100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4,6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Praktische Economie / module 2 vwo bovenbouw - Economie

Rating
-
Sold
-
Pages
8
Uploaded on
14-11-2025
Written in
2024/2025

Deze samenvatting behandelt de fundamentele economische principes van Vraag en Aanbod en de prijsvorming op de markt.Het document begint met het verklaren van het economische probleem van schaarste en introduceert de wet van de vraag, waarbij de betalingsbereidheid van consumenten centraal staat. Het maakt een onderscheid tussen de individuele en de collectieve vraag en definieert de verschillende factoren, zoals substitueerbare en complementaire producten, die de vraag beïnvloeden.Een belangrijk deel van het hoofdstuk is gewijd aan elasticiteiten. De samenvatting legt uit hoe de prijselasticiteit van de vraag ($E_p$) de gevoeligheid van consumenten voor prijswijzigingen meet (onderscheid tussen elastisch en inelastisch). Vervolgens wordt de inkomenselasticiteit ($E_i$) gebruikt om goederen te classificeren als inferieur of luxe goed, en de kruislingse prijselasticiteit ($E_k$) om de relatie tussen twee goederen te bepalen.Het tweede deel focust op de wet van het aanbod en de factoren die de aanbodlijn bepalen. De nadruk ligt op de marginale kosten van de producent als belangrijkste oorzaak voor een verschuiving van de aanbodlijn.Ten slotte wordt de interactie tussen vraag en aanbod geanalyseerd, waarbij de totstandkoming van de evenwichtsprijs en de evenwichtshoeveelheid op de markt wordt uitgelegd. De samenvatting beschrijft ook grafisch de mechanismen van een verschuiving op de lijn (door prijsverandering) en een verschuiving van de lijn (door niet-prijsfactoren) voor zowel de vraag als het aanbod.

Show more Read less
Level
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
4

Document information

Uploaded on
November 14, 2025
Number of pages
8
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

Economie module 2
Hoofdstuk 1: de vraag naar producten

§1: De individuele vraag
De spanning tussen de onbegrensde behoeften en de beperkte middelen is schaarste
De wet van de vraag: hoe hoger de prijs, hoe kleiner de gevraagde hoeveelheid,
P↑→Qv↓. Dit negatieve verband kan verklaard worden met de betalingsbereidheid:
de maximale prijs die een consument bereid is te betalen voor één product, bij een
gegeven aantal. Hierbij geldt: hoe meer de consument van een bepaald product bezit,
hoe lager de betalingsbereidheid voor een extra exemplaar. De individuele vraag is
het aantal eenheden dat een consument ergens van wil kopen bij een bepaalde prijs.

Wat de betalingsbereidheid van een product bepaalt:
- Individuele voorkeuren
o Hoe meer voorkeur -> hoe meer je er bereidt bent voor te betalen, de
vraaglijn verschuift naar rechts.
- Het beschikbare budget
o De individuele vraag naar een product neemt meestal toe als de vrager
over een groter budget beschikt.
- Substitueerbare producten
o Ze voorzien in de bevrediging van dezelfde behoefte. De individuele vraag
naar een product vermindert als er substituten voor bestaan.
- Complementaire producten
o Het zijn producten die alleen in combinatie met elkaar een behoefte
kunnen bevredigen. De betalingsbereidheid voor één van deze producten
neemt toe als het complementaire product al in bezit is.
- Exogene factoren
o Jij hebt er geen invloed op maar het bepaalt wel jouw keuze.

De prijs beïnvloedt de vraaglijn niet. Een prijsverandering zorgt voor een verandering
op de vraaglijn en niet van de vraaglijn.

De discrete vraag is de vraag waarbij de gevraagde hoeveelheid telkens een heel
getal is. Als de gevraagde aantallen alle reële getallen mogen zijn, kan de vraag van
de consument worden weergegeven als een vraaglijn: de lijn die het verband
weergeeft tussen de gevraagde hoeveelheid en de prijs. Als de lijn één consument
betreft, is het een individuele vraaglijn.

Op basis van de vraaglijn kan het welbevinden van de consumenten worden bepaald:
het consumentensurplus: het voordeel dat de consumenten ervaren doordat men
minder hoeft te betalen dan men bereid is te betalen. Hierbij geldt P ↑ → CS ↓ en
andersom: P ↓ → CS ↑.

§2: De collectieve vraag
- De individuele vraag is de vraag van 1 consument.
- De collectieve vraag is de vraag van een collectief (groep consumenten).
- Een ondernemer is doorgaans meer geïnteresseerd in de vraag van een
collectief dan van 1.
- De collectieve vraaglijn is gelijk aan de optelsom van de individuele
vraaglijnen
Het gebied waar de producent zijn gebied verkoopt is het afzetgebied.
Het collectieve consumentensurplus is de optelsom van het individuele
consumentensurplus van alle individuen in de groep die het product koopt. Hoe meer

, consumenten een product kopen, hoe groter het consumentensurplus. CS = ½ *
hoogte * breedte.


§3: Prijselasticiteit
Een producent wil weten wat het effect is van een prijsverandering op zijn omzet:
prijs x gevraagde hoeveelheid. Om te weten of een afzetstijging tegen een
prijsverlaging opweegt of andersom moet een producent de prijselasticiteit van de
gevraagde hoeveelheid weten.

De procentuele verandering van de vraag (Qv) als gevolg van een procentuele
verandering van de prijs (P). ev is over het algemeen negatief, want wanneer P↑ gaat
Qv↓ en andersom
- Oorzaak: De prijs
- Gevolg: De gevraagde hoeveelheid

In formulevorm:
ev = procentuele verandering v.d. gevraagde hoeveelheid
procentuele verandering v.d. prijs
Afgekort als:
% Δ Qv
ev =
%Δ P

Waarde Procentuele Bij een Gevolg voor omzet
prijselasticiteit veranderingen
ev=0 Volkomen inelastisch Prijsverhogin Omzet stijgt
g
-1< ev< 0 Inelastisch Prijsverhogin Omzet stijgt
g Omzet daalt
Prijsverlaging
ev =-1 Inelastisch noch Prijsverhogin Omzet blijft gelijk
elastisch g
ev <-1 Elastisch Prijsverhogin Omzet daalt
g Omzet stijgt
Prijsverlaging
ev =-oneindig Elastisch Prijsverhogin Omzet verdwijnt
g

Bij producten waarvoor geldt dat de prijselasticiteit positief is heten giffengoederen.
Het is het gevolg van een inkomenseffect.
De ev verschilt op ieder punt van de vraaglijn. Eenzelfde absolute verandering geeft in
een ander vertrekpunt immers een andere relatieve (%) verandering en dus een
andere elasticiteit. Hoe lager het punt op de vraaglijn (hoe kleiner P), hoe dichter de
waarde van ev ligt bij de 0 (hoe groter ev).

De kruislingse prijselasticiteit wordt gedefinieerd als:
De procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid van goed A (QvA) als
gevolg van een procentuele verandering van de prijs van goed B (PB)
Oorzaak: De prijs van goed B
Gevolg: De gevraagde hoeveelheid van goed A
% Δ QvA
ek =
% Δ PB
Bij de kruislingse prijselasticiteit (EK) geldt:
R166,06
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
karlijnadema

Get to know the seller

Seller avatar
karlijnadema
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
New on Stuvia
Member since
2 months
Number of followers
0
Documents
12
Last sold
-

0,0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can immediately select a different document that better matches what you need.

Pay how you prefer, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card or EFT and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions