Functioneel gecijferd: mensen ook buiten school hun rekenvaardigheid
optimaal kunnen gebruiken in dagelijkse situaties die daarom vragen. Bij
functionele gecijferdheid gaat het om adequaat kunnen handelen met getallen,
maten en hoeveelheden in functionele, dagelijkse situaties.
Professionele gecijferdheid: van leraren betreft zowel de inhoudelijke
rekenwiskundige kennis als de vakdidactische kennis, vaardigheden en inzichten
die de leraar nodig heeft om het leren van rekenen-wiskunde door
basisschoolleerlingen mogelijk te maken.
Expertgroep doorlopende leerlijnen heeft voor het eind van het basisonderwijs
voor rekenen-wiskunde twee referentieniveaus geformuleerd: streefniveau 1S en
fundamenteel niveau 1F. Eind basisschool doel van 1S beheersen.
Minimum/fundamenteel niveau 1F.
Het model hoofdfasen (leerlijnenmodel) in de leerlijn is in eerste instantie een
didactisch model voor de leerkracht, een rode draad. Het model kan de leraar
helpen de 4 hoofdfasen binnen de verschillende leerlijnen te herkennen. En deze
gefaseerd aan te bieden aan de leerlingen.
1. Begripsvorming
Begrip krijgen van het concept vermenigvuldigen door het te leren
herkennen als een handige manier van verkort optellen. 3+3+3 is 3x3.
2. Ontwikkelen van oplossingsprocedures(cijferend rekenen)
Strategieën en modellen gebruiken, zoals: groepjesmodel,
rechthoekmodel.
Oplossingsprocedures: de leerlingen gebruiken basisbewerkingen,
hoofdrekenen en rekenen op papier, rekenmachine, schatten en precies
rekenen.
Modellen: een schematiseren van de werkelijkheid.
Strategieën: bijvoorbeeld verdubbelen, halveren, omkeerregel etc.
3. Vlot leren rekenen en automatiseren
Inoefenen van de tafels: verkorten van de strategie en memoriseren
tafels.
4. Flexibel toepassen
Complexere berekeningen en contextopgaven.
Memoriseren: het uit het hoofd leren van dingen.
Automatiseren: het zo goed aanleren van bepaalde vaardigheden dat je die
vrijwel wonder na te denken kunt uitvoeren.
Technisch rekenen: er wort veel geoefend om vlotter te kunnen rekenen.
Informele rekentaal: taal die kinderen gebruiken in alledaagse situaties
waarbinnen ze rekenen of rekenbegrippen hanteren. (verkennen ruimte,
ontdekken hoeveelheden)
Formele rekentaal: taal die op school wordt gehanteerd. (groep 3)
1