100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting Beginselen van het Nederlands staatsrecht, ISBN: 9789013146509 Overheidsrecht 2 staatsrecht (OVHR.2 )

Puntuación
3.9
(10)
Vendido
74
Páginas
37
Subido en
18-12-2020
Escrito en
2020/2021

samenvatting van het boek Beginselen van het Nederlandse staatsrecht 19e druk

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Libro relacionado

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

¿Un libro?
No
¿Qué capítulos están resumidos?
Alle hoofstukken met uitzondering van h3,4,11,12,13 en 17
Subido en
18 de diciembre de 2020
Número de páginas
37
Escrito en
2020/2021
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

OVHR 2 samenvatting:

H1 inleiding

1.1 benadering van het begrip staat

samengevat is de staat een organisatie die met voorrang boven andere organisaties effectief gezag
uitoefent over een gemeenschap van mensen op een bepaald grondgebied. Erkenning door andere
staten is geen formeel vereiste, maar een belangrijk aanwijzing dat de staat effectief gezag uitoefent.
Een staat wordt gevormd door een gemeenschap. De mogelijkheid van toepassing van dwang ter
handhaving van de gemeenschapsnormen is kenmerkend voor de staat.

Binnen een staat zijn een of meer organen bevoegd tot het uitoefenen van dwang. Men zegt dat die
organen met gezag zijn bekleed. In de middeleeuwen was het gezag in de West-Europese langen een
persoonlijk recht van de vorst. Er moest de hele tijd een middenweg gevonden worden tussen
individuele vrijheid en dwang van gemeenschap. theorie contrat social, individuen hebben de staat
nodig om hun vrijheid te waarborgen, maar tegelijkertijd hebben zij het gevoel dat daardoor hun
vrijheden worden beperkt.

1.2 verdeling van de staatsmacht over verschillende organen

het bestuur, het gezag, de uitoefening van dwang, berusten bij op een of andere wijze door burgers
gekozen vertegenwoordigers. Gezagdragers zullen als alle mensen menen hun taak naar beste weten
en dus goed te hebben uitgeoefend. Om het risico van dictatuur uit de weg te gaan heeft men een
middel gevonden dat redelijk goed heeft gewerkt, dat is de verdeling van gezag over verschillende
organen en dus over verschillende mensen of groepen mensen. Dit stelsel wordt ook wel checks and
balances genoemd. Deze machtenscheiding is bedacht door Montesquieu. De gedachten was dat de
regering de door het parlement gegeven wetten ten uitvoer legde en de regering krijgt zelfstandige
taken. de vaststelling van wetten gebeurd nu door regering en parlement samen, de regering voert
ze nog wel uit. De regering staat wel de hele tijd onder controle van het parlement.

Territoriale splitsing, men verleent een deel van die taken ook aan regionale overheden.

1.3 de democratische rechtstaat

democratie verwijst naar de premisse dat elke burger gelijkwaardig is en recht heeft op gelijke
invloed op het staatsbestuur. Het begrip rechtstaat ziet op de bescherming van de burger tegen het
staatsbestuur.

Binnen het begrip democratie vallen de volgende aspecten te onderscheiden:

1. een democratische staat is niet denkbaar zonder vrij verkiezingen. Burgers hebben het recht
op actief en passief kiesrecht.
2. Er moet sprake zijn van openheid voor machtswisseling. Het moet duidelijk zijn hoelang
mensen aan de macht kunnen blijven en of dezelfde persoon aan de macht kan komen.
3. Het parlement dient een centrale rol te spelen in het staatsbestel. Dat betekent dat de
volksvertegenwoordiging een beslissende stem dient te hebben bij het vaststellen van
wetgeving.

Binnen het begrip rechtstaat vallen de volgende aspecten te onderscheiden: om machtsmisbruik te
voorkomen

1. De staat erkent dat individuen en particuliere instellingen een staatsvrije sfeer toekomt. De
grondrechten worden geaccepteerd.

, 2. Optreden van het bestuur dat voor de burger bezwarend is bv heffen van belastingen, dient
te berusten op een algemene regel die de bevoegdheid van het desbetreffende orgaan
omschrijft. Ook wel legaliteitsbeginsel genoemd.
3. De regels waarin de bevoegdheden van een staatsorgaan zijn omschreven moeten zijn
vastgesteld door een ander orgaan.
4. Geschillen tussen burger en staat moeten worden beslist door een onafhankelijke en
onpartijdige rechter.
1.4 grondregels van een democratisch rechtstatelijke staatsorganisatie

Eerste grondregel: geen bevoegdheid zonder grondslag in wet of grondwet.

Legaliteitsbeginsel (staat niet in wet): ieder overheidsoptreden moet berusten op een daaraan
voorafgegane algemene regel (dus moet bv voor alle inwoners van Nijmegen zijn en die regel moet al
bestaan mag je niet achteraf nog gaan verzinnen). Dat die regel gemaakt mag worden moet staan in
de grondwet of in een wet in formele zin. Bv er staat in de grondwet dat een verordening gemaakt
mag worden.

Algemene regels grondwet:

- Dat wetten gemaakt worden staat in art. 81 Gw.
- Dat algemene maatregelen van bestuur gemaakt mogen worden staat in art. 89 lid 1 Gw.
- Dat ministeriële regelingen gemaakt mogen worden staat in art. 89 lid 4 Gw.
- Dat de provincie provinciale verordeningen mogen maken blijkt uit art. 127 Gw.
- Dat de gemeente gemeentelijke verordeningen mogen maken blijkt uit art. 127 Gw.
- Dat de waterschappen verordeningen mogen maken blijkt uit art. 133 lid 2 Gw.

Tweede grondregel: niemand kan een bevoegdheid uitoefenen zonder verantwoording schuldig te
zijn of zonder dat op die uitoefening controle bestaat. Zo zijn de ministers bv verantwoording
schuldig aan het parlement. Dit vult de eerste regel aan, ook over de uitoefening van een
bevoegdheid binnen de wettelijke perken moet verantwoording worden afgelegd.

Vormen van verantwoordingsplicht van en controle op overheidsorganen:

a. Een politieke verantwoordingsplicht van bestuurlijke organen tegenover
vertegenwoordigende organen. De gedeputeerde staten moeten bv verantwoording
afleggen aan de provinciale staten. En de wethouders tegenover de gemeenteraad. Gaat
alleen om je eigen doen of nalaten. Zo hoeft de minister van justitie en veiligheid geen
verantwoording afte leggen of een beslissing van onafhankelijke rechter.
b. Ambtenaren die bepaalde bevoegdheden hebben zijn verantwoording schuldig aan hun
chefs. En die chefs zijn dan weer verantwoordelijk over de instructies die hij heeft gegeven.
De officier van justitie zal weer verantwoording moeten afleggen aan het
arrondissementsparket over het lopende onderzoek.
c. Ook zonder dat er sprake is van ondergeschiktheid kan voorkomen dat een bestuursorgaan
wordt gecontroleerd door een ander orgaan. Zo heeft de regering een beperkte mate de
bevoegdheid zich te bemoeien met het beleid van gemeentelijke of provinciale organen.
Preventief toezicht houdt in dat een bestuursorgaan voor een bepaalde handeling
goedkeuring moet vragen aan een ander orgaan. Repressief toezicht houdt in dat een hoger
bestuursorgaan een beslissing van een lager orgaan achteraf kan corrigeren.
d. Gezagdragers kunne strafrechtelijk verantwoordelijk zijn voor hun daden.
e. De meeste besluiten van bestuursorganen zijn vatbaar voor beroep. Belanghebbende kunnen
aan de beroepsinstantie vragen deze besluiten te vernietigen en soms te vervangen.

, f. Wanneer er geen beroepsmogelijkheid aanwezig is, kan bij de burgerlijke rechter een actie
uit onrechtmatige daad tegen de overheid worden ingesteld.
g. Er is ook een controle van de rechter op zekere wetgevende organen. Een rechter mag niet
beoordelen of een formele wet in strijd is met de grondwet. Dit mag alleen de wetgever. Art.
94 Gw zegt wel dat de rechter wetten aan bepaalde bepalingen van verdragen mag toetsen.
Hij mag dus niet aan de Grondwet toetsen, maar toetsen van lagere regelingen aan hogere
inclusief de grondwet mag wel. Zo kan hij bijvoorbeeld een ministeriele regeling
onverbindend verklaren als die in strijd is met de grondwet.



H2 de bronnen van het staatrecht

2.1 bronnen van het staatrecht

De bronnen van het staatsrecht zijn de grondwet, gewoonterechtelijke regels en een aantal
geschreven regelingen in de vorm van wetten of algemene maatregelen van bestuur.

2.2 geschiedenis van de grondwet

De eerste Nederlandse staatregeling was de Unie van Utrecht. In 1814 werd een grondwet voor de
verenigde Nederlanden afgekondigd, die echter al in 1815 vervangen werd door de grondwet voor
het Koninkrijk der Nederlanden. Deze is met wijzigingen nog altijd van kracht. De grondwet vanaf
1848 vormt de basis voor die van nu.

2.3 betekenis van de grondwet voor het staatsrecht

Er staan nog veel dingen niet in de grondwet. Zo is er over de verhouding van parlement en regering
in de grondwet weinig te vinden. Of over het procedure die bij een kabinetsinformatie moet worden
gevolgd zwijgt de Grondwet.

De Nederlandse grondwet is een rigid constitution. Dat wil zeggen een grondwet die moeilijker te
wijzigen is dan een gewone wet. Is het makkelijk te wijzigen zoals in Engeland dan spreek je van
flexible constitution.

2.4 inhoud en systeem van de Grondwet

De grondwet begint met een hoofdstuk dat een opsomming bevat van de grondrechten, de
onvervreemdbare rechten van de mens en van de burger. De plaatsing voorin de Grondwet geeft aan
welk belang er naar de mening van de grondwetgever gehecht moet worden juist aan de positie van
de burger in het staatsbestel.

De hoofdstukken 2,3 en 4 geven een omschrijving van de voornaamste centrale organen in de staat.
Hoofdstuk 5 regelt de functies van die organen. (regering is ministers koning en staatsecretarissen,
parlement is eerste en tweede kamer). Het 6 de hoofdstuk geeft regels over de rechtspraak. In het
zevende hoofdstuk worden regels gegeven met betrekking tot provincies, gemeenten,
waterschappen en andere openbare lichamen. Tenslotte bevat het 8 ste hoofdstuk de regels over de
herziening van de grondwet.

De grondwet is bestemd om beginselen te geven, die de grondslag voor wetgeving en bestuur
moeten zijn. Deze grondslagen zullen vaak in lagere regelingen zullen moeten worden uitgewerkt. De
vraag is dan wie die grondwettelijke beginselen mag uitwerken. Zodra de grondwetgever het
woordje WET gebruikt, bedoeld hij de formele wet, het besluit vastgesteld door regering en Staten-
Generaal en in het staatsblad bekent gemaakt art. 81 jo 88 Gw. in andere gevallen heeft de

, grondwetgever voorzien dat een uitwerking door lagere wetgevers op grond van delegatie door de
formele wetgever mogelijk moet zijn. Dan staat er in de grondwet vaak ‘bij of krachtens de wet’ of er
staat ‘regelen’ of het zelfstandig naamwoord ‘regels’ of er art. 104 Gw ‘uit kracht van een wet’, dan
mag delegeren maar met grote terughoudendheid.

Staat de grondwet delegatie toe, dan is het aan de formele wetgever om uit te maken of, in hoeverre
en aan wie deze delegatie zal plaatsvinden. De lagere regelgever is dus niet zelfstandig, hij is
afhankelijk van de beslissing van de formele wetgever.

Deze terminologieën kunnen ook in lagere wetgeving voorkomen. Er kan dus ook in een algemene
maatregel van bestuur staan bij of krachtens, dan mogen hun dit weer sub delegeren. De woorden
regels of regelen hebben buiten de grondwet niet dezelfde werking.

2.5 ongeschreven staatrecht

Zo is er bv de vertrouwensnorm, die bepaalt dat de minister die of een kabinet dat niet meer het
vertrouwen van het parlement blijkt te genieten, ontslag dient aan te bieden. Men mag, het bestaan
van een regel van ongeschreven recht niet aannemen, als zij niet in het staatsrechtelijke praktijk
wordt toegepast. Er moet ook nog een rechtsovertuiging bij de betrokkenen bestaan dat zij volgens
die praktijk behoren te handelen. Het is noodzakelijk om naast de geschreven grondwettelijke regels
ook regels van ongeschreven staatsrecht aan te nemen.

2.6 verdere bronnen van staatsrecht

Het staatsrecht omvat de rechtsregels, geschreven of ongeschreven, die de samenstelling en de
functionering van de organen van de staat, hun bevoegdheden en onderlinge verhouding regelen, en
het omvat bepaalde fundamentele normen over de verhouding van de burgers tot de overheid.

Organieke wetten: wetten die tot uitvoering van een grondwettelijke opdracht om een materie bij de
wet te regelen. Oftewel wetten die betrekking hebben op de organisatie van de staat en waarvan de
basis in de Grondwet is geregeld.

Een regeling waarover de Grondwet niet spreekt en die voor het Nederlandse staatsrecht van grote
betekenis is, is het koninklijk besluit 2 maart 1994 stb 203, waarbij het regelement van orde van de
ministerraad is vastgesteld. Behalve dit koninklijk besluit zijn ook nog van belang de besluiten van de
tweede en eerste kamer.

2.7 staatsrechtelijke band met Aruba, Curaçao en Sint Maarten

Nederland vormt samen met deze 3 landen het bestaande Koninkrijk der Nederlanden. De
verhouding tussen de vier landen wordt geregeld in het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden.
$5.86
Accede al documento completo:
Comprado por 74 estudiantes

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Reseñas de compradores verificados

Se muestran 7 de 10 comentarios
3 año hace

3 año hace

3 año hace

2 año hace

4 año hace

4 año hace

4 año hace

3.9

10 reseñas

5
4
4
3
3
2
2
0
1
1
Reseñas confiables sobre Stuvia

Todas las reseñas las realizan usuarios reales de Stuvia después de compras verificadas.

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
liekelitjens Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
290
Miembro desde
5 año
Número de seguidores
229
Documentos
2
Última venta
5 días hace

3.8

52 reseñas

5
14
4
17
3
18
2
0
1
3

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes