Basis les 7: aandacht
Introductie
• Een klassieke definitie:
“Everyone knows what attention is. It is the taking possession by the mind, in clear and vivid
form, of one out of what seem several simultaneously possible objects or trains of thought.
Focalization, concentration of consciousness are of its essence. It implies withdrawal from
some things in order to deal effectively with others…” -> William James, 1890
James’ definitie:
• “Taking possession of the mind…”
− aandacht heeft een willekeurig aspect (gericht)
• “…of one out of what seem several simultaneous possible objects or trains of
thought…”
− aandacht heeft een beperkte capaciteit: er komt langs alle kanalen verschillende
informatie binnen: dus selectie maken
− aandacht voor de interne of externe wereld
• “…withdrawal from some things in order to deal effectively with others…”
− negeren is een actief proces
− kiezen is verliezen
Wat is aandacht?
• Traditionele visie vanuit informatieverwerkingstheorie:
mensen zijn informatie verwerkende wezens: ons brein is voortdurend bezig met
informatie te verwerken
er is een massieve parallelle en continue input van zintuiglijke informatie
de verwerkingsmogelijkheden zijn gelimiteerd en niet in staat om alles te
verwerken: er moet ergens bepaald worden welke informatie door kan en welke niet
er bestaan mechanismen om de informatie: te filteren, selecteren, blokkeren of
onderdrukken -> deze mechanismen noemen we: aandacht
• aandacht = is een manier om een massieve parallelle input om te zetten in een
gelimiteerde of seriële input die kan verwerkt worden (zie hoofdstuk geheugen)
het standaardmodel: Atkinson & Shiffrin
Er wordt verondersteld dat die aandacht op dat niveau zit:
55
, • (Selectieve) aandacht = vermogen om zich te richten op bepaalde kenmerken van de
omgeving met uitsluiting van andere
• capaciteit: beperkte resources (mentale energie) → hoeveel brandstof is er en wat
maakt een taak belastend?
→ Beperkte energie die we kunnen inzetten voor aandacht
Hoe gebeurt de selectie, op basis van wat?
Selectieve aandacht
= belangrijkste vorm van aandacht
Filteren
Dichotische luistertaal
• Filter = soort “voorzetstuk” dat je kan inschakelen waardoor enkel bepaalde info je
systeem binnenkomt
→ experimenteel aangetoond met dichotische luistertaken:
• 2 verschillende boodschappen, 1 in elk oor
• 1 schaduwen, 1 negeren
Dichotische luistertaak = je krijgt twee verschillende boodschappen in ieder oor krijgt
• Eén oor: geschaduwde/ geattendeerde boodschap
• Ander oor: niet-geattendeerde boodschap
Wat kan waargenomen worden in het niet-geattendeerde oor?
Was er een stem? Ja
Was er een verandering in stemhoogte? Ja
Veranderde de stem in een toon? Ja
Wat werd niet waargenomen in niet-geattendeerd oor?
Inhoud van de boodschap: kwam niet door
Taal van de boodschap: kwam niet door
Verandering taal van de boodschap: kwam niet door
→ Veranderingen in de fysische eigenschappen van een verhaal
56
, Filtertheorie: Broadbent (1958)
Het idee dat onze aandacht werkt als een filter en als er we ergens onze aandacht op richten, dat die
aandacht ergens op betekenis niveau wordt verwerkt en de aandacht waar we ons niet op richten: de
verwerking van de betekenis wordt afgeblokt en via da kanaal komen er enkel nog heel oppervlakkige
eigenschappen
het feit dat die informatie al afgeblokt wordt voor het betekenisvol verwerkt wordt noemen
we dat: -> vroege aandachtselectie = omdat die informatie niet tot op betekenisniveau
verwerkt wordt
•De filtertheorie: stelt dat aandacht selectie beperkt is tot de fysieke
eigenschappen van de informatie (= vroege selectie) 30 m
→ enkel de informatie waar we ons op richten wordt verwerkt
→ Niet zo strikt: vooral dingen die voor ons belangrijk zijn
Cocktailparty fenomeen
= geen labo experiment
Een voorbeeld uit een dagdagelijkse situatie dat de theorie te sterk
geformuleerd was: dus je bent op een feestje en de muziek staat super hard
en je bent met iemand aan het praten dan kun je eigenlijk redelijk goed al het
omgevingsmateriaal wegfilteren en je kunt je aandacht richten op je
gesprekspartner
→ Mensen stelde in vraag: als er dan naast jou op het feestje mensen
beginnen te praten, dan is de kans groot dat stel je vind het onderwerp van
de buren interessant of je naam valt dat er toch nog informatie is waar je
jou aandacht op gaat richten
• Je naam is meer als een fysieke eigenschap -> daarom het cocktailparty fenomeen: je
bent op een feestje en je bent met iemand aan het praten: je filtert alles weg om dat
gesprek goed te kunnen volgen/horen MAAR: naast jou hoor je jou naam vallen of
het onderwerp van het ander gesprek is interessant en dat trekt toch u aandacht
DUS: het blokt een heel deel af maar niet AL het betekenisvol materiaal wordt afgeblokt ->
dus was het idee misschien:
→ moet die filter lekken: die filter houdt wel informatie tegen, maar als die
informatie belangrijk voor u is kan het wel zijn dat het er toch doorkomt
geen wetenschappelijke evidentie dus zou meer moeten onderzocht worden in meer
gecontroleerde omstandigheden
57
, Verdere experimenten toonden dat de filter lekte (Moray, 1959)
• genegeerde oor: af en toe in dat oor mensen hun naam te zeggen
conditie 1: ‘je mag nu stoppen’ ( 8 % reactie)
conditie 2: ‘Hans, je mag nu stoppen’ ( 33 % reactie)
resultaat: wanneer er een voornaam wordt bijgezet is de reactie aanzienlijk hoger dan
wanneer de voornaam niet gezegd wordt = want naam is betekenisvol
conclusie: genegeerde info (dus de informatie waar we ons niet op richten) dat die niet
volledig onderdrukt wordt (want betekenis wordt verwerkt) -> aanleiding gegeven op
volgende theorie
priming
= methode die in de cognitieve psychologie veel gebruikt wordt
• priming = kun je eigenlijk een beetje zien zoals iets in de verf zetten, het eerste woord
dat je aanbiedt, bereid u semantisch systeem voor zodat nadien als je een nieuw woord
moet invullen, het eerste woord iets voor activeert voor het woord erna en dat het iets
vergemakkelijkt voor het tweede woord
poging 1
• lees het volgende woord in stilte: GLAS
• aan welk woord denk je bij FL_S?
poging 2
• lees het volgende woord in stilte: TAND
• aan welk woord denk je bij FL_S?
→ de eerste laag die je er gaat opzetten maakt iets klaar voor de laag erna
vorige les gezien (semantisch geheugen): dat onze kennis in een netwerk opgeslagen ligt en
dat als we ergens een concept activeren
dan zien we dat dat actief wordt en dan
zien we ook dat die activatie een klein
beetje door dat netwerk verspreid:
zodat verwante concepten
(begrippen/woorden) met een
soortgelijke betekenis een beetje mee
wordt geactiveerd
Bv: als je het woord ‘glas’ activeert dan zien we dat allemaal woorden die van betekenis
daarbij in de buurt liggen al gepreactiveert worden
58
Introductie
• Een klassieke definitie:
“Everyone knows what attention is. It is the taking possession by the mind, in clear and vivid
form, of one out of what seem several simultaneously possible objects or trains of thought.
Focalization, concentration of consciousness are of its essence. It implies withdrawal from
some things in order to deal effectively with others…” -> William James, 1890
James’ definitie:
• “Taking possession of the mind…”
− aandacht heeft een willekeurig aspect (gericht)
• “…of one out of what seem several simultaneous possible objects or trains of
thought…”
− aandacht heeft een beperkte capaciteit: er komt langs alle kanalen verschillende
informatie binnen: dus selectie maken
− aandacht voor de interne of externe wereld
• “…withdrawal from some things in order to deal effectively with others…”
− negeren is een actief proces
− kiezen is verliezen
Wat is aandacht?
• Traditionele visie vanuit informatieverwerkingstheorie:
mensen zijn informatie verwerkende wezens: ons brein is voortdurend bezig met
informatie te verwerken
er is een massieve parallelle en continue input van zintuiglijke informatie
de verwerkingsmogelijkheden zijn gelimiteerd en niet in staat om alles te
verwerken: er moet ergens bepaald worden welke informatie door kan en welke niet
er bestaan mechanismen om de informatie: te filteren, selecteren, blokkeren of
onderdrukken -> deze mechanismen noemen we: aandacht
• aandacht = is een manier om een massieve parallelle input om te zetten in een
gelimiteerde of seriële input die kan verwerkt worden (zie hoofdstuk geheugen)
het standaardmodel: Atkinson & Shiffrin
Er wordt verondersteld dat die aandacht op dat niveau zit:
55
, • (Selectieve) aandacht = vermogen om zich te richten op bepaalde kenmerken van de
omgeving met uitsluiting van andere
• capaciteit: beperkte resources (mentale energie) → hoeveel brandstof is er en wat
maakt een taak belastend?
→ Beperkte energie die we kunnen inzetten voor aandacht
Hoe gebeurt de selectie, op basis van wat?
Selectieve aandacht
= belangrijkste vorm van aandacht
Filteren
Dichotische luistertaal
• Filter = soort “voorzetstuk” dat je kan inschakelen waardoor enkel bepaalde info je
systeem binnenkomt
→ experimenteel aangetoond met dichotische luistertaken:
• 2 verschillende boodschappen, 1 in elk oor
• 1 schaduwen, 1 negeren
Dichotische luistertaak = je krijgt twee verschillende boodschappen in ieder oor krijgt
• Eén oor: geschaduwde/ geattendeerde boodschap
• Ander oor: niet-geattendeerde boodschap
Wat kan waargenomen worden in het niet-geattendeerde oor?
Was er een stem? Ja
Was er een verandering in stemhoogte? Ja
Veranderde de stem in een toon? Ja
Wat werd niet waargenomen in niet-geattendeerd oor?
Inhoud van de boodschap: kwam niet door
Taal van de boodschap: kwam niet door
Verandering taal van de boodschap: kwam niet door
→ Veranderingen in de fysische eigenschappen van een verhaal
56
, Filtertheorie: Broadbent (1958)
Het idee dat onze aandacht werkt als een filter en als er we ergens onze aandacht op richten, dat die
aandacht ergens op betekenis niveau wordt verwerkt en de aandacht waar we ons niet op richten: de
verwerking van de betekenis wordt afgeblokt en via da kanaal komen er enkel nog heel oppervlakkige
eigenschappen
het feit dat die informatie al afgeblokt wordt voor het betekenisvol verwerkt wordt noemen
we dat: -> vroege aandachtselectie = omdat die informatie niet tot op betekenisniveau
verwerkt wordt
•De filtertheorie: stelt dat aandacht selectie beperkt is tot de fysieke
eigenschappen van de informatie (= vroege selectie) 30 m
→ enkel de informatie waar we ons op richten wordt verwerkt
→ Niet zo strikt: vooral dingen die voor ons belangrijk zijn
Cocktailparty fenomeen
= geen labo experiment
Een voorbeeld uit een dagdagelijkse situatie dat de theorie te sterk
geformuleerd was: dus je bent op een feestje en de muziek staat super hard
en je bent met iemand aan het praten dan kun je eigenlijk redelijk goed al het
omgevingsmateriaal wegfilteren en je kunt je aandacht richten op je
gesprekspartner
→ Mensen stelde in vraag: als er dan naast jou op het feestje mensen
beginnen te praten, dan is de kans groot dat stel je vind het onderwerp van
de buren interessant of je naam valt dat er toch nog informatie is waar je
jou aandacht op gaat richten
• Je naam is meer als een fysieke eigenschap -> daarom het cocktailparty fenomeen: je
bent op een feestje en je bent met iemand aan het praten: je filtert alles weg om dat
gesprek goed te kunnen volgen/horen MAAR: naast jou hoor je jou naam vallen of
het onderwerp van het ander gesprek is interessant en dat trekt toch u aandacht
DUS: het blokt een heel deel af maar niet AL het betekenisvol materiaal wordt afgeblokt ->
dus was het idee misschien:
→ moet die filter lekken: die filter houdt wel informatie tegen, maar als die
informatie belangrijk voor u is kan het wel zijn dat het er toch doorkomt
geen wetenschappelijke evidentie dus zou meer moeten onderzocht worden in meer
gecontroleerde omstandigheden
57
, Verdere experimenten toonden dat de filter lekte (Moray, 1959)
• genegeerde oor: af en toe in dat oor mensen hun naam te zeggen
conditie 1: ‘je mag nu stoppen’ ( 8 % reactie)
conditie 2: ‘Hans, je mag nu stoppen’ ( 33 % reactie)
resultaat: wanneer er een voornaam wordt bijgezet is de reactie aanzienlijk hoger dan
wanneer de voornaam niet gezegd wordt = want naam is betekenisvol
conclusie: genegeerde info (dus de informatie waar we ons niet op richten) dat die niet
volledig onderdrukt wordt (want betekenis wordt verwerkt) -> aanleiding gegeven op
volgende theorie
priming
= methode die in de cognitieve psychologie veel gebruikt wordt
• priming = kun je eigenlijk een beetje zien zoals iets in de verf zetten, het eerste woord
dat je aanbiedt, bereid u semantisch systeem voor zodat nadien als je een nieuw woord
moet invullen, het eerste woord iets voor activeert voor het woord erna en dat het iets
vergemakkelijkt voor het tweede woord
poging 1
• lees het volgende woord in stilte: GLAS
• aan welk woord denk je bij FL_S?
poging 2
• lees het volgende woord in stilte: TAND
• aan welk woord denk je bij FL_S?
→ de eerste laag die je er gaat opzetten maakt iets klaar voor de laag erna
vorige les gezien (semantisch geheugen): dat onze kennis in een netwerk opgeslagen ligt en
dat als we ergens een concept activeren
dan zien we dat dat actief wordt en dan
zien we ook dat die activatie een klein
beetje door dat netwerk verspreid:
zodat verwante concepten
(begrippen/woorden) met een
soortgelijke betekenis een beetje mee
wordt geactiveerd
Bv: als je het woord ‘glas’ activeert dan zien we dat allemaal woorden die van betekenis
daarbij in de buurt liggen al gepreactiveert worden
58