Interpersoonlijke Communicatie
Introduction
Why You need a course on interpersonal
communication
Persoonlijk leven: relationele mislukkingen worden vaak in verband gebracht met problemen op
het gebied van interpersoonlijke communicatie.
Professioneel leven: interpersoonlijke communicatieve vaardigheden worden gezien als een van
de belangrijkste sleutels tot professioneel succes.
Academisch leven: communicatiewetenschappen: 3 componenten of niveaus van theoretie en
onderzoek:
- Massamediale communicatie (MMC) = communicatie van één zender naar een groot,
anoniem publiek
- Organisatiecommunicatie (OC)
- Interpersoonlijke communicatie (IPC) communicatie tussen individuen (twee of een klein
aantal mensen): basis van OC & MMC
o Opmerking: intrapersoonlijke communicatie wordt over het algemeen niet
beschouwd als een onderwerp binnen de communicatiewetenschap.
Why you need a course on IPC in a MMC-centered
curriculum
1. MMC (massamediale communicatie) bouwt voort op IPC-processen. Het komt zelfs vaak neer op
niet veel meer dan gemedieerde IPC.
MMC = communicatie van één zender naar een groot, anoniem publiek.
→ Bijvoorbeeld: televisie, radio, krant, YouTube-kanaal met duizenden volgers.
Kenmerken:
• Eénrichtingsverkeer
• Publiek is groot en onbekend
• Professionele zender of medium
IPC = communicatie tussen individuen (twee of een klein aantal mensen).
→ Bijvoorbeeld: een gesprek, telefoongesprek, WhatsApp-chat.
Kenmerken:
• Tweerichtingsverkeer (interactie)
• Persoonlijk, directe feedback
1
, • Kleine schaal
IPC = een psychologisch betekenisoverdrachtsproces
2. De grenzen tussen MMC en IPC vervagen in een context van EMC en vooral MPC.
EMC = elektronisch gemedieerde communicatie = communicatie via digitale of elektronische
middelen → Dit kan zowel massaal als persoonlijk zijn.
MPC = massapersonale communicatie = communicatie die zowel kenmerken van
massamediacommunicatie als interpersoonlijke communicatie combineert.
→ Bijvoorbeeld: een influencer die een Instagram Story post (massa) maar ook privé reageert op
DM’s (persoonlijk).
Door de opkomst van EMC (zoals sociale media, messaging-apps en online platforms) -> niet
meer duidelijk waar massacommunicatie ophoudt en interpersoonlijke communicatie begint
• Een tweet of Instagram-post kan door miljoenen gezien worden (massaal),
maar volgers kunnen persoonlijk reageren en de zender kan terug antwoorden
(interpersoonlijk).
• In WhatsApp-groepen of Discord-servers kan men zowel met een kleine groep als met
honderden mensen communiceren — dat zit tussen IPC en MMC in.
• YouTubers, streamers en influencers communiceren publiekelijk, maar doen dat vaak op
een persoonlijke toon (“hé vrienden, hoe gaat het?”), waardoor het intiemer aanvoelt.
MPC is dat tussengebied waar MMC en IPC overlappen:
• De massale schaal van MMC (bereik, publieke zichtbaarheid)
• De persoonlijke betrokkenheid van IPC (interactie, feedback, dialoog)
Daarom zeggen we dat de grenzen tussen MMC en IPC vervagen:
→ Dankzij EMC en MPC is communicatie niet meer strikt óf massaal óf persoonlijk, maar vaak
een mengvorm.
2
,EPC/MPC = een psychologisch betekenisoverdrachtproces
3. De effecten van MMC kunnen sterk worden beïnvloed door aspecten van IPC.
Zie experimenten rond reclame: het manipuleren van IPC-aspecten in advertenties en het meten
van de impact
- Het gebruik van gezichten (een van de belangrijkste non-verbale IPC-systemen) in
reclame helpt om de aandacht van de consument te trekken.
o Gezichten worden heel vaak gebruikt in reclame:
▪ kwantitatieve inhoudsanalyse van 39 Vlaamse tijdschriften met 883 unieke
advertenties.
▪ Getrainde codeurs (Cohen's Kappa = 0,682 / p = 0,00) analyseerden de
advertenties: staat er een prominent gezicht in de advertentie?
▪ 63% van alle advertenties bevatte een prominent gezicht (hoewel je niet
per se een gezicht nodig hebt om binnen bepaalde sectoren te verkopen)
o Areas of interest (AOI)
▪ De relatieve aandacht die een gezicht vraagt, is veel groter dan zijn
relatieve grootte:
• gemiddelde grootte van alle gezichten = 2,53 % van het
schermoppervlak
• gemiddelde aandacht voor deze gezichten = 11,28 % van de
observatietijd.
o De relatieve aandachtstijd is 4,45 x groter dan de relatieve
grootte van het gezicht op het scherm!
o Gezichten trekken veel aandacht omdat ze veel cues bevatten
▪ Soort, leftijd, geslacht, emoties, identiteit, persoonlijkheid, etniciteit,
verwantschap, gezondheid … Zie infra: het hoofdstuk over non-verbale
communicatie
- Non-verbale IPC-signalen in reclame hebben een duidelijke invloed op de ad-likeability
(op het meer of minder leuk vinden van de advertentie), een van de belangrijkste
voorspellers van de te verwachten effectiviteit van de advertentie.
o Sommige IPC-signalen zijn onbedoeld, andere zijn juist wel bewust gegeven:
communicatie kan dus zowel bewust als onbewust zijn.
o De betekenis van IPC-signalen is vaak onbewust of onbekend: communicatie kan
dus zowel expliciet (bewust) als impliciet (onbewust) zijn.
o Veel IPC-signalen worden op misleidende wijze gebruikt: communicatie kan dus
zowel informatief als manipulatief zijn.
o Om te begrijpen waarom sommige IPC-signalen ‘werken’ (bijvoorbeeld zwart
versus grijs haar) en andere niet ‘werken’ (bijvoorbeeld zwart versus bruin haar),
3
, hebben we evolutionaire psychologie nodig als een nieuw perspectief op
communicatieprocessen.
TAKEAWAY 01: IPC is central to everyone’s personal and
professional life. Moreover,all our MMC, EMC and MPC is based
on our IPC competences
Models, definitions and general
principles of IPC
Models of IPC: from sending information to
interpersonal transactions
- Het klassieke perspectief: communicatie is een lineair proces waarbij informatie van een
zender naar een ontvanger wordt overgebracht.
- Het moderne perspectief: communicatie is een interactief/transactioneel proces waarbij
communicatoren betekenis creëren.
Klassieke onderdelen van het communicatieproces:
- Bron: degene die de ideeën en gevoelens heeft geuit. De bron zet een boodschap om in
een code, een proces dat codering wordt genoemd.
- Boodschap: de geschreven, gesproken en onuitgesproken elementen van communicatie
waaraan mensen betekenis toekennen. Boodschappen kunnen verbaal of non-verbaal zijn
en kunnen opzettelijk of onopzettelijk, bewust of onbewust worden verzonden.
- Kanaal: de weg waarlangs boodschappen worden verzonden.
- Ontvanger: persoon die een boodschap decodeert en probeert te begrijpen wat de bron
heeft gecodeerd.
- Ruis: alles wat extern (fysiek/fysiologisch) of intern (psychologisch) is en de juiste
ontvangst van een boodschap verstoort.
- Feedback: de verbale of non-verbale reactie op de boodschap. Feedback kan opzettelijk of
onopzettelijk zijn.
- Context: de fysieke, fysiologische, psychologische, sociale en culturele omgeving voor
communicatie.
4
Introduction
Why You need a course on interpersonal
communication
Persoonlijk leven: relationele mislukkingen worden vaak in verband gebracht met problemen op
het gebied van interpersoonlijke communicatie.
Professioneel leven: interpersoonlijke communicatieve vaardigheden worden gezien als een van
de belangrijkste sleutels tot professioneel succes.
Academisch leven: communicatiewetenschappen: 3 componenten of niveaus van theoretie en
onderzoek:
- Massamediale communicatie (MMC) = communicatie van één zender naar een groot,
anoniem publiek
- Organisatiecommunicatie (OC)
- Interpersoonlijke communicatie (IPC) communicatie tussen individuen (twee of een klein
aantal mensen): basis van OC & MMC
o Opmerking: intrapersoonlijke communicatie wordt over het algemeen niet
beschouwd als een onderwerp binnen de communicatiewetenschap.
Why you need a course on IPC in a MMC-centered
curriculum
1. MMC (massamediale communicatie) bouwt voort op IPC-processen. Het komt zelfs vaak neer op
niet veel meer dan gemedieerde IPC.
MMC = communicatie van één zender naar een groot, anoniem publiek.
→ Bijvoorbeeld: televisie, radio, krant, YouTube-kanaal met duizenden volgers.
Kenmerken:
• Eénrichtingsverkeer
• Publiek is groot en onbekend
• Professionele zender of medium
IPC = communicatie tussen individuen (twee of een klein aantal mensen).
→ Bijvoorbeeld: een gesprek, telefoongesprek, WhatsApp-chat.
Kenmerken:
• Tweerichtingsverkeer (interactie)
• Persoonlijk, directe feedback
1
, • Kleine schaal
IPC = een psychologisch betekenisoverdrachtsproces
2. De grenzen tussen MMC en IPC vervagen in een context van EMC en vooral MPC.
EMC = elektronisch gemedieerde communicatie = communicatie via digitale of elektronische
middelen → Dit kan zowel massaal als persoonlijk zijn.
MPC = massapersonale communicatie = communicatie die zowel kenmerken van
massamediacommunicatie als interpersoonlijke communicatie combineert.
→ Bijvoorbeeld: een influencer die een Instagram Story post (massa) maar ook privé reageert op
DM’s (persoonlijk).
Door de opkomst van EMC (zoals sociale media, messaging-apps en online platforms) -> niet
meer duidelijk waar massacommunicatie ophoudt en interpersoonlijke communicatie begint
• Een tweet of Instagram-post kan door miljoenen gezien worden (massaal),
maar volgers kunnen persoonlijk reageren en de zender kan terug antwoorden
(interpersoonlijk).
• In WhatsApp-groepen of Discord-servers kan men zowel met een kleine groep als met
honderden mensen communiceren — dat zit tussen IPC en MMC in.
• YouTubers, streamers en influencers communiceren publiekelijk, maar doen dat vaak op
een persoonlijke toon (“hé vrienden, hoe gaat het?”), waardoor het intiemer aanvoelt.
MPC is dat tussengebied waar MMC en IPC overlappen:
• De massale schaal van MMC (bereik, publieke zichtbaarheid)
• De persoonlijke betrokkenheid van IPC (interactie, feedback, dialoog)
Daarom zeggen we dat de grenzen tussen MMC en IPC vervagen:
→ Dankzij EMC en MPC is communicatie niet meer strikt óf massaal óf persoonlijk, maar vaak
een mengvorm.
2
,EPC/MPC = een psychologisch betekenisoverdrachtproces
3. De effecten van MMC kunnen sterk worden beïnvloed door aspecten van IPC.
Zie experimenten rond reclame: het manipuleren van IPC-aspecten in advertenties en het meten
van de impact
- Het gebruik van gezichten (een van de belangrijkste non-verbale IPC-systemen) in
reclame helpt om de aandacht van de consument te trekken.
o Gezichten worden heel vaak gebruikt in reclame:
▪ kwantitatieve inhoudsanalyse van 39 Vlaamse tijdschriften met 883 unieke
advertenties.
▪ Getrainde codeurs (Cohen's Kappa = 0,682 / p = 0,00) analyseerden de
advertenties: staat er een prominent gezicht in de advertentie?
▪ 63% van alle advertenties bevatte een prominent gezicht (hoewel je niet
per se een gezicht nodig hebt om binnen bepaalde sectoren te verkopen)
o Areas of interest (AOI)
▪ De relatieve aandacht die een gezicht vraagt, is veel groter dan zijn
relatieve grootte:
• gemiddelde grootte van alle gezichten = 2,53 % van het
schermoppervlak
• gemiddelde aandacht voor deze gezichten = 11,28 % van de
observatietijd.
o De relatieve aandachtstijd is 4,45 x groter dan de relatieve
grootte van het gezicht op het scherm!
o Gezichten trekken veel aandacht omdat ze veel cues bevatten
▪ Soort, leftijd, geslacht, emoties, identiteit, persoonlijkheid, etniciteit,
verwantschap, gezondheid … Zie infra: het hoofdstuk over non-verbale
communicatie
- Non-verbale IPC-signalen in reclame hebben een duidelijke invloed op de ad-likeability
(op het meer of minder leuk vinden van de advertentie), een van de belangrijkste
voorspellers van de te verwachten effectiviteit van de advertentie.
o Sommige IPC-signalen zijn onbedoeld, andere zijn juist wel bewust gegeven:
communicatie kan dus zowel bewust als onbewust zijn.
o De betekenis van IPC-signalen is vaak onbewust of onbekend: communicatie kan
dus zowel expliciet (bewust) als impliciet (onbewust) zijn.
o Veel IPC-signalen worden op misleidende wijze gebruikt: communicatie kan dus
zowel informatief als manipulatief zijn.
o Om te begrijpen waarom sommige IPC-signalen ‘werken’ (bijvoorbeeld zwart
versus grijs haar) en andere niet ‘werken’ (bijvoorbeeld zwart versus bruin haar),
3
, hebben we evolutionaire psychologie nodig als een nieuw perspectief op
communicatieprocessen.
TAKEAWAY 01: IPC is central to everyone’s personal and
professional life. Moreover,all our MMC, EMC and MPC is based
on our IPC competences
Models, definitions and general
principles of IPC
Models of IPC: from sending information to
interpersonal transactions
- Het klassieke perspectief: communicatie is een lineair proces waarbij informatie van een
zender naar een ontvanger wordt overgebracht.
- Het moderne perspectief: communicatie is een interactief/transactioneel proces waarbij
communicatoren betekenis creëren.
Klassieke onderdelen van het communicatieproces:
- Bron: degene die de ideeën en gevoelens heeft geuit. De bron zet een boodschap om in
een code, een proces dat codering wordt genoemd.
- Boodschap: de geschreven, gesproken en onuitgesproken elementen van communicatie
waaraan mensen betekenis toekennen. Boodschappen kunnen verbaal of non-verbaal zijn
en kunnen opzettelijk of onopzettelijk, bewust of onbewust worden verzonden.
- Kanaal: de weg waarlangs boodschappen worden verzonden.
- Ontvanger: persoon die een boodschap decodeert en probeert te begrijpen wat de bron
heeft gecodeerd.
- Ruis: alles wat extern (fysiek/fysiologisch) of intern (psychologisch) is en de juiste
ontvangst van een boodschap verstoort.
- Feedback: de verbale of non-verbale reactie op de boodschap. Feedback kan opzettelijk of
onopzettelijk zijn.
- Context: de fysieke, fysiologische, psychologische, sociale en culturele omgeving voor
communicatie.
4