100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4,6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting landschap in je eigen omgeving

Rating
-
Sold
-
Pages
6
Uploaded on
22-03-2023
Written in
2019/2020

samenvatting van aardrijkskunde over 'Landschap in je eigen omgeving' (vwo)

Level
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
3

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 6
Uploaded on
March 22, 2023
Number of pages
6
Written in
2019/2020
Type
Summary

Subjects

Content preview

Aardrijkskunde H6 paragraaf 1,2,3
Paragraaf 1 – Dynamiek op de wadden
Getijstromen
Het waddengebied in Nederland bestaat uit de waddeneilanden, de Waddenzee en een
smalle kuststrook van ede aangrenzende provincies Noord-Holland, Friesland en Groningen.
De grote natuurkracht in het waddengebied is water. De Waddenzee stroomt elke 24 uur
twee keer vol (vloed) en leef (eb). Dat is het getij.

De Waddenzee is een ondiepe binnenzee die vrijwel geheel omsloten is door land. Het ene
moment kijk je uit over drooggevallen zandplaten, een paar uur later staat alles weer onder
water.
De vloedstroom in het waddengebied komt vanuit het westen en verplaatst zich oostwaarts
langs de waddeneilanden. Na ongeveer 6 uur gaat er een minder sterke ebstroom de andere
kant op: oost  west.
1 keer in de twee weken is er extra hoog water: springtij.

De Waddenzee
De Waddenzee bestaat uit verschillende onderdelen.
- Zeegaten (30 – 40 m diep), hierdoor stroom het Noordzeewater tussen de eilanden
de Waddenzee in. Ook de zijtakken van de zeegaten, de geulen, zijn altijd gevuld met
water. In het water zweven veel deeltjes: sommige zijn licht, zoals kleideeltjes,
andere zwaar, zoals grof zand. Die zwevende deeltje in het water noem je slib. In de
geulen stroomt het water zo snel, dat alleen zwaardere slibdeeltjes naar de bodem
zakken (bezinken).
- De wadplaten vallen bij eb droog. Ze worden langzaam opgehoogd met fijnere
slibdeeltje die bezinken als het water stilstaat bij de overgang van eb naar vloed. Op
de platen stromen kleien geultjes: de prielen, die bij eb water afvoeren naar de
grotere geulen en dan ook droogvallen.
- Het wantij is de plek ten zuiden van een eiland. Ze liggen op de plek waar
vloedstromen vanuit twee zeegaten samenkomen. Er is weinig stroming, dus veel
bezinking.

Een waddeneiland
De meeste waddeneilanden liggen evenwijdig aan de kust  ze zijn door de Waddenzee
gescheiden van het vasteland.
Op de ‘kop’ en de ‘staart’ van een eiland liggen enorme zandbakken. De zandbakken
veranderen steeds van plek: bij storm worden ze weggeslagen, in rustige tijden worden ze
weer opgebouwd  veranderen steeds van plek door wisselende golven, getijstromen en
zandaanvoer (of: dynamiek).

Langs de hele Noordzeekust van een eiland liggen brede zandstranden, met duinen erachter.
Op de hogere, drogere delen van het strand ontstaan lage duintjes  door de wind waait
zand op, dat verderop achter een obstakel blijft steken  na een tijdje groeien ze uit tot een
duinenrij. Dit proces herhaalt zich, waardoor een breed duingebied ontstaat.

, Aan de waddenkant van het eiland ligt een kwelder: een begroeid stuk land dat direct aan
zee grenst en alleen bij hoge vloed (storm, springtij) overstroomt. Ze worden verhoogd door
laagjes slib die het water achterlaat.
Een slenk voert het water af naar zee. Op een kwelder groeien alleen planten die goed tegen
zout water kunnen. Kwelder zijn beschermde natuurgebieden.

Op het vasteland werd het opslibben van de kwelders geholpen door
landaanwinningswerken: het winnen van land op zee door meer slib te laten bezinken in
rustige water achter lage dammetjes van palen, takken en grond. Door het indijken van
stukken land die hoog genoeg waren opgeslibd, schoof de kustlijn telkens een stukje
zeewaarts op.
Binnenzee  Zoutwatergebied dat (bijna) geheel is omsloten door land.

Eb  Periode van afgaand water.

Duinen  Door de wind opgeworpen heuvels van zand.

Getij  De dagelijkse beweging van opkomend en afgaand water.

Geul  (in de waddengebieden) Zijtak van een zeegat in de Waddenzee die altijd onder
water staat.

Kwelder  Een begroeid stuk land dat direct aan zee grenst en alleen bij hoge vloed
overstroomt.

Landaanwinningswerken  Het winnen van land op zee door meer slib te laten bezinken in
rustig water achter lage dammetjes van palen, takken en grond.

Priel  Kleine droogvallende geul op een wadplaat.

Sediment  Afzettingsmateriaal. Als dat materiaal wordt afgezet, heet dat sedimentatie.

Slenk  Hier: waterloop op een kwelder. Heet ook kreek.

Slib  Zwevende deeltjes in het water.

Springtij  Extreem hoog water (bij volle en nieuwe maan).

Vloed  Periode van opkomend water.

Wadplaat  Hoog opgeslibd plaat in een waddenzee die bij eb droogvalt.
Wantij  Ondiepe plek in een waddenzee waar de vleodstromen uit twee zeegaten bij
elkaar komen.

Zeegat  Toegang tot de open zee vanuit een rivier, zeearm of binnenzee.

Grondsoort  Los materiaal aan de oppervlakte van de aardkorst.
R76,60
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
josephineknuif

Get to know the seller

Seller avatar
josephineknuif
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
2 year
Number of followers
0
Documents
19
Last sold
7 months ago

0,0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can immediately select a different document that better matches what you need.

Pay how you prefer, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card or EFT and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions