100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4.2 TrustPilot
logo-home
Otro

Rechtsbescherming tegen de overheid bestand tentamen - Tilburg University - stappenplannen, leerstukken en jurisprudentie

Puntuación
-
Vendido
3
Páginas
37
Subido en
15-01-2025
Escrito en
2023/2024

Dit bestand bevat alle leerstukken en jurisprudentie van het vak RTO. Ook jurisprudentie is uitgewerkt en aan het eind van het bestand volgt een jurisprudentielijst. Tentamen behaald met een 8.

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
15 de enero de 2025
Número de páginas
37
Escrito en
2023/2024
Tipo
Otro
Personaje
Desconocido

Temas

Vista previa del contenido

Week 1 – de drie B’s van het bestuursrecht

Belang onderscheid a-organen en b-organen in de zin van de Awb
Het onderscheid tussen een a-orgaan en b-orgaan is van belang vanwege de
toepasselijkheid van de Awb op de handelingen van het orgaan. Alle handelingen van a-
organen vallen binnen de reikwijdte van de Awb (art. 1:1 lid 1 sub a Awb). De handelingen
van een b-orgaan vallen enkel binnen de reikwijdte van de Awb wanneer zij openbaar gezag
uitoefenen, art 1:1 lid 1 sub b Awb.
 Voorbeeld b-orgaan: een garagehouder die APK-keuringen doet

Vaststellen van een a-orgaan
 Hoofdregel: een bestuursorgaan is een orgaan van een rechtspersoon die krachtens
publiekrecht is ingesteld, art. 1 lid 1 sub a Awb
 Indien dit niet direct uit het publiekrecht volgt, kijk je naar art. 2:1 BW
- Lid 1: De Staat, de provincies, de gemeenten, de waterschappen, alsmede alle
lichamen waaraan krachtens de Grondwet verordenende bevoegdheid is
verleend, bezitten rechtspersoonlijkheid.
- Lid 2: andere lichamen, waaraan een deel van de overheidstaak is opgedragen,
bezitten slechts rechtspersoonlijkheid, indien dit uit het bij of krachtens de wet
bepaalde volgt
- Lid 3: de volgende artikelen van deze titel, behalve artikel 5, gelden niet voor de
in de voorgaande leden bedoelde rechtspersonen.
 Ingeval van lid 2, bepaal of er sprake is van rechtspersoonlijkheid wat is vastgelegd in
de betreffende wet.
 Benoem dan ook dat het bestuur o.i.d. is belast met een publieke taak.

Het is van belang dat iemand als ‘belanghebbende’ in de zin van de Awb kan worden
aangemerkt, omdat:
- Dit dient als toegangsticket naar de bestuursrechter
- Op grond van art. 8:1 Awb kan iemand enkel naar de bestuursrechter stappen
wanneer hij belanghebbende is. Iemand zijn belang moet rechtstreeks bij een
besluit zijn betrokken, art. 1:2 lid 1 Awb.
- Het begrip belanghebbende is in de jurisprudentie aangevuld met de OPERA-
criteria. Hierdoor wordt het begrip belanghebbende gewaarborgd en wordt ervoor
gezorgd dat niet iedereen naar de bestuursrechter kan stappen. (Van belang bij
het vaststellen van een derde belanghebbende)

Onderscheid tussen belanghebbende:
1. Direct belanghebbende, art. 1:2 Awb:
- ‘’Degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken’’
2. Derde belanghebbende
- Om te worden aangemerkt als derde belanghebbende, dient er te worden voldaan
aan de OPERA-criteria, die voortvloeien uit jurisprudentie
 Objectief bepaalbaar belang
- Het moet te meten zijn. Niet enkel subjectief, dus gebaseerd zijn op emotie
 Persoonlijk belang
- Je bent zelf geadresseerde
- Een belang dat individueel van aard is. Je moet je voldoende kunnen
onderscheiden van de rest en daarom een onderscheidend belang hebben
 Eigen belang
- Je moet opkomen voor je eigen belang, en niet dat van een ander
- Je procedeert voor jezelf (tenzij je gemachtigd bent in de zin van art. 2:1 Awb)
 Rechtstreeks belang
- Het belang dient rechtstreeks getroffen te worden door het besluit

, - Causaliteit
 Actueel belang
- Het besluit heeft nu invloed op jouw belang, en niet pas in de toekomst

Stappenplan: mag iemand beroep instellen & vaststellen belanghebbende
1. Noem de hoofdregel: voor het instellen van bezwaar is vereist dat er sprake is van
(1) een belanghebbende in de zin van art. 8:1 jo 7:1 Awb en wiens (2) belang
rechtstreeks bij een besluit is betrokken (art. 1:2 Awb)
2. Kijk of het gaat om een direct belanghebbende in de zin van art. 1:2 lid 1 Awb:
- ‘’Degene wiens belang direct bij een besluit is betrokken’’
 Anders door naar stap 3
3. Kijk of het gaat om een derde belanghebbende aan de hand van de OPERA-criteria:
o Objectief bepaalbaar belang
 Niet enkel gebaseerd op subjectieve aspecten zoals emotie
o Persoonlijk belang
 Enig gevolg van betekenis
 Arrest ABRvS Mestbassin Mechelen: er moet aan twee criteria worden
voldaan, om je te in voldoende mate te onderscheiden van anderen.
 Er is sprake van gevolgen van enige betekenis, de gevolgen voor de
woon-, leef- of werksituatie van de betrokkene zijn niet gering
1. Het afstandscriterium
2. Zichtcriterium
o Eigen belang
 Je komt op voor je eigen belang, niet dat van een ander
o Rechtstreeks belang
 Het dient de belanghebbende rechtstreeks te raken.
 Causaal verband: voorbeeld: als …. Er niet was, was …. Niet gebeurd
 Let op! Soms is het toch mogelijk om als derde belanghebbende te
worden aangemerkt ondanks dat het causaal verband ontbreekt. Er is
dan sprake van een afgeleid belang via een andere belanghebbende.
Benoem hierbij het arrest CRvB intrekking Pgb (uitzondering op de
regel). In dit arrest is bepaald dat om met een afgeleid belang aan het
criterium van rechtstreeks betrokken belang te voldoen, sprake moet
zijn van directe financiële gevolgen die niet uitsluitend voortvloeien uit
de contractuele relatie
o Actueel belang
 Het dient nu te gebeuren, niet pas in de toekomst


Belang kwalificatie als een besluit in de zin van art. 1:3 lid 1 Awb of andere besluiten
1. Toepassingsbereik van de Awb
Sommige hoofdstukken van de Awb zijn enkel van toepassing op besluiten. Het is
daarom van belang of een besluit aan te merken is als een besluit in de zin van art.
1:3 lid 1 Awb of niet. Het dient onder het besluitbegrip te vallen.
2. Beperking toegang tot de bestuursrechter
Een belanghebbende (art. 8:1 Awb) mag enkel naar de bestuursrechter stappen
indien het gaat om een besluit in de zin van art. 1:3 lid 1 Awb. Indien het niet onder
het besluitbegrip valt, dient de belanghebbende geen beroep in te stellen bij de
bestuursrechter, maar bij de burgerlijke rechter.

Stappenplan: is er sprake van een besluit in de zin van art. 1:3 lid 1 Awb?
1. Beoordeel of er sprake is van een schriftelijke beslissing
- Schriftelijk bekendgemaakt/vastgelegd
2. Beoordeel of er sprake is van een bestuursorgaan

, - A-orgaan of b-orgaan
3. Publiekrechtelijke rechtshandeling
- Publiekrechtelijk: kijk in de betreffende wet of het betreffende bestuursorgaan
deze beslissing mag nemen.
- Rechtshandeling: arrest ABRvS Inzet Videoteam: een beslissing heeft een
rechtsgevolg, indien het erop is gericht een bevoegdheid, recht of verplichting
voor een of meer anderen te doen ontstaan of teniet te doen, dan wel de
juridische status van een persoon of zaak vast te stellen.
 Het moet gericht zijn op enig rechtsgevolg!
4. Beoordeel of er sprake is van de uitzondering: arrest ABRvS Bovenleidingportalen
Duiven
- In dit arrest is bepaald dat bij de vraag of voor het verrichten van een bepaalde
handeling een vergunning is vereist, dit oordeel in beginsel niet kan worden
aangemerkt als een publiekrechtelijke rechtshandeling in de zin van art. 1:3 lid 1
Awb. Echter zijn hierop twee uitzonderingen:
1) Als het aanvragen van een vergunning onevenredig bezwarend is (positief
oordeel BO: dus je moet wel een vergunning aanvragen)
2) Als het verzoek onomkeerbare gevolgen in het leven roept (negatief oordeel:
dus je hoeft geen vergunning aan te vragen)

, Week 2 – De bestuurlijke voorprocedure en de voorlopige voorzieningsprocedure

Functies van de bezwaarschriftprocedure
1) Rechtsbeschermingsfunctie/heroverwegingsfunctie
- De bezwaarschriftprocedure biedt de mogelijkheid tot een juridische
herbeoordeling van een aangevallen besluit. Zo kan de bestuursrechter opnieuw
naar het besluit en eventuele fouten kijken.
2) Filter- en zeeffunctie
- Het is om te voorkomen dat de bestuursrechter overspoeld raakt met
beroepsprocedures
3) Leer- en signaleringsfunctie
- Het bezwaarschrift en de behandeling daarvan kunnen gebreken in de
bestuurlijke organisatie aan het licht brengen en tot verbeteringen leiden. Het
betreft een signaalfunctie voor mogelijke problemen binnen de bestuurlijke
procedures.
4) Verduidelijkings- en dossiervormingsfunctie
- De bezwaarschriftprocedure draagt bij aan de voorbewerking van een zaak door
ervoor te zorgen dat de zaak beter afgebakend en gedocumenteerd bij de
bestuursrechter terechtkomt. Tijdens deze procedure kan ook nieuwe informatie
beschikbaar komen, waardoor de feitelijke grondslag voor het besluit
nauwkeuriger kan worden gereconstrueerd.
5) Compensatie voor het mandaat
- Het primaire besluit wordt vaak door een mandaatnemer (iemand lager in de
organisatie) genomen. Een beslissing op een bezwaar mag niet door dezelfde
persoon worden genomen. De mandaatgever kan controleren of de
mandaatnemer goed zijn werk heeft gedaan.

Voorlopige voorzieningsprocedure, art. 8:81 Awb – doel
Het doel van een voorzieningsprocedure (art. 6:15 Awb) is om tijdens de behandeling van het
hoofdgeschil voorlopige maatregelen te treffen om onherstelbare schade te voorkomen of om
de belangen van betrokken partijen te beschermen. De voorlopige voorzieningsprocedure
loopt naast de bodemprocedure. Deze procedure biedt mogelijkheid om stel tot een
voorlopige oplossing te komen in situaties waarin er sprake is van een spoedeisend belang.
- Besluit kan worden geschorst
- Voorlopige maatregelen kunnen worden getroffen
 Totdat er een definitieve uitspraak is in het hoofdgeschil.

Voorlopige voorzieningsprocedure – eisen voor ontvankelijkheid
 Connexiteitsvereiste
Dit betekent dat het verzoek moet worden gedaan hetzij tegelijkertijd met, hetzij na
het maken van bezwaar of het instellen van beroep ogv art. 8:81 lid 1 Awb. De
bodemprocedure moet reeds zijn opgestart.
 Hoedanigheid van de verzoeker
Art. 8:81 lid 2 jo 3 Awb: degene die het verzoek tot voorlopige voorziening instelt,
moet als partij (belanghebbende) kunnen worden aangemerkt in de lopende beroeps-
of bezwaarprocedure
 Formele vereisten
Art. 8:81 lid 4 jo 6:5 jo 6:6 Awb
 Voldoen griffierecht
Art. 8:82 lid 3 jo 8:41 lid 6 Awb
$8.41
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada


Documento también disponible en un lote

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
Lisa180814 Tilburg University
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
62
Miembro desde
4 año
Número de seguidores
10
Documentos
14
Última venta
2 días hace

3.9

7 reseñas

5
3
4
2
3
1
2
0
1
1

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes