H17) Lichamelijke en cognitieve ontwikkeling tijdens de late volwassenheid
17.1) Lichamelijke ontwikkeling tijdens de late volwassenheid
17.1.1) Oud worden: mythe en realiteit
Ouderdom = vaak geassocieerd met verlies (hersencellen, intellectuele vaardigheden, energie, libido).
Dit beeld verandert: de late volwassenheid wordt gezien als een fase v blijvende verandering.
Er is sprake v zowel ontwikkeling als achteruitgang, afh vh levensdomein.
Functionele leeftijd late volwassenheid kan niet alleen obv kalenderleeftijd worden gedefinieerd.
Fysiek en psychologisch welzijn zijn eveneens bepalend.
Gerontologen (specialisten die OZ doen naar ouder worden) onderscheiden 3 groepen:
o Jonge ouderen: gezond en actief
o Oude ouderen: problemen met gezondheid en dagelijkse bezigheden
o Oudste ouderen: kwetsbaar en zorgbehoevend
Kalenderleeftijd geeft slechts een indicatie en is niet doorslaggevend.
Demografen gebruiken dezelfde termen, maar hanteren leeftijdsgrenzen:
o Jonge ouderen: 65–74 jaar
o Oude ouderen: 75–84 jaar
o Oudste ouderen: 85 jaar en ouder
De demografie van de late volwassenheid
In 2022 was ong 20% vd bevolking v NL en Vl 65 jaar of ouder. Verwachte stijging in 2027 tot 23%.
Het aantal ouderen met een migratieachtergrond neemt toe. De sterkste vergrijzing vindt plaats onder
Surinaamse Nederlanders, gevolgd door Turkse en Marokkaanse Nederlanders.
Het aantal ouderen blijft toenemen door: stijgende levensverwachting en het ouder worden vd
naoorlogse babyboomgeneratie
De vergrijzing vd bevolking gaat over het aandeel ouderen (65j en ouder) in de bevolking dat jaar na
jaar toeneemt.
De verzilvering vd bevolking duidt op het toenemende aandeel oudste ouderen (80j en ouder) binnen
het segment vd oudere bevolking (65 jaar en ouder)
Er is sprake van dubbele vergrijzing
Wereldwijd groeit het aantal ouderen, vooral in minder ontwikkelde landen.
Tegen 2050 zal het aantal mensen v 60j en ouder groter zijn dan het aantal mensen v 15j en jonger.
Leeftijdsdiscriminatie: het hoofd bieden aan stereotypen over ouderdom
De late volwassenheid = vaak geassocieerd met neg. stereotypen zoals krakkemikkig, seniel en traag.
Deze bevooroordeelde beeldvorming leidt tot leeftijdsdiscriminatie (ageism).
Ageisme = proces v systematische neg. stereotypering en discriminatie v mensen omdat ze oud zijn.
Op die manier wordt geen rekening meer gehouden met de kenmerken vd individuele persoon.
Discriminatie obv leeftijd.
2
, Ouderen worden negatiever beoordeeld dan jongeren, vooral ovv competentie en aantrekkelijkheid.
Hetzelfde gedrag wordt anders geïnterpreteerd:
Bv. vergeetachtigheid bij ouderen wordt sneller als chronisch gezien. Bij jongeren als tijdelijk.
Verheerlijking van jeugd in West-Europese samenlevingen is jeugd sterk geïdealiseerd.
Stereotypen kunnen ook door ouderen zelf worden overgenomen, wat leidt tot self-fulfilling
prophecies.
Leeftijdsdiscriminatie is cultureel bepaald en komt vooral voor in individualistische samenlevingen.
In collectivistische culturen worden ouderen gerespecteerd om hun levenservaring en wijsheid.
Veel ouderen blijven gezond, zelfstandig en scherpzinnig. De late volwassenheid kan gepaard gaan
met groei en ontwikkeling, niet alleen met achteruitgang.
Voor het individu/volksgezondheid
Een survey toonde aan dat 1/2 personen matige tot ernstige ageism attitudes bezit.
Op de werkvloer
Oudere werknemers worden gezien als te duur, minder gemotiveerd en minder productief;
Het vooroordeel dat oudere mensen minder goed kunnen omgaan met digitale media.
Oudere werkzoekenden krijgen vaker te maken met vooroordelen over flexibiliteit en
uithoudingsvermogen. soms naar functies onder hun niveau verwezen, ondanks wettelijk verbod.
Discriminatie in de media
Beperkt aantal oudere personages in series en films, of worden gespeeld door jongere personen;
Worden als zorgafhankelijk, nors, koppig of cartoonesk in beeld gebracht
Ageisme in de zorgverlening
30% vd ouderen zou in aanraking komen met leeftijdsdiscriminatie door hulpverleners
Onderbehandeling, overbehandeling, elderspeak of gebrek aan motivatie bij zorgverleners om
het welzijn v ouderen te bevorderen
Ontoereikend communiceren met ouderen
Focus op achteruitgang
Gebrek aan holistische, activerende visie
Elderspeak = communicatiestijl die vaak (onbewust) gebruikt wordt door jongere mensen wanneer ze
spreken met ouderen. Het lijkt op “baby talk” en wordt gekenmerkt door
Overdreven langzaam spreken
Hoge toon of overdreven intonatie
Verkleinwoorden (“we gaan uw kleertjes aandoen”)
Simplistische zinnen of overmatige herhaling
Ouderen voelen zich neerbuigend behandeld / niet serieus genomen. Kan autonomie ondermijnen
The blue zones
Algemeen gezond levenspatroon dragen bij aan langere levensduur:
Zingeving
Veel beweging
Weinig stress
Een gemeenschap of familie
2