College 1 - Koningsperiode
Italië vóór Rome: van jagers tot boeren
Lang voordat Rome bestond, was Italië al bewoond. Rond 4000 v.Chr. leefden er vooral
jagers-verzamelaars. Zij trokken rond, jaagden op dieren en verzamelden planten. Hun
samenleving was klein, mobiel en relatief egalitair.
Vanaf ongeveer 4000–3000 v.Chr. vestigden zich ook boeren in Italië. Deze overgang
naar landbouw was cruciaal:
● Mensen gingen op één plek wonen
● Er ontstonden dorpen
● Bevolking groeide
● Bezit en sociale verschillen namen toe
Dit legde de basis voor latere complexe samenlevingen.
De bronstijd en culturele ontwikkeling
Rond 2000 v.Chr. begon in Italië de bronstijd, maar niet overal op dezelfde manier:
● Noord-Italië: invloed via migranten uit de Donaulanden
● Zuid-Italië: invloed via handel met Kreta en de Myceense wereld
Bronsbewerking betekende:
● Betere wapens en werktuigen
● Meer landbouwproductie
● Groei van elites
De Terremarecultuur (± 1600–1200 v.Chr.)
,In Noord-Italië ontstond de Terremarecultuur, herkenbaar aan:
● Dorpen op palen (bescherming tegen water)
● Geavanceerde landbouw
● Pottenbakken op draaischijf
● Crematie van doden (verbranding)
● Religieuze verschuiving van vruchtbaarheidsgodinnen naar zonverering
Deze cultuur laat zien dat Italië al vóór Rome een relatief hoog ontwikkelingsniveau had.
Buitenlandse invloeden: Etrusken, Grieken en Feniciërs
Vanaf ± 800 v.Chr. kreeg Italië sterke invloeden van drie beschavingen.
De Etrusken
De Etrusken woonden in Midden-Italië (Etrurië, het latere Toscane). Zij waren cruciaal
voor het ontstaan van Rome:
● Zij bouwden de eerste echte steden
● Zij introduceerden stadsplanning, riolering en monumentale architectuur
● Hun samenleving was aristocratisch
● Religie speelde een grote rol (voortekenen, waarzeggerij)
Veel Romeinse gebruiken (togas, triomftochten, religieuze rituelen) kwamen
oorspronkelijk van de Etrusken.
De Grieken
Vanaf de 8e eeuw v.Chr. stichtten Grieken kolonies in Zuid-Italië (Magna Graecia):
● Zij brachten het alfabet
● Griekse kunst, filosofie en religie
● Steden als Napels en Tarente
Rome nam later veel Griekse cultuur over, maar paste die aan.
,De Feniciërs
De Feniciërs waren zeevaarders en handelaars. In 814 v.Chr. stichtten zij Carthago in
Noord-Afrika. Dit werd later een grote rivaal van Rome.
De mythische oorsprong van Rome
De Romeinen geloofden niet dat hun stad zomaar was ontstaan. Zij verbonden hun
oorsprong aan de Trojaanse held Aeneas:
● Na de val van Troje (1184 v.Chr.) vlucht Aeneas naar Italië
● Zijn nakomelingen stichten Alba Longa
● Uit deze koninklijke familie worden later Romulus en Remus geboren
Deze mythe gaf Rome:
● Een nobele, heroïsche oorsprong
● Een band met de Griekse wereld
● Legitimatie van Romeinse macht
Stichting van Rome
Volgens de overlevering werd Rome gesticht in 753 v.Chr. door Romulus:
● Romulus en Remus werden opgevoed door een wolvin
● Na een conflict doodt Romulus zijn broer
● Romulus wordt de eerste koning
Rome werd bewust gepresenteerd als een open stad:
● Vluchtelingen
● Slaven
● Buitenstaanders
, Dit verklaart waarom Rome snel groeide.
Sabijnse maagdenroof
Omdat Rome weinig vrouwen had, ontvoerden de Romeinen Sabijnse vrouwen. Dit
leidde tot oorlog, maar uiteindelijk tot:
● Verzoening
● Samenvoeging van Romeinen en Sabijnen
→ een mythische verklaring voor integratie.
De zeven koningen van Rome
Rome werd geregeerd door zeven koningen, die elk een rol speelden in de ontwikkeling
van de stad:
1. Romulus – stichting van Rome
2. Numa Pompilius – organisatie van religie
3. Tullus Hostilius – oorlogszuchtig, vernietigt Alba Longa
4. Ancus Marcius – uitbreiding, stichting Ostia
5. Tarquinius Priscus – infrastructuur (Forum Romanum, Cloaca Maxima)
6. Servius Tullius – staatsinrichting, volkstelling, indeling in klassen
7. Tarquinius Superbus – tiran
Onder Servius Tullius ontstond een vroege vorm van politieke participatie via de
Comitia Centuriata.
De val van het koningschap (509 v.Chr.)
De laatste koning, Tarquinius Superbus, regeerde zonder overleg en gebruikte geweld.
De beslissende gebeurtenis was:
● Verkrachting van Lucretia door zijn zoon
● Lucretia pleegt zelfmoord