Sociale psychologie (schriftelijk examen)
Hoofdstuk 1: wat is sociale psychologie?
Sp= een studie die tracht te begrijpen, verklaren en voorspellen hoe de
gedachten, gevoelens en gedragingen van individuen beinvloed worden
door de waargenomen, ingebeelde of impliciete gedachten, hevoelens en
gedragingen van anderen
De dancing plague
1518
Straatsburg
Vrouw plots op straat te dansen, uren aan een stuk
Tot ze van uitputting in elkaar stuikte
Toen ze bijkwam: weer dansen
Mogelijk 400 streekgenoten besmet met dansziekte
Kenmerken
o Langdurig
o Meerdere dagen
o Dansers bewogen in groep van ene gemeente nr de andere
o Soms onvrijwillig
Smeking aan omstaanders om hen te doen stoppen met dansen
Verschillende verklaringen
o Bezetenheid duivel, beet tarentula, schimmel, epilepsie
In regios met moeilijke economische tijd en vooral arme bevolking
Stressfactoren als gevolg van moeilijke omstandigheid leidt tot
psychische aandoening
Waarom dansen?
o Dansen toegepast om onheil af te wenden
o Combi van massahysterie en angst voor de legende van de
dansplaag
Door sociale beinvloeding dezelfde sympromen vertonen
Invloed op anderen op een individu hebben is meestal dwingend en
tegelijk onbewust
Paul Watzlawick= je kan niet niet communiceren
Als je aan anderen het signaal geeft dat je niet met hen wil
converseren, converseer je met hen door te zeggen daj je niet wil
converseren
Je kan ni ni beinvloed worden door anderen
Vb iemand privacy geven en ni daarnaast gaan zitten in trein=
respect= ook communicatie
Waarom word je beinvloed door anderen
, We zijn kuddedieren en we hebben anderen nodig
Iedereen heeft rollen en rolverwachtingen
Je moet jouw vaardighedne uitwisselen met die van de anderen
Begrijpen, verklaren en voorspellen
o Hoe reageren individuen in sociale situaties?
of
o Wat is de invloed van (de aanwezigheid en het gedrag van) anderen
op een individu?
o Belangrijk gegeven: je wordt ALTIJD door anderen beïnvloed!
(Watzlawick: je kan niet niet communiceren)
o Dus: zowat alle gedrag is sociaal gedrag
o Maar hier: meestal de expliciete interactie tussen individuen
o We worden beïnvloed door anderen, of we willen of niet.
o Want: we zijn kuddedieren
o Het materiële object:
Hoe wordt het gedrag van mensen beïnvloed door (het gedrag van)
anderen?
Beinvloeding betekent zowel de observeerbare en bewuste
beinvloeding als subtiele en onbuwuste beinvloeding
o Het formele object:
o Wat zijn de wetmatigheden hierin?
Definitie Allport:
o Sociale psychologie is de studie die tracht te begrijpen, verklaren en
voorspellen hoe de gedachten, gevoelens en gedragingen van een
individu
worden beïnvloed door de geobserveerde, ingebeelde of impliciete
gedachten gevoelens en gedragingen van anderen.
Sociale psychologie: wetmatigheden te ontdekken in de manier waarop
mensne met elkaar omgaan en door elkaar beinvloed worden
= formele object
Positieve wetenschap, wetenschappen die aan observatie en meting doen,
met wetmatigheden werken en objectieve en meetbare gegevens
,ontdekken, oorzaak en gevolg onderscheiden
= verklaren
Sociala psycholoog moet zich kunnen inleven in de ander, wetmarigheden
die hij ontdekt kunnen begrijpen, dan weet je waarover je spreekt
Gedrag= materiele object van de sociale psychologie, het gedrag daj je ni
of anders zou stellen indien er geen of minder invloed van anderen was
geweest
3 belangrijkste doelen van de psychologie
Begrijpen
Verklaren
Voorspellen
Geschiedenis ni kennen
Belang ni kennen
Werkwijze van de sociale psychologie
Drie dimensies: breedte-dimensies
Breedte-dimensie
- Zo breed mogelijk onderzoek uitvoeren
- Zoveel mogelijk aspecten moeten onderzoeken
- Niet beperken tot meest aan de hand liggende themas
- Breed mogelijke onderzoekgroep (steekproef)
- Totale populariteit in je onderzoek zo dicht mogelijk benaderen
- Probleem 1= groep is niet tepresentatief voor de gehele bevolking
- Probleem 2= deelnemers zijn vaak niet intrinsiek gemotiveerd
Diepte dimensie
- Wil de mens onder zijn oppervlakte of gedrag kijken
- Sociale geaardheid van de mens beschouwen
- Datgene wat neobehavioristen de black box noemen
- Hypothetische constructen: kwaliteiten die we ni zien maar wel
veronderstellen dat ze er zijn
- Spreken over onbewuste inhouden en dynamieken
- De dieptepsychologie van sigmund freud: onbewuste processen
als centrum vamn theorie, uiterlijk waarneembare gedragingen,
sociale gedragingen en onbewuste dimensies proberen begrijpen
- Alle takken van psychologie moeten oog hebben op diepte dimensie
Hoogte dimensie
o Theorie moet in hoogte gebouwd worden
, o Basis van hoogbouw gevormd door emperische vaststellingen die de
ondersteuning moeten bieden voor de theorien
o Eerder hypothetisch deductief werken ipv via emperische
bevindingen
o Hoe langer theorie standhoudt onder emperische, hoe meer theorie
geloven zonder echt bewijs van juistheid
o Probleem= theories overlappen en tegenspreken, het word niet
hanteerbaar od controleerbaar
Het experiment als methode
- Stevige basis in theorievorming en is onontbeerlijk in een positief-
wetenschapelijke benadering van psychologie
- Socius= de ander in de sociale situatie
- Rolspeler= doet alsof hij deelnemer is= pseudoproefpersoon
- (Naieve) proefpersoon= echte
- Experimentele conditie= situatie waarin de proefpersonen op
basis van hypotheses een bepaalde mainpulatie onderaan
- Controleconditie= soort nulmeting om na te gaan wat gedrag is
van proefpersoon zonder experiment
- Jukconditie= 2 pp exact zelfde onaangename prikkel
Voordelen
- Ontegensprekelijke conclusies
- Cijfermateriaal: meetbaar
- Labosituatie: algemeen genomen een situatie waarin je alle
onafhankelijke variabelen en alle storende factoren soviaal mogelijk
onder controle kan houdne of dient te houden
- Onafh variabele= factoren die wijzigen door de onafh variabelen
- Storende factoren= ni algemeen geldend en het resultaat verstoren
- Exp herhaalbaar= dit onder controle houden= zelfde resultaten
- In zelfde omstandigheden uitvoeren= zelfde resultaten
Nadelen
- Moeilijk praktisch uitvoerbaar
- Deontologie of juridische klachten spelen rol
- Reactief gedrag= gedrag dat wordt uitgelokt, anders gedragen
dan verwacht omdat men al weet wat er gaat gebeuren, men wordt
ingelicht wat de bedoeling is
- Proefleidereffect=kan storen element zin, eigen verwachtingen=
vooroordelen
- Verwachtingen kunnen te krachtig zijn
- Exp kan onaangenaam zijn= emotionele nadelen
- Demand characteristics= verwachten hoe je moet gedragen
Hoofdstuk 1: wat is sociale psychologie?
Sp= een studie die tracht te begrijpen, verklaren en voorspellen hoe de
gedachten, gevoelens en gedragingen van individuen beinvloed worden
door de waargenomen, ingebeelde of impliciete gedachten, hevoelens en
gedragingen van anderen
De dancing plague
1518
Straatsburg
Vrouw plots op straat te dansen, uren aan een stuk
Tot ze van uitputting in elkaar stuikte
Toen ze bijkwam: weer dansen
Mogelijk 400 streekgenoten besmet met dansziekte
Kenmerken
o Langdurig
o Meerdere dagen
o Dansers bewogen in groep van ene gemeente nr de andere
o Soms onvrijwillig
Smeking aan omstaanders om hen te doen stoppen met dansen
Verschillende verklaringen
o Bezetenheid duivel, beet tarentula, schimmel, epilepsie
In regios met moeilijke economische tijd en vooral arme bevolking
Stressfactoren als gevolg van moeilijke omstandigheid leidt tot
psychische aandoening
Waarom dansen?
o Dansen toegepast om onheil af te wenden
o Combi van massahysterie en angst voor de legende van de
dansplaag
Door sociale beinvloeding dezelfde sympromen vertonen
Invloed op anderen op een individu hebben is meestal dwingend en
tegelijk onbewust
Paul Watzlawick= je kan niet niet communiceren
Als je aan anderen het signaal geeft dat je niet met hen wil
converseren, converseer je met hen door te zeggen daj je niet wil
converseren
Je kan ni ni beinvloed worden door anderen
Vb iemand privacy geven en ni daarnaast gaan zitten in trein=
respect= ook communicatie
Waarom word je beinvloed door anderen
, We zijn kuddedieren en we hebben anderen nodig
Iedereen heeft rollen en rolverwachtingen
Je moet jouw vaardighedne uitwisselen met die van de anderen
Begrijpen, verklaren en voorspellen
o Hoe reageren individuen in sociale situaties?
of
o Wat is de invloed van (de aanwezigheid en het gedrag van) anderen
op een individu?
o Belangrijk gegeven: je wordt ALTIJD door anderen beïnvloed!
(Watzlawick: je kan niet niet communiceren)
o Dus: zowat alle gedrag is sociaal gedrag
o Maar hier: meestal de expliciete interactie tussen individuen
o We worden beïnvloed door anderen, of we willen of niet.
o Want: we zijn kuddedieren
o Het materiële object:
Hoe wordt het gedrag van mensen beïnvloed door (het gedrag van)
anderen?
Beinvloeding betekent zowel de observeerbare en bewuste
beinvloeding als subtiele en onbuwuste beinvloeding
o Het formele object:
o Wat zijn de wetmatigheden hierin?
Definitie Allport:
o Sociale psychologie is de studie die tracht te begrijpen, verklaren en
voorspellen hoe de gedachten, gevoelens en gedragingen van een
individu
worden beïnvloed door de geobserveerde, ingebeelde of impliciete
gedachten gevoelens en gedragingen van anderen.
Sociale psychologie: wetmatigheden te ontdekken in de manier waarop
mensne met elkaar omgaan en door elkaar beinvloed worden
= formele object
Positieve wetenschap, wetenschappen die aan observatie en meting doen,
met wetmatigheden werken en objectieve en meetbare gegevens
,ontdekken, oorzaak en gevolg onderscheiden
= verklaren
Sociala psycholoog moet zich kunnen inleven in de ander, wetmarigheden
die hij ontdekt kunnen begrijpen, dan weet je waarover je spreekt
Gedrag= materiele object van de sociale psychologie, het gedrag daj je ni
of anders zou stellen indien er geen of minder invloed van anderen was
geweest
3 belangrijkste doelen van de psychologie
Begrijpen
Verklaren
Voorspellen
Geschiedenis ni kennen
Belang ni kennen
Werkwijze van de sociale psychologie
Drie dimensies: breedte-dimensies
Breedte-dimensie
- Zo breed mogelijk onderzoek uitvoeren
- Zoveel mogelijk aspecten moeten onderzoeken
- Niet beperken tot meest aan de hand liggende themas
- Breed mogelijke onderzoekgroep (steekproef)
- Totale populariteit in je onderzoek zo dicht mogelijk benaderen
- Probleem 1= groep is niet tepresentatief voor de gehele bevolking
- Probleem 2= deelnemers zijn vaak niet intrinsiek gemotiveerd
Diepte dimensie
- Wil de mens onder zijn oppervlakte of gedrag kijken
- Sociale geaardheid van de mens beschouwen
- Datgene wat neobehavioristen de black box noemen
- Hypothetische constructen: kwaliteiten die we ni zien maar wel
veronderstellen dat ze er zijn
- Spreken over onbewuste inhouden en dynamieken
- De dieptepsychologie van sigmund freud: onbewuste processen
als centrum vamn theorie, uiterlijk waarneembare gedragingen,
sociale gedragingen en onbewuste dimensies proberen begrijpen
- Alle takken van psychologie moeten oog hebben op diepte dimensie
Hoogte dimensie
o Theorie moet in hoogte gebouwd worden
, o Basis van hoogbouw gevormd door emperische vaststellingen die de
ondersteuning moeten bieden voor de theorien
o Eerder hypothetisch deductief werken ipv via emperische
bevindingen
o Hoe langer theorie standhoudt onder emperische, hoe meer theorie
geloven zonder echt bewijs van juistheid
o Probleem= theories overlappen en tegenspreken, het word niet
hanteerbaar od controleerbaar
Het experiment als methode
- Stevige basis in theorievorming en is onontbeerlijk in een positief-
wetenschapelijke benadering van psychologie
- Socius= de ander in de sociale situatie
- Rolspeler= doet alsof hij deelnemer is= pseudoproefpersoon
- (Naieve) proefpersoon= echte
- Experimentele conditie= situatie waarin de proefpersonen op
basis van hypotheses een bepaalde mainpulatie onderaan
- Controleconditie= soort nulmeting om na te gaan wat gedrag is
van proefpersoon zonder experiment
- Jukconditie= 2 pp exact zelfde onaangename prikkel
Voordelen
- Ontegensprekelijke conclusies
- Cijfermateriaal: meetbaar
- Labosituatie: algemeen genomen een situatie waarin je alle
onafhankelijke variabelen en alle storende factoren soviaal mogelijk
onder controle kan houdne of dient te houden
- Onafh variabele= factoren die wijzigen door de onafh variabelen
- Storende factoren= ni algemeen geldend en het resultaat verstoren
- Exp herhaalbaar= dit onder controle houden= zelfde resultaten
- In zelfde omstandigheden uitvoeren= zelfde resultaten
Nadelen
- Moeilijk praktisch uitvoerbaar
- Deontologie of juridische klachten spelen rol
- Reactief gedrag= gedrag dat wordt uitgelokt, anders gedragen
dan verwacht omdat men al weet wat er gaat gebeuren, men wordt
ingelicht wat de bedoeling is
- Proefleidereffect=kan storen element zin, eigen verwachtingen=
vooroordelen
- Verwachtingen kunnen te krachtig zijn
- Exp kan onaangenaam zijn= emotionele nadelen
- Demand characteristics= verwachten hoe je moet gedragen