Kaderstelling
Men maakt al zeer lang gebruik van natuurlijke polymeren zoals katoen
(cellullose) , hout (cellullose), rubber, wol(keratine), zijde
andere natuurijke polymeren, zoals proteïnen, enzymen, zetmeerl,... → belangrijk
in biologische en fysiologische processen in mensen, dieren en planten
eerste semi-synthetisch polymeer 1838 → celluloid (katoen behandelen met
salpeterzuur en kamfer toevoegen)
eerste volledig synthetisch polymeer → bakkeliet → in 1909 gesynthetiseerd door
Leo Baekeland
vanaf 1930 → snelle ontwikkeling van nieuwe polymeren uit kleine organische
moleculen
polymeren: macromoleculen (enorm groot tov koolwaterstofmoleculen waaruit ze
zijn opgebouwd (monomeren))
aardolie is een zeer belangrijke grondstof voor het verkrijgen van monomeren
(hieruit opzuiveren)
organische chemie/koolstofchemie
koolstof: misschien wel het belangrijkste element op aarde → basis voor de
polymeren, fullerenen, nanotechnologie
C heeft 4 bindingsmogelijkheden
4 bindingspartners (4-)
3 bindingspartners (2- en 1=)
2 bindingspartners (1- en 1 ≡, ofwel 2 =)
,Koolstofverbindingen
enorm veel koolstofverbindingen : enorme variëteit van koolstofketens
koolwaterstoffen : enkel C en H
functionele groep: + hetero-atoom (Cl, OH, NH2,...)
KWS (met brutoformule CnHy)
Alkanen
volledig verzadigde KWS (geen enkele dubbele bindingen): CnH2n+2
(brutoformule) bevatten dus enkel enkelvoudige bindingen
vrije draaibaarheid rond enkelvoudige bindingen
naamgeving alkanen
naamvorming gebeurt volgens de regels van IUPAC
prefix (geeft aantal C-atomen aan) + suffix (-aan)
te kennen:
van deze alkanen kunnen we GEEN polymeren maken
alkylgroepen
alkyl = alkaan - 1 H-atoom
substituent
naamvorming: suffix veranderd van -aan naar -yl
Bruto- en structuurformules
isomeren : stoffen met hetzelfde aantal C-atomen en H-atomen (of andere
atomen) dus dezelfde brutoformule maar een verschillende structuur
,Alkenen
brutoformule: CnH2n
dubbele binding: belangrijk reactief centrum (→ polymeren!) (kleine
moleculen achter elkaar hangen, door het openbreken van dubbele
bindingen wordt het een reactief centrum waardoor je veel etheen of
propeen moleculen achter elkaar kan hangen en je dus een polymeer bekott)
naamvorming: suffix -een
alkenyl groepen
alkenyl = alkeen - 1 H-atoom
naamvorming: suffix -yl (-
CnH2n-1) vb vinyl : CH2=CH−
vb vinylchloride CH2=CH−Cl (hieruit maak je pvc): monomeer voor polivinyl
geometrische isomerie: cis/trans isomeren
Rond een dubbele binding is er geen vrije draaibaarheid
trans: substituenten staan aan verschillende kant in dubbele
binding cis: substituenten aan dezelfde kant
uit cis-monomeer: cis-
polymeer trans-monomeer:
trans-polymeer
bepaald mee structuur & eigenschappen
, alkynen
Men maakt al zeer lang gebruik van natuurlijke polymeren zoals katoen
(cellullose) , hout (cellullose), rubber, wol(keratine), zijde
andere natuurijke polymeren, zoals proteïnen, enzymen, zetmeerl,... → belangrijk
in biologische en fysiologische processen in mensen, dieren en planten
eerste semi-synthetisch polymeer 1838 → celluloid (katoen behandelen met
salpeterzuur en kamfer toevoegen)
eerste volledig synthetisch polymeer → bakkeliet → in 1909 gesynthetiseerd door
Leo Baekeland
vanaf 1930 → snelle ontwikkeling van nieuwe polymeren uit kleine organische
moleculen
polymeren: macromoleculen (enorm groot tov koolwaterstofmoleculen waaruit ze
zijn opgebouwd (monomeren))
aardolie is een zeer belangrijke grondstof voor het verkrijgen van monomeren
(hieruit opzuiveren)
organische chemie/koolstofchemie
koolstof: misschien wel het belangrijkste element op aarde → basis voor de
polymeren, fullerenen, nanotechnologie
C heeft 4 bindingsmogelijkheden
4 bindingspartners (4-)
3 bindingspartners (2- en 1=)
2 bindingspartners (1- en 1 ≡, ofwel 2 =)
,Koolstofverbindingen
enorm veel koolstofverbindingen : enorme variëteit van koolstofketens
koolwaterstoffen : enkel C en H
functionele groep: + hetero-atoom (Cl, OH, NH2,...)
KWS (met brutoformule CnHy)
Alkanen
volledig verzadigde KWS (geen enkele dubbele bindingen): CnH2n+2
(brutoformule) bevatten dus enkel enkelvoudige bindingen
vrije draaibaarheid rond enkelvoudige bindingen
naamgeving alkanen
naamvorming gebeurt volgens de regels van IUPAC
prefix (geeft aantal C-atomen aan) + suffix (-aan)
te kennen:
van deze alkanen kunnen we GEEN polymeren maken
alkylgroepen
alkyl = alkaan - 1 H-atoom
substituent
naamvorming: suffix veranderd van -aan naar -yl
Bruto- en structuurformules
isomeren : stoffen met hetzelfde aantal C-atomen en H-atomen (of andere
atomen) dus dezelfde brutoformule maar een verschillende structuur
,Alkenen
brutoformule: CnH2n
dubbele binding: belangrijk reactief centrum (→ polymeren!) (kleine
moleculen achter elkaar hangen, door het openbreken van dubbele
bindingen wordt het een reactief centrum waardoor je veel etheen of
propeen moleculen achter elkaar kan hangen en je dus een polymeer bekott)
naamvorming: suffix -een
alkenyl groepen
alkenyl = alkeen - 1 H-atoom
naamvorming: suffix -yl (-
CnH2n-1) vb vinyl : CH2=CH−
vb vinylchloride CH2=CH−Cl (hieruit maak je pvc): monomeer voor polivinyl
geometrische isomerie: cis/trans isomeren
Rond een dubbele binding is er geen vrije draaibaarheid
trans: substituenten staan aan verschillende kant in dubbele
binding cis: substituenten aan dezelfde kant
uit cis-monomeer: cis-
polymeer trans-monomeer:
trans-polymeer
bepaald mee structuur & eigenschappen
, alkynen