100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4,6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Heuristiek Middeleeuwen (Theorie)

Rating
-
Sold
1
Pages
31
Uploaded on
03-07-2023
Written in
2022/2023

Dit waren een paar van de leukste lessen van het eerste semester. Prof. Vanderputten vertelt fantastisch en draagt dit vak volledig. De lessen zijn écht een meerwaarde. In deze samenvatting heb ik dan ook veel werk gestoken (o.b.v. lesnotities, werkcolleges, ppt's en het handboek). De theorie is soms wel verwarrend, aangezien ze verspreid is over de lessen heen en soms niet overeenkomt met het handboek. In de samenvatting heb ik structuur aangebracht, waardoor alles wat je moet weten over de theorie erin staat. Uitstekende examenvoorbereiding. In een ander document "Samenvatting Heuristiek Middeleeuwen (Capita Selecta)" heb ik de praktijklessen samengevat. Het betreft een openboek examen, maar vergis u niet haha. Moeilijker dan je denkt, waardoor een goed overzicht zeker van past komt.:)))

Show more Read less
Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
July 3, 2023
Number of pages
31
Written in
2022/2023
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting Heuristiek van de Middeleeuwen
Typologie en Heuristiek van de bronnen voor de geschiedenis van
de Middeleeuwen




1

,INHOUDSOPGAVE
1. Typologie v. Middeleeuwse geschreven bronnen ................................................................................................... 3
1.1. Verhalende bronnen ....................................................................................................................................... 3
1.1.1. Geschiedschrijving/historiografie............................................................................................................ 4
1.1.1.1. GENRE 1: ANNALEN ............................................................................................................................. 5
1.1.1.2. GENRE 2: Kronieken, historiën en gesta.............................................................................................. 6
1.1.1.3. GENRE 3: Afgeleiden en emulaties v/d antieke historiografie........................................................... 11
1.1.2. Originele middeleeuwse genres ............................................................................................................ 12
1.1.3. Hagiografische bronnen ........................................................................................................................ 13
1.2. Niet-Verhalende bronnen ............................................................................................................................. 15
1.2.1. Juridische bronnen (1): Normatieve bronnen ....................................................................................... 15
1.2.2. Juridische bronnen (2): Bronnen uit de rechtspraak ............................................................................. 18
1.2.3. Juridische bronnen (3): Oorkonden....................................................................................................... 20
1.2.4. Juridische bronnen (4): Notariële akten (gastcollege Falco) – GE v/h publieke notariaat ..................... 22
1.2.5. Administratieve bronnen (1): Statistische administratieve bronnen .................................................... 24
1.2.6. Administratieve bronnen (2): Dynamische administratieve bronnen ................................................... 26
1.2.7. Andere brontypes ................................................................................................................................. 29
2. Addendum: Het Bourgondische financiële bestel ................................................................................................. 30




2

,1. TYPOLOGIE V. MIDDELEEUWSE GESCHREVEN BRONNEN
1.1. Verhalende bronnen
Traditioneel worden geschreven bronnen uit de Middeleeuwen opgedeeld in 2 grote groepen: de
verhalende/narratieve bronnen, en de archivalische bronnen. Wat is het verschil tss beiden?

▪ Archivalische bronnen = producten v/h beheer en instandhouding v/e instelling (in de brede zin > voor
individuen, groepen, instellingen, staten… en andere vormen van doelmatige organisatie)
o Van private of publieke aard
o Sociale , economische, politieke of normatieve inhoud
o Hebben allen als doel de werking v/e instelling te verzekeren

▪ Narratieve bronnen = auteur wenst info over te dragen, overtuigen v/e opinie, een historische vb. gebruiken
om een hedendaagse boodschap te geven
o Niet enkel fictieliteratuur (!) > vertellen verhaal (in brede zin) maar geen fictie: ‘ze geven info’ met een
bepaalde ‘waarheidsclaim’
▪ Suspension of disbelief 1 > auteurs die (bewust) onwaarheden verspreiden waarvan wij (de
lezer) ook weten dat het onwaar is (cf. kan om o.a. iets te illustreren d.m.v. allegorieën en
beeldtaal)
• Narratio rei gestarum = Gebeurtenissen woorden voorgesteld als waar gebeurd
• Vb. Hertogen van Brabant, beginnen met claim dat hertogen afstammen van Aeneas
en koningen van Troje, ook me publiek zal hier zijn vragen bij stellen
o Meestal overgeleverd in handschriften/manuscripten/codices, bundels papyrus, perkament of papier
(in boekvorm) maar enkele opmerkingen:
▪ Opgelet handschrift/manuscript/codex = document in boekvorm) ≠ schrift (> algemeen
fenomeen dat mensen schrijven) ≠ geschrift (> leesbaarheid v/h ‘handschrift’)
▪ Autograaf = Wanneer het origineel v/e tekst nog bewaard is
▪ Afschrift/kopie = een latere kopie v/e tekst

Aangezien veel afschriften afwijkingen vertonen ten aanzien v/h origineel is het vaak een hele zoektocht om het
origineel te achterhalen, maar hoe probeert men dit toch te doen?

▪ Methode-Lachmann – stemma codicum (‘wortel van handschriften’) = tekstfragmenten worden vergeleken
om zo een ‘stamboom v. varianten’ te reconstrueren > Relaties tss bewaarde kopieën en het origineel
achterhalen
o Postivisme (19de eeuw; verwetenschappelijking v/d historiografie) > kpiePen als louter afgeleiden v/d
‘oertekst’
o Huidige visie > kopieën ook als volwaardige tekstgetuigen (met hun eigen bijzonderheden)
▪ Leren ons veel over de tijd waarin de kopie tot stand kwam
▪ Interesses toenmalige auteurs en de populariteit v/e tekst
▪ (On)bewuste weglatingen uit een manuscript kunnen iets vertellen over de belangstelling, of
over de bijbedoelingen van de kopiist om de tekst te verspreiden > doelbewust verzwijgen?




1
= de bereidheid van een lezer of toeschouwer om bij een fictief verhaal zijn scepticisme tijdelijk opzij te zetten. Gebeurtenissen
die in werkelijkheid niet mogelijk zijn worden geaccepteerd als “wel mogelijk” binnen het fictieve universum waarin het verhaal
zich afspeelt.
3

, 1.1.1. Geschiedschrijving/historiografie
Als eerste onder de verhalende bronnen vinden we de geschiedschrijving, maar wat houdt dit in? En wat zijn haar
kenmerken?

▪ = Verhalende teksten die ontstaan zijn (a) ten bate v/d historische (collectieve) herinnering (memoria) en (b)
met het oog op betekenisgave aan zowel verleden als heden, ten behoeve van zowel tijdgenoten als
nageslacht.
o Iedere opgetekende herinnering aan het verleden, hoe onbetekenend ook, is in dit soort bronnen het resultaat
van een waardeoordeel (gesta memorabilia) en beantwoordt aan de intenties van de auteur.
▪ > wat in tekst komt is sterk gerelateerd aan de objectieven van een tekst
▪ > sterke rol van auteursintenties in welke gebeurtenissen gerapporteerd worden (en welke niet)
o Het gaat in geschiedschrijving uitdrukkelijk om het verhalen van gebeurtenissen die voor waar worden aanzien
(narratio rei gestarum) en die om één of andere reden het herinneren waard zijn (gesta memorabilia).
o Formeel richt de geschiedschrijving zich op een chronologische afwikkeling van wat de auteur te vertellen heeft.
Anderzijds betekent dat niet noodzakelijk dat er over de tijd heen inhoudelijke verbanden gelegd worden

Geen enkele ME auteur beschrijft het verleden uit belangeloze interesse. Er zijn bepaalde vooropgestelde
uitgangspunten, die divers van aard zijn, o.a. politiek, ethisch, didactisch. Welke doelen zijn er?

1) Het verleden, het heden en (soms ook) de toekomst betekenis geven:
▪ Mensen idee geven van waar ze vandaan komen, en waar ze naartoe (moeten) gaan (> richting en
identiteit geven) + ‘Hoe stel je je tegenover de andere?’
➢ Selectie v/d feiten (o.b.v. ordening, beschrijving en interpretatie) kan de betekenis drastisch
veranderen.
➢ Vaak alsnog moeilijk intenties te achterhalen
▪ Gervasius v. Canterbury (12de eeuw) > onderscheid tss 2 geschiedschrijvingen:
➢ Chronographia: Vergangenheitsgeschichte = vertelling/schrijven over verleden
➢ Historiographia: Gegenwartsgeschichte = eigentijdse geschiedenis (> eerder ‘hoe we gekomen
zijn tot hoe het nu is’ (!)

ALGEMEEN IDEE: Gewoon naar het verleden kijken omdat het gepasseerd is heeft volgens de ME geen nut. Als
er een doel achter zit (o.a. om betekenis te verkrijgen uit het verleden, heden en toekomst dan wel. Het moet relevant
zijn voor het nu: altijd doelmatigheid v. legitimatie of moralisering. Kijken naar het verleden óm het verleden (zonder
vraagstelling) is zinloos.
2) Legitimatie:
▪ > legitimeren van het bestaan van een instelling, koningshuis, dominantie bepaalde instellingen;
bestaan van bepaalde volkeren
3) Moralisering:
▪ > les leren uit het verleden: kijk naar het verleden om bij te leren (‘Hoe heeft men bepaalde etnische
spanningen kunnen oplossen?’), maar men moet voorzichtig zijn met lessen trekken uit het verleden
(o.a. door subjectiviteit v/d teksten: bewust weglatingen etc.)
▪ > opnieuw verleden gebruiken om betekenis en richting te geven aan heden en toekomst.
4) Inbedding in historische theologie (>
▪ Ambigue term historia: Bijbelgeleerden verwijzen met deze term naar de kennis die wordt verworven
uit de letterlijke lezing van de Bijbel
➢ aantonen dat er patronen zijn in het menselijke leven en de schepping als geheel, relatie van
de mens met God, ...
➢ Cf. middeleeuwse geschiedtheoretici passen op dezelfde manier zingeving toe op het verleden.

Naast zingeving en intentie spelen nog 2 factoren een doorslaggevende rol bij de interpretatie v. historiografische
teksten, dewelke?

1) Context = zo ruim mogelijk aantal factoren dat in relatie staat tot de natuurlijke en socio-culturele omgeving
waarin de geschiedschrijver actief was
2) Vorm = formele wijze waarop de historische gegevens gepresenteerd worden
4
R166,39
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Document also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
FearOfTheFury Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
127
Member since
3 year
Number of followers
50
Documents
42
Last sold
1 day ago

4,1

22 reviews

5
11
4
5
3
5
2
0
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can immediately select a different document that better matches what you need.

Pay how you prefer, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card or EFT and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions