RECHT
H4: INLEIDING
‘Het recht’ bepaalt en beïnvloedt voor een groot deel ons dagelijks leven
Bv. proper water wat je drinkt, een burenruzie, echtscheiding, gevecht op straat, verkeer,
armoede,…
H5: ENKELE BASISBEGINSELEN VAN HET RECHT
5.1 ZIJN REGELS NOODZAKELIJK?
De mens is een sociaal wezen om te kunnen samenleven = afspraken en regels nodig
- Zijn onuitgesproken, gesproken, niet-geschreven of geschreven regels
Bv. tussen liefdespartners: afspraken over trouw of ontrouw zijn, in een gezin:
regels over huishoudelijke taken/ beeldschermgebruik/ bedtijd
Binnen elke vorm van samenleving (of ruimer maatschappij/wereld) maken
mensen afspraken
Regels zijn dynamisch in de samenleving worden regels permanent opgesteld en
bijgeschaafd
- Samenleving evolueert dus WANT er ontstaan nieuwe omgangsvormen en nieuwe
problemen
Voortdurend discussie over de regels en in een ideale situatie zouden alle leden
van een samenleving de regels eerlijk en rechtvaardig moeten vinden IS
NIET ZO!
Consensus: een groep komt tot een gezamenlijke overeenstemming, zonder dat iemand
er fundamenteel tegen is. Het is dus geen meerderheid stem, maar een oplossing waar
iedereen mee kan leven.
20e eeuw: wereldwijd consensus over een aantal fundamentele mensenrechten gegroeid
Bv. er geldt een universeel, internationaal verbod op slavernij, genocide en foltering…
Alle landen vd wereld Universele Verklaring van de Rechten van de Mens getekend ≠ dat
die landen deze rechten op dezelfde manier interpreteren en toepassen
Voortdurend meningsverschillen en conflicten over de interpretatie van regels
5.2 HET ONTSTAAN EN DE ONTWIKKELING VAN HET RECHT
3500 V.C (Nabije oosten) = het schrift uitgevonden HIERDOOR konden heersers over
staten hun regels schriftelijk vastleggen
Op deze manier: de regels vlugger en over een grote afstand bekend gemaakt
1
,Zuil ‘wetboek van koning Hammoerabi’
= regelde thema’s zoals slavernij, misdaad, huwelijk OOK de koop-verkoop van bier werd
er geregeld
“ oog om oog tand om tand”
Naast religie = aangenomen dat het recht van goddelijke oorsprong ‘gods wil, wet was’
maar in feite waren het de farao’s, koningen, keizers, tsaren, sultans en dergelijken die
hun onderdanen voorhielden dat zij hun macht rechtstreeks vd goden ontvingen
hierdoor schreven zij voor hoe de onderdanen met elkaar moesten omgaan
Naast religie en de door de heersers aangenomen regels = meeste regels in de loop vd
geschiedenis ontstaan door traditie = Gewoonterecht
Gewoonterecht = was de belangrijkste bron van recht en bestond uit ongeschreven
regels die van generatie op generatie werd overgedragen.
DUS we kunnen stellen dat mensen op elk moment in de geschiedenis zochten naar een
bep. vormgeving om te kunnen samenleven met elkaar
Men ging dus op zoek naar regels opdat het samenleven geordend kon lopen
- Hierdoor maakte mensen onderling afspraken (regels) die dan voor iedereen
binnen dezelfde groep gold
Hierdoor ontstond dus politieke, administratieve en gerechtelijke instellingen die
de taak kregen rechtsregels te formuleren, uit te voeren en toe te passen, te
handhaven + eventueel af te dwingen’
Wereldoorlog II (1939-1945) hierna de grotenmogendheden begrepen dat oorlogen tot
een catastrofe leiden om dit te vermijden werd op internationaal niveau
samengekomen en ontstonden er oa. Mensenrechten.
Juridisering van de samenleving = belang van recht neemt alleen maar toe
- Nadeel = abstractie gemaakt van concrete omstandigheden
- Voordeel = rechtsbescherming + emancipatie voor de cliënt in de zorg cliënt
bevindt zich in onevenwichtige ongelijke machtsverhouding en situatie
(door nood van zorg = client afhankelijk vd zorgaanbieder)
Verschil recht en godsdienst
= regels in godsdienst worden geacht van goddelijke oorsprong te zijn
- Godsdienst omvat voorschriften m.b.t de verhouding tussen de mensen onderling
en tussen de mens en god
Bij het NIET naleven van deze voorschriften volgt een sanctie vanwege het
religieuze gezag + van een ultieme goddelijke rechtvaardigheid
In een niet-geseculariseerde samenlevingen bestaat GEEN strikte scheiding tussen
rechtsregels en godsdienstige regels
2
, Er is GEEN (gehele of gedeeltelijke) scheiding van Kerk en Staat
In een geseculariseerde samenleving = wel het geval
Belgïe = geseculariseerde samenleving gaat uit van scheiding tussen Kerk en Staat
scheiding is niet absoluut = zo is voorzien in belangrijke financiering vd 6 erediensten
6 EREDIENSTEN DOOR DE OVERHEID ERKEND
1. De katholieke
2. De protestantse
3. De israëlitische
4. De anglicaanse
5. De islamitische
6. De orthodoxe
Ook de niet-confessionele levensbeschouwing/ vrijzinnig humanisme erkend
Verhouding tussen recht en moraal
= rechtsnorm geldt voor alle burgers
- Bron van moraal = de mens zelf
- Bron van recht = de overheid
- Bron van godsdienst = religie of goddelijk gezag
De sanctie die de rechtsnorm treft is duidelijk en moet omschreven zijn in wetteksten
GEEN eensgezindheid over moralen daarom onze samenleving = ethisch pluralisme
p
Ethisch pluralisme = verschillende opvattingen over bv. euthanasie, abortus.
Wel kunnen rechtsregels overstemmen met moraal.
Soms zijn rechtsregels niet in overeenstemming met eenieders moraal sommige zaken
stroken niet met het moraal v bepaalde personen maar zijn deze regels wel toegelaten
door het recht
- Bv. IVF, abortus, euthanasie, verjaring van misdrijven.
Een rechtsregel kan een burger ook verplichten tot wat hij immoreel vindt
- Bv. belastingen betalen die dienen ter financiering v wetenschappelijk onderzoek
of ter financiering vd aankoop van wapens
5.3 EEN DEFINITIE VAN RECHT
Er is GEEN universele definitie = recht in het ene land bestaat uit regels dan uit het
andere land + heeft ook veel ‘gedaantes’
3
, het evolueert met de maatschappij mee en met daarin heersende opvattingen
Het recht = steeds het product van een samenlevingsverband in een bepaalde
gemeenschap
Omschrijving en functie van recht verschilt dus van land tot land.
Het recht = het geheel van bindende regels die zijn opgesteld door de samenleving
waardoor de belangen vd de enkelingen die in de gemeenschap leven geordend worden
door middel van sociale dwang
5.3.1 EEN GEHEEL VAN BINDENDE REGELS
= recht is een pakket van bindende regels
Bestaat uit geschreven, ongeschreven, nationale en internationale regels
Rechtsregels = formuleren een verbod, een gebod of laten een handeling toe.
5.3.2 OPGESTELD DOOR DE SAMENLEVING
Rechtsregels = opgesteld door mensen die binnen een bepaalde context samenleven
Omdat we met zoveel mensen samenleven = onmogelijk om allemaal fysiek samen te
komen en regels te formuleren.
Hierdoor kwam een systeem van vrije verkiezingen tot stand waardoor regels
opgesteld werden door de vertegenwoordigers vd samenleving
In onze (moderne) maatschappij = aanpassen recht aan de evoluerend opvattingen en
omstandigheden = toevertrouwd aan specifieke wetgevende organen Parlementen
Parlementen = vertegenwoordigen de wil vd leden vd samenleving ‘stem van het
volk’
De staat is de rechtsgemeenschap bij uitstek:
- Wetgevende macht: de Staat maakt nieuwe rechtsregels via wetgeving.
- Uitvoerende macht: de Staat maakt de toepassing vd rechtsregels mogelijk
d.m.v een regering en een administratief apparaat
- Rechterlijke macht: de Staat past de regels toe in zijn rechtbanken voor de
beslechting van geschillen.
Verantwoordelijke recreatie van recht = niet enkel de Staat maar ook:
rechtsgemeenschappen op Vlaams, Waals, Brussels niveau en de lokale besturen maken
recht
Kiesrecht = laat burgers toe om te stemmen
4
H4: INLEIDING
‘Het recht’ bepaalt en beïnvloedt voor een groot deel ons dagelijks leven
Bv. proper water wat je drinkt, een burenruzie, echtscheiding, gevecht op straat, verkeer,
armoede,…
H5: ENKELE BASISBEGINSELEN VAN HET RECHT
5.1 ZIJN REGELS NOODZAKELIJK?
De mens is een sociaal wezen om te kunnen samenleven = afspraken en regels nodig
- Zijn onuitgesproken, gesproken, niet-geschreven of geschreven regels
Bv. tussen liefdespartners: afspraken over trouw of ontrouw zijn, in een gezin:
regels over huishoudelijke taken/ beeldschermgebruik/ bedtijd
Binnen elke vorm van samenleving (of ruimer maatschappij/wereld) maken
mensen afspraken
Regels zijn dynamisch in de samenleving worden regels permanent opgesteld en
bijgeschaafd
- Samenleving evolueert dus WANT er ontstaan nieuwe omgangsvormen en nieuwe
problemen
Voortdurend discussie over de regels en in een ideale situatie zouden alle leden
van een samenleving de regels eerlijk en rechtvaardig moeten vinden IS
NIET ZO!
Consensus: een groep komt tot een gezamenlijke overeenstemming, zonder dat iemand
er fundamenteel tegen is. Het is dus geen meerderheid stem, maar een oplossing waar
iedereen mee kan leven.
20e eeuw: wereldwijd consensus over een aantal fundamentele mensenrechten gegroeid
Bv. er geldt een universeel, internationaal verbod op slavernij, genocide en foltering…
Alle landen vd wereld Universele Verklaring van de Rechten van de Mens getekend ≠ dat
die landen deze rechten op dezelfde manier interpreteren en toepassen
Voortdurend meningsverschillen en conflicten over de interpretatie van regels
5.2 HET ONTSTAAN EN DE ONTWIKKELING VAN HET RECHT
3500 V.C (Nabije oosten) = het schrift uitgevonden HIERDOOR konden heersers over
staten hun regels schriftelijk vastleggen
Op deze manier: de regels vlugger en over een grote afstand bekend gemaakt
1
,Zuil ‘wetboek van koning Hammoerabi’
= regelde thema’s zoals slavernij, misdaad, huwelijk OOK de koop-verkoop van bier werd
er geregeld
“ oog om oog tand om tand”
Naast religie = aangenomen dat het recht van goddelijke oorsprong ‘gods wil, wet was’
maar in feite waren het de farao’s, koningen, keizers, tsaren, sultans en dergelijken die
hun onderdanen voorhielden dat zij hun macht rechtstreeks vd goden ontvingen
hierdoor schreven zij voor hoe de onderdanen met elkaar moesten omgaan
Naast religie en de door de heersers aangenomen regels = meeste regels in de loop vd
geschiedenis ontstaan door traditie = Gewoonterecht
Gewoonterecht = was de belangrijkste bron van recht en bestond uit ongeschreven
regels die van generatie op generatie werd overgedragen.
DUS we kunnen stellen dat mensen op elk moment in de geschiedenis zochten naar een
bep. vormgeving om te kunnen samenleven met elkaar
Men ging dus op zoek naar regels opdat het samenleven geordend kon lopen
- Hierdoor maakte mensen onderling afspraken (regels) die dan voor iedereen
binnen dezelfde groep gold
Hierdoor ontstond dus politieke, administratieve en gerechtelijke instellingen die
de taak kregen rechtsregels te formuleren, uit te voeren en toe te passen, te
handhaven + eventueel af te dwingen’
Wereldoorlog II (1939-1945) hierna de grotenmogendheden begrepen dat oorlogen tot
een catastrofe leiden om dit te vermijden werd op internationaal niveau
samengekomen en ontstonden er oa. Mensenrechten.
Juridisering van de samenleving = belang van recht neemt alleen maar toe
- Nadeel = abstractie gemaakt van concrete omstandigheden
- Voordeel = rechtsbescherming + emancipatie voor de cliënt in de zorg cliënt
bevindt zich in onevenwichtige ongelijke machtsverhouding en situatie
(door nood van zorg = client afhankelijk vd zorgaanbieder)
Verschil recht en godsdienst
= regels in godsdienst worden geacht van goddelijke oorsprong te zijn
- Godsdienst omvat voorschriften m.b.t de verhouding tussen de mensen onderling
en tussen de mens en god
Bij het NIET naleven van deze voorschriften volgt een sanctie vanwege het
religieuze gezag + van een ultieme goddelijke rechtvaardigheid
In een niet-geseculariseerde samenlevingen bestaat GEEN strikte scheiding tussen
rechtsregels en godsdienstige regels
2
, Er is GEEN (gehele of gedeeltelijke) scheiding van Kerk en Staat
In een geseculariseerde samenleving = wel het geval
Belgïe = geseculariseerde samenleving gaat uit van scheiding tussen Kerk en Staat
scheiding is niet absoluut = zo is voorzien in belangrijke financiering vd 6 erediensten
6 EREDIENSTEN DOOR DE OVERHEID ERKEND
1. De katholieke
2. De protestantse
3. De israëlitische
4. De anglicaanse
5. De islamitische
6. De orthodoxe
Ook de niet-confessionele levensbeschouwing/ vrijzinnig humanisme erkend
Verhouding tussen recht en moraal
= rechtsnorm geldt voor alle burgers
- Bron van moraal = de mens zelf
- Bron van recht = de overheid
- Bron van godsdienst = religie of goddelijk gezag
De sanctie die de rechtsnorm treft is duidelijk en moet omschreven zijn in wetteksten
GEEN eensgezindheid over moralen daarom onze samenleving = ethisch pluralisme
p
Ethisch pluralisme = verschillende opvattingen over bv. euthanasie, abortus.
Wel kunnen rechtsregels overstemmen met moraal.
Soms zijn rechtsregels niet in overeenstemming met eenieders moraal sommige zaken
stroken niet met het moraal v bepaalde personen maar zijn deze regels wel toegelaten
door het recht
- Bv. IVF, abortus, euthanasie, verjaring van misdrijven.
Een rechtsregel kan een burger ook verplichten tot wat hij immoreel vindt
- Bv. belastingen betalen die dienen ter financiering v wetenschappelijk onderzoek
of ter financiering vd aankoop van wapens
5.3 EEN DEFINITIE VAN RECHT
Er is GEEN universele definitie = recht in het ene land bestaat uit regels dan uit het
andere land + heeft ook veel ‘gedaantes’
3
, het evolueert met de maatschappij mee en met daarin heersende opvattingen
Het recht = steeds het product van een samenlevingsverband in een bepaalde
gemeenschap
Omschrijving en functie van recht verschilt dus van land tot land.
Het recht = het geheel van bindende regels die zijn opgesteld door de samenleving
waardoor de belangen vd de enkelingen die in de gemeenschap leven geordend worden
door middel van sociale dwang
5.3.1 EEN GEHEEL VAN BINDENDE REGELS
= recht is een pakket van bindende regels
Bestaat uit geschreven, ongeschreven, nationale en internationale regels
Rechtsregels = formuleren een verbod, een gebod of laten een handeling toe.
5.3.2 OPGESTELD DOOR DE SAMENLEVING
Rechtsregels = opgesteld door mensen die binnen een bepaalde context samenleven
Omdat we met zoveel mensen samenleven = onmogelijk om allemaal fysiek samen te
komen en regels te formuleren.
Hierdoor kwam een systeem van vrije verkiezingen tot stand waardoor regels
opgesteld werden door de vertegenwoordigers vd samenleving
In onze (moderne) maatschappij = aanpassen recht aan de evoluerend opvattingen en
omstandigheden = toevertrouwd aan specifieke wetgevende organen Parlementen
Parlementen = vertegenwoordigen de wil vd leden vd samenleving ‘stem van het
volk’
De staat is de rechtsgemeenschap bij uitstek:
- Wetgevende macht: de Staat maakt nieuwe rechtsregels via wetgeving.
- Uitvoerende macht: de Staat maakt de toepassing vd rechtsregels mogelijk
d.m.v een regering en een administratief apparaat
- Rechterlijke macht: de Staat past de regels toe in zijn rechtbanken voor de
beslechting van geschillen.
Verantwoordelijke recreatie van recht = niet enkel de Staat maar ook:
rechtsgemeenschappen op Vlaams, Waals, Brussels niveau en de lokale besturen maken
recht
Kiesrecht = laat burgers toe om te stemmen
4