Risicomanagement
Hoofdstuk 2 Risico’s nader beschouwd
Risico is de mogelijkheid dat zich een gebeurtenis voordoet in een gegeven periode en situatie, die
een negatief effect heeft, waardecreatie verhindert of bestaande waardes uitholt.
Risico = kans x gevolg
Risico’s ontstaan doordat ondernemingen of instellingen onderhevig zijn aan allerlei bedreigingen.
Een bedreiging is de aanwezigheid van een of meer omstandigheden waaruit mogelijk aantasting van
waarde, schade, verlies of letsel kan ontstaan. Een bedreiging bestaat uit de volgende drie
elementen:
1. Een belang dat geschaad kan worden, een persoon die letsel kan oplopen of een doelstelling
die mogelijk niet wordt gerealiseerd
Classificatie wie letsel kan oplopen of wat beschadigd kan worden of verloren kan gaan:
a. Persoonlijk welzijn
b. Eigendommen
c. Vrijheid van wettelijke verplichtingen
d. Doelstellingen waarvan de realisatie niet kan worden zeker gesteld
2. De gevaren of krachten die de schade of het letsel veroorzaken, potentiële schadeoorzaken:
a. Natuurlijke schadeoorzaken
b. Menselijke schadeoorzaken
c. Economische schadeoorzaken
d. Juridische, politieke en maatschappelijke schadeoorzaken
3. Het gevolg van de schade of het letsel in termen van economische of emotionele waarden.
Welke omvang heeft de negatieve aantasting of het niet-behalen van de doelstelling?
Een bedreiging is te beschouwen als een factor van het veel bredere begrip risico. Wanneer een
bedreiging ontbreekt, is er geen sprake van een risico.
, Dynamische risico’s treden vooral op bij het ondernemen of het doen van investeringen (het
vastleggen van vermogen in activa). Met het doen van een investering probeert de ondernemer een
bepaald financieel voordeel te realiseren. Er is sprake van een dynamisch risico wanneer er kansen
zijn op zowel winst als verlies. In het algemeen zijn dynamische risico’s niet verzekerbaar.
Bij statische risico’s is er uitsluitend sprake van een kans of verlies. Statische risico’s zijn in principe
verzekerbaar. In statische risico’s zit een zeker winstpotentieel verborgen en dat biedt kansen.
Interne risico’s hebben hun oorsprong in de organisatie van het bedrijf of de instelling zelf. Externe
risico’s komen voort uit de omgeving van het bedrijf of de instelling. Financiële risico’s kunnen zowel
intern als extern zijn. Een ander belangrijk risico is het reputatierisico gevolgen van andere risico’s.
I Kleine kans op kleine schade (bagatelschade) accepteren
II Kleine kans op grote schade (kleine schade) verzekeren
III Grote kans op kleine schade (middelgrote schade) beheersen (repressie en preventie)
IV Grote kans op grote schade (grote schade) vermijden
Hoofdstuk 2 Risico’s nader beschouwd
Risico is de mogelijkheid dat zich een gebeurtenis voordoet in een gegeven periode en situatie, die
een negatief effect heeft, waardecreatie verhindert of bestaande waardes uitholt.
Risico = kans x gevolg
Risico’s ontstaan doordat ondernemingen of instellingen onderhevig zijn aan allerlei bedreigingen.
Een bedreiging is de aanwezigheid van een of meer omstandigheden waaruit mogelijk aantasting van
waarde, schade, verlies of letsel kan ontstaan. Een bedreiging bestaat uit de volgende drie
elementen:
1. Een belang dat geschaad kan worden, een persoon die letsel kan oplopen of een doelstelling
die mogelijk niet wordt gerealiseerd
Classificatie wie letsel kan oplopen of wat beschadigd kan worden of verloren kan gaan:
a. Persoonlijk welzijn
b. Eigendommen
c. Vrijheid van wettelijke verplichtingen
d. Doelstellingen waarvan de realisatie niet kan worden zeker gesteld
2. De gevaren of krachten die de schade of het letsel veroorzaken, potentiële schadeoorzaken:
a. Natuurlijke schadeoorzaken
b. Menselijke schadeoorzaken
c. Economische schadeoorzaken
d. Juridische, politieke en maatschappelijke schadeoorzaken
3. Het gevolg van de schade of het letsel in termen van economische of emotionele waarden.
Welke omvang heeft de negatieve aantasting of het niet-behalen van de doelstelling?
Een bedreiging is te beschouwen als een factor van het veel bredere begrip risico. Wanneer een
bedreiging ontbreekt, is er geen sprake van een risico.
, Dynamische risico’s treden vooral op bij het ondernemen of het doen van investeringen (het
vastleggen van vermogen in activa). Met het doen van een investering probeert de ondernemer een
bepaald financieel voordeel te realiseren. Er is sprake van een dynamisch risico wanneer er kansen
zijn op zowel winst als verlies. In het algemeen zijn dynamische risico’s niet verzekerbaar.
Bij statische risico’s is er uitsluitend sprake van een kans of verlies. Statische risico’s zijn in principe
verzekerbaar. In statische risico’s zit een zeker winstpotentieel verborgen en dat biedt kansen.
Interne risico’s hebben hun oorsprong in de organisatie van het bedrijf of de instelling zelf. Externe
risico’s komen voort uit de omgeving van het bedrijf of de instelling. Financiële risico’s kunnen zowel
intern als extern zijn. Een ander belangrijk risico is het reputatierisico gevolgen van andere risico’s.
I Kleine kans op kleine schade (bagatelschade) accepteren
II Kleine kans op grote schade (kleine schade) verzekeren
III Grote kans op kleine schade (middelgrote schade) beheersen (repressie en preventie)
IV Grote kans op grote schade (grote schade) vermijden