder
Contrast:
o Hoogcontrast: meer, minder/ beter, mindergoed
Fysische
o Laagcontrast: meer, minder/ beter, minder goed
effecten ih
Foto-elektrisch effect = volledige absorptie van röntgenstralen
lichaam
Comptoneffect = verstrooiing door botsing met elektronen verstrooide straling
1
,Bo Van Esser
Beeldkwaliteit beïnvloedende factoren:
Kwaliteit en kwantiteit vd röntgenbundel zijn cruciaal
Belangrijke aqcuisitieparameters:
o Collimatie (straalbegrenzing)
o Filter (verbetert stralingskwaliteit)
o FRA = Focus-Receptor Afstand
o ORA = Object-Receptor Afstand
o AEC = Automatic Exposure Control
Beeldindicatoren meten:
Signaal, ruis, SNR:
S ¿≫¿
o SNR = =
N σ¿
Contrast, CNR:
SS anatomie −SSachtergrond
o CNR =
SS achtergrond
Spatiale resolutie & frequentie:
Aantal objecten
o lp
mm
Buislading:
Stroomsterkte of opnametijd
o Kwantiteitbundel
o # fotonen
Signaal op detector
Ruis in beeld
Ruis kan beperkend zijn voor:
- CNR
Spatiale resolutie BL en signaal: lineair verband
BL en geabsorbeerde dosis: lineair verband
Buisspanning:
Buisspanning
o Gemiddelde E = kwaliteit fotonen
Minder absorptie in object
BSp = contrast
o Ekin = kwantiteit bundel ook
Meer signaal op detector en minder ruis
BSp = SNR
o Meer kans op Compton-verstrooiing:
BSp = verstrooide straling ( en SNR )
2
,Bo Van Esser
BSp en signaal: kwadratisch verband
BSp en geabsorbeerde dosis: kwadratisch verband
1.2 Opbouw van een röntgentoestel
Bestaat minimaal uit:
1) Röntgenbuis met generator
2) Detector
3) Bedienigsconsole/-paneel
1.3 Automatic exposure control (AEC)
Regelt automatisch de buislading
Houdt de gemiddelde detectordosis constant
Zorgt voor constante beeldkwaliteit
Voorheen: technoloog moest handmatig buisspanning en buislading instellen
Nu: AEC kan dit automatisch doen bij veel (maar niet alle) opnames
Bucky (onderdeel van röntgeninstallatie):
Combinatiesysteem met:
1) Detectorlade
2) Strooistralenrooster
3) Automatic Exposure Control (AEC)
2 types:
o Tafelbucky (horizontaal)
o Wandbucky (verticaal)
Samen gebruikt in een buckykamer
Veel röntgenopnamen (behalve sommige vd
extremiteiten) worden met bucky gemaakt
Buislading bij gebruik van AEC
3
, Bo Van Esser
AEC zorgt voor constante detectordosis en dus SNR
o Bij variatie van andere instelparameters of objectdikte blijft SNR constant
Buislading afhankelijk van Target Exposure Index
o Hogere detectordosis = meer signaal = minder ruis
1.3.1 Doel van automatische belichting
Doel en werking van AEC:
Doel:
o Automatisch bijsturen vd
buislading
o Voorkomen van opnamen met
onvoldoende signaal-
ruisverhouding (SNR)
o Constante beeldkwaliteit
o SNR optimaliseren
AEC regelt de buislading op basis van:
1) Samenstelling vh object
2) Focus-receptor afstand (FRA)
3) Type detector
4) Roosterfactor (vh strooistralenrooster)
Toepassingen en voordelen:
1-punts techniek = gebruiker stelt buisspanning in, AEC regelt buislading automatisch
Vervangt de oude belichtingstabellen, waarbij fouten van 50-200% voorkwamen
AEC = standaard in projectieradiologie
Meetmethodes binnen AEC:
Vroeger: fotometrisch & halfgeleider
Nu (standaard): ionometrische meetmethode
Manuele selectie parameters = 3-punts techniek
Buisspanning
Buisstroom
Opnametijd
1.3.2 Meetmethode van automatische belichting
Ionisatiekamer en AEC:
Ligging: tussen strooistralenrooster en detector
meet de restexpositie (fotonen die uit het lichaam treden)
Meetmethode:
o Gebaseerd op ionisaties veroorzaken stroom laadt een condensator op
4
TECHNOLOGIE &VEILIGHEID PR
H1 Keten van projectiebeeldvorming
1.1 Principe van projectiebeeldvorming
Basisprincipe projectieradiologie:
= gebaseerd op röntgenstraling en absorptieverschillen tussen weefsel
Verschillen in weefselabsorptie bepalen de grijswaarden op het beeld
Een röntgenbuis zendt stralen uit; een digitale detector (DR) vangt ze op
Moderne systemen gebruike DR-detectoren (Digital Radiography)
Röntgenbuis = stralingsbron, detector = receptor
Signaal:
Röntgenstraling
Differentiatie van weefsels
o Absorptieverschillen
Detector:
Flat panel systemen
o Directe detectoren
o Indirecte detectoren
Belangrijke begrippen:
Attenuatie = verzwakking van de röntgenbundel door absorptie
(Afhankelijk van elektronendichtheid vh weefsel)
Spatiale resolutie:
o Aflijning: scherp, onscherp/ beter, minder goed
Signaal = meetbare intensiteit op de detector, bepaalt grijswaarde op het beeld
o Weinig absorptie veel signaal hypodens (donkergrijs/zwart)
o Veel absorptie weinig signaal hyperdens (lichtgrijs/wit)
o Ruis: meer, minder
Contrast:
o Hoogcontrast: meer, minder/ beter, mindergoed
Fysische
o Laagcontrast: meer, minder/ beter, minder goed
effecten ih
Foto-elektrisch effect = volledige absorptie van röntgenstralen
lichaam
Comptoneffect = verstrooiing door botsing met elektronen verstrooide straling
1
,Bo Van Esser
Beeldkwaliteit beïnvloedende factoren:
Kwaliteit en kwantiteit vd röntgenbundel zijn cruciaal
Belangrijke aqcuisitieparameters:
o Collimatie (straalbegrenzing)
o Filter (verbetert stralingskwaliteit)
o FRA = Focus-Receptor Afstand
o ORA = Object-Receptor Afstand
o AEC = Automatic Exposure Control
Beeldindicatoren meten:
Signaal, ruis, SNR:
S ¿≫¿
o SNR = =
N σ¿
Contrast, CNR:
SS anatomie −SSachtergrond
o CNR =
SS achtergrond
Spatiale resolutie & frequentie:
Aantal objecten
o lp
mm
Buislading:
Stroomsterkte of opnametijd
o Kwantiteitbundel
o # fotonen
Signaal op detector
Ruis in beeld
Ruis kan beperkend zijn voor:
- CNR
Spatiale resolutie BL en signaal: lineair verband
BL en geabsorbeerde dosis: lineair verband
Buisspanning:
Buisspanning
o Gemiddelde E = kwaliteit fotonen
Minder absorptie in object
BSp = contrast
o Ekin = kwantiteit bundel ook
Meer signaal op detector en minder ruis
BSp = SNR
o Meer kans op Compton-verstrooiing:
BSp = verstrooide straling ( en SNR )
2
,Bo Van Esser
BSp en signaal: kwadratisch verband
BSp en geabsorbeerde dosis: kwadratisch verband
1.2 Opbouw van een röntgentoestel
Bestaat minimaal uit:
1) Röntgenbuis met generator
2) Detector
3) Bedienigsconsole/-paneel
1.3 Automatic exposure control (AEC)
Regelt automatisch de buislading
Houdt de gemiddelde detectordosis constant
Zorgt voor constante beeldkwaliteit
Voorheen: technoloog moest handmatig buisspanning en buislading instellen
Nu: AEC kan dit automatisch doen bij veel (maar niet alle) opnames
Bucky (onderdeel van röntgeninstallatie):
Combinatiesysteem met:
1) Detectorlade
2) Strooistralenrooster
3) Automatic Exposure Control (AEC)
2 types:
o Tafelbucky (horizontaal)
o Wandbucky (verticaal)
Samen gebruikt in een buckykamer
Veel röntgenopnamen (behalve sommige vd
extremiteiten) worden met bucky gemaakt
Buislading bij gebruik van AEC
3
, Bo Van Esser
AEC zorgt voor constante detectordosis en dus SNR
o Bij variatie van andere instelparameters of objectdikte blijft SNR constant
Buislading afhankelijk van Target Exposure Index
o Hogere detectordosis = meer signaal = minder ruis
1.3.1 Doel van automatische belichting
Doel en werking van AEC:
Doel:
o Automatisch bijsturen vd
buislading
o Voorkomen van opnamen met
onvoldoende signaal-
ruisverhouding (SNR)
o Constante beeldkwaliteit
o SNR optimaliseren
AEC regelt de buislading op basis van:
1) Samenstelling vh object
2) Focus-receptor afstand (FRA)
3) Type detector
4) Roosterfactor (vh strooistralenrooster)
Toepassingen en voordelen:
1-punts techniek = gebruiker stelt buisspanning in, AEC regelt buislading automatisch
Vervangt de oude belichtingstabellen, waarbij fouten van 50-200% voorkwamen
AEC = standaard in projectieradiologie
Meetmethodes binnen AEC:
Vroeger: fotometrisch & halfgeleider
Nu (standaard): ionometrische meetmethode
Manuele selectie parameters = 3-punts techniek
Buisspanning
Buisstroom
Opnametijd
1.3.2 Meetmethode van automatische belichting
Ionisatiekamer en AEC:
Ligging: tussen strooistralenrooster en detector
meet de restexpositie (fotonen die uit het lichaam treden)
Meetmethode:
o Gebaseerd op ionisaties veroorzaken stroom laadt een condensator op
4